Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Een fundament voor evenwichtige keuzes

Interview

Toen het onderzoek in 2022 van start ging, bevonden we ons nog in de nasleep van de pandemie. 2 jaar van onzekerheid lagen achter ons, met voortdurend veranderende inzichten, uiteenlopende adviezen en verhitte maatschappelijke discussies. Intussen was er al wel een overvloed aan data beschikbaar, maar die wachtte grotendeels nog op duiding.

In deze uitzonderlijke context gingen onderzoekers aan het werk. Niet achteraf, maar terwijl het virus, de maatregelen en de emoties nog volop aanwezig waren. Zoiets vraagt om een bijzondere sensitiviteit. Denk maar aan interviews houden met mensen die hun herinneringen, verdriet en soms ook weerstand met zich meedragen. Het maakte dit programma niet alleen wetenschappelijk gezien, maar ook op menselijk niveau uitdagend. Uniek aan dit onderzoeksprogramma was daarnaast dat de onderzoeksvragen rechtstreeks uit de actualiteit kwamen en dringend om antwoord vroegen. We beoordeelden de projectaanvragen met 3 doelen in het achterhoofd: 

  • het bestrijden van COVID-19;
  • de samenleving zoveel mogelijk draaiende houden;
  • en beter voorbereid zijn op toekomstige pandemieën. 

Vervolgens gingen de onderzoekers aan de slag terwijl om hen heen de samenleving nog herstellende was.

De 12 projecten laten samen zien hoe breed het thema besmetting en verspreiding is: van gedrag en communicatie tot modellering van verspreiding, en van vaccinatiestrategieën en immunologische mechanismen tot sociale ongelijkheid. Elk onderzoek vormt een puzzelstukje, maar het geheel vertelt 1 verhaal: hoe we als samenleving verstandiger kunnen omgaan met een pandemie.

Afbeelding
De resultaten zijn met publiek geld tot stand gekomen en daarmee openbaar. Ze verdienen een actieve plek in beleid en praktijk, of het nu gaat om VWS, RIVM, beroeps- en koepelorganisaties, zorginstellingen of gemeenten.
Sjaak de Gouw
voorzitter deelprogramma Besmetting en Verspreiding, ZonMw COVID-19-onderzoeksprogramma

Tijdens de looptijd van dit deelprogramma werd ons duidelijk dat COVID-19 niet meer weggaat. SARS-CoV-2 heeft een plaats gekregen tussen de andere luchtwegvirussen en zal blijven circuleren, seizoensgebonden of niet. Dat vraagt om structureel beleid.

Tegelijk is het virus grillig: varianten verschillen in ernst en besmettelijkheid, en niemand weet hoe dat zich in de toekomst zal ontwikkelen. Waar we bij influenza een vaste routine kennen in vaccinatie en beleid, is dat bij COVID-19 nog zoeken. Beleidsmakers moeten steeds opnieuw afwegingen maken: wanneer zijn maatregelen gerechtvaardigd? Voor wie blijft vaccinatie zinvol? En ook op microniveau blijft continu afwegen noodzakelijk – bijvoorbeeld in verpleeghuizen of scholen.

Beleid bepalen voor COVID-19 is kortom complexer dan voor andere infectieziekten. Niet alleen door pijnlijke herinneringen aan lockdowns en de maatschappelijke gevoeligheid, maar ook door wetenschappelijke onzekerheden. Juist daarom is de kennis uit dit programma van grote waarde: ze helpt beleid en communicatie beter te onderbouwen, modellen te verfijnen en recht te doen aan verschillen tussen groepen. In samenhang vormen deze
onderzoeken een kompas voor toekomstig beleid. Ze kunnen helpen een fundament te bouwen voor evenwichtige keuzes als het gaat om gezondheid, vrijheid en solidariteit.

Mijn oproep is daarom eenvoudig: gebruik deze kennis. De resultaten zijn met publiek geld tot stand gekomen en daarmee openbaar. Ze verdienen een actieve plek in beleid en praktijk, of het nu gaat om VWS, RIVM, beroeps- en koepelorganisaties, zorginstellingen of gemeenten. Alleen als we deze inzichten blijven actualiseren en toepassen, bereiken we wat dit programma beoogde: de impact van infectieziekten verkleinen en beter voorbereid zijn op de volgende pandemie, wanneer die ook komt.

Colofon
Auteur:
Diana de Veld
Fotografie:
Eigen beeld
Redacteur:
ZonMw