Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

15 jaar Palliatieve Zorg Thuis: tijdig, deskundig en samen

Interview met huisarts en oprichter Stichting PaTz, Bart Schweitzer en huisarts en consulent Palliatieve Thuiszorg, Astrid Kodde
Laatst aangepast:

Stichting Palliatieve Zorg Thuis – kortweg PaTz – bestaat 15 jaar. Wat begon als een pilot in Amsterdam groeide uit tot een landelijke beweging die de samenwerking in de palliatieve eerstelijnszorg structureel veranderde. Huisartsen Bart Schweitzer en Astrid Kodde vertellen over 15 jaar ontwikkeling, onderzoek en samenwerking.

Pilot met 4 PaTz-groepen

Afbeelding
Foto van Bart Schweitzer
Bart Schweitzer

Toen Bart Schweitzer – nu gepensioneerd - nog huisarts was in Diemen, kreeg hij de gelegenheid om 1 dag in de week onderzoek te doen aan de Vrije Universiteit. ‘Ik wilde onderzoek doen naar palliatieve zorg, want dat heeft mijn hart’, vertelt hij. ‘Wat me opviel in de literatuur was dat Engeland vooropliep in palliatieve zorg thuis. Daar deed 90% van de huisartsen al mee aan de gestructureerde aanpak van het Gold Standard Framework, waarbij huisartsen samenwerken met wijkverpleegkundigen. In Nederland was dat nog nauwelijks het geval.’ 

Na zijn promotie in 2012 zocht Schweitzer contact met de ELAA, de regionale ondersteuningsstructuur voor de eerste lijn. Samen met hen richtte hij Stichting PaTz op en startte hij een pilot. ‘Die begon heel praktisch’, vertelt Schweitzer. ‘Ik zat in de Amsterdamse Huisartsenalliantie en heb daar gewoon gevraagd: wie is geïnteresseerd? Er waren 4 huisartsen die wel een Palliatieve Thuiszorg-groep, ofwel PaTz-groep, wilden vormen. PaTz-groepen bestaan standaard uit een huisarts en een wijkverpleegkundige, vaak aangevuld met een deskundige op het gebied van palliatieve zorg en bijvoorbeeld een geestelijk verzorger, apotheker of maatschappelijk werker. We zijn met 4 groepen van start gegaan en wilden daarbij meteen methodisch onderzoek doen. Het werd onze eerste aanvraag bij ZonMw.’

Samenwerking in de PaTz-groep

Een PaTz-groep bestaat uit huisartsen en wijkverpleegkundigen aangevuld met andere zorgverleners die lokaal 4 tot 6 keer per jaar bij elkaar komen. Zij worden begeleid door een inhoudelijk deskundige palliatieve zorg. Dat kan een kaderhuisarts palliatieve zorg zijn of een verpleegkundig specialist palliatieve zorg, de zogenaamde PaTz-consulent. In iedere bijeenkomst worden patiënten/casuïstiek besproken. Daarnaast komt vaak een thema aan de orde om de kennis over palliatieve zorg te vergroten.

Geworteld in de eerste lijn

Afbeelding
Foto van Astrid Kodde
Astrid Kodde

Huisarts Astrid Kodde is sinds 2013 bij PaTz betrokken. ‘Ik kwam met PaTz in aanraking tijdens mijn kaderopleiding palliatieve zorg. In mijn omgeving had ik ervaren hoe belangrijk het is om vooruit te denken, continuïteit van zorg te bieden en mensen thuis te laten blijven in de palliatieve fase. Toen ik hoorde van PaTz, geworteld in de eerste lijn, dacht ik: dit klopt helemaal. Ik ben bij 1 van de eerste voorzitterscursussen geweest, gegeven door Bart. Daarna heb ik in mijn regio gekeken of er PaTz-groepen konden worden opgestart, omdat ik heel erg geloof in deze samenwerking. Daarom ben ik later ook medisch adviseur van het landelijk PaTz-team geworden. En nog steeds ben ik consulent voor een aantal PaTz-groepen.’

Continuïteit in de zorg

Voor patiënten in de palliatieve fase en hun naasten voelt het goed dat zij zien dat zorgprofessionals in de eerste lijn samenwerken. ‘Door PaTz weet ik als huisarts veel beter wie beschikbaar is voor de palliatieve zorg’, aldus Kodde. ‘Ik ken de vrijwilligers, geestelijk verzorgers en palliatieve verpleegkundigen. En voor patiënten is het geruststellend dat zorgverleners niet los van elkaar werken, dat er continuïteit zit in de zorg die we bieden.’ 

‘Toen mijn directe collega ziek werd en uitviel, konden we dankzij onze PaTz-groep de zorg voor zijn patiënten naadloos overnemen’, vult Schweitzer aan. ‘Mensen waren zó blij dat de continuïteit bleef. Dat is precies de kracht van dit samenwerkingsmodel.’

Elkaar steunen is belangrijk

De PaTz-groepen brengen dus goede, proactieve zorg tot stand. Daarnaast leren de zorgprofessionals in de groepen elkaar goed kennen. ‘Als je elkaar kent, heb je vaak aan 1 telefoontje genoeg om snel dingen te regelen’ aldus Kodde. ‘Het is zo waardevol om korte lijnen te hebben, goed te kunnen overleggen met patiënten, naasten en het zorgteam. Als je wilt dat de laatste levensfase goed verloopt, zijn communicatie en afstemming cruciaal. Bovendien bespreek je in de PaTz-groep niet alleen casuïstiek, maar ook wat de casus met jou als zorgverlener doet. Soms zijn situaties best heftig. Dan is het fijn om dat met elkaar te delen.’

Al snel na de start van de eerste PaTz-groepen vormden 3 woorden dan ook de kern: tijdig, deskundig en samen. ‘Dat is in de basis zo goed neergezet, dat de verdere ontwikkeling vooral verdieping was’, zegt Kodde. ‘Wat er in die eerste groepen gebeurde, is gebleven.’

Als je wilt dat de laatste levensfase goed verloopt, zijn communicatie en afstemming cruciaal.
Astrid Kodde
huisarts en consulent Palliatieve Thuiszorg

Verdieping door onderzoek

Verdieping van PaTz vond plaats door onderzoek. ‘Onderzoek en praktijk zijn bij PaTz altijd verweven geweest’, zegt Schweitzer. ‘Elk PaTz-project is onderzocht, geëvalueerd en verbeterd. Het eerste onderzoek was de evaluatie van de eerste 4 PaTz-groepen. Dat onderzoek heeft enorm veel betekend. We konden vertellen over de PaTz-groepen en veel mensen werden daardoor geïnspireerd. Ook uit vervolgonderzoek bleek dat het opnemen van patiënten in een register en ze vervolgens bespreken, positief werkt.' 

Het register was opgezet omdat er, vanwege de verschillende digitale systemen van de zorgverleners, behoefte was aan een gedeelde plek voor het registreren van patiënten in de palliatieve fase. ‘Dat PaTz-register was eerst een Excel-spreadsheet dat gedeeld werd’, vertelt Kodde. ‘Uit weer later onderzoek bleek dat dat niet goed werkte: er circuleerden meerdere versies, het was vanuit het oogpunt van dataveiligheid niet goed en het werd als onhandig ervaren. Toen is de PaTz-portal ontwikkeld, een online applicatie waarmee die bezwaren ondervangen zijn.’

‘Later hebben we met subsidie vanuit ZonMw de PaTz-portal geëvalueerd en aangevuld met tools voor gezamenlijke huisbezoeken, nabespreking van overleden patiënten en andere handvatten, vervolgt Schweitzer. ‘Verder bevraagt Stichting PaTz de deelnemers jaarlijks via een online vragenlijst, de PaTz-monitor. Uit die evaluaties komen telkens verbeteringen voort: voorzitterscursussen, consulententrainingen, onderwijsmaterialen en nieuwe online modules. Zo blijft PaTz zich verdiepen.’

Crisissituaties voorkomen

Uit verder onderzoek bleek dat de PaTz-groepen ook cijfermatig goed werken. ‘Er is een studie geweest waaruit naar voren kwam dat patiënten van huisartsen in een PaTz-groep minder vaak op de spoedeisende hulp terechtkomen’, vertelt Schweitzer. ‘Ook worden deze patiënten in de laatste 3 maanden van hun leven minder vaak in het ziekenhuis opgenomen en sterven ze minder vaak in het ziekenhuis. Ze krijgen betere zorg thuis. Dat is precies wat we wilden bereiken.’

‘Als je de patiënten kent en vooruitdenkt, win je later tijd’, zegt Kodde. ‘Je voorkomt crisissituaties en dat is winst voor iedereen. Natuurlijk horen we wel dat zorgverleners vinden dat een PaTz-groep tijd kost. Maar ik vind: het is onderdeel van goede patiëntenzorg. Financiering van de overleggen in de PaTz-groep blijft wel een punt. Structurele financiering is nodig, juist omdat we weten dat PaTz leidt tot minder ziekenhuisopnames en dus kosten bespaart. Daarover voeren we gesprekken met zorgverzekeraars en de Nederlandse Zorgautoriteit.’

Door PaTz komen patiënten minder vaak op de spoedeisende hulp en worden ze minder vaak in het ziekenhuis opgenomen.
Bart Schweitzer
huisarts en oprichter Stichting Palliatieve Thuiszorg

Verspreiding door heel Nederland

Verspreiding van PaTz heeft ook veel aandacht gekregen. Vanaf 2015 zijn met subsidie vanuit het ZonMw-project ‘Landelijke implementatie PaTz’ en een STIP-subsidie (Stimulering Toepassing in de Praktijk) nieuwe PaTz-groepen opgestart. ‘De behoefte groeide om het regionaal te gaan organiseren, het landelijke PaTz-team kon het niet meer allemaal aansturen’, aldus Schweitzer. ‘Toen kwamen de regio-ambassadeurs: voor elke regio 1 aanspreekpunt. Inmiddels zijn er 7 regio’s met daarbinnen meerdere PaTz-groepen, elk met hun eigen dynamiek. De Netwerken Palliatieve Zorg spelen daarbij een belangrijke rol. De netwerkcoördinatoren weten waar PaTz-groepen kunnen ontstaan en helpen ze op te zetten. Zo organiseren ze bijeenkomsten en brengen ze mensen bij elkaar. Ze zien dat de doelen van het netwerk en die van PaTz grotendeels overlappen.’

‘Er wordt vaak gezegd: mensen moeten thuis kunnen sterven, maar wie doet het werk?’, zegt Kodde. ‘Het is mooi dat PaTz zich juist daarop richt. Door de consulenten komt de expertise die is ontwikkeld terecht bij de mensen die de zorg daadwerkelijk bieden. Dat is een enorme winst. En steeds weer geldt: we leren van onderzoek wat werkt en wat niet. Zo zagen we dat wijkverpleegkundigen en verzorgenden het soms spannend vonden om patiënten in te brengen. Er zijn toen trainingen opgezet om hen daarin te ondersteunen.’ 

‘Als ik terugkijk, denk ik dat de palliatieve zorg in de eerste lijn echt verbeterd is’, aldus Schweitzer. ‘Er wordt goede zorg verleend in PaTz-groepen en dat heeft een uitstralende werking. Het is de norm geworden voor hoe je palliatieve zorg thuis verleent. En de waardering onderling is toegenomen. Huisartsen laten hun kwetsbaarheid zien, wijkverpleegkundigen zien wat de huisarts doet, en andersom. Samen zien ze de hele patiënt.’

De toekomst: verbreden en borgen

De uitdaging van PaTz ligt nu in de borging: hoe kan worden gezorgd dat groepen blijven bestaan en dat nieuwe groepen ondersteuning krijgen? ‘Vanuit het Nationaal Programma Palliatieve Zorg II is er een startpakket ontwikkeld’, vertelt Kodde. ‘Nieuwe groepen krijgen budget voor de voorzitterscursus, de portal wordt bekostigd en ze krijgen gelden om hun eerste bijeenkomsten te organiseren. Tot eind 2025 zijn de startpakketten nog in deze vorm beschikbaar. In 2026 krijgen ze een andere invulling. Het doel blijft overeind: patiënten tijdig bespreken. Vaak komen mensen pas in beeld als het echt niet meer gaat. PaTz is bedoeld om vooruit te denken, om eerder proactieve zorggesprekken te voeren.’

‘Mijn wens voor de toekomst is dat PaTz zich meer verbindt met het sociaal domein’, zegt Schweitzer. ‘5% van de tijd is een patiënt met een medisch professional in contact, de rest van de tijd met zijn sociale kring. Daar kunnen we nog veel meer mee. Betrek het wijkteam, vrijwilligers, buren, mantelzorgers – daar zit zo veel kracht. PaTz is naar mijn idee dan ook nooit af. Het groeit, leert, past zich aan. Maar de kern blijft hetzelfde: tijdig, deskundig en samen. Daar begon het mee en dat blijft de essentie.’

Tijdlijn

  • Tussen 2010-2013 vond het eerste PaTz-onderzoek plaats: ‘Het PaTz-project, door samenwerking toename van kwaliteit in de palliatieve thuiszorg’. Het ging om het pilotonderzoek van de 4 eerste PaTz-groepen in Amsterdam, waaruit een positieve evaluatie kwam. De deelnemers in deze pilotgroepen schreven een handleiding voor het opzetten van een groep, inclusief de werkwijze binnen een groep en instrumenten zoals zorgregister en zorgplan. Daarnaast is een trainingsdag ontwikkeld.
  • Tussen 2013-2015 zijn 5 PaTz-groepen gestart in het project Implementatie PaTz en Proactieve Zorgplanning in de regio's Zuid Holland Noord, Midden-Holland en Delft-Westland-Oostland. In die tijd is in het project ‘VIMP Palliatieve zorg ten behoeve van de implementatie van het goede voorbeeld Palliatieve thuiszorg (PaTz)’ ook veel aandacht geweest voor PaTz op symposia en congressen voor kaderhuisartsen, hospices, thuiszorg en kaderopleidingen palliatieve zorg. En is een toolkit op maat gemaakt voor de PaTz-groepen.
  • In 2014 kreeg PaTz een ZonMw Parel uitgereikt vanwege het verbeterde contact tussen huisartsen en wijkverpleegkundigen in de palliatieve zorg.
  • In 2015-2016 zijn er vanuit het project Landelijke Implementatie PaTz nieuwe PaTz-groepen opgestart, is de PaTz-website aangevuld en de PaTz-werkwijze doorontwikkeld. Samen met het Netwerk Palliatieve Zorg Rotterdam en omstreken is een pilot gestart om de PaTz-portal landelijk beschikbaar te stellen. Daarnaast zijn er 3 regionale werkgroepen opgezet in de regio’s Twente, Midden-Nederland en Limburg om nieuwe PaTz-groepen te initiëren. Aan de hand van een leidraad is ook regionaal overleg in andere regio’s opgezet.
  • Tussen 2016-2021 zijn binnen het project Further development of PaTz as an instrument for improving palliative care in the primary care setting de werkwijze en ervaringen van de verschillende PaTz-groepen in kaart gebracht. Verder zijn PaTz-groepen geïnformeerd over nieuwe ontwikkelingen en nieuwe groepen opgestart. Vervolgens was er onderzoek voor het (stimuleren van) opzetten van nieuwe PaTz-groepen en het behoud van de kwaliteit van bestaande PaTz-groepen.
  • In oktober 2025 zijn 267 PaTz-groepen actief.

ZonMw en Samenwerking en overdracht

Bovenstaande PaTz-projecten financierden we vanuit ons programma Palliantie. Met dit programma zetten we ons in voor een goede kwaliteit van leven voor mensen die ongeneeslijk ziek zijn en hun naasten. Dat betekent dat zij zorg en ondersteuning krijgen die aansluit op hun wensen en behoeften. Goede samenwerking en overdracht tussen zorgverleners speelt daarbij een belangrijke rol en PaTz zet zich hiervoor in.

Colofon
Auteur:
Astrid van den Berg
Fotografie:
Header: Annemarieke Roubos - van Oosterom
Redacteur:
ZonMw-team Palliatieve zorg