Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Samenwerken met burgers

Bouwstenen voor transformatie
Laatst aangepast:

Eén van de programmalijnen van het ZonMw-programma Ondersteuning regionale samenwerking is ‘Leren transformeren’. Leren transformeren betekent dat je stappen zet op het anders inrichten van een zevental bouwstenen. Op deze pagina lees je meer over de bouwsteen 'Samenwerken met burgers'.

Deze pagina wordt regelmatig aangevuld met nieuwe inzichten, presentaties en handige downloads. 

Om een toekomstbestendig gezondheidssysteem te creëren dat aansluit op wat inwoners en patiënten nodig hebben, is het essentieel dat zij participeren. Deze participatie moet het samenwerkingsverband faciliteren. Participatie is nodig op alle treden van de participatieladder, ook bij het meebeslissen. 

Inwoners en patiënten moeten in het samenwerkingsverband worden gezien als gelijkwaardige partners. De ervaringen van diverse subpopulaties kunnen zo worden benut bij besluitvorming, beleidsvorming, totstandkoming van activiteiten, het initiëren van programma’s en de uitvoering van activiteiten. Het uitgangspunt hierbij is dat inwoners en patiënten een cruciale rol hebben in het bevorderen van gezondheid.  

Inzichten en downloads

  • Hoe werk je binnen je domeinoverstijgende samenwerkingsverband effectief én op een gelijkwaardige manier samen met burgers? 

    Dat was de vraag die centraal stond in de workshop Samenwerken met burgers dat op 13 februari 2025 georganiseerd werd door het Netwerk Leren Transformeren. Deze workshop, ontwikkeld in co-creatie met Pharos, Nederland Zorgt voor Elkaar en MooiMaasvallei, was exclusief bedoeld voor DSV’s met subsidie uit de subsidieronde Leren Transformeren van zorg naar gezondheid.

    Tijdens de workshop stonden twee bouwstenen centraal: Samenwerken met burgers en Differentiëren op (sub)populaties. De deelnemers gingen met elkaar in gesprek over hoe je op een gelijkwaardige manier kunt samenwerken met inwoners, juist ook met mensen in een kwetsbare positie. Er werd uitgebreid stilgestaan bij het belang van aansluiten bij wat er écht speelt.

    Wat deelnemers meenamen uit de sessie:

    De interactieve werkvormen zorgden voor verdieping, herkenning én nieuwe inspiratie. Door het uitwisselen van ervaringen werd duidelijk gelijkwaardigheid en maatwerk essentieel zijn in het samenwerken met burgers.

    Belangrijkste inzichten uit de workshop

    • Gelijkwaardig samenwerken gaat niet alleen over gelijkwaardig samenwerken met inwoners maar gaat om het samenbrengen van de verschillende soorten kennis zoals: ervaringskennis en beleidskennis. Gelijkwaardig omgaan met deze verschillende soorten kennis is hierbij van belang, en vergt een andere manier van werken.
    • Aansluiten bij wat er speelt bij inwoners. Vaak gaan we vanuit onze professionele rol het gesprek aan met een specifieke agenda, waardoor aansluiten bij de inwoners moeilijk kan zijn. Het kan het helpen die agenda in het begin los te laten en te starten met een gesprek van mens tot mens. Van daaruit kan je een vertrouwensrelatie opbouwen, verkennen wat er (echt) speelt bij de inwoners en eventueel vanuit daar in gesprek gaan over een specifiek thema (of niet).
    • Om het open gesprek te voeren en vertrouwen op te bouwen is het nodig om te vertragen en de tijd te nemen om dit te doen. Hierbij wordt soms discomfort ervaren omdat het niet altijd efficiënt voelt, maar belang hiervan wordt gezien en benoemd.
    • Het spel van loslaten en regie behouden. Er wordt gedeeld dat het soms moeilijk is om aan de ene kant mee te bewegen met inwoners, te vertragen en vanuit de behoeften en ideeën van inwoner te werken en tegelijktijdig de verwachte project resultaten te leveren. Soms is er meer (ruimte) mogelijk dan je denkt, door de grenzen op te zoeken en dit bespreekbaar te maken.
    • Gelijkwaardigheid in informatie. Een grote angst is dat je te hoge verwachtingen schept bij de inwoner als je de vraag stelt: wat heb je nodig? Vanuit gelijkwaardigheid, is het belangrijk om te kijken of inwoners met zelfde informatie het gesprek in gaan. Neem ze mee in de overweging en randvoorwaarden die er zijn. Ervaring laat zien dat dit realistische voorstellen met zicht meeneemt.
    • Verschillende fase van het project, vragen verschillende vormen van samenwerking met verschillende personen. Soms is het van belang om met een grotere groep inwoners in gesprek te gaan, en soms is het van belang dat bijvoorbeeld een ervaringsdeskundige mee denkt op een specifiek onderwerpt. Het is goed dit expliciet te maken. Hierbij is van belang dat er gezamenlijk wordt bepaald hoe en wanneer er wordt samengewerkt.

    Download hier de presentatie 'Samenwerken met burgers'

  • Met iets meer dan zeventig aanwezigen startten we op maandag 13 oktober de actieleerdag voor de IZA-regio’s. Een van de programmaonderdelen was een workshop op de bouwsteen Samenwerken met inwoners.

    We startten de workshop met een flapdialoog aan de hand van 3 stellingen:

    1. Onze visie op participatie klinkt sterk op papier, maar ik twijfel of we dit als IZA-regio kunnen waarmaken.
    2. Zonder gelijkwaardigheid is participatie slechts decoratie.
    3. Burgerberaad is de nieuwe hype, maar zolang degene om wie het gaat niet aan de regiotafel zit, komen we niet verder.

    De flapdialogen maakten duidelijk dat participatie binnen de IZA-regio nog volop in ontwikkeling is. Uit de gesprekken blijkt dat we zoeken naar een gemeenschappelijke taal, betekenis en werkwijze om burgers zinvol te laten participeren. Tegelijkertijd is er brede overeenstemming over dat gelijkwaardigheid, doen en leren in de praktijk belangrijk zijn om participatie écht vorm te geven.

    Vervolgens legde Marja Westhoff (Senior programmamanager ZonMw) de verbinding tussen de 2 IZA-opgaven: 

    • het versterken van regionale organisatie en governance  waarin het gelijkwaardig samenwerken met ‘diegene waarom het gaat’ moet worden geborgd
    • De ontwikkeling van participatiehubs, een regionaal netwerk dat burgers, patiënten en cliënten positioneert en versterkt.  

    Deze 2 bewegingen willen we dichter bij elkaar brengen. Daarom organiseren we in het nieuwe jaar een gezamenlijke sessie tussen de projectleiders van de hubs en de projectleiders van de iza-regio's om elkaar te ontmoeten, matches te maken en van elkaar te leren.

    Tot slot gingen we in groepen aan de slag met het ontwerpen van een ideale governancestructuur. Met fysieke bouwmaterialen gaven we onze ideeën letterlijk vorm. Dat resulteerde in 2 sterk verschillende governance-ontwerpen, elk met een eigen visie op hoe participatie structureel kan worden ingebed binnen de regio.

    De belangrijkste inzichten:

    • De ideale governance is een levend systeem dat continu in ontwikkeling is.
    • Een sterke governance verbindt de systeemwereld en de leefwereld en zorgt dat wat op projectniveau gebeurt, aansluit op de lokale en regionale context en vice versa.
    • Inwoners moeten  volwaardige gesprekspartners zijn, met mandaat binnen de regionale governance.
    • De basis ligt in intrinsieke motivatie en geloof in de waarde van participatie, vertrouwen en samenwerking: als de motivatie sterk is, wordt participatie vanzelfsprekend gedragen door iedereen. 

    Voorgenomen acties
    We sloten de sessie af met de vraag: Wat neem je mee naar je eigen regio? Een greep uit de acties:

    • Deze werkvorm in de eigen regio toepasssen. Het bouwen van een governance helpt om het gesprek met elkaar aan te gaan, ook binnen de eigen regio.  Goed om met inwoners te doen.
    • Verschillen in initiatieven en organisatievormen van de hubs uitwisselen tussen de regio’s om de verdere vormgeving daarvan te versterken.
    • Successen vieren en zichtbaar maken, om energie en vertrouwen vast te houden
    • Burgerberaad nader bestuderen.
    • Klein beginnen vanuit de inhoud - op 1 thema 
  • De sessie over samenwerken met inwoners stond in het teken van het verbinden van de DSV’s met de regionale participatiehubs. Maartje Liebregts, programmamanager van het ZonMw-programma Infrastructuur beleidsparticipatie (2024–2027), beschreef de landelijke ontwikkeling van participatiehubs. Zij schetste hoe deze regionale, domein overstijgende netwerken van organisaties en inwoners een infrastructuur vormen die beleidsparticipatie structureel mogelijk maakt. 

    Een participatiehub brengt mensen samen rond regionale vraagstukken over gezondheid, zorg en ondersteuning en zorgt ervoor dat inwoners en patiënten daadwerkelijk een stem krijgen in besluitvorming. Daarna gingen we in gesprek met Ellen van Steekelenburg, Francis Eijsackers, Lieke Hesemans en Vera Wientjes over hun ervaringen met de participatiehub in hun regio. Vanuit verschillende perspectieven, inwoner, projectleider DSV en projectleider hub, vertelden zij hoe beleidsparticipatie lokaal en regionaal vorm krijgt.


    De gesprekken raakten aan wezenlijke vragen:

    • Hoe kunnen inwoners betekenisvol meedenken op regionaal niveau, zonder lokale inbreng te verliezen?
    • Wat hebben inwoners nodig om écht mee te kunnen praten?
    • En hoe kunnen de DSV en de participatiehub elkaar versterken in de samenwerking?

    Uit de dialoog kwam naar voren dat de participatiehub kan fungeren als ‘boundary spanner’: een verbindende schakel tussen inwoners, uitvoerders en beleidsmakers. De hub helpt om de beweging tussen top-down en bottom-up te faciliteren en maakt het mogelijk om kennis, ervaring en perspectieven over en weer te laten stromen.

    De deelnemers verkenden hun positie in de samenwerkingsdriehoek (zie afbeelding) – inwoners, beleidsmakers en uitvoerende partijen – door zichzelf letterlijk te ‘plotten’ oftewel door aan te geven waar zij zich nu onderdeel van voelen. De meeste deelnemers herkenden zich als uitvoerende partij; enkelen positioneerden zich in de shared space, het tussengebied waar samenwerking en leren samenkomen.

    Belangrijkste inzichten en uitdagingen:
    Tijdens het gesprek kwamen verschillende terugkerende thema’s en uitdagingen naar voren:

    • Beleidsmakers zijn moeilijk aan te haken, vooral gemeenten. Bovendien bestaat ‘de beleidsmaker’ niet – welke infrastructuur is nodig om de juiste verbinding te leggen?
    • Ook ‘de inwoner’ bestaat niet. Hoe pendel je tussen lokale initiatieven en regionale besluitvorming zonder representativiteit te verliezen?
    • In de shared space ligt de uitdaging in het leren van en met elkaar: hoe verbinden we de systeemwereld en de leefwereld?
    • Bij systeempartijen ontbreekt vaak nog kennis en besef van samenwerking over domeinen heen.
    • Er is behoefte aan wederzijdse interesse en een gezamenlijke taal tussen inwoners en het systeem. Dat vraagt tijd, nieuwsgierigheid en vooral: lerend vermogen.

    Acties:

    • Meerdere DSV’s willen de komende periode actief verbinding zoeken met de participatiehub in hun regio
    • Het mogelijk maken dat in 2027 iedere participatiehub een inwonersraad heeft en in 2030 iedere beleidsmaker/financier een burgerbestuurder heeft