Toekomstbestendige verpleging en verzorging vraagt om zeggenschap en autonomie
Hoe brengen we innovatieve zorg samen verder? Dat was het thema van het paneldebat tijdens de netwerkbijeenkomst Verpleging en Verzorging 2026. Ruim 200 professionals kwamen bijeen om elkaar te inspireren en na te denken over wat er nodig is om te komen tot innovatieve en toekomstbestendige verpleging en verzorging.
Prominente Kopstukken
Marianne Lensink, bestuurder in de zorg, coördinator LMNR en werkzaam op het thema leiderschap bij verplegingswetenschappen UMC Utrecht, betreedt het podium. Zij interviewt een panel van 3 prominente verpleegkundige kopstukken:
- Anneke van Vught, Chief Healthcare NZa en bijzonder hoogleraar regionale geïntegreerde netwerkzorg bij het Radboudumc;
- Lisette Schoonhoven, hoogleraar verplegingswetenschap UMC Utrecht, LMNR chair, programmaleider opleiding verplegingswetenschap en lid van het dagelijks bestuur WCV;
- en Odile Frauenfelder, CNO ministerie van VWS en directeur kwaliteit en veiligheid bij Bloezem.
Innovatie vindt plaats in samenwerking
De eerste spreker is Anneke van Vught. Zij vertelt over het krachtenveld tussen de driehoek patiënten, zorgverleners en verzekeraars, die nauw in verbinding staat met de bredere driehoek van inwoners, welzijn en gemeente. ‘Als we in de V&V over innovatie praten, kijken we vaak naar de relatie tussen zorgverlener en patiënt. Logisch, want daar vindt de zorg plaats. Maar innovatie krijgt pas echt impact wanneer we verder kijken dan deze 2 partijen. Betrek daarom vanaf het begin ook zorgverzekeraars, beleidsmakers, onderzoekers en onderwijsinstellingen. Zorgverzekeraars kunnen bijvoorbeeld een belangrijke rol spelen door mee te denken over de implementatie, opschaling en bekostiging van innovaties.’
Nog te vaak blijven goede ideeën steken in pilots. Niet omdat ze niet werken, maar omdat de route naar structurele inbedding ontbreekt.
Zij vervolgt door aandacht te vragen voor structurele inbedding van initiatieven: 'Juist gezien de uitdagingen waar we voor staan, een toenemende zorgvraag en personeelstekorten, is het essentieel om de juiste partijen vroegtijdig aan te haken.’
Werkplezier en innovatie
Odile Frauenfelder vertegenwoordigt 400.000 professionals uit zorg en welzijn, ook uit het sociaal domein. Ze vertelt: ‘Ik zorg dat hun stem wordt meegenomen in het beleid van ministers.’ Zeggenschap is voor haar een belangrijk thema, maar ze zet in haar functie vooral in op werkplezier en innovatie.
Onderzoek en innovatie dichter bij de werkplek brengen
Lisette Schoonhoven vindt verpleging en verzorging het mooiste vak van de wereld. ‘Het is belangrijk om dat te ondersteunen met onderzoek’, zegt ze. ‘Niet alleen wetenschappelijk onderzoek met ZonMw-subsidie, maar ook kleinschalig verpleegkundig onderzoek naar praktijkvragen. We moeten onderzoek en innovatie dichter bij de werkplek brengen. Zoek iemand op in jouw omgeving die je helpt om daarvoor een structuur op te zetten. Bijvoorbeeld een academische werkplaats in het ziekenhuis of in de wijk. En zorg dat de conclusies in het onderwijs terecht komen.’
Struikelblokken
Marianne vraagt aan Lisette: ‘Waar loop je in je ambitie tegenaan en wat zou je anders willen?’ Lisette antwoordt:
- Financiering en roosters: Momenteel staan verpleegkundigen namelijk vaak 100% ingeroosterd in de praktijk waardoor geen ruimte is voor onderzoek en/of opleiding. Zorg ervoor dat verpleegkundigen ruimte krijgen in hun rooster om naast hun werk in de praktijk, onderzoek te kunnen doen en/of resultaten van onderzoek te implementeren. Combifuncties hebben een meerwaarde voor zowel praktijk als onderzoek.
- Werkdruk van de verpleegkundigen is hoog waardoor er geen ruimte is om deel te nemen aan onderzoek. Erken de werkdruk en probeer hier samen een oplossing voor te verzinnen.
- Leidinggevenden en verpleegkundigen moeten samen optrekken om een andere visie te ontwikkelen op de toekomstbestendigheid van verpleging en verzorging.
Lisette doet tussen neus en lippen door een oproep: ‘Ook al wil je zelf geen onderzoek doen, werk het in ieder geval niet tegen.’
Zorg ervoor dat verpleegkundigen ruimte krijgen in hun rooster om naast hun werk in de praktijk, onderzoek te kunnen doen.
Innovatie is ook: van je laten horen!
Voor Odile is innovatie meer dan alleen technologie en digitalisering. ‘Het betekent óók: Van je laten horen!’, zegt ze. ‘We hebben 4 jaar een programma Zeggenschap gehad, dat heeft al veel opgebracht maar we zijn nog niet klaar’.
Haar blik is vooral gericht op de toekomst. Als de huidige generatie verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden met pensioen gaat, dreigt er een kloof te ontstaan. De oplossing hiervoor ligt volgens haar in ruimte en eigenaarschap. Hierbij refereert ze aan de videoboodschap van Karin Timm van eerder deze dag: ‘Door ze de ruimte te geven om iets op te zetten. Bijvoorbeeld in een verdeling van 70% zorg en 30% onderzoek en innovatie. Meer zorgen dat, in plaats van zorgen vóór. En zorgen dat we zelf rechtop blijven staan.’
Benieuwd naar de overige sessies, kennishubs en hoe de rest van deze jubileumdag is verlopen?
Lees het verslag van de netwerkbijeenkomst verpleging en verzorging 2026
Visie en flexibiliteit
Marianne destilleert uit alle verhalen een behoefte aan visie. ‘Visie als professional, visie als afdeling waar je werkt, visie als team en een visie als instelling en organisaties die een visie moeten ontwikkelen op de zorg. Ook benoemt ze een behoefte aan flexibiliteit, dat komt uit alle onderzoeken ten aanzien van behoud van verpleegkundigen. ‘De flexibiliteit om naast zorg ook in innovatie te kunnen investeren.’
Gemedicaliseerd zorglandschap en schaarste
Anneke ziet 2 uitdagingen. ‘Het zorgsysteem wordt sterk medisch gedomineerd. ’, zegt ze. ‘Gelukkig zie ik wel verandering en met de huidige akkoorden steeds meer nadruk op de kracht van V&V. Toch ben je er nog niet met akkoorden. Het is belangrijk dat V&V professionals zich laten zien en horen, ook op het niveau van macro beleid (overheid). Wat daarvoor nodig is naar mijn idee is professionele autonomie om te doen wat nodig is: je visie uit te dragen, te vernieuwen in de zorg en samen te werken met andere partijen’ Een andere uitdaging is dat ik zie dat er veel gesproken wordt over arbeidsbesparende technologie. Maar aandacht voor behoud van professionals en arbeidsmarktvraagstukken zie je amper terugkomen in beleid. Belangrijk dat we daar echt aandacht voor hebben!’ Lisette vult aan: ‘We moeten met het ministerie in gesprek blijven en zorgen dat er geld is om nieuwe zaken te ontwikkelen.’
Onderwijs goed regelen
Odile heeft een opdracht voor de opleiders. ‘Veel ROC 's en hogescholen leiden nog steeds vooral op in zorgen vóór. Als we passende zorg en innovaties willen ontwikkelen, moeten we studenten andere competenties meegeven.’ Zij ziet een link tussen de ministeries VWS en OCW (onderwijs). ‘Hoe zorg je dat zij goed met elkaar blijven praten zodat het onderwijs goed geregeld is?’
Als we passende zorg en innovaties willen ontwikkelen, moeten we studenten andere competenties meegeven.
De verzekeraar overziet het speelveld
Anneke benadrukt nogmaals de rol van verzekeraars. ‘Denk aan het brede speelveld’, zegt ze. ‘Ook de verzekeraar heeft een belangrijke rol te vervullen. Zij overzien het speelveld; dus wat de innovatie betekent voor het geheel en hoe het aansluit bij de innovaties die al lopen in de regio.’
Voor de patiënt
Denise Temmink, senior programmamanger verpleging en verzorging bij ZonMw, herinnert iedereen eraan voor wie we het allemaal doen: de patiënt. ‘De patiënt verandert ook’, zegt ze. ‘Dat vraagt van ons om mee te veranderen en te werken aan toekomstbestendige zorg. We zijn op de goede weg. Maar er is nog veel te doen.’
We moeten mee veranderen en werken aan een toekomstbestendige zorg.
Visie
Wat neemt het panel mee van vandaag? Voor die vraag neemt Marianne de microfoon weer ter hand. Ze benoemt het belang van een visie. ‘Wat wil je bereiken in je eigen praktijk en in de verzorging, en wat hebben we daarvoor nodig? Jullie zijn de voorlopers. Jullie moeten het uitdragen en collega’s meenemen. Hoe geef je vorm aan een visie en hoe breng je het in het onderwijs? En ook: hoe ontwikkel je als bestuurder en leidinggevenden samen een visie? Hoe kijken wij zelf aan tegen de invloed van de verpleging en hoe doen we daar ook een appèl op?’
Meer steun
Ze hoopt op meer steun voor ZonMw voor méér onderzoek naar verzorging en verpleging, en strategische verplegingswetenschap. ‘We geven onderzoek en beleid vorm binnen onze instellingen, maar eigenlijk is er geen inbedding voor.’ Ze refereert aan de oproep van Karin Timm voor een tijdverdeling: 70% voor zorg, en 30% voor innovatie, protocollen lezen en implementeren van zorg. Ze stelt een vraag aan de zaal: Zou het helpen als jullie meer flexibiliteit krijgen in jullie werk?’
Iemand antwoordt: ‘De planning is een uitdaging. En ook een uitdaging is om op het werk te begrijpen hoe je complementair kunt zijn. Managers vinden het ook lastig. Tijd is een noodzakelijke voorwaarde.’
Enthousiast blijven
Iemand anders antwoordt: ‘De percentages van 70%/30% moeten gelden voor iedereen, van helpende tot hoogleraar. Nu hoor je vaak: Als we investeren in onderzoek en onderwijs hebben we nog minder mensen in de directe zorgverlening. Maar als we mensen uitputten, verliezen we hen. Verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden moeten de nieuwste ontwikkelingen kunnen volgen, zodat ze enthousiast blijven voor wat ze ten diepste willen: zorgen voor mensen.’
‘Goed om dit vast te houden’, zegt Marianne. We moeten meer structuren ontwikkelen voor inbedding. Wat is daarvoor nodig?’ Ze richt het woord tot Odile. ‘Hoe reflecteer jij daarop?’
Zeggenschap en professionele autonomie beginnen bij jezelf
Odile zegt: ‘We zijn het met elkaar eens: er moet meer tijd en ruimte komen. Hoe we dat gaan regelen?’ Ze kijkt de zaal in: ‘Door iedereen die vandaag aanwezig is te vragen: maak het bespreekbaar in je eigen werkorganisatie. Zeggenschap en professionele autonomie begint bij jezelf. Dus zegt het voort en zet de mensen in die je nodig hebt om dit te bereiken.’ Odile zelf zal het duidelijk maken bij VWS.
Ze heeft nog een advies: ‘We moeten zorgprofessionals die nog aan het begin van hun carrière staan meenemen in wat het je kan brengen om juist dit soort dingen te doen. Want als je jong bent, wil je dat leuke werk doen waarvoor je bent opgeleid, met veel cliënt- en patiëntcontact. Al in de opleiding moeten we zeggen: “Jouw werk is méér dan alleen dat”.’
Agenderen
Anneke benadrukt dat meer professionele autonomie of de 70/30 verdeling een vraagstuk is dat te maken heeft met structuur en cultuur. ‘Het is belangrijk een structuur te creëren, want anders gaat die cultuur nooit ontstaan, maar andersom geldt dat ook zo’, zegt ze. Verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden moeten vanuit de cao’s naast de directe zorg voor een deel van de tijd ook ruimte hebben voor andere taken zoals vernieuwing van zorg, maar ook visievorming en vooruitkijken naar wat in de nabije toekomst nodig is. ‘Dat zal ook iets betekenen voor de beschikbare capaciteit en ook de kostprijs inzet V&V. Hoe werkt dat dan weer door?’ vraagt ze zich hardop af. ‘Agendeer het bij degenen die aan de knoppen draaien’, zo luidt haar advies. ‘Op micro- en macroniveau.’ ‘Ik denk dat ook de vakbonden daar in de cao-onderhandelingen een belangrijke rol in hebben’.
In het curriculum
Lisette stelt voor om te onderzoeken wat tijd voor innovatie oplevert op micro-, meso- en macroniveau. ‘Behalve met financiering kun je dit doen via afstudeeronderzoek en in academische werkplaatsen.’ Ze benadrukt nogmaals dat we elkaar moeten blijven inspireren en uitdagen, en we jonge generaties moeten scholen. ‘Voor de opleiding verplegingswetenschappen hebben we een nieuw curriculum waarin we dit soort onderwerpen aan de orde stellen, zodat de nieuwe generatie verplegingswetenschappers zich bewust is van dit gedachtegoed.’
ZonMw en verpleging en verzorging
Verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden zijn dé onmisbare schakel in preventie, zorg en ondersteuning. Daarom investeren wij in kennis en samenwerking door en voor deze beroepsgroep, gericht op de verdere versterking van hun professionaliteit. Daarmee werken we aan de kwaliteit van zorg én de aantrekkelijkheid van het beroep.