Samenwerking in de eerste lijn: omgaan met olifanten in de kamer
Hoe kun je samenwerking tussen huisartsen, wijkverpleegkundigen en paramedici verder versterken en borgen? Die vraag stond centraal in 6 onderzoeksprojecten die tijdens hun eindsymposium resultaten en inzichten deelden. Daarna volgde een inspirerende discussie met Martin Munneke, Ronald Batenburg, Anneke van Vught, Piet van Meijeren en de zaal.
Onder leiding van dagvoorzitters Jeroen de Blij en Marieke Perry pitchten 5 van de 6 projecten hun resultaten aan 85 aanwezigen vanuit het hele land. De thema's en doelgroepen liepen uiteen van palliatieve zorg, COPD en sarcopenie, tot valpreventie en het multidisciplinair overleg (MDO).
Reflectiemethoden
Twee onderzoeksprojecten gebruikten de speltheorie om te analyseren hoe het gedrag tussen de verschillende disciplines verloopt. Dit bleek een nieuwe en interessante manier om te reflecteren op wat de samenwerking belemmert en bevordert. Het ‘Volunteers dilemma’ beschrijft bijvoorbeeld het wachten op elkaar wie het initiatief neemt tot samenwerking. ‘The principal-agent game’ maakt onbalans in gelijkwaardigheid duidelijk, bijvoorbeeld tussen huisarts en paramedicus.
Samenwerking met paramedici
Een overeenkomst tussen alle resultaten is de ervaren meerwaarde van de samenwerking met paramedici in de eerste lijn. Deze samenwerking is vaak nog impliciet. Ook worden er weinig afspraken gemaakt. Daardoor ervaren patiënten nog steeds dat ze vaak hetzelfde verhaal moeten vertellen, niet betrokken worden bij de (organisatie van) zorg of slecht geïnformeerd zijn. Eerstelijnszorgprofessionals zijn vaak doeners en meestal niet gewend om verwachtingen uit te spreken naar elkaar. Ze beginnen gewoon. Daar ligt een deel van hun kracht, maar daar zit ook de ruimte voor verbetering en borging.
Tips
De volgende tips kwamen naar voren om de samenwerking in de eerste lijn te stimuleren:
- Laat één van de zorgverleners een coördinerende rol op zich nemen en spreek af wie dat is
- Stel een zorgpad op waarin taken en verantwoordelijkheden zijn uitgewerkt
- Zorg voor meer bewustzijn over deze taken: van impliciete naar expliciete samenwerkingsafspraken
- Maak onderliggende gedragspatronen en gewoontes expliciet door inzet van speltheorie
- Zorg dat je elkaar persoonlijk kent
- Toon leiderschap en wees zichtbaar voor andere disciplines
- Kijk multidimensionaal naar de patiënt
- Richt het multidisciplinair overleg (MDO) efficiënt en hulpvraag gestuurd in
- Maak borgingsafspraken voor het MDO
Forumdiscussie
Uit alle projecten bleek dat samenwerking niet eenvoudig is. Het panel van deskundigen reflecteerde op de mogelijkheden daartoe. Het panel (zie headerfoto) bestond uit:
- Martin Munneke (ParkinsonNet)
- Ronald Batenburg (Nivel)
- Anneke Van Vught (NZa: Nederlandse Zorgautoriteit)
- Piet van Meijeren (Directeur EenPlus)
Concentratie van zorg
Concentratie van zorg, dus het beperken van het aantal zorgverleners, werd vanuit ParkinsonNet als succesfactor genoemd. Elkaar beter leren kennen is daarin een essentieel, aangetoond onderdeel.
Passende financiële prikkels
Samenwerking gaat niet vanzelf vliegen, was de conclusie. Er is passende financiering van de coördinerende rol en tijd voor overleg nodig. Zorgverleners zijn intrinsiek gemotiveerd om samen te werken en de beste zorg te verlenen, maar er is een gevoel van onmacht; de randvoorwaarden ontbreken: ruimte/tijd/ict/geld. Samenwerking zou beloond moeten worden, maar financiële prikkels zijn gericht op verkokering en medicalisering. De huisarts wordt anders gefinancierd dan paramedici en wijkverpleging; dat wordt nu gezien. Daarnaast zouden er keuzes gemaakt moeten worden in (digitale) systemen en werkwijzen. Er is nu te veel diversiteit die effectieve samenwerking in de weg staat.
De toekomst vereist samenwerking
Samenwerking moet voelen als iets van de professional zelf en niet als iets dat is opgelegd. Uit de presentaties blijkt echter dat er niets gebeurt als je een te grote stap terug doet. Het is dus zoeken naar een goede balans tussen initiëren en organisch laten ontstaan. Het beleid tot vorming van Academische Werkplaatsen Wijkverpleging, regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden (RESV's) en hechte wijkteams helpt op termijn om multidisciplinaire samenwerking in de eerste lijn te bevorderen. Soms wordt dat nog ervaren als 'weer een nieuwe ontwikkeling… gaat dat het verschil maken?'. Houd rekening met die weerstand. Laat het ontstaan vanuit lokale samenwerking en niet alleen vanuit een structuur die er in 2 jaar moet staan. Het praktische antwoord ligt in de toekomst. Er zijn zoveel problemen die je als zorgprofessional niet in je eentje kunt oplossen, dat je wel samen moet werken.
Competenties en interprofessioneel opleiden
Om dat te realiseren, is er ook meer aandacht nodig voor benodigde competenties en het type mensen: samenwerken versus medisch inhoudelijk. Dat vraagt iets van opleidingen en van de dagelijkse praktijk. Kortom, interprofessioneel opleiden en samenwerken.