‘Het mag niet uitmaken waar je naar de dokter gaat’
De zorg op de Caribische eilanden loopt achter bij die in Europees Nederland. Niet door gebrek aan goede wil, maar door een wankel fundament. Daarom pleit ZonMw-commissielid Dorette Courtar voor onafhankelijk, lokaal onderzoek om het zorgsysteem stap voor stap te verbeteren.
Tekort aan expertise en samenwerking
Het grootste knelpunt waarmee Courtar wordt geconfronteerd op voornamelijk de SSS-eilanden (Saba, Sint-Eustatius en Sint-Maarten) is een tekort aan expertise en weinig samenwerking: iedereen doet zijn eigen ding. Er komt vanuit Nederland wel financiële steun en informatie, maar volgens haar te weinig in de vorm van expertise die ook efficiënt wordt toegepast. De kwaliteit van zorg meet men af aan de situatie in Nederland, om die vervolgens aan te passen aan de lokale context, maar zover is het in de praktijk nog niet.
Over de geïnterviewde
- Naam: Dorette Courtar
- Rol: Commissielid ZonMw-programma Caribbean Health Research, en zorgverlener op Sint Eustatius
- Woonachtig: Sint Eustatius (Statia)
- Perspectief: De kwaliteit en toegankelijkheid van zorg op de ABCSSS-eilanden (Aruba, Bonaire, Curaçao, Sint-Maarten, Sint-Eustatius en Saba) en de rol van onderzoek daarin
Gelijke kwaliteit vraagt om een gelijke basis
Ze geeft een concreet voorbeeld: kwaliteit van zorg vraagt om registratie en nascholing als basis. Maar op de eilanden is een verpleegkundige niet verplicht om BIG-geregistreerd te zijn (de wettelijke registratie voor zorgverleners in Nederland) of aan vergelijkbare eisen te voldoen. ‘Als je over gelijke kwaliteit praat, moet je in ieder geval de basis gelijktrekken, maar als het wettelijk niet eens een vereiste is, schiet je niet op.’ Volgens Courtar moet er een streep worden getrokken: medewerkers die vanaf nu starten, moeten ten minste aan de kwaliteitseisen voldoen. Zo verbetert de kwaliteit van zorg op termijn echt.
De basis blijft liggen
Juist de fundamenten van het bestaan, zorg en onderwijs, blijven volgens haar liggen, terwijl lokale inbreng daar het hardst nodig is. Ze ziet te weinig urgentie: er wordt veel geld in gepompt, maar het rendement is laag, mede doordat er geen verplichtingen tegenover staan. Het schaalgevoel over de eilanden (vooral de BES-eilanden), 'waarom al die moeite voor zo weinig mensen’, speelt mee. Maar, benadrukt ze: het feit dat het om kleine aantallen gaat, maakt het probleem niet minder ernstig. ‘Als dit in een dorp in Nederland zou gebeuren, zou het onacceptabel zijn.’ Veel programma’s, zoals leefstijltrajecten, lopen vast omdat de benodigde expert simpelweg niet op het eiland aanwezig is. Ze is blij dat ZonMw er is en dat er bewust iets met deze vraagstukken wordt gedaan.
Als dit in een dorp in Nederland zou gebeuren, zou het onacceptabel zijn
Doorlicht het zorgsysteem zelf
De meerwaarde van een lokaal ingericht programma zit volgens Courtar in het bij de basis beginnen. Niet alleen grootschalig medisch-wetenschappelijk onderzoek, maar de fundamentele vraag: functioneren onze zorgsystemen en -instellingen wel om de bevolking te dienen? Zestien jaar na 10-10-10, de staatkundige hervorming van 10 oktober 2010, waarbij de Nederlandse Antillen werd opgeheven en de eilanden een nieuwe positie binnen het Koninkrijk kregen, werkt het systeem nog steeds niet naar tevredenheid. Ze pleit voor meer onafhankelijk onderzoek dat, zonder oordeel of rapportcijfer, simpelweg de situatie schetst: dit werkt wel, dit niet, en hier liggen verbeterkansen. ‘Het is heel moeilijk om de realiteit van een afstand te schetsen.’ Daarom: laat lokaal onderzoek doen, door mensen die het objectief kunnen opschrijven en die naar de eilanden komen. ZonMw pakt dit nu op in een pilotprogramma op de eilanden, een belangrijke eerste stap, al is de schaal nog beperkt.
Praten over zorg moet genormaliseerd worden
Zorg is op de eilanden een thema met veel emotie en politiek. Volgens Courtar hangt er een sfeer waarin mensen aanvoelen welke onderwerpen ze beter niet aansnijden. Wie dat wel doet, wordt al snel een doelwit. Dat moet veranderen: het moet normaal worden om open over zorg te praten zonder dat iemand zich op de tenen getrapt voelt. Ook leidinggevenden in de zorg moeten bereid zijn kritiek te incasseren en zich af te vragen of hun werk daadwerkelijk de mensen bereikt voor wie het bedoeld is.
Vraag en aanbod: investeer in de puzzel
Voor continuïteit is geld nodig, maar Courtar ziet het vooral als een kwestie van vraag en aanbod. Een vervolgprogramma zou goed op de hoogte moeten zijn van de basale problematiek op de eilanden en daar in zijn subsidieoproepen snel op kunnen inspelen. Niet willekeurig onderzoek omdat iemand toevallig goed een aanvraag schrijft, maar gericht investeren, als een puzzel waarbij elke keer een stukje wordt bijgelegd. Juist omdat het huidige programma een kleine pilot is met kleine projecten, is die opvolging nodig om de aanbevelingen echt te kunnen oppakken.
Een duidelijke ambitie ontbreekt nog
Het onderzoek dat nu wordt gedaan is zinvol, erkent Courtar, maar het vindt plaats in een zorgsysteem dat al wankel is. ‘We zitten al bij de muren, terwijl het fundament nog niet duidelijk is.’ Wat ontbreekt, is een heldere ambitie: waar willen we over 5 of 10 jaar staan, en welk zorgniveau willen we hanteren? Voor haar is het doel glashelder: het mag niet uitmaken of je in Nederland of op de Cariben naar de dokter gaat. Daarvoor is nog veel kennis nodig, en vooral inzicht in de stappen om er te komen. Dat onderstreept waarom een structureel vervolg op deze pilot belangrijk is: een programma dat, met onderbouwd bewijs, helpt bepalen welke stappen een zorgsysteem echt verbeteren, in plaats van ‘in het wild schieten en hopen dat het raak is.'
Een vervolgprogramma is nodig dat, met onderbouwd bewijs, helpt bepalen welke stappen een zorgsysteem echt verbeteren
Context ZonMw
Dit artikel maakt deel uit van een verhalenserie over het ZonMw-programma Caribbean Health Research. Met dit pilotprogramma werkt ZonMw samen met lokale partijen aan betere gezondheid en zorg op het Caribisch deel van het koninkijk, met veel oog voor lokale inbreng en ervaring. De verhalen laten zien wat de eerste projecten al in gang hebben gezet, en waarom voortzetting en uitbreiding nodig zijn om deze beweging structureel te maken.