Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Alternatieve bekostiging kan palliatieve zorg en ondersteuning (nog) passender maken

Laatst aangepast:

Hoe kan palliatieve zorg en ondersteuning zo bekostigd worden dat deze beter aansluit bij behoeften van patiënt en naasten? Om die vraag te beantwoorden heeft het ministerie van Volksgezondheid Welzijn en Sport geld beschikbaar gesteld aan de NZa en ZonMw voor experimenten met alternatieve bekostiging. Teamcoördinator Marjanne Berkhout vertelt.

Behoefte aan alternatieve bekostiging

De behoefte aan alternatieve bekostiging voor palliatieve zorg bestaat al een tijd. In maart 2022 publiceerde de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de ‘Visie op bekostiging palliatieve zorg’. Daarin beschrijft de NZa hoe andere vormen van bekostiging kunnen bijdragen aan kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van palliatieve zorg. De NZa noemt daarbij een aantal belangrijke doelen: wensen en behoeften van patiënten vroegtijdig in beeld brengen, betere transmurale samenwerking organiseren, vermijdbare zorg voorkomen en zorgen voor goede coördinatie rondom de patiënt.

Olifant de kamer uit

Volgens Marjanne Berkhout, teamcoördinator palliatieve zorg bij het ministerie van VWS, kwamen meerdere ontwikkelingen rond dezelfde tijd samen. ‘De financiering van palliatieve zorg en ondersteuning is versnipperd over verschillende wetten, zoals de Wet langdurige zorg, Zorgverzekeringswet en Wet maatschappelijke ondersteuning. Daarom waren we vanuit VWS al bezig met middelen voor experimenten rond alternatieve bekostiging. Na de visie van de NZa verscheen het rapport ‘De olifant de kamer uit’ van strategisch adviesbureau Gupta. Daarin wordt geconcludeerd dat palliatieve zorg in Nederland haar potentieel nog onvoldoende benut. Patiënten krijgen niet altijd de ondersteuning die zij in de laatste levensfase nodig hebben. Het gesprek over behandelwensen en behandelgrenzen wordt nog te weinig gevoerd.’ 

Passende bekostiging voor passende zorg

Voor het ministerie van VWS waren de signalen uit de praktijk doorslaggevend om middelen vrij te maken. ‘We kregen de bevestiging dat de experimenten een goed idee waren’, zegt Berkhout. ‘We zagen dat er nog veel niet-passende zorg wordt geleverd. Mensen gaan in de laatste levensfase naar de spoedeisende hulp of krijgen behandelingen die niet bijdragen aan hun kwaliteit van leven. Tegelijkertijd weten we dat goede palliatieve zorg en ondersteuning juist draait om tijdige proactieve zorgplanning en gezamenlijke besluitvorming. Palliatieve zorg moet uitgaan van wat de patiënt en diens naasten belangrijk vinden. Dat vraagt om samenwerking tussen zorgverleners, en dus ook om een bekostiging die die samenwerking ondersteunt.’

Prikkel om het gesprek aan te gaan

Een belangrijk probleem is volgens Berkhout dat de huidige bekostiging soms een verkeerde prikkel geeft. ‘Neem een oncoloog die gewend is om te behandelen. Dan wordt misschien niet expliciet gevraagd: wilt u deze behandeling eigenlijk nog wel? De prikkels in de bekostiging stimuleren behandeling, terwijl er ook een prikkel zou moeten zijn om steeds weer het gesprek aan te gaan en samen te werken met de eerste lijn of het sociaal domein.’

Die beweging sluit nauw aan bij de bredere koers richting passende zorg en ondersteuning, zoals afgesproken in het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA). ‘De beweging gaat naar de voorkant,’ zegt Berkhout. ‘Ook in het coalitieakkoord en de beleidsbrieven is passende zorg echt de norm. Voorkomen dat je onnodig zorg levert. Daarom is proactieve zorgplanning zo belangrijk: dat je heel nauw aansluit bij de wensen en behoeften van mensen.’

Experimenteren in kleine setting

De experimenten die nu lopen, moeten inzicht geven in de vraag hoe bekostiging samenwerking kan stimuleren. ‘Het idee was: laten we alternatieve bekostiging in kleine settings uitproberen,’ vertelt Berkhout. ‘Als het werkt, kunnen we het later verbreden of opschalen.’

3 experimenten

In afstemming met de NZa heeft het ministerie van VWS ZonMw gevraagd om een deelprogramma Alternatieve bekostiging op te zetten waarin financiële ruimte wordt gegeven voor experimenten op het gebied van alternatieve bekostiging in de palliatieve zorg. 3 experimenten zijn van start gegaan:

  1. Implementatie van een 'acuut hospice bed': Op weg naar gepaste zorg in de laatste levensfase
  2. Transmurale palliatieve zorg voor mensen met longfibrose    
  3. Alternatieve bekostiging van vroege palliatieve zorg bij patiënten met een kwaadaardige hersentumor

Budgetneutraal werken

En hoe kan die passende bekostiging er dan concreet uitzien? ‘Bijvoorbeeld door multidisciplinaire overleggen te bekostigen, zegt Berkhout. ‘Die zijn bijzonder belangrijk voor passende palliatieve zorg en ondersteuning. Of je werkt met 1 gezamenlijke betaaltitel, waardoor partijen gestimuleerd worden om samen te werken en samen te bepalen hoe het geld wordt verdeeld. Alles wat bijdraagt aan goede samenwerking is winst voor de patiënt. Kwaliteit van leven, leven zoals de patiënt dat wil tot en met de laatste fase, staat voorop.’

Daarnaast verwacht Berkhout dat betere samenwerking ook kan bijdragen aan beheersbare zorgkosten. ‘Ik verwacht geen enorme bezuinigingen, maar we kunnen de groei van de zorg wel afvlakken. Als je niet-passende zorg in de tweede lijn voorkomt, krijg je waarschijnlijk een verschuiving naar de eerste lijn en wijkverpleging. Dat zou budgetneutraal kunnen uitwerken, terwijl de kwaliteit van leven van patiënten omhooggaat.’

Structurele inbedding van palliatieve zorg

De nieuwe bekostigingsmodellen kunnen bovendien iets opleveren voor zorgverleners zelf. ‘Betere samenwerking geeft meer werkplezier en het gevoel dat je echt goed bezig bent. Stip op de horizon is dat zorg en ondersteuning in de palliatieve fase een normaal onderdeel wordt van reguliere zorg én het sociaal domein. Dat mensen het normaal vinden om te praten over de laatste levensfase. Dat patiënten kwaliteit van leven ervaren, goed kunnen sterven en nabestaanden daar later met een goed gevoel op terugkijken. Daar doen we het voor.’

Artikelenreeks alternatieve bekostiging

Dit artikel is het eerste in een reeks interviews over alternatieve bekostiging in de palliatieve zorg. In deze artikelenreeks komen de 3 experimenten uit het ZonMw-deelprogramma Alternatieve bekostiging in de palliatieve zorg aan het woord. Zij vertellen over hun onderzoek en waardevolle inzichten in de organisatie, samenwerking en bekostiging binnen de palliatieve zorg. Ook blikken de betrokken partijen zoals NZa, Stichting PZNL en ZonMw in een gezamenlijk interview terug op het gehele proces en delen zij hun inzichten en toekomstperspectieven. De volgende artikelen verschijnen in de loop van de komende maanden.

Samenwerking ZonMw, NZa en Stichting PZNL

In afstemming met de NZa heeft het ministerie van VWS ZonMw de opdracht gegeven voor het subsidiëren van experimenten alternatieve bekostiging in de palliatieve zorg. Parallel aan de experimenten vindt een overkoepelend onderzoek plaats dat de (meetbare en merkbare) effecten en werkingsmechanismen van alternatieve bekostiging op de palliatieve zorg onderzoekt. De NZa voert de regie over dit overkoepelende onderzoek, in nauwe samenwerking en afstemming met de experimenten. Stichting PZNL is betrokken als samenwerkingspartner en speelt onder andere een rol in het leernetwerk dat is ingericht voor de experimenten. 

Colofon
Auteur:
Astrid van den Berg
Fotografie:
Marjanne Berkhout
Redacteur:
ZonMw-team Palliatieve zorg