Sociale cohesie leidt tot een weerbare samenleving
In het 5 jaar durende gezondheidsonderzoek COVID-19 (GOR-COVID-19) draaide alles om de vraag: Hoe gaat het met je? Programmaleider Elske Marra is bij het RIVM gespecialiseerd in nazorg en gezondheidsonderzoek bij rampen. Nannah Tak is projectleider Gezondheidsmonitor Jeugd, Volwassenen en Ouderen bij GGD GHOR Nederland.
Het GOR-COVID-19 onderzoek bestond uit verschillende onderdelen, waaronder systematische literatuurstudies, kwartaalonderzoeken onder jongeren en volwassenen waarbij vragenlijstonderzoek werd gecombineerd met huisartsengegevens, GGD-gezondheidsmonitors onder jeugd, jongvolwassenen, volwassenen en ouderen (inclusief een monitor voor de openbare geestelijke gezondheidszorg (OGGZ)), verdiepende onderzoeken en expertbijeenkomsten voor de duiding van resultaten.
Een belangrijke bevinding uit de onderzoeken van GOR-COVID-19 is dat bij een volgende pandemie meer aandacht nodig is voor de psychosociale gevolgen van de maatregelen voor kwetsbare groepen. De coronapandemie bleek grote effecten te hebben op de mentale gezondheid van met name de jongere generaties. Zij hebben onder andere overgangsrituelen gemist. Marra: ‘We waren ons er niet van bewust hoe belangrijk ze zijn’.
Waarom zijn overgangsrituelen belangrijk?
Marra: We hebben meteen contact gezocht met neurowetenschappers en pedagogen om dat te begrijpen. Rituelen markeren mijlpalen en zijn belangrijk voor de sociale ontwikkeling van jongeren. De eindexamenfuif, de afscheidsmusical van groep 8, met z’n allen op een platte kar door het dorp.
Tak: Jongeren zeggen: “Die tijd komt nooit meer terug”. Uit gebrek aan sociale contacten hebben sociale media een steeds belangrijkere rol gekregen. De gevolgen zijn voor sommige kinderen heel schadelijk. Online pesten gaat ’s avonds en in het weekend gewoon door.
Waarom vonden jullie het programma GOR-COVID-19 belangrijk?
Marra: De maatregelen waren vooral gericht op het indammen van de infectie. Maar wat waren de effecten van deze maatregelen op het welzijn van mensen en wat is ervoor nodig om alle getroffenen te ondersteunen, óók de burgers thuis? Daarop geeft dit programma antwoord.
Tak: Je ziet het eveneens terug in de parlementaire enquête over de coronapandemie; de maatregelen waren gericht op het voorkomen van code zwart in ziekenhuis. En ja, dat is hartstikke belangrijk. Ons gezondheidsonderzoek laat zien dat je het welzijn van de jeugd niet mag vergeten. Dat moét je meewegen bij beslissingen.
Ons gezondheidsonderzoek laat zien dat je het welzijn van de jeugd niet mag vergeten. Dat moét je meewegen bij beslissingen.
Wat is volgens jullie de belangrijkste conclusie uit het onderzoek?
Marra: De maatregelen hebben een grote wissel getrokken op de mentale gezondheid van jongeren. Met name de toename van suïcidale gedachten onder hen springt in het oog.
Tak: De resterende veerkracht na de eerste lockdown verdween na de tweede lockdown bij de omicronvariant. De rek was eruit. Overigens nam de mentale gezondheid van jongeren al af vóór corona. De pandemie bracht het in een stroomversnelling.
Hoe heeft jullie onderzoek invloed gehad op beleid?
Marra: De samenwerkende partijen RIVM, NIVEL, ARQ en GGD GHOR hebben zo’n 130 rapportages aan informatie opgeleverd en 8 grote duidingsbrieven. Een nauwkeurig of volledig overzicht van de effecten op beleid hebben wij niet, maar we hebben onder andere suggesties gegeven voor buurtinitiatieven die de sociale cohesie bevorderen; essentieel voor een weerbare samenleving. Ook hebben we de aandacht gevestigd op het bestaan van organisaties voor laagdrempelige ondersteuning aan jongvolwassenen en hebben we 113 ingeschakeld voor zelfmoordpreventie.
Tak: Het ministerie van OCW heeft de VO-raad gefaciliteerd met meerdere miljarden voor extra middelen om leerachterstanden door corona weg te werken: het Nationaal Programma Onderwijs. Ook over het welzijnsaspect van jongeren zijn met hen gesprekken gevoerd. Uit verdiepend onderzoek blijkt dat jongeren behoefte hebben aan een luisterend oor van een leraar, mentor of sporttrainer. Het hoeft voor hen niet altijd de professionele GZ-psycholoog te zijn.
Hoe heeft jullie onderzoek invloed gehad op richtlijnen?
Tak: Het RIVM heeft de taak om eens in de zoveel jaar richtlijnen en handleidingen voor Gezondheidsonderzoek bij rampen en crises te herijken. De inzichten van dit programma zijn daarin meegenomen.
Marra: De geleerde lessen zijn bruikbaar voor vele type rampen. Ze zijn een paar jaar later ook meegenomen in de basisvragenlijsten bij het Hantavirus. Daar kreeg welzijn een grote rol.
Hoe was de onderlinge samenwerking tijdens de coronapandemie?
Marra: De projectleiders spraken elkaar minstens een keer per week digitaal. Tijdens zo'n intensieve samenwerking is het waardevol om elkaar af en toe in het echt te zien. Dat deden we soms met een drankje, met inachtneming van de regels.
Tak: De GGD’en zijn verdeeld in 6 regio’s met elk een projectleider. Met hen werkte ik voor deze speciale edities intensief samen. De gezondheidsmonitor bestaat al sinds 2012 en wordt elke 4 jaar uitgevoerd. We kenden elkaar al goed. Daardoor stonden we meteen in de actiestand.
Zijn er organisatorisch gezien verbeterpunten bij een volgende landelijke crisis?
Tak: Gezondheidsmonitors kosten altijd veel voorbereidingstijd. Het zou mooi zijn als je voor rampen een basismonitor hebt klaarliggen die je meteen uit de kast kunt trekken.
Marra: We hebben ook kwartaalonderzoeken gedaan, zodat we konden reageren op de actualiteit. Daarmee konden wij pas starten in september 2021, toen het eerste deel van de pandemie alweer voorbij was. Het is veel waard als je een format voor kwartaalonderzoek hebt liggen dat je meteen kunt inzetten. Ook is het interessant om de kortcyclische kwartaalonderzoeken eveneens buiten een crisis te doen, zodat je kunt vergelijken; vóór en na.
Investeer in sociale cohesie. Dat resulteert in een veerkrachtige weerbare samenleving die een ramp of crisis het hoofd kan bieden.
Welke les zouden jullie willen meegeven uit dit programma?
Tak: Ga het gesprek aan met de doelgroep en met professionals. Haal de persoonlijke verhalen op over de ervaringen van mensen. Pas dan ontstaat het gevoel bij de cijfers en data uit het onderzoek.
Marra: Investeer in sociale cohesie. Dat resulteert in een veerkrachtige weerbare samenleving die een ramp of crisis het hoofd kan bieden. En stel bij verdiepend onderzoek open vragen aan jongeren. Het heeft mij verbaasd hoe goed zij hun gedachten kunnen verwoorden. Zonder de open vragen hadden wij niet geweten hoezeer zij overgangsrituelen hebben gemist.