Kennis is cruciaal om Nederland gezonder te maken

Om Nederland gezonder te maken, is het belangrijk dat partijen de kennis vanuit wetenschap én praktijk beter benutten. Op donderdag 30 maart vond in Utrecht daarom de startbijeenkomst ‘Versterking kennisinfrastructuur voor gezondheidsbevordering en preventie’ plaats.

De bijeenkomst gold als aftrap van een nieuw overkoepelend leernetwerk van landelijke kennispartijen om de uitwisseling met en tussen GGD’en te verbeteren. Het is cruciaal dat onderzoekers en praktijkprofessionals elkaars kennis benutten en elkaar goed weten te vinden.

Het leernetwerk is er ook op gericht om GGD’en een stevige kennis- en adviesrol te bieden bij de gemeentelijke inspanningen op het gebied van gezondheidsbevordering en preventie.

De zaal was vooral gevuld met GGD’ers, maar er waren ook vertegenwoordigers van landelijke thema- en kennisinstituten aanwezig. De sprekers vertelden over de laatste ontwikkelingen en benadrukten hoe belangrijk het is dat kennis in de praktijk wordt toegepast.

Met financiering van ZonMw gaan de Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid, GGD GHOR Nederland, RIVM, VNG en andere partners aan de slag met het opzetten en borgen van een leernetwerk. ZonMw ondersteunt het leernetwerk omdat kennis het verschil maakt.

Nederland zet in op een gezonde generatie

GALA is ‘een volgende stap naar minder vrijblijvendheid’, stelde Trudy van Dijk, senior beleidsmedewerker preventie VWS. Met dit akkoord kiezen de partijen voor meer beweging naar de voorkant, meer samenwerking en  een integrale benadering van preventie, aldus Van Dijk. Kennis speelt een belangrijke rol bij het verwezenlijken van de doelen.

Van Dijk benadrukte de rol van ZonMw bij de specifieke versterking van de kennisfunctie van de GGD op het gebied van vier interventies: gecombineerde leefstijl interventie, ketenaanpak overgewicht kinderen, valpreventie en welzijn op recept. Ook financiert ZonMw de oprichting en borging van het zojuist gestarte leernetwerk van de 25 GGD’en. ‘Vandaag is de aftrap van een mooi traject om elkaar te inspireren en uit te wisselen’, aldus Van Dijk.

Het GALA hangt samen met het Integraal Zorgakkoord (IZA). Het verschil is dat het IZA zich meer richt op de cure en de care en het GALA op het sociaal domein en de publieke gezondheid. Ook gemeenten ondertekenden het IZA waarin afspraken staan over preventie en regionale samenwerking tussen zorgverzekeraars en gemeenten. Deze afspraken voor preventie zijn verder uitgewerkt in het GALA, dat ook door de zorgverzekeraars is ondertekend.

Gemeenten kunnen financiering aanvragen via een Specifieke Uitkering (SPUK) om de afspraken uit het GALA te financieren. Het ministerie van VWS heeft hiervoor 300 miljoen euro beschikbaar gesteld. ‘Gemeenten vragen al op grote schaal aan’, aldus Van Dijk. De verdeling van de middelen gebeurt op basis van inwoneraantal en gezondheidsachterstanden.

Van Dijk benadrukt de kracht van de huidige landsdekkende structuur van GGD’en. ‘Ook is er een stevige rol van het RIVM, met monitoring, dataverzameling, dataontsluiting, kennis en ondersteuning. Bovendien zijn er goed geëquipeerde landelijke kennis- en ondersteuningsinstituten.'

Voor de toekomst is een versterking van het regionale niveau nodig, waarin GGD’en en andere kennispartners een rol zullen spelen, aldus Van Dijk. Ze wees erop dat de interactie lokaal-regionaal–nationaal steviger moet.

Over het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA)

Meer aandacht, meer geld en slimme samenwerking voor een gezondere samenleving. Dat is het doel van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Met als uiteindelijk resultaat een gezonde generatie in 2040. Het akkoord werd begin dit jaar op het ministerie van VWS ondertekend door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG), Zorgverzekeraars Nederland en GGD GHOR Nederland.

De kracht van kennis

Gemeenten, GGD’en en kennispartijen moeten de krachten bundelen om een regionale kennisinfrastructuur op te zetten, zo bepleitte Hugo Backx, voormalig directeur van GGD GHOR Nederland. Want kennis is een voorwaarde om de doelstellingen voor gezondheidsbevordering en preventie te halen.

Vorig jaar maart verscheen zijn onderzoeksrapport ‘Kennis als kracht voor Gezondheid’, dat hij als adviseur in opdracht van GGD GHOR Nederland schreef. In oktober volgde de notitie met aanbevelingen.

Er is veel kennis, maar deze blijft veelal onbenut, is versnipperd en niet gemakkelijk te gebruiken. ‘Onderzoekers hebben het vaak over de inhoud. Maar hoe je kennis toepast, daar staan zij minder vaak bij stil’, aldus Backx. De sector vindt het vaak moeilijk nieuwe kennis te benutten.

Tijdens zijn onderzoek is Backx onder de indruk geraakt van de bestaande kennisinfrastructuur. ‘Maar het kan veel beter’, zei hij. De tijd is rijp om deze te verstevigen. ‘Nu zijn de kansen groot. Er is echt momentum.’ Hij verwees naar het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), dat een gezonde generatie in 2040 nastreeft. ‘Ik ben er enthousiast over, maar het is best ambitieus’, aldus Backx. GALA vraagt veel van gemeenten om resultaat te boeken. Kennis en een goede kennisinfrastructuur kunnen dat ondersteunen.

Backx riep de sector op steviger regionaal samen te werken om te zorgen dat kennis wordt ontwikkeld, uitgewisseld en toegepast. ‘Gezondheidsbevordering is in Nederland decentraal georganiseerd, en dat zou met kennis ook meer zo moeten zijn’, aldus Backx. Hij ziet hierbij een grote rol voor de GGD die ‘bij uitstek een regionale partij is, die landelijke verbindingen heeft, weet welke kennis er in de regio is, vanuit het openbaar bestuur opereert, kenniswerkers in huis heeft, en dicht in de praktijk opereert’, zo stelde hij. ‘Maar dat bewustzijn moet nog wel meer groeien.’ Hij is daarom blij met de subsidie van ZonMw voor het leernetwerk.

Hij pleitte voor het opzetten van Regionale Kennisnetwerken, waarbij de regie ligt bij de GGD’en en de Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid (AWPG). Alle kennispartijen uit de regio zouden zitting in het netwerk moeten hebben: GGD, universiteiten, AWPG’s, hogescholen, regionale kennisinstituten, gemeenten, provincies en UMC/ziekenhuizen.

Backx stelde dat er landelijke financiering voor de regionale kennisnetwerken moet komen. ‘Er zijn relatief weinig middelen beschikbaar voor kennis en kennisontwikkeling ten behoeve van preventie, zeker als je dat vergelijkt met de curatieve sector’, aldus Backx.

ZonMw als onderdeel van de kennisinfrastructuur

ZonMw is actief binnen alle fasen van de kenniscyclus. De organisatie signaleert welke kennis nodig is, programmeert en financiert gezondheidsonderzoek en zet ook sterk in op maatschappelijke impact.

‘We willen dat de kennis die ontwikkelt wordt binnen projecten bruikbaar is voor de praktijk en het onderwijs,’ stelde Pauline Mourits, senior programmamanager kennisbenutting en implementatie bij ZonMw.

Met oog op de versterking van de kennisinfrastructuur op het gebied van gezondheidsbevordering en preventie honoreerde ZonMw projecten binnen twee subsidierondes:

  1. Versterking kennisfunctie GGD’en als krachtige regionale samenwerkingspartner voor gemeenten De verwachting is dat de GGD’en een grotere rol gaan spelen als regionale schakel in de kennisinfrastructuur op het gebied van gezondheidsbevordering en preventie. Massaal hebben de GGD’en vorig jaar dan ook ingetekend op deze call. Met het geld kan een GGD personeel vrijmaken of inhuren om de implementatie van een erkende interventies in de lokale/regionale context te stimuleren, monitoren en evalueren. De GGD’en konden een keuze maken uit vier geselecteerde interventies: Gecombineerde leefstijl interventie, Ketenaanpak overgewicht kinderen, Valpreventie bij ouderen, Welzijn op recept.
  2. Versterking kennisinfrastructuur gezondheidsbevordering en preventie – gericht op een nieuw overkoepelend leernetwerk van kennispartijen ZonMw ondersteunt het zojuist gestarte leernetwerk van de 25 GGD’en. Het is onderdeel van de omvangrijkere kennisinfrastructuur gezondheidsbevordering en preventie, waarvoor een consortium is opgestart bestaande uit RIVM, GGD GHOR, VNG en Academische Werkplaatsen Publieke Gezondheid. Deze kennispartijen gaan samen met GGD’en, gemeenten en hun inwoners kennis uitwisselen en afspraken maken over de rollen die elk van deze partijen heeft binnen de kennisinfrastructuur. Het gaat om wetenschappelijke kennis, praktijkervaringen en ervaringskennis.

Gehonoreerde projecten > In het nieuwsbericht Dankzij impuls zetten GGD’en in op een sterkere kennis- en adviesfunctie lees je meer over de gehonoreerde projecten.

‘Geen fastfood bij scholen’

GGD’en hebben een belangrijke rol bij gezondheidsbevordering en preventie. In Amsterdam werkte de GGD met een coalitie van experts om te zien of het mogelijk is fastfoodtenten dichtbij scholen te verbieden.

De stad investeert in kennisontwikkeling en onderneemt actie als het gaat om gezondheidsbevordering en preventie, vertelde Karen den Hertog van de GGD Amsterdam-Amstelland. De stad is trots op de 300 openbare watertappunten. Op scholen wordt voorlichting gegeven over het belang van gezond eten en water drinken. Maar hoe is het dan mogelijk dat er nog altijd fastfoodtenten vlakbij scholen zijn, terwijl er wel een verbod geldt voor coffeeshops op die locaties? De gemeente onderzocht met een coalitie van advocaten, academici, fiscalisten en economen of de aanwezigheid van fastfoodverkoop nabij scholen gestopt kon worden. Inmiddels is er een ‘pittige’ brief naar de staatssecretaris met een ‘loepzuivere juridische uitleg’ dat de gemeente niet het juridisch instrumentarium heeft om fastfood te weren bij scholen, aldus Den Hertog. Amsterdam hoopt op nieuwe regelgeving. ‘Er moet een norm komen over wat een ongezond aanbod rondom scholen is,’ stelde Den Hertog.

Vier professionals vertellen over het belang van kennis

Vele professionals namen deel aan de startbijeenkomst van het nieuwe overkoepelend leernetwerk. ZonMw vroeg vier deelnemers over de positie van de GGD, kennis bijhouden, uitwisselen, benutten en van elkaar leren.

Arnold Reusken

‘Mijn droom is dat de GGD wordt gezien als het gezondheidshuis in de gemeente en regio. Niet dat wij alles weten, maar wel dat via ons kennis over gezondheid en gezond leven beschikbaar is voor elke inwoner. Daarvoor moeten we onderdeel uitmaken van een structuur van landelijke en regionale netwerken met kennisinstituten zodat wij kennis, data en inzichten met elkaar kunnen uitwisselen. Voor een grote provincie als Brabant met vele gemeenten, dorpen en platteland is die structuur er nog niet. Maar ik denk dat we op een kantelpunt zitten. Sinds corona is de GGD bij iedereen bekend. De tijd is rijp om als GGD de rol van gezondheidshuis in te vullen. De SPUK kunnen we daar goed voor gebruiken.’

Afbeelding
‘De GGD als gezondheidshuis’
Arnold Reusken
Sectormanager Brabant Noord – GGD Hart voor Brabant

Marja de Jong

‘Waar ik het meest tegenaanloop is dat ik, en ook mijn collega’s bij de GGD, te weinig tijd en ruimte hebben om onze kennis op peil te houden. Er is veel kennis beschikbaar, zoals op de RIVM-website Gezond Leven, of op websites van de thema-instituten. Ik verwijs collega’s daar naar. Maar ze komen er niet aan toe om deze te raadplegen. Jonge collega’s die net van de opleiding komen, hebben nog wel de meest recente kennis. Maar tien jaar later is ook die niet meer up-to-date. Ook is vaak de vraag: als er kennis over een nieuwe interventie is, hóe breng je die aanpak in de praktijk. Het gaat in ons vak om (gedrags)verandering. Samenwerking met andere professionals én bewoners is daarbij een voorwaarde. Praktische kennis en vaardigheden op de juiste plek krijgen en zorgen dat deze wordt toegepast. Daar moet bij de kennisinfrastructuur echt aandacht voor zijn.’

Afbeelding
Marja de Jong
Meer aandacht voor updaten en toepassen kennis
Marja de Jong
Adviseur publieke gezondheid GGD IJsselland

Marieke Heijnen

‘Wij gaan met subsidie van ZonMw onderzoek doen naar wat de ervaringen met de ketenaanpak overgewicht kinderen zijn in drie gemeenten in onze regio: Den Haag, Zoetermeer en Leidschendam-Voorburg. We willen bekijken hoe de ketens in die gemeenten in elkaar zitten, hoe beslissingen worden genomen, en of ze bijvoorbeeld alleen naar overgewicht of naar de bredere context van het hele gezin kijken. Ook focussen we ons op de centrale zorgverleners in de keten. Deze persoon heeft als spil een heel uitdagende en cruciale functie, hetgeen de kracht en de kwetsbaarheid tekent. Het onderzoek bevindt zich in de startfase en we zijn benieuwd wat we tegenkomen. Uiteindelijk gaat het om de vraag: wat kunnen we van deze gemeenten leren, en hoe kunnen wij deze lessen meenemen naar andere gemeenten.’

Afbeelding
Marieke Heijnen GGD bijeenkomst
Wie is de spil in ketenaanpak overgewicht kinderen?
Marieke Heijnen
Onderzoeker GGD Haaglanden

Evelien Kalisvaart

Als gezondheidsbevorderaar houd ik mij onder andere bezig met het thema ‘vitaal oud worden’. Ik ervaar in mijn werk dat de werelden van beleid, onderzoek en praktijk uit elkaar lopen. Hoe zorg je dat kennis bij de praktijk komt, en dat kennis van de praktijk naar beleid en onderzoek gaat? Ik hoop dat we binnen het leernetwerk met deze vragen aan de slag gaan. De ketenaanpakken waar GGD’en subsidie voor konden aanvragen richten zich op mensen met een probleem of hoog risico, bijvoorbeeld overgewicht of een hoog valrisico. Ik ben benieuwd hoe we de publieke gezondheid kunnen versterken binnen de ketenaanpakken, zodat een probleem juist voorkomen wordt. Het leernetwerk zou breder en meer aan de voorkant moeten kijken: hoe houden we onze bewoners vitaal en gezond?’

Afbeelding
Hoe houden we onze bewoners vitaal en gezond?
Evelien Kalisvaart
gezondheidsbevorderaar GGD Groningen

'Onze droom is dat de GGD-professional echt kan handelen en dúrft’

De deelnemers bespraken in groepjes hun tips en dromen voor het leernetwerk. Tijdens een plenaire sessie stipten ze de hoofdpunten aan.

‘Onze droom is een goed functionerend regionaal en landelijk kennisnetwerk. We moeten processen goed inrichten om dat voor elkaar te krijgen. Partijen moeten elkaar vertrouwen. Het doel is de gezondheid van mensen te verbeteren’, stelde het groepje van het RIVM en GGD GHOR. ‘ ‘Het gaat om slagvaardigheid en echte resultaten. Hoe nemen we zelf het voortouw?’, zeiden GGD-medewerkers over het zojuist opgerichte leernetwerk.

GGD’ers hadden het ook over kennis. ‘Wat voor soort kennis willen we ophalen? Wat voor kennis is nodig? Hoe kun je partijen betrekken? Hoe regel je het?’ Allemaal vragen voor het leernetwerk. Een andere groep benadrukte: ‘Kennis die we delen heeft impact op bewoners, hun welzijn en gezondheid. We moeten mét inwoners praten en niet óver hen.’

Tegelijk bleek dat de rollen nog niet helemaal duidelijk zijn. ‘We hebben veel te doen in de positionering van de GGD’, stelde een groep. GGD’ers: ‘We moeten voldoende toegerust zijn. De gemeente moet overtuigd zijn van de rol van de GGD. Maar, wat is dan die rol?’ Deelnemers van VWS en ZonMw: ‘Onze droom is dat de GGD-professional op het juiste moment kennis kan bieden, zichtbaar is, ook echt kan handelen en dúrft.’

Colofon

Tekst: Tjitske Lingsma
Foto's: Sophie Rijsman
Eindredactie: ZonMw

Pauline Mourits

Senior programmamanager
implementatiepreventie [at] zonmw.nl