Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Na een aioto-traject aan de slag bij een Academische Werkplaats Huisartsenzorg?

Terugblik op themasessie tijdens onderzoekersbijeenkomst 2026 onder leiding van Rosha Hubens en Willian van Dijk
Laatst aangepast:

Artsen in opleiding tot onderzoeker (aioto’s) ontwikkelen zich tot bruggenbouwers tussen academie en praktijk. Wat is een volgende stap na een aioto-traject? Rosha Hubens en Willian van Dijk zijn beiden 1 dag per week werkzaam bij de Academische Werkplaats Huisartsenzorg (AWH) LUMC. Hoe richten ze hun functie in en wat levert dat op? 

Huisarts-onderzoeker Rosha Hubens en huisarts-onderzoeker en epidemioloog Willian van Dijk richten zich binnen de AWH-LUMC op wat er nodig is om eerstelijnsprofessionals te behouden (werkplezier) en hoe je data en digitalisatie implementeert in de huisartsenopleiding. 

Even voorstellen

1 / 2

Rosha Hubens

Rosha Hubens is huisarts in Zoetermeer. Ze promoveerde in 2021 voordat zij begon met de huisartsopleiding op het vinden en implementeren van biomarkers voor verschillende vormen van dementie. Binnen de huisartsenopleiding nam zij deel aan de ELAN-commissie (Extramuraal LUMC Academisch Netwerk), waar onderzoeksvoorstellen worden beoordeeld op hun relevantie voor de huisartsengeneeskunde. 

Volg Rosha Hubens op LinkedIn
2 / 2

Willian van Dijk

Willian van Dijk is huisarts in opleiding en onderzoeker in Leiden. Hij promoveerde in 2026 op een onderzoek naar de inzet van digitale tools tijdens een pandemie en trombose in relatie tot corona(vaccinaties). Ook is hij epidemioloog en redactielid met als aandachtspunt Digitale Zorg van Huisarts en Wetenschap, . 

Volg Willian van Dijk op LinkedIn

Waar is behoefte aan?

Volgens Hubens worden veel resultaten van wetenschappelijk onderzoek in de huisartsgeneeskunde niet geïmplementeerd. ‘Het onderzoek is te specialistisch en er is niet altijd terugkoppeling naar het veld. De academische werkplaats huisartsenzorg pakt het anders aan. Zij brengen in kaart welke vragen en uitdagingen leven bij clinici, patiëntenorganisaties en regionale huisartsen organisaties (RHO’s). Waar hebben zij behoefte aan?'

'We halen praktische vragen op en zijn dienstbaar aan de regio. Wij zijn geen uitvoerende onderzoeksorganisatie, maar leggen linkjes. We brengen huisartsen in contact met onderzoekers. Wij bouwen aan een netwerk. Ook zijn we betrokken bij projecten die onderzoek doen naar werkplezier en het behoud van bevlogen professionals binnen de eerste lijn: waarom zijn sommige collega-huisartsen gestopt? Was het werk te saai, te zwaar, te veel? En het omgekeerde: waarom houden huisartsen juist zo van hun vak?'

Afbeelding
We brengen huisartsen in contact met onderzoekers. Wij bouwen aan een netwerk.
Rosha Hubens
Huisarts-onderzoeker

Arbeidsmarktdata

Van Dijk vertelt hoe huisartsen in de regio een consultancybureau hadden laten onderzoeken hoe de huisartsenarbeidsmarkt zich ontwikkelt. ‘Het resultaat was schrikbarend: we stevenen op een flink tekort aan huisartsen af.’ De huisartsenorganisatie had een vervolgvraag: zo’n dergelijk rapport wilden ze ook voor fysiotherapeuten en apothekers. Van Dijk vindt het zonde dat consultancybureaus worden ingeschakeld voor dit soort academische vragen. ‘Wij hebben samen met een student econometrie dit project opgezet. Een win-win: de student heeft een erg leerzame ervaring, de vraag wordt uitgezocht met een betere academische borging en de opdrachtgever heeft een flinke kostenbesparing.’ 

Afbeelding
Als academische werkplaats willen wij dienstbaar zijn aan de regio.
Willian van Dijk
Huisarts-onderzoeker en epidemioloog

Hybride zorg

Om iedereen op scherp te zetten, poneren Hubens en Van Dijk een aantal stellingen. Stelling 1: ‘Eind 2026 is 70% van de huisartsenzorg hybride of digitaal en minimaal de helft van de patiënten maakt er gebruik van.’ De reacties in de zaal zijn wisselend en er is behoefte aan nuancering. Na een korte discussie met de zaal verklaart Van Dijk dat de stelling rechtstreeks afkomstig is uit het Integraal Zorgakkoord (IZA, pagina 92). ‘Dit is dus wat we met elkaar vinden.’ 

Zorg verbeteren op basis van data

Er volgt een tweede stelling: ‘Een huisarts verricht extracties van data uit zijn systeem en bepaalt op basis van die info hoe hij zijn zorg kan verbeteren.’ Ook op deze stelling zijn de reacties wisselend. ‘Ja’, zegt een deelnemer. ‘Het helpt om de zorg te verbeteren, maar de huisarts moet er hulp bij krijgen.' Ook een andere deelnemer zegt ja:. ‘Ik zie de huisarts als ondernemer, met je eigen toko moet je weten waar kan het beter of efficiënter. Zie het niet als wetenschap maar als praktijkvoering.' De stelling komt uit de kenmerkende beroepsactiviteiten van de huisarts (pagina 11). Dus ook dit vinden wij met z’n allen. Je kunt dus eigenlijk geen huisarts zijn als je dit niet kunt. 

Afbeelding
Sfeerimpressie themasessie AWH-LUMC tijdens onderzoekersbijeenkomst 30 maart 2026

Competenties: onderwijs voor gebruik van data en digitalisatie

Moet er onderwijs komen voor e-consulten en zo ja hoe? Dat hebben Hubens en Van Dijk via vragenlijst gevraagd aan Leidse huisartsen in opleiding (aio’s) en opleiders. Vragen waren: hoe digi-vaardig vind je jezelf en vind je onderwijs over gebruik van data, dus patiëntextracties, belangrijk? Iedereen vindt het belangrijk. Maar als je doorvraagt, zijn de verschillen opvallend. Op de vraag of ze er ervaring mee hebben in het onderwijs zeggen opleiders ja, maar de aio’s zeggen nee. Op de vraag of dat aan bod komt in de opleiding zeggen de opleiders opnieuw ja en de aio’s opnieuw nee. Kortom, er is nog veel aandacht nodig voor competenties als het gaat om gebruik van digitale middelen, zoals e-consulten. 

Data in de praktijk inzetten met een querybot

Hoe zet je data in de praktijk in? Van Dijk laat op het beeldscherm een filmpje van een querybot zien. De bot maakt van de vraag een query (zoekopdracht) en voert die uit in je eigen huisartseninformatiesysteem (HIS). Je kunt bijvoorbeeld vragen: 

  • Hoeveel mensen met diabetes heb ik in mijn praktijk? 
  • Hoeveel van deze mensen hebben ook COPD?

De deelnemers gaan in 2 groepen aan de slag met het bedenken van een relevante toepassing. 

Wil je alles weten?

'De querybot kan ook leiden tot minder werk’, zegt een deelnemer. ‘Sommige diabetespatiënten zijn jarenlang stabiel. De querybot helpt om laagrisicopatiënten te identificeren die je minder vaak hoeft te zien.’ De deelnemers hebben ook bedenkingen bij de tool: ‘Je kunt tot in den treuren in je eigen HIS blijven zoeken. Je vindt altijd wel weer nieuwe aandachtspunten.’ En: ‘Misschien blijkt uit de querybot dat je, je werk niet goed doet. Wil je wel alles weten?’ 

Ondersteuning

Van Dijk: ‘Daarnaast hebben huisartsen ondersteuning nodig bij het inzetten van de querybot. Zij moeten leren hoe je de tool in de praktijk gebruikt. Bovendien: een huisarts moet empathisch zijn en medisch geschoold. Maar moet een huisarts ook een data scientist zijn? Moeten we verwachten van huisartsen dat zij uit data extracties doen?’ ‘Misschien moet je voor die taak een kaderarts aanstellen.’, zegt een deelnemer. 

Impact en relevantie verhogen

Kortom, een Academische Werkplaats Huisartsenzorg zorgt voor meer impact en relevantie voor huisartsen in de regio. ‘Wij faciliteren, koppelen mensen aan elkaar en vormen netwerken. Wij zorgen ervoor dat de huisarts minder jeuk krijgt als hij moet nadenken over wetenschap.’ 

1 jaar AWH-LUMC


De AWH-LUMC bestaat nu 1 jaar. Hoe kijken ze terug op het eerste jaar? Waar zijn ze trots op, en wat zijn hun ambities voor de komende periode? 

Bekijk de terug- en vooruitblik (pdf)

ZonMw en Academische Werkplaatsen

Om te zorgen dat kennis en innovaties hun weg vinden naar de praktijk, is duurzame versterking van de kennisinfrastructuur nodig. Daarnaast is een goede kennisinfrastructuur essentieel in de beweging naar passende en toekomstbestendige zorg. Daarom investeert ZonMw in academische werkplaatsen, waaronder 7 Academische Werkplaatsen Huisartsenzorg (AWH's). 

Lees meer over de AWH's

Colofon
Auteur:
Riëtte Duynstee
Fotografie:
ZonMw | Louise van Muijlwijk-Emons
Redacteur:
ZonMw