Zonder samenwerking geen zorg op maat

‘Mijn moeder is ingeslapen. Ik wil jullie allemaal waanzinnig bedanken, het was kort maar op tijd. Ze heeft haar laatste uren op de perfecte plaats gewoond.

Water en bomen waren onze grootste liefde, die kamer had ze precies, haar lievelingskleur was groen, dat was de kleur op de kamer. Ze kon genieten van de tuin, de zon, de vogeltjes, ze voelde zich in de korte tijd thuis. Dat zal mij altijd bijblijven, toeval bestaat niet, maar het was toevallig allemaal wel perfect.

Ik wil iedereen hiervoor bedanken, vrijwilligers, thuiszorg. Ik kon dit niet alleen en ben ook geen moment alleen geweest. Ik kreeg troost, steun, niet alleen door woorden maar door aanwezigheid. Dank je wel, dit kan ik allemaal meenemen in mijn verwerking en maakt het een stuk acceptabeler.

Jullie zijn kanjers en ik heb diep respect voor ieder, voor wie je bent en voor wat je doet.

Een dankbare dochter.’

Dit is 1 van de verhalen die beschreven staan in het gastenboek van ons hospice. Het beschrijft wat ik belangrijk vind als het gaat om hospicezorg. Bewoners en hun naasten echt zien en horen, luisteren en er zijn in de laatste fase van hun leven.
De Associatie Hospicezorg Nederland (AHzN) ziet hospicezorg als multidimensionale zorg aan mensen in de palliatief terminale fase én hun naasten. Met als doel om - door een multidisciplinair team van formele en informele zorgverleners - een optimale kwaliteit van leven, rouw en sterven bereikbaar te maken. Ik onderschrijf dit, het is een belangrijk uitgangspunt. Zonder samenwerking rondom de zorg van bewoners en hun naasten kan op maat afgestemde zorg niet plaatsvinden.

Vrijwilligers onmisbaar

Na bijna 2,5 jaar werkzaam te zijn in de hospicezorg ervaar ik in de praktijk dat een multidisciplinair team - dat complementair is aan elkaar - van belang is om te komen tot een zo waardig en rustig mogelijke manier van sterven. In dit team zijn de vrijwilligers van grote waarde. Zij zijn een onmisbare aanvulling op de beroepsmatige zorg en de mantelzorg. En zorgen ervoor dat het hospice als een warme plek voelt. Niets is teveel, zij zorgen met elkaar voor geborgenheid voor de bewoners. De rust en het ‘er zijn’ is soms genoeg. Dit wordt ook zo gezien in het advies wat de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) recent heeft uitgebracht, ‘Leven met het einde in zicht’. Dit advies wordt ondersteund door de Vrijwilligers Palliatieve Terminale Zorg Nederland, de koepel voor vrijwilligersorganisatie van onder andere de bijna-thuis-huizen. De afstemming tussen professionals en vrijwilligers, en meer bekendheid met elkaars kunde en verantwoordelijkheden is nog steeds nodig.

Onderzoek vertalen naar de praktijk

In eerdere functies heb ik gewerkt met het ZonMw-programma Palliantie. Mijn ervaring is dat het onderzoek dat is gedaan in dit programma waardevol kan zijn voor de hospicezorg. Het maakt zichtbaar wat nodig is in de praktijk. Echter, de resultaten uit deze onderzoeken terugvertalen in de praktijk is nog wel een uitdaging. Ik pleit daarom voor meer actiegericht onderzoek.

Hoe mooi zou het namelijk zijn als de resultaten van diverse onderzoeken op een simpele manier teruggebracht worden naar het werk rondom de bewoner in het hospice. Door de praktijk te betrekken bij het onderzoek, hoop je dat de resultaten goed aansluiten en dat zij ermee aan de slag gaan. Ik zie dit als één van de taken van de diverse landelijke koepels. Ondersteun en faciliteer de regionale en lokale instellingen hierbij, door bijvoorbeeld via een adviseur op lokaal niveau de professionals handvatten te geven om eventueel vernieuwingen te implementeren. Ik denk bijvoorbeeld aan het maken van formats die toepasbaar zijn in de praktijk, zodat niet steeds het wiel opnieuw wordt uitgevonden. Samenwerking op landelijk niveau is een randvoorwaarde en zorgt voor eenduidigheid. Het behoud van personeel is op de dag van vandaag niet makkelijk. Door hen te faciliteren kan dit meer werkplezier en erkenning opleveren.

Consolidatie van wat er al is

Het vervolgprogramma van Palliantie bouwt voort op de opgedane kennis en ervaring uit het eerste programma. Er is volop aandacht voor het bundelen van kennis door ontwikkelen en implementeren van projectresultaten. In de hospicezorg speelt de vrijwilliger een belangrijke rol, hopelijk krijgt deze een plek in het programma. Natuurlijk zijn daarbij (nieuwe) interventies en kennis nodig, want stilstand is achteruitgang. Maar zorg eerst voor consolidatie van wat er al is.

Angelique de Wit
Manager/coördinator bij hospice de Cirkel in Papendrecht