Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Gezond aan het werk: van onderzoek naar duurzame inzetbaarheid op de werkvloer

Kenniskring ‘Gezond aan het werk’ deelt inzichten voor re-integratie en preventie
Laatst aangepast:

Wat is nodig om langdurige uitval op de werkvloer te voorkomen? Hoe zorgen we voor een succesvolle en duurzame re-integratie op de arbeidsmarkt? En hoe brengen we wetenschappelijke kennis effectief naar de praktijk? Tijdens de derde bijeenkomst van de kenniskring ‘Gezond aan het werk’ kwamen onderzoekers samen om inzichten en ervaringen te delen.

Samen leren, samen doen: kracht van de kenniskring

‘Samen doen, samen leren en samen delen’, dat is volgens Bert van Swam hét doel van de Kenniskring ‘Gezond aan het werk’. Voor de derde keer opent de voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Arbeidsdeskundigen (NVvA) de dag. In de zaal zitten onderzoekers die binnen hun eigen expertise zoeken naar manieren om langdurige uitval te voorkomen en duurzame re-integratie te bevorderen.

Uitbreiding met ‘Innovatieve Arbozorg’

Dit jaar is de Kenniskring uitgebreid met het programma ‘Innovatieve Arbozorg’. Van Swam: ‘Een mooie aanvulling op het geheel. Uiteindelijk gaat ons onderzoek ook over de vraag hoe kunnen we meer doen om uitval te voorkomen, hoe kunnen we mensen lang en gezond aan het werk houden?  We zien dat de aandacht naar preventie groeit. Hét moment dus om het daar over te hebben.’

Van onderzoek naar praktijk: de uitdaging van implementatie

Een belangrijk thema tijdens de bijeenkomst is de implementatie van onderzoeksresultaten. ‘Dat blijkt vaak lastig, dit vraagt namelijk om een gedragsverandering en dat is voor ons mensen – toch gewoontedieren – heel ingewikkeld.’ Tot slot geeft Van Swam de deelnemers een opdracht mee: ‘Ga niet weg zonder een vraag te stellen. Grijp je kans om collega’s te ontmoeten en te leren van elkaar.’

Samenwerken aan een duurzame re-integratie

Het ziekteverzuim in Nederland blijft hoog. Re-integratie is een complex proces waarin samenwerking tussen werknemer, leidinggevende en professionals essentieel is. Raun van Ooijen en Bibi de Mul van het UMC Groningen benadrukken het belang van alle projecten binnen de kenniskring ‘Gezond aan het werk’.

Zieke werknemers ervaren re-integratie vaak als stressvol. Ze hebben moeite met het vinden van begrijpelijke informatie en maken zich zorgen over financiële gevolgen. ‘Ze ervaren re-integratie als een stressvol proces en zijn niet goed voorbereid op gesprekken over de terugkeer naar werk.’

Leidinggevenden spelen een cruciale rol in het ondersteunen van werknemers – zowel praktisch als emotioneel. Toch lopen zij vaak tegen de belemmering aan dat er weinig passend werk beschikbaar is. Verzuimprofessionals willen graag zowel de werknemer als de leidinggevende ondersteunen, maar geven aan dat zij behoefte hebben aan meer praktische hulpmiddelen om dit effectief te kunnen doen.

Praktijkgerichte oplossingen

De 3 projecten van het UMCG  sluiten goed op elkaar aan en richten zich op het wegnemen van obstakels van de betrokken partijen. ‘Welke stappen kunnen leidinggevende en werknemer tijdig zetten om de terugkeer naar werk mogelijk te maken?’
 

Bekijk de 3 projecten

    1. ERIRE – Eigen regie versterken
      ERIRE versterkt de eigen regie van werknemers door na 4 en 16 weken extra regie- en perspectiefgesprekken te voeren. 
      Inzicht: Werknemers pleiten voor meer maatwerk in timing.
    2. Passend Werk – Ondersteuning voor leidinggevenden
      Passend Werk helpt leidinggevenden bij het vinden van geschikte functies voor re-integrerende werknemers. Er wordt een platform ontwikkeld met praktische informatie, voorbeelden en gesprekskaarten.
      Inzicht: Binnen organisaties speelt de verzuimcoördinator of HR-adviseur een belangrijke rol bij het betrekken van leidinggevenden en teams.
    3. Re-integratie op Maat – Wat werkt voor wie?
      Dit project richt zich op verbetering van tweede spoor re-integratie in de bouw en ouderenzorg.
      Inzicht: Vroegtijdige en actieve begeleiding door werkgever of professional is cruciaal, net als toegankelijke informatie over financiële gevolgen en baanverandering.

Co-creatie als sleutel tot succesvolle implementatie

Alle projecten, verduidelijken van Ooijen en De Mul, zijn ontwikkeld in co-creatie met de praktijk: via interviews en focusgroepen met werknemers, leidinggevenden en professionals, aangevuld met bestaand onderzoek. Bij elk project is een groot aantal partners betrokken.

De Mul benadrukt: ‘Interventies moeten passen bij de praktijk, met een duidelijk draaiboek, regelmatig overleg en ruimte voor bijsturing. Het gaat het nooit precies zoals we vooraf dachten. Daarom is het zo belangrijk om goed te communiceren en wendbaar te blijven.’

Programmasessie Innovatieve Arbozorg: verbinding tussen onderwijs, onderzoek en praktijk versterkt implementatie

Tijdens de programmasessie van het programma Innovatieve Arbozorg maken deelnemers kennis met elkaar én elkaars projecten. De groep bestaat uit onderzoekers, bedrijfs- en verzekeringsartsen, opleiders en vertegenwoordigers van kennisinstituten zoals het RIVM, TNO en diverse universiteiten.

Veel deelnemers noemen vergelijkbare uitdagingen: hoe zorg je dat nieuwe tools en richtlijnen daadwerkelijk worden toegepast in de praktijk? En hoe werk je effectief samen in een veld met veel partijen en uiteenlopende belangen?

Han Anema, hoogleraar arbeids- en verzekeringsgeneeskunde aan Amsterdam UMC, benadrukt het belang van de verbinding tussen onderwijs, onderzoek en praktijk: ‘We zien dat academische kennis zelden in de praktijk belandt. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat richtlijnen niet alleen op papier bestaan, maar ook echt worden uitgevoerd?’

De sessie laat zien hoe divers de lopende initiatieven zijn – van AI-toepassingen in de bouw tot toolboxen voor bedrijfsartsen – en hoe groot de ambitie is om kennis, implementatie en samenwerking te versterken. De eerste verbindingen worden tijdens de bijeenkomst al gelegd. Onderzoekers hebben elkaar weten te vinden en zijn van plan om ook na deze sessie met elkaar in gesprek te blijven.

1 / 5
2 / 5
3 / 5
4 / 5
5 / 5

'Implementeren: verandering begint bij gedrag'

Wat is implementeren? 

Marleen Wilschut, implementatiestrateeg en medeoprichter van het Nederlands Implementatie Collectief, legt uit wat implementeren inhoudt. ‘Verandering gaat altijd over gedrag.’

‘Ik ben onderwijsdeskundige van huis uit, dus ik kijk graag naar leren en ontwikkelen. En als we het hebben over veranderen, wat vragen we dan? Van mij als persoon binnen een bedrijf, van de organisatie, van het netwerk van de organisatie?’

Veelvoorkomende valkuilen bij implementatie

In haar werk ziet Wilschut vaak dezelfde valkuilen terugkomen. Het project is afgerond, maar organisaties weten niet hoe ze de uitkomsten moeten toepassen. ‘Het rapport is af, strik erom. Onderzoeker blij en opgelucht. Maar toch weten mensen in de betreffende organisatie niet per se wat ze ermee moeten.’

Ook trainingen leveren niet altijd het gewenste resultaat. ‘We hebben iedereen in onze organisatie getraind, maar toch lukt het niet om het geleerde in de praktijk te brengen.’

Volgens Wilschut ligt dat zelden aan onwil. ‘Mensen die geïnformeerd zijn, vragen zich af: wat moet ik hier nu mee? En mensen die geïnspireerd zijn, willen wel aan de slag, maar doen dat toch op hun eigen manier. Dat kom ik heel vaak tegen. “Bij ons werkt het toch net anders,” hoor ik vaak. En daar hebben we het mee te doen.’

Implementatie als vakgebied

Sinds de jaren 80 is implementatie uitgegroeid tot een volwaardig vakgebied: implementation science. ‘Dat begon met de vraag vanuit de zorg. We weten wat werkt, maar hoe zorgen we ervoor dat het ook echt landt in de praktijk? Hoe zorgen we dat evidence-based kennis, protocollen en interventies daadwerkelijk worden toegepast?’

Gedragsverandering als kern van implementatie 

Verandering draait volgens Wilschut vooral om gedrag. ‘En dat is zo makkelijk niet. Dat betekent dat mensen uit hun comfortzone moeten komen. Terwijl mensen van nature veel liever de kortste en makkelijkste route kiezen. Als je vraagt: wie wil er verandering? Dan steekt iedereen zijn hand op. Maar als het er dan echt op aankomt om zaken ánders te gaan doen…’.

Daarom is implementeren volgens Wilschut in essentie een vorm van gedragsbeïnvloeding. Het gaat erom mensen te ondersteunen bij het ontdekken én volhouden van nieuw gedrag. ‘Het klinkt misschien wat negatief, maar je moet mensen door die leerkuil trekken.’

De bouwstenen van effectieve gedragsverandering

Een succesvolle implementatie begint bij het begrijpen van wat gedrag beïnvloedt, benadrukt Wilschut. ‘Wil je dat mensen iets anders gaan doen, maak het dan zichtbaar, aantrekkelijk, gemakkelijk en bevredigend,’ zegt ze. ‘Dat klinkt simpel, maar het is precies waar het vaak misgaat. We vragen iets nieuws, maar maken het niet leuk of makkelijk genoeg.’

Een treffend voorbeeld komt uit een organisatie die papierloos wilde werken. ‘Ze hadden alle printers weggehaald, behalve één. Die stond beneden bij de kantine, en daarvoor hadden ze een grote ballenbak gezet. Wie wilde printen, moest erdoorheen. Tja, toen was printen ineens niet meer zo aantrekkelijk.’

Implementeren is leren en begeleiden

Een succesvolle implementatie vraagt om tijd, oefenruimte en een veilige leeromgeving. ‘Wie te weinig leertijd plant, raakt gegarandeerd teleurgesteld.’ Naast tijd is begeleiding essentieel, want implementeren is geen kwestie van zenden, maar van ondersteunen. ‘Je hebt iemand nodig die nabij blijft, die helpt, aanmoedigt, af en toe een duwtje geeft.’

Monitoring speelt ook een belangrijke rol in het leerproces. ‘Je hebt niet altijd grip op hoe mensen het in de praktijk doen. Dat is spannend. Maar juist daarom is het belangrijk om in gesprek te blijven. Dan hoor je wat echt werkt en waar mensen vastlopen.’

Concluderend: ‘Implementeren is eigenlijk de kunst van het verleiden. Mensen verleiden om aan boord te komen, die eerste stap is heel belangrijk. En vooral: zorgen dat ze er plezier in krijgen.’  

Deelnemers aan het woord – portret

1 / 3

Amber Kersten – Tilburg University

Project: De Positieve Psychologie als Leidraad binnen Re-integratie Tweede Spoor

Kun je me wat meer vertellen over jouw onderzoek?
‘Wij doen een onderzoek naar positieve psychologie binnen het Tweede Spoor. We kijken naar wat de sleutelmomenten voor verschillende stakeholders binnen het re-integratieproject zijn en hoe we op die momenten aandacht kunnen houden voor het positieve. Bijvoorbeeld door in gesprek te gaan over iemands sterke punten in plaats van wat er allemaal niet meer kan. 

We werken volgens design thinking. Dat betekent dat we nu niet weten waar we gaan uitkomen. Het hele proces doen we in samenspraak met de doelgroep, met mensen die zelf gereïntegreerd zijn binnen het Tweede Spoor, met werkgevers, coaches en bedrijfsartsen. We weten nog niet wat daar uit gaat komen. Het kan een website worden, een routekaart of een stripkaart. Het is een open einde en dat is heel bijzonder.’

Wat vind je van deze dag?
‘Heel goed. We zijn zelf net gestart met ons project en dan zit je nog erg in je eigen bubbel. Nu hoor ik dat andere projecten met vergelijkbare uitdagingen zitten en kunnen we op de inhoud verbinden. Dat geeft energie.’

2 / 3

Paul Kuijer – Amsterdam UMC

Project: Back At Work after Surgery

Kun je iets vertellen over jouw onderzoek?
‘Mijn hart klopt voor mensen in lichamelijk zware beroepen. 1 op de 2 mensen die een kunstknie krijgt doet zwaar werk en dat is natuurlijk ook een van de redenen waarom de terugkeer naar werk niet zo goed gaat. De operatie is succesvol, mar de terugkeer naar werk niet. 3 op de 10 mensen zijn na een jaar nog steeds niet terug op werk. Dat was een onverwachte uitkomst. We willen dat iemand niet alleen beter loopt, maar ook weer kan werken. Want wat is de belangrijkste determinant van gezondheid? Dat mensen betaald werk hebben.
Daarom hebben we een interventie ontwikkeld waarbij al vóór de operatie het werk wordt meegenomen: een arbeidsdeskundige kijkt mee op de werkplek, verwachtingen worden gemanaged, de fysiotherapeut traint gericht op de lastigste knietaken. Het idee is dat mensen zich van begin tot eind gesteund voelen om terugkeer naar werk te borgen En deze aanpak blijkt te werken, mensen beginnen veel eerder weer met werk en ook het percentage mensen dat na een jaar niet aan het werk is, is enorm gedaald. En dit alles levert ook een kostenbesparing op.’

Wat vind je van deze dag?
‘Wat een diversiteit aan projecten. Iedereen is bezig met terugkeer naar werk. Het is leuk om te horen hoe anderen dingen proberen en dat sommige dingen weer niet lukken. Het helpt om te zien dat we allemaal met dezelfde missie bezig zijn.’

3 / 3

Miriam Wickham – ZINZIZ

Projecten: Groep als Medicijn & Taakherschikking binnen de Arbozorg

Kun je me wat meer vertellen over jouw onderzoek?
‘Ik ben projectleider van Groep als Medicijn. Dat gaat over groepstrajecten inzetten binnen het Tweede Spoor, meestal zijn dat toch vaak individuele trajecten. Dit doen we samen met de Tilburgse Krachtcentrale, die een groepsgewijze aanpak heeft ontwikkeld. Het project loopt ten einde en we zien mooie resultaten. In deze aanpak wisselen werknemers die zijn uitgevallen, ervaringen uit, ze gaan in gesprek over talenten, maar leren bijvoorbeeld ook feedback te geven aan elkaar. Belangrijke skills ook voor de terugkeer naar werk.

Daarnaast ben ik betrokken bij het project Taakherschikking binnen de Arbozorg. Bij taakdelegatie blijft de bedrijfsarts eindverantwoordelijk en dat kost veel tijd. Bij taakherschikking verschuift die verantwoordelijkheid echt. Het is al toegepast in zoveel zorgketens maar opmerkelijk genoeg binnen de arbozorg niet. We verkennen nu met juristen van 2 grote arbodiensten en beroeps- en belangenorganisaties wat er nodig en mogelijk is.’

Wat vind je van deze dag?
‘We zijn hier allemaal bezig met gezondheid en werk. We hebben het over mensen voor wie een goede gezondheid niet altijd vanzelfsprekend is. En dat is precies waar mijn passie zit: de meest kwetsbare mensen, mensen die in onze samenleving aan de zijlijn staan. Ik vind het belangrijk dat zij meedoen en participeren én ook worden meegenomen in het onderzoek. Een belangrijk thema vandaag is implementatie. Dat blijft toch een van de bekende uitdagingen. Hoe regelen we die borging, als er geen geld meer is.’

Kenniskring Gezond aan het werk

Bij de Kenniskring ‘Gezond aan het Werk’ zijn onderzoekers  van in totaal 54 projecten aangesloten uit 3 ZonMw-programma’s: Innovatieve Arbozorg, Verbetering kwaliteit Poortwachtersproces en Verbetering re-integratie tweede spoor. Programma’s die kennisontwikkeling, kennisuitwisseling en het gebruik van innovatieve aanpakken voor werkgevers en werknemers en ook arbeidskundigen, bedrijfsartsen en verzekeringsartsen bevorderen.

Colofon
Auteur:
Jessica Maas
Fotografie:
Thomas Duiker - Dyve media
Redacteur:
ZonMw

Contact

Janne van der Klok

Senior programmamanager
tweedespoor [at] zonmw.nl

Jara Bouma

Programmamanager
innovatievearbozorg [at] zonmw.nl

Isabelle Borgman

Programmamanager
poortwachter [at] zonmw.nl