Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Dagboek-app biedt sommigen steun bij behandeling eetbuistoornissen

Interview met Pauline Jansen, hoogleraar ontwikkelingspsychopathologie
Laatst aangepast:

Onderzoekers van de Erasmus Universiteit hebben een dagboek-app ontwikkeld voor jongeren met eetbuien. Ze merkten dat dit hulpmiddel slechts bij sommigen werkte. Een gepersonaliseerde aanpak lijkt hen daarom zinvol.

Mensen met ontembare eetbuien hebben naast overgewicht vaak ook psychiatrische problemen zoals depressie en angst. Pauline Jansen, hoogleraar ontwikkelingspsychopathologie aan de Erasmus Universiteit, vertelt dat die eetbuien sluimerend ontstaan. 'Ik wilde weten of er al op jonge leeftijd factoren zijn die het risico op het ontwikkelen van zo’n eetstoornis vergroten. Dan kun je mogelijk eerder ingrijpen.’ Ze maakte gebruik van de gegevens uit het Generation R-onderzoek, een grootschalige studie van het Erasmus MC. Deze studie onderzoekt sinds 2002 de factoren die van invloed zijn op de gezondheid en ontwikkeling van kinderen in Rotterdam.

Dagboek-App

Jansen en collega’s zagen verschillende risicofactoren voor het ontwikkelen van eetbuien in de loop der jaren. De kinderen reageren al op vierjarige leeftijd sterker op eten in hun omgeving en luisteren minder naar hun honger- en verzadigingsgevoel. Op 10-jarige leeftijd ervaren ze vaak emotionele problemen zoals somberheid, angst, teruggetrokken gedrag en een negatief zelfbeeld. Met een zelfontwikkelde dagboek-app keken de onderzoekers bij jongeren mèt en jongeren zonder eetbuien wat er gebeurt als de emoties oplopen. Jansen: 'We dachten dat stress meteen een eetbui zou veroorzaken maar we zagen het omgekeerde. Negatieve gevoelens leiden niet tot een eetbui maar eetbuien leiden wel tot negatieve gevoelens.’

Extra zetje

Het gebruik van de app is ook getest in de behandeling van eetbuien. De reacties waren wisselend, zegt Jansen. 'Een groep vond het niet nuttig, terwijl anderen merkten dat de app hen bewuster maakte van hun gevoelens en tevens handvatten gaf om daarmee aan de slag te gaan.’ Volgens Jansen kan de app een zinvol onderdeel zijn van een gepersonaliseerd behandelplan. 'Als extra zetje zodat een behandeling beter werkt. En door jongeren te screenen op risicofactoren die wij hebben gevonden, zouden we mogelijk al in een vroeg stadium kunnen ingrijpen. Bovendien kunnen we hen nu al voorlichten over gezond eetgedrag en over het omgaan met negatieve gevoelens.’