Kennisinfrastructuren: van samenwerken naar zichtbare impact
Wat leveren samenwerking en kennis uit onderzoek op voor mensen met een beperking? Tijdens het congres Oog op Kennis werd dat heel concreet. Het evenement laat zien hoe kennisinfrastructuren steeds sterker inzetten op zichtbare impact.
Wat is een kennisinfrastructuur?
Een kennisinfrastructuur is een breed netwerk van partijen uit onderzoek, beleid, praktijk en onderwijs die met elkaar samenwerken om kennis te ontwikkelen, verspreiden en borgen. Voorbeelden van kennisinfrastructuren zijn consortia, academische werkplaatsen en leernetwerken. Kennis Over Zien is 1 van die consortia en wordt gefinancierd vanuit het ZonMw-programma Expertisefunctie Zintuiglijk Gehandicapten.
Oog op Kennis, het kennisevent van Kennis Over Zien, was dit jaar voor het eerst specifiek gericht op mensen met een visuele beperking zelf. Een bewuste keuze, vertelt Annelies Versteegden, Raad van Bestuur van Koninklijke Visio en voorzitter van de stuurgroep. ‘De vraag die wij ons steeds stellen is: hoe verspreiden we kennis zo effectief mogelijk en hoe zorgen we dat deze bij de juiste persoon terecht komt?’
Volgens Versteegden bleek uit eerdere edities van Oog op Kennis dat een brede doelgroep niet altijd leidt tot de grootste impact. Daarom kozen ze dit jaar voor een gerichtere aanpak. ‘We zorgen dat met de juiste kennis mensen met een visuele beperking gelijkwaardig kunnen deelnemen aan de samenleving. Een kennisevent met juist deze doelgroep levert veel inzichten over de impact die we willen realiseren.’
Aanvoelen waar de gemeenschap staat
Berend Peeters (29) was 1 van de bezoekers van Oog op Kennis. Peeters heeft retinitis pigmentosa, een erfelijke oogaandoening die al 4 generaties in zijn familie voorkomt. Hij ziet nog ongeveer 3%, al vindt hij dat geen heel bruikbare manier om zijn zicht te beschrijven. ‘Functioneel voel ik me misschien eerder 50% ziend. Ik kan geen borden lezen, geen prullenbak vinden en ik zie vrijwel niets in de verte. Tegelijkertijd helpen mijn ooghoeken me om een ruimte te overzien en mijn weg te vinden. De kleuren verdwijnen wel langzaam; blauw, zwart, groen en rood beginnen steeds meer op elkaar te lijken.’
De vraag die wij ons steeds stellen is: hoe verspreiden we kennis zo effectief mogelijk en hoe zorgen we dat deze bij de juiste persoon terecht komt?
Toegankelijkheid speelt een grote rol in het leven van Peeters, zowel persoonlijk als professioneel. Dat was ook de reden dat hij het congres bezocht. ‘Ik noem mezelf soms een toegankelijkheidsactivist. Voor mij is het belangrijk om een beeld te krijgen van waar we als gemeenschap staan. Welke behoeften leven er? Welke ontwikkelingen zijn er? Op zo'n congres kun je dat goed aanvoelen en raak je in gesprek met andere blinde en slechtziende mensen.’
‘Je bent geen beperking, je hébt een beperking’
Het ochtendprogramma van het congres stond in het teken van inclusie. Schrijver Haroon Ali besteedde aandacht aan het vervullen van meerdere rollen in je leven en hoe die soms kunnen botsen als je een beperking hebt. En gebarentolk Irma Sluis ging in op inclusieve communicatie, en wat dat soms vraagt van iemands creativiteit. ‘We hebben voor het ochtendprogramma bewust gekozen voor een breder perspectief op inclusie’, vertelt Versteegden. ‘Je bént geen beperking, je hébt een beperking. De sprekers gaven inspirerende voorbeelden over het omgaan met een beperking en wat inclusie betekent.’
De thematiek van verschillende identiteiten raakte ook aan de eigen ervaringen van Peeters, vertelt hij. ‘Als ik over straat loop, ben ik me ervan bewust dat mensen mij vaak zien als vertegenwoordiger van een hele groep. Ik handel soms bewust anders omdat ik niet wil dat mensen verkeerde conclusies trekken over andere blinde of slechtziende mensen.’ Dat brengt volgens hem een bijzondere verantwoordelijkheid met zich mee.
Tegelijkertijd ervaart hij dat de verwachtingen van anderen vaak worden beïnvloed door stereotypen. ‘Mensen trekken soms snel de conclusie dat iets niet lukt omdat ik blind ben. Terwijl ik het misschien gewoon nog moet leren, net als ieder ander.’
Er kan meer dan je denkt
Dat er vaak meer mogelijk is dan mensen denken, bleek voor Peeters uit een bijzonder gesprek dat hij tijdens Oog op Kennis voerde. ‘Ik raakte aan de praat met een blinde melkboer. Dat vond ik fantastisch, ik wist niet eens dat dat bestond! Veel mensen hebben ooit gehoord wat ze niet zouden kunnen. Dan is het waardevol om voorbeelden te ontmoeten die laten zien dat er vaak meer kan dan je denkt. En weet je, uiteindelijk zijn veel dingen ook een kwestie van ervaring, hulpmiddelen en oefening.’
Veel mensen hebben ooit gehoord wat ze niet zouden kunnen. Dan is het waardevol om voorbeelden te ontmoeten die laten zien dat er vaak meer kan dan je denkt.
Die praktische hulpmiddelen en toepassingen waren precies de dingen die centraal stonden tijdens de informatiemarkt en de workshops. Peeters bezocht een sessie over navigatie in binnenruimtes. ‘Ik werk mee aan een app voor indoor navigatie, dus ik was benieuwd hoe je gebouwen toegankelijker kunt maken zonder direct naar technologie te grijpen. Het was mooi om te zien hoeveel oplossingen er mogelijk zijn met de inrichting van een ruimte.’
Symbool voor een bredere beweging
Achter de hulpmiddelen, onderzoeken en praktijkoplossingen die tijdens Oog op Kennis werden gepresenteerd, staat een netwerk van onderzoekers, onderwijsinstellingen, zorgorganisaties, belangenorganisaties en ervaringsdeskundigen die betrokken zijn bij Kennis Over Zien. Die samenwerking maakt het mogelijk om kennis sneller naar de praktijk te brengen. Juist die vertaalslag vindt Versteegden belangrijk. ‘Er zit vaak veel onderzoek achter de producten die je op dit congres ziet, maar uiteindelijk gaat het erom dat mensen er iets aan hebben in hun dagelijks leven.’
De komende jaren wil Kennis Over Zien sterker inzetten op kennisbenutting. Daarbij krijgen digitale kennisvoorzieningen, ervaringskennis en maatschappelijke impact extra aandacht. ‘We willen niet alleen kennis ontwikkelen, maar ook beter zichtbaar maken wat die kennis oplevert’, zegt Versteegden. ‘We willen zo een bijdrage leveren aan toekomstbestendige zorg én een meer inclusieve samenleving.’
In dat opzicht staat Oog op Kennis symbool voor een bredere beweging binnen kennisinfrastructuren in de langdurige zorg. Van het opbouwen van netwerken en het ontwikkelen van kennis verschuift de focus steeds meer naar toepassing, implementatie en maatschappelijke impact. Voor Peeters zit de waarde van een bijeenkomst als Oog op Kennis niet alleen in de nieuwe kennis die hij opdoet. Minstens zo belangrijk zijn de ontmoetingen. ‘Je ziet wat er allemaal mogelijk is’, zegt hij. ‘Dat geeft niet alleen nieuwe ideeën, maar ook vertrouwen.’
Kennisontwikkeling blijft belangrijk. Maar uiteindelijk gaat het erom dat kennis terechtkomt bij zorgprofessionals, cliënten en hun naasten.
Van losse instrumenten naar een orkest
Kennis Over Zien is niet het enige samenwerkingsverband dat financiering ontvangt van ZonMw. Ook Deelkracht, verschillende netwerken voor specifieke doelgroepen en academische werkplaatsen in de ouderenzorg en gehandicaptenzorg werken aan het ontwikkelen, delen en toepassen van kennis. Dit alles doet ZonMw in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS).
Stevige basis
Voor die investeringen was een duidelijke aanleiding. Ruim 10 jaar geleden groeide het besef dat de kwaliteit van de langdurige zorg kon worden versterkt door kennis beter te ontwikkelen, te delen en te benutten. Tegelijkertijd bleek dat onderzoekers, zorgorganisaties, onderwijsinstellingen en andere partijen elkaar nog niet altijd vanzelfsprekend wisten te vinden. ‘Ik vergelijk het weleens met een orkest’, zegt Floor Halvorsen, senior beleidsmedewerker bij VWS. ‘Er waren veel mensen met een instrument, maar ze speelden nog niet altijd samen.’
De investeringen moesten onderzoekers, zorgorganisaties, onderwijsinstellingen, professionals en ervaringsdeskundigen met elkaar verbinden. Volgens Halvorsen is daarin veel bereikt. ‘Er is een stevige basis gelegd. Academische werkplaatsen en kenniscoalities zoals Kennis Over Zien en Deelkracht hebben inmiddels een vaste plek binnen de langdurige en curatieve zorg. Kennis wordt niet alleen ontwikkeld, maar ook actief gedeeld.’
Nog meer zichtbare impact
Daarin speelt ZonMw volgens haar een belangrijke rol. Niet alleen als financier, maar juist als verbinder. ‘ZonMw brengt onderzoek, praktijk en beleid samen en zorgt ervoor dat programma's van elkaar kunnen leren. Ook de betrokkenheid van ervaringsdeskundigen krijgt daardoor steeds meer een vaste plek.’
Voor de toekomst hoopt VWS dat infrastructuren de stap zetten van kennisontwikkeling naar nog meer kennisbenutting en zichtbare impact. ‘Kennisontwikkeling blijft belangrijk’, zegt Halvorsen. ‘Maar uiteindelijk gaat het erom dat kennis terechtkomt bij zorgprofessionals, cliënten en hun naasten. En het moet bijdragen aan betere ondersteuning, passende zorg en een hogere kwaliteit van leven.’ Kortom: waar de afgelopen jaren vooral is gebouwd aan het orkest, ligt de uitdaging nu in het samenspel: kennis omzetten in zichtbare resultaten voor mensen die daarvan afhankelijk zijn.