11 Research readiness projecten van start
De COVID-19 pandemie maakte pijnlijk duidelijk dat Nederland een goed gecoördineerde onderzoeksinfrastructuur miste om nieuwe virusuitbraken snel en effectief te bestuderen.
Om toekomstige gezondheidscrises beter het hoofd te bieden, is het nodig om lessen uit eerdere pandemieën vast te houden, juridische en organisatorische drempels weg te nemen en al in rustige tijden toe te werken naar volledige ‘research readiness’.
Waarom Research readiness?
De subsidieronde ‘Research readiness voor pandemische paraatheid’ binnen het Kennisprogramma Pandemische Paraatheid ondersteunt projecten die deze basis versterken. Het programma investeert in duurzame onderzoeksnetwerken, duidelijke samenwerkingsafspraken, veilige data-uitwisseling en infrastructuur die bij een uitbraak direct opschaalbaar is. Daarmee wordt de weerbaarheid van Nederland vergroot en sluit de nationale paraatheid beter aan op Europese initiatieven voor gezamenlijke pandemiebestrijding.
Bouwen aan een sterk fundament
Binnen de subsidieronde zijn 11 projecten gehonoreerd die in 2026 van start gaan. De projecten laten zien hoe breed én noodzakelijk het versterken van pandemische paraatheid is. Ze bouwen allemaal aan duurzame structuren die tijdens een crisis direct inzetbaar zijn: van betere datadeling, snellere infectiesurveillance en gestandaardiseerde onderzoeksprotocollen tot sterke netwerken tussen zorg, wetenschap, overheid en burgers. De aanleiding is steeds dezelfde les uit COVID-19: Nederland heeft blijvende, goed georganiseerde infrastructuren nodig om toekomstige uitbraken sneller te herkennen, beter te begrijpen en effectiever te bestrijden.
Bekijk de 11 gehonoreerde projecten
-
Burgers werden tijdens de pandemie nauwelijks betrokken bij beleid, waardoor draagvlak en vertrouwen afnamen. Citizen Science kan helpen door hun inzichten te benutten en zo effectiever en meer gedragen crisisaanpak mogelijk te maken. Het project richt zich op het versterken van de betrokkenheid van burgers bij gezondheidscrises. Het ontwikkelt een duurzame infrastructuur om verhalen van inwoners te verzamelen en te analyseren, samen met burgernetwerken, wetenschappers en beleidsmakers, zodat toekomstig crisisbeleid inclusiever, effectiever en maatschappelijk beter gedragen wordt.
-
Tijdens COVID-19 bleek efficiënt onderzoek uitvoeren in de huisartsenpraktijk lastig en is het Onderzoekspraktijken Netwerk Huisartsengeneeskunde (ONH) opgericht. Het project richt zich op het verder opbouwen van het ONH, zodat huisartsenpraktijken snel en efficiënt kunnen meedoen aan infectieziektenonderzoek. Door uitbreiding, structurele inbedding, paraatheid, data harmonisatie en samenwerking met EU initiatieven moet dit leiden tot betere zorg en sneller herstel bij toekomstige uitbraken.
Bekijk hier de projectpagina. -
Het project ontwikkelt gestandaardiseerde protocollen en samenwerking binnen NCOH Ready om tijdens uitbraken snel te onderzoeken welke dieren betrokken zijn, hoe overdracht plaatsvindt en hoe verspreiding kan worden beperkt. Deze aanpak wordt getest in pilots en oefeningen op plekken waar mens en dier samenkomen.
-
ARGOS Plus pakt de versnipperde zorgdata aan die tijdens COVID 19 snelle actie belemmerde. Het project bouwt een geïntegreerd netwerk waarin ziekenhuizen, GGD’s, laboratoria en zorginstellingen realtime gegevens delen. Zo kunnen infectieziekten eerder worden opgespoord en kwetsbare groepen beter worden beschermd. De brede samenwerking vormt de aanleiding én de kern van deze nieuwe aanpak.
-
CARE READY versterkt de pandemische paraatheid in het hele Koninkrijk door bestaande surveillancenetwerken te verbinden tot één duurzaam systeem. Aanleiding is de behoefte aan betere, snellere monitoring na COVID 19. Het project verwerkt ziekteverwekkers automatisch in de standaard medische tests en breidt het onderzoek naar antistoffen uit op de Caribische eilanden. Daardoor kunnen maatregelen, zoals vaccinaties en vectorbestrijding sneller en effectiever worden ingezet.
-
TEAM PIDS onderzoekt waarom kinderen soms anders en ernstiger reageren op infecties dan volwassenen. Aanleiding zijn uitbraken zoals ernstig GAS-infecties (Groep A-streptokok) en zware RSV ziekte bij baby’s. Ziekenhuizen in heel Nederland bundelen hun krachten om bij nieuwe uitbraken snel gedetailleerde informatie te verzamelen, zodat risicokinderen eerder worden herkend en beter beschermd.
-
Het project speelt in op de lessen uit COVID 19: goed pandemisch beleid werkt alleen als duidelijk is hoe mensen zich gedragen. Omdat samenwerking en standaardisatie ontbraken, ontwikkelt het BEHAVING consortium nu één gedeeld raamwerk om gedragsgegevens betrouwbaar te verzamelen en te gebruiken in modellen. Dit moet leiden tot een toegankelijke tool waarmee beleid beter aansluit bij de diversiteit in de samenleving.
-
ROST, het Rotterdam Outbreak Study Team, werkt aan een vaste regionale structuur om bij uitbraken sneller onderzoek te doen. De COVID 19-pandemie liet zien dat zo’n aanpak hard nodig is. Het project legt alle afspraken, protocollen en vormen van monitoring vast, van rioolwater tot sociale signalen. Daardoor is bij nieuwe of zeldzame ziekteverwekkers direct betrouwbare informatie beschikbaar om snel en gericht maatregelen te nemen.
-
De COVID-19-pandemie legde de kwetsbaarheid van de Caribische eilanden bloot omdat het WHO-protocol First Few Cases of Disease X (FFX) liet zien dat maatwerk bij kleine eilanden nodig is. Het project werkt aan het versterken van de paraatheid van zes Caribische eilanden door een vereenvoudigde “FFX Light”-toolkit te ontwikkelen. De aanpak ondersteunt snelle detectie en respons bij uitbraken, met praktische hulpmiddelen, datakoppelingen, training en tests in simulaties en echte situaties.
-
Het RIVM wil infecties in verpleeghuizen beter en sneller kunnen volgen. Nu voeren instellingen gegevens handmatig in, wat veel tijd kost en deelname beperkt. Omdat belangrijke informatie vaak in vrije tekst in dossiers staat, onderzoekt dit project hoe technieken zoals textmining en taalherkenning deze gegevens automatisch kunnen ophalen. Dit moet leiden tot snellere signalering, minder administratie en toekomstbestendige infectiemonitoring.
-
De COVID 19-pandemie liet zien dat Nederland een landelijke structuur miste om nieuwe virusinfecties snel en langdurig te volgen. SENTINEL Net moet die leemte opvullen. Vier UMC’s volgen drie jaar lang zorgmedewerkers om bloed- en neusmonsters te verzamelen en gestandaardiseerde protocollen en een nationale biobank op te zetten. Het netwerk is schaalbaar, bevordert samenwerking en maakt snelle opschaling mogelijk bij toekomstige uitbraken.