Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Kwetsbare ouderen met een gebroken heup: elke behandelbeslissing is maatwerk

Passende zorg in de praktijk
Laatst aangepast:

Lang niet altijd zijn kwetsbare ouderen met een gebroken heup gebaat bij een operatie. Wat is dan het best passend? Een specialist ouderengeneeskunde, een arts onderzoeker én een geriater (in opleiding) aan het woord, over de impact van de FRAIL-HIP studie, proactieve zorgplanning, kwaliteit van leven en samen beslissen over de beste behandeling.

Hij heeft naar eigen zeggen ‘een professionele missie’: strijden voor goede zorg bij zeer kwetsbare patiënten. Als specialist ouderengeneeskunde en kaderarts geriatrische revalidatie gaat het bij Ewout Smit om het echt laten meetellen van deze groep. Dat missiewerk doet hij als praktiserend arts én assistant professor in het Amsterdam UMC. Door de combinatie wil hij de academisering van de ouderengeneeskunde ‘een boost geven’. Smit was zelf niet betrokken bij de FRAIL-HIP-studie, maar hij vindt het een mooi voorbeeld van relevante kennis voor passende zorg. Hij en zijn vakgenoten zetten in op proactieve zorgplanning, licht hij toe. Je bespreekt al vroeg met patiënt en naasten wat voor hen van waarde is, en wat ze in voorkomende gevallen wel of juist niet meer willen. Wel of niet iemand ‘insturen’ na een val is daarbij vaak een lastig thema, is zijn ervaring. ‘Deze studie geeft je evidence die onderbouwt dat het soms de beste keuze kan zijn juist niet te opereren.’

Afbeelding
Ewout-Smit-foto-dagvoorzitterschap
Deze studie geeft je evidence die
onderbouwt dat het soms de beste keuze kan zijn juist niet in te sturen of te opereren.
Ewout Smit
Arts en assistant professor, Amsterdam UMC

Samen kiezen voor maatwerk

Chirurg in opleiding Sverre Loggers promoveerde op 14 januari 2026 cum laude op de FRAIL-HIP-studie. Iedere kwetsbaarheid is weer anders, zegt hij. ‘Elke behandelbeslissing is maatwerk, met een belangrijke stem voor patiënt en naasten. Artsen konden patiënten voor het samen beslissen inderdaad geen goede informatie bieden. Vanuit ervaring vertelde je in algemene zin over voor- en nadelen van opereren, en over het kiezen voor palliatieve zorg.’ Het studieteam onderzocht in 25 ziekenhuizen het effect op de kwaliteit van leven na wel of niet opereren na gezamenlijke besluitvorming. Bij een zorgvuldig geselecteerde groep patiënten doet een niet-operatieve behandeling niet onder voor een heupoperatie, die een grote kans geeft op complicaties en sterfte.

Afbeelding
Elke behandelbeslissing is maatwerk, met een belangrijke stem voor patiënt en naasten.
Sverre Loggers
Arts-onderzoeker en chirurg in opleiding, Amsterdam UMC

Verschuivende voorkeuren

Een belangrijk resultaat, maar daarmee is er volgens Loggers niet ineens een eenduidig antwoord. ‘Voor heel kwetsbare verpleeghuisbewoners zijn een pijnblokkade en goede palliatieve zorg vaak beter dan een risicovolle operatie. Maar neem een bewoner die dementeert en een enorme loopdrang heeft. Ondanks een grote kwetsbaarheid en geringe levensverwachting is die misschien juist wél gebaat bij opereren.’ Smit herkent het uit zijn praktijk. Hij wijst nogmaals op het belang van proactieve zorgplanning. Zodat je ook ‘om 3 uur ’s nachts’ – een val komt bijna per definitie op dergelijke ‘onhandige’ momenten voor – niet meteen in de reflex schiet een patiënt in te sturen. Hij noemt samen beslissen ‘een cyclisch proces’, omdat voorkeuren kunnen verschuiven. ‘Ik had eens een patiënt die na een beroerte halfzijdig verlamd raakte. Een gesprek over keuzes lukte eerst niet, maar na een paar weken veranderde dit. Hij zei: dokter, net na die beroerte was het alsof ik stoned was, nu heb ik het weer op een rijtje en ben ik klaar om afspraken te maken.’ 

Duidelijke communicatie

De FRAIL-HIP-resultaten waren aanleiding voor ZonMw om het onderzoeksteam aansluitend een implementatiesubsidie te geven. In 14 ziekenhuizen hebben chirurgen en geriaters met specialisten ouderengeneeskunde uitgezocht wat in gesprekken met patiënten en naasten als prettig wordt ervaren, en welke hindernissen er zijn in het samen beslissen. De lessen uit het proces zijn uitgewerkt in een handleiding met adviezen hoe je het gesprek multidisciplinair aangaat. En welke mogelijke uitkomsten je met de patiënt kunt bespreken om tot het best passende besluit te komen. Loggers: ‘Cruciaal is ook duidelijke communicatie rond de overdracht, als iemand zonder operatie teruggaat naar het verpleeghuis. Zodat de palliatieve zorg optimaal aansluit bij diens wensen en behoeften. In het verpleeghuis kennen ze de patiënt het beste.’

Impactvolle studie

Henk Schuijt is in opleiding tot geriater. De implementatie van FRAIL-HIP was de casus die hij vanuit het St. Antonius Ziekenhuis meenam in zijn opleiding tot Implementatie Science Practitioner. ‘Geriatrie houdt zich bezig met wat voor patiënten echt belangrijk is. Hoe sluit je aan bij wensen en hoe heb je daarbij oog voor de grenzen van de geneeskunde? FRAIL-HIP laat goed zien dat een heelkundige behandeling soms niet de best passende is.’ Schuijt noemt het ‘misschien wel de meest impactvolle studie’ in de zorg voor kwetsbare ouderen met een gebroken heup. ‘In een heel korte tijd is er een essentiële verandering in de behandeling gerealiseerd. Voorheen moesten specialisten ouderengeneeskunde en geriaters er vaak wat aan trekken om niet te opereren. Nu is het af en toe zelfs andersom, wanneer je samen met een patiënt besluit dat juist wél opereren de voorkeur heeft.’ Internationaal is de respons op de studie groot, aldus Schuijt. ‘Wie een paar jaar geleden op een congres over niet-opereren als optie begon, werd bij wijze van spreken meteen van het podium geroepen. Nu lopen in Canada, de Verenigde Staten en Australië zelfs studies naar non-operatief management.’

Afbeelding
Foto van Henk Schuijt
In een heel korte tijd is er een
essentiële verandering in de
behandeling gerealiseerd.
Henk Schuijt
Geriater in opleiding, Diakonessenhuis

Zorgvuldig blijven selecteren

Loggers herkent het beeld van de snelle verandering in de praktijk. Spiegelinformatie uit de landelijke heupfracturenregistratie DHFA laat zien hoe het ervoor staat met wel of niet opereren. ‘Af en toe denk ik: de cijfers van niet-opereren stijgen hier wel érg snel. Dan gaat een ziekenhuis bijvoorbeeld van 2,5% naar 10% of zelfs 20%. Is dat dan wel steeds een uitkomst van gezamenlijke besluitvorming? Dit is een aandachtspunt voor de implementatie, want het is cruciaal patiënten zorgvuldig te blijven selecteren op kwetsbaarheid. Heel oud betekent niet per definitie: niet opereren. Het gaat erom te bespreken wat voor een patiënt belangrijk is. Als je dan samen weloverwogen een beslissing neemt, is dit passende zorg op z’n best.’ 

Het hele team

Schuijt onderschrijft de observatie van Loggers. ‘Er is veel praktijkvariatie waar we echt nog wat mee moeten. Hier zie je hoe uitdagend implementatie kan zijn, juist ook als die heel goed verloopt. Samen beslissen met patiënt en naasten is steeds een multidisciplinaire kwestie, waarbij chirurg, specialist ouderengeneeskunde én geriater een rol hebben.’ Smit sluit zich hierbij aan. ‘Dit doe je met het hele team, en daarbij reken ik in de ouderengeneeskunde zeker ook de verpleging mee. Zij kennen de patiënt immers als team vaak het beste.’ Voor een verdere implementatie is bovendien bekendheid bij andere professionals nodig, zoals fysiotherapeuten, huisartsen en medewerkers van de spoedeisende hulp. ‘Laten we vooral niet een bepaald getal van ’niet opereren’ tot KPI maken. Dan worden de cijfers weer heilig. Dé KPI is hier: een gezamenlijk ontwikkeld zorgpad, dat passend is voor patiënt en naasten.’

Colofon
Auteur:
Marc van Bijsterveldt (mei 2026)

Implementatiesubsidies in het kaderprogramma Passende Zorg

Met het kaderprogramma Passende Zorg stimuleert ZonMw de beweging naar passende zorg, onder meer met doelmatigheidsonderzoek en het stimuleren van implementatie. Kijk voor actuele informatie over de lopende en komende subsidierondes van het kaderprogramma Passende Zorg op de ZonMw-website.