Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Hitte: wat stad en landelijk gebied van elkaar kunnen leren

Laatst aangepast:

Op woensdag 23 september kwamen 2 projecten binnen de NWA Klimaatadaptatie & gezondheid, BENIGN en MANTRA, samen in Den Bosch. De deelnemers wisselden kennis uit over de invloed van de leefomgeving op onze gezondheid in een veranderend klimaat. Dit deden zij vanuit verschillende perspectieven: de stad en het landelijk gebied.

BENIGN (BluE and greeN Infrastructure desiGned to beat the urbaN heat) en MANTRA (CliMate AdaptatioN for HealThy Rural Areas) zijn gefinancierd vanuit het NWA-programma Klimaatadaptatie en gezondheid. Een jaar geleden deelden zij hun eerste resultaten tijdens een midtermbijeenkomst. Tijdens de bijeenkomst in Den Bosch namen zij een volgende stap in hun samenwerking.

Verhitte discussie

In de workshop ‘Verhitte discussie’ bogen de deelnemers van de 2 projecten zich in kleine groepen over de effecten van hittestress op de 6 thema’s van positieve gezondheid: lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren. Dit resulteerde in een lange lijst effecten, van slechte slaap en weinig bewegen tot gevoelens van lusteloosheid en onveiligheid.

Afbeelding
Spinnenweb Mijn Positieve Gezondheid met de thema's lichaamsfuncties, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en dagelijks functioneren.

Daarna werkten zij dit uit tot concrete mogelijke ingrepen in de praktijk en tot een persoonlijke top-3. Wat veel werd genoemd, was de samenwerking tussen het fysieke, sociale en gezondheidsdomein, en de rol van de overheid als facilitator van klimaatadaptatie: ‘Besef dat kennis overal aanwezig is’.

Scoren

In de tweede workshop werden interventies (zoals een groen schoolplein, een wadi, of een watergoot in de stad) gescoord op proces, kosten en bestuurlijke haalbaarheid. Ook werd het verband met positieve gezondheid besproken. In deze oefening scoorde de wadi hoog: het draagt beperkt bij aan bewegen en ontmoeten, maar kan de waterkwaliteit verbeteren en is mogelijk niet erg kostbaar. Het groene schoolplein scoorde goed op verkoeling en nodigt uit om te bewegen en te ontmoeten, en kan zorgen voor betere infiltratie van water in de bodem. Realisatie kan wel lastig zijn afhankelijk van wie de eigenaar is, en kinderen kunnen extra vies worden. De input wordt gebruikt voor het aanscherpen van het interventiespel dat binnen BENIGN ontwikkeld wordt.

Op avontuur met kaart en kompas

Afbeelding
Deelnemers stakeholdersbijeenkomst BENIGN en MANTRA brainstormen rondom kaartjes op de grond.

Alle transities hebben zowel een technische, economische, ecologische als een menselijke kant. In de derde en afsluitende workshop combineerden de deelnemers de kennis over effectieve interventies (BENIGN) met het perspectief van diverse belanghebbenden als kompas (MANTRA).

Elke deelnemer vertegenwoordigde een belanghebbende (bewoner, GGD, stadsecoloog, projectontwikkelaar et cetera) en samen moesten zij tot een keuze van 4 interventies komen. Dit maakte de krachtenvelden aan de gemeentetafel inzichtelijk, en gaf meer ruimte aan de wenselijkheid van diverse interventies ten opzichte van economische overwegingen, die vaak dominant zijn.

Naar de toekomst

Pim Martens, projectleider van MANTRA: ‘Hoe vaker we bij elkaar komen, hoe meer dwarsverbanden ik zie. Ik heb als modelleur veel respect gekregen voor veldwerkers, en voor het participatieve proces. Het is zo waardevol om mensen bij elkaar te krijgen, en samen de complexiteit van bijvoorbeeld klimaatadaptatie en gezondheid te bespreken, en dat begint binnen onze eigen projecten.’

Kevin Raaphorst, projectleider van BENIGN: ‘Daar sluit ik me bij aan. Nu onze projecten verder gevorderd zijn en onze werkwijzen een vorm hebben gekregen, kunnen we beter uitzoomen en van elkaar leren. De living labs die jullie gebruiken, zijn bijvoorbeeld een goede manier om het speelveld wat gelijker te maken. Dit soort kruisbestuivingen helpen ons ook om ons werk in de toekomst voort te zetten.’