Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Voorspelmodellen dragen bij aan weerbare zorg

Laatst aangepast:

Het programma Doorgang Reguliere Zorg richt zich op de uitdagingen en oplossingen die nodig zijn om de voortgang van reguliere zorg in crisistijden te bevorderen. De eerste 2 gehonoreerde projecten zijn begin juni van start gegaan en onderzoeken hoe we met de inzet van voorspelmodellen en samenwerking de zorg weerbaarder maken. 

In een wereld die volop in beweging is, is toegang tot reguliere medisch-specialistische zorg niet gegarandeerd. Dit bleek ook tijdens de COVID-19 pandemie, waar overbelasting van het zorgsysteem en infectiepreventiemaatregelen leidden tot uitstel van niet-acute zorg en zo tot langdurige gezondheidsschade of verlies van gezonde levensjaren.

Naast de huidige overvraging van het zorgsysteem, zal de druk op de zorg verder toenemen als gevolg van de toenemende vergrijzing, toekomstige rampen, oorlogen of nieuwe uitbraken van infectieziekten. Het is daarom van belang dat de reguliere zorg bij een volgende crisis zo veel mogelijk doorgang kan vinden. Dat vraagt om zorgprofessionals die nog beter voorbereid zijn op verschillende crisisscenario’s en tijdig nadenken over paraatheid en samenwerking.

In juni gingen binnen het ZonMw-programma Doorgang Reguliere Zorg 2 projecten van start rond dit vraagstuk. Voor dit artikel spraken we betrokken onderzoekers en zorgprofessionals uit beide projectteams:

1 / 4

Mirre Scholte
Assistent professor vroege HTA voor nieuwe gezondheidstechnologie 

2 / 4

Philip de Reuver
Gastro-intestinaal chirurg

3 / 4

Ingrid van Maurik
Manager Research Center Noordwest

4 / 4

Roy Koendering
Verplegingswetenschapper

Passende inzet van bestaande optimalisatiemodellen

Eerdere crises hebben laten zien dat digitale toepassingen een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de doorgang van reguliere zorg. Het is daarbij belangrijk dat digitale toepassingen goed aansluiten op bestaande zorgprocessen. De 2 ZonMw-Projecten richten zich daarom op de inzet van bestaande (AI-)modellen om de benodigde zorgcapaciteit te voorspellen en deze inzichten te koppelen aan de zorgplanning binnen en tussen ziekenhuizen. Door voort te bouwen op bestaande modellen, voorkomen de projecten dat opnieuw puntoplossingen ontstaan. 

PRIORITIZE II bouwt voort op het eerder ontwikkelde optimalisatie-model uit het project PRIORITIZE I. Dat model kan op basis van gezondheidswinst een suggestie doen voor de prioritering van verschillende chirurgische ingrepen. Mirre: ‘De professionaleringsslag in dit vervolgproject zit in de koppeling van het model met het systeem waarin de operatiecapaciteit te zien is. Uiteindelijk willen we een dashboard ontwikkelen waarin zorgprofessionals verschillende prioriteringen kunnen doorrekenen en direct kunnen zien welke operatieplanning de meeste gezondheidswinst oplevert.’

Zo’n model is niet alleen waardevol in tijden van crisis, maar ook voor de huidige druk waar het zorgveld onder staat. Op dit moment worden afwegingen nog volgens een classificatiesysteem gemaakt dat aangeeft welke zorg meer of minder acuut is. Ook geeft de mening van de arts vaak de doorslag. Met het optimalisatiemodel willen Mirre en Philip vooral meer onderbouwing geven aan keuzes die worden gemaakt. Philip zegt: ‘Het model blijft een hulpmiddel, maar kan op basis van data wel inzicht geven in de meest passende optie. Zo kunnen bepaalde typen ingrepen bijvoorbeeld in blokken worden ingepland, zodat geen enkele patiëntengroep structureel buiten de boot valt. Natuurlijk blijft daarbij de context die elke patiënt met zich meebrengt van belang.’ Zowel Philip als Mirre zijn het erover eens dat het project geslaagd is als het gesprek over prioritering binnen de zorg wordt geopend.

Het meest geavanceerde model is niet automatisch de beste oplossing. We willen niet dat onze oplossing ergens anders tot last is.

Waar PRIORITIZE II zich richt op operatiecapaciteit, kijkt het project From Signal to Action juist naar vroegsignalering op verpleegafdelingen. De projectgroep werkt met een bestaand model dat gebruikmaakt van de EWS-waarde, een scoresysteem voor de toestand van patiënten op basis van vitale functies, zoals ademhalingsfrequentie. Bij een toenemende of hoge score, zet de verpleegkundige een escalatie in gang en wordt overlegd met een arts of wordt het Spoed Interventie Team geraadpleegd voor een interventie. In het uiterste geval wordt de patiënt verplaatst naar de IC-afdeling. Volgens de onderzoekers bevatten deze EWS-waardes een schat aan informatie, die nu nog niet optimaal wordt benut. Ingrid: ‘Verpleegkundigen meten en registreren de EWS-waardes meerdere keren per dag. Door de grote hoeveelheid metingen, vooral bij een meerdaagse opname, is het lastig om het overzicht te bewaren en patronen te herkennen.' Uiteindelijk zullen verpleegkundigen via een toegankelijk dashboard schommelingen en trends kunnen volgen en hun escalatieplan daarop kunnen aanpassen. ‘Als we er eerder bij zijn, kunnen we patiënten hopelijk stabiliseren met interventies en zo een IC-opname voorkomen’, zegt Roy. Ook worden met het model verschillende scenario’s gesimuleerd om te kijken wat er gebeurt met bijvoorbeeld IC-capaciteit bij verschillende beslisregels.

Het belangrijkste aspect van het project is de implementatie van het verder ontwikkelde model. In het kwalitatieve deel van het project gaan ze in gesprek met zorgprofessionals om bevorderende en belemmerende factoren voor het gebruik van het model te inventariseren. Daarbij benadrukt Ingrid het belang van eenvoud: ‘Het meest geavanceerde model is niet automatisch de beste oplossing. We moeten hierbij rekening houden met digitale vaardigheden van zorgpersoneel en de complexiteit van de IT-systemen. We willen niet dat onze oplossing ergens anders tot last is.’

Achter hetzelfde doel staan

Bij de inzet van een voorspelmodel is het belangrijk om het model ook te valideren op nauwkeurigheid. In PRIORITIZE II gebeurt deze validatie voor de verschillende chirurgische indicaties die onderzocht worden met patiëntdata uit deelnemende ziekenhuizen. De onderzoekers verzamelen de data door middel van vragenlijsten over de kwaliteit van leven die patiënten ervaren. De patiënt speelt dus een cruciale rol. ‘Zonder de input van patiënten kunnen we het model niet verbeteren’, vertelt Mirre. 

Noordwest Ziekenhuisgroep trekt in de externe validatie en verdere ontwikkeling van het EWS-model samen op met 3 andere mProve-ziekenhuizen: Isala, Rijnstate en het Jeroen Bosch ziekenhuis. Ze gaan de data van de 4 ziekenhuizen verzamelen en vergelijken en creëren zo 2 datasets, eentje om het model te trainen en de andere voor externe validatie van het model. 

Nu werken we vanaf het begin samen met partners die het later ook gaan gebruiken.

Samenwerking loopt als rode draad door beide projecten. Philip vertelt: ‘Een arts kan deze vraagstukken niet zelf oplossen. Ik ben in mijn werk en voor het model enorm afhankelijk van technici en gezondheidseconomen. Daarom is het zo belangrijk dat we met een divers consortium van onder andere niet-academische ziekenhuizen die dicht bij de praktijk staan, werken aan dit project.’ Mirre voegt toe dat dit ook natuurlijk draagvlak creëert: ‘Na PRIORITIZE I bleef het model op de plank liggen. Nu werken we vanaf het begin samen met partners die het later ook gaan gebruiken.’ 

Ook Ingrid en Roy onderstrepen het belang van een interdisciplinair consortium en het samen oppakken van zorgvraagstukken: ‘We hebben geprobeerd er een divers consortium van te maken, omdat de complexe zorgvragen ook meerdere perspectieven vereisen. Een verpleegkundige heeft bijvoorbeeld een sterk signalerende rol die vaak wordt onderschat. Over het algemeen is het natuurlijk het belangrijkst dat we als zorgveld achter hetzelfde doel staan om de zorg te ontlasten. Als jouw ideale oplossing elders problemen veroorzaakt, hebben we niks verbeterd.’

Samen bouwen aan weerbare zorg

PRIORITIZE II en From Signal to Action zijn gehonoreerd binnen de eerste subsidieronde van het ZonMw-programma Doorgang Reguliere Zorg, gericht op data-oplossingen voor de reguliere medisch-specialistische zorg tijdens crises en schaarste. Binnen deze ronde ligt de focus op slimme inzet van data, digitale toepassingen en regionale samenwerking.

Vanuit het programma stimuleert ZonMw nadrukkelijk de vorming van consortia en de aansluiting bij bestaande initiatieven. Ook vindt regelmatig afstemming plaats met relevante veldpartijen en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport als opdrachtgever, om overlap te voorkomen en kennisuitwisseling te bevorderen.

De 2 projecten sluiten aan bij een bredere beweging binnen de zorg: niet steeds nieuwe oplossingen ontwikkelen, maar voortbouwen op bestaande kennis, data en samenwerkingen. Juist die gezamenlijke aanpak is nodig om complexe zorgvraagstukken het hoofd te bieden.

Meer informatie over het programma Doorgang Reguliere Zorg

Afbeelding
Infographic Doorgang Reguliere Zorg