Samenwerken met mbo-studenten in verplegingswetenschappelijk onderzoek
Samenwerken met mbo-verpleegkundestudenten aan praktijkgericht onderzoek? Onderzoeker Margo van Mol zag het niet direct voor zich omdat dit weinig voorkomt in het mbo-curriculum. Intussen is niet alleen zij, maar zijn ook de docenten en de practor van ROC Albeda overtuigd van de haalbaarheid om dit te realiseren. En studenten zelf zijn enthousiast.
Erasmus MC en het practoraat van Albeda
Het mbo-onderwijs verrijken met praktijkgerichte onderzoeksopdrachten heeft meerdere voordelen. De mbo-studenten kunnen niet alleen een bijdrage leveren aan het onderzoek, maar krijgen ook kennis mee vanuit het onderzoek én ze leren met onderzoekende blik in hun werk te staan. Dat blijkt uit een pilotproject dat onlangs is afgerond. Binnen het pilotproject hebben de afdeling Intensive Care (IC) van het Erasmus MC, het practoraat Leerwerkplaatsen van Regionaal Opleidingscentrum Albeda en docenten van Albeda Zorgcollege samengewerkt aan innovatie in het curriculum van mbo-verpleegkunde. De studenten werden betrokken bij 2 studies: de ontwikkeling van een applicatie voor de nazorg voor naasten van IC-patiënten en de implementatie van het ‘post-IC-dagboek’.
Samenwerking onderwijs, wetenschap en praktijk
De 2 studies op de afdeling Intensive Care Volwassenen van het Erasmus MC vallen binnen de onderzoekslijn ‘Persoonsgerichte zorg op de intensive care’ van onderzoeker Margo van Mol. De studies zijn gesubsidieerd vanuit het ZonMw-programma Verpleging en Verzorging. Dit programma is gericht op de versterking van de professionaliteit van verpleegkundigen, verzorgenden en verpleegkundig specialisten en is zo van betekenis voor de aantrekkelijkheid van het beroep en de kwaliteit van zorg. Eén van de doelstellingen van het programma is het uitbreiden van de wetenschappelijke basis in de praktijk door kennisontwikkeling in samenwerkingsverbanden van onderwijs, wetenschap en praktijk. Het doel van de samenwerking in het pilotproject was om het onderwijs aan mbo-studenten te verrijken met kennis uit deze studies.
Mooie kans voor studenten
Onderzoeker Margo van Mol van het Erasmus MC is opgeleid als IC-verpleegkundige. ‘In de jaren dat ik op de IC werkte, is mijn interesse ontstaan voor ondersteuning van de familie van de patiënten’, vertelt Van Mol. ‘Ik ben psychologie gaan studeren en verdergegaan met promoveren. Mijn interesse was intussen verbreed naar nazorg na een IC-opname. Daar heb ik een onderzoekslijn in opgezet, met subsidie van ZonMw. En toen kreeg ik van hen het advies: betrek ook het mbo in je onderzoek. In eerste instantie dacht ik: 'Hoezo het mbo?'’
Ik kreeg van ZonMw het advies: betrek ook het mbo in je onderzoek. In eerste instantie dacht ik: 'Hoezo het mbo?'
Van Mols vraagtekens waren niet verwonderlijk. In het curriculum van mbo-verpleegkundige staat weinig over praktijkgericht onderzoek. Als het aan verplegingswetenschapper Ada ter Maten ligt verandert dat. ‘Ik ben practor Leerwerkplaatsen van Albeda. Het practoraat heeft als doel de verbinding tussen onderwijs en praktijk te verbeteren en te zorgen dat studenten leervragen vanuit de praktijk meenemen naar school. Toen ik hoorde van het advies van ZonMw aan Margo zag ik dat als een mooie kans. Onze studenten waren niet eerder bij zo’n onderzoek betrokken.’
Practoraat: toepassing van nieuwe kennis
Een practoraat is een kenniscentrum binnen het middelbaar beroepsonderwijs dat zich richt op praktijkgericht onderzoek en vernieuwing van het onderwijs. Het doel is om docenten, studenten en praktijk met elkaar te verbinden en samen te werken aan actuele vraagstukken. Een practoraat wordt geleid door een practor, vergelijkbaar met een lector in het hbo. Binnen een practoraat onderzoeken betrokkenen hoe het onderwijs kan worden verrijkt met nieuwe kennis.
Proeven van onderzoek
Practor Ter Maten betrok docent-onderzoeker Thea Mersch van Albeda Zorgcollege en samen zijn ze gaan kijken wat de studenten kunnen doen om ze te laten proeven van wat onderzoek inhoudt. ‘Het zou mooi zijn als iedere verpleegkundestudent iets kan ervaren van wat de impact van een IC-opname kan zijn en als ze daarnaast kennis kunnen maken met praktijkgericht onderzoek’, aldus Mersch. ‘Ik had op dat moment een groep verpleegkundestudenten die de Beroepsbegeleidende Leerweg volgden, waarbij ze werken en leren combineren. Een aantal studenten van die groep kon meer uitdaging aan dan het reguliere programma bood. En zo heb ik met Ada 5 studenten gevraagd voor de pilot.’
Het zou mooi zijn als iedere verpleegkundestudent kennis kan maken met praktijkgericht onderzoek.
Nikki den Otter was 1 van die studenten. ‘Ik zat in mijn examenjaar en liep stage bij interne geneeskunde. Onderdeel van ons examenpakket was verbeteren van kwaliteit van zorg. Daarvoor moesten we een verbetervoorstel schrijven voor onze eigen werkplek. Van Thea hoorden we dat we hiervoor ook mochten meedoen aan 1 van de studies op de IC van het Erasmus MC. Dat leek me wel wat – ik werkte op een afdeling waar patiënten terugkomen van de IC. Verder vond ik het interessant, omdat meedoen aan het onderzoek me ook verder zou brengen.’
Oefenen met onderzoeksvaardigheden
Den Otter en haar medestudenten konden meekijken op de IC en maakten samen met Ter Maten een analyse van de transscriptie van een focusgroep over de nazorgapplicatie. ‘We hebben alle informatie uitgewerkt in een rapport op basis van beoordelingscriteria voor het hbo’, vertelt Den Otter. ‘Maar dat rapport konden we niet zo inleveren, omdat het niet voldeed aan de eisen van het mbo-examen. De mbo-opdracht richt zich vooral op een verbetervoorstel voor de praktijk, dat niet per se methodisch hoeft. De pilot was juist bedoeld om te oefenen met onderzoeksvaardigheden. Ik vond het leuk dat we daar de ruimte voor kregen, al was het lastig om het rapport aan te passen aan de eisen vanuit de studie.’
Onderzoekend vermogen is voor alle verpleegkundigen belangrijk, omdat de zorgpraktijk complex is.
‘Voor hun opleiding is onderzoek inderdaad niet nodig’, zegt Ter Maten. ‘Toch is onderzoekend vermogen voor alle verpleegkundigen belangrijk, omdat de zorgpraktijk complex is. Het is belangrijk dat je een goede vraag kunt stellen over iets dat je tegenkomt in de praktijk en dat je nadenkt over hoe je het zou kunnen oplossen. Een onderzoeksvraag stellen en deze methodisch beantwoorden door gegevens te verzamelen en duiding te geven aan die gegevens – dat vermogen is voor mbo’ers net zo belangrijk als voor hbo’ers. Daarnaast is deelname aan onderzoek belangrijk voor een eventuele doorstroom naar het hbo. De mbo-studenten kunnen ervaren: wat is er nog meer en ligt het mij.’
Effect op praktijk
Intussen heeft Den Otters ervaring met het onderzoek op de IC direct effect op haar werk. ‘Ik volg nu de opleiding tot kinderverpleegkundige en werk op de mediumcare-afdeling. Ik neem wat ik leerde in het onderzoek mee in mijn werk. We hebben hier veel kinderen die naar de IC gaan of terugkomen van de IC. Ik heb geleerd om de tijd te nemen om alles uit te leggen en om te verwijzen naar de juiste nazorg. We maken ook veel gebruik van de dagboekjes, die worden als heel waardevol ervaren. Ik probeer daar regelmatig in te schrijven, foto’s te maken en ECG-plakkers erin te plakken, zodat de kinderen de periode op de afdeling later met hun ouders kunnen bespreken.’
Succesvolle pilot
Al met al is de pilot een succes: de mbo-studenten hebben nut en noodzaak van meedoen aan praktijkgericht onderzoek bewezen. De uitdaging is nu de aansluiting met het curriculum van mbo-verpleegkundige. ‘Op dit moment is onderzoek iets dat erbij komt voor de studenten’, vertelt Mersch. ‘Onderzoek zal niet zozeer standaard in het curriculum worden opgenomen, maar we willen wel de competentie ‘onderzoekend vermogen’ ergens plaatsen, zodat docenten die onderwijs maken nadenken over hoe ze die competentie kunnen ondersteunen en ontwikkelen. Aansluiten bij bestaand onderzoek is één van de manieren.’
‘We moeten het nu zien te bestendigen’, zegt Van Mol. ‘Mijn ZonMw-project is binnenkort afgerond. Nu moeten we ook in nieuwe onderzoeken mbo-studenten betrekken en zorgen dat er vaste samenwerkingen komen tussen onderzoekers, opleidingen en practoraten. Die samenwerking kunnen we met elkaar vormgeven.’
Neem het mbo mee!
‘In de zorg is 75% van de professionals mbo-opgeleid’, vult Ter Maten aan. ‘Het is zo’n grote en belangrijke groep, we willen in deze groep investeren, zodat ze de kwaliteit van zorg kunnen bewaken en verbeteren. Daar moet in het onderwijs aandacht voor zijn. Mijn boodschap naar onderzoekers daarbij is: neem het mbo mee.’
En wat is daarvoor nodig? ‘Vertrouwen’, zegt Den Otter. ‘Vertrouwen dat mbo-studenten meer kunnen dan vaak wordt gedacht. Een groot deel zou graag onderzoek doen. Ik gun heel veel meer studenten de ervaring die ik heb kunnen opdoen.’
Ik gun heel veel meer studenten de ervaring die ik heb kunnen opdoen.
De studenten die deelnamen aan het onderzoek waren: Nikki de Otter, Tibbe Veldboer, Gerdine Robbemond, Yasmina Asdik en Denise Stam.
Meer informatie
Meer weten over samenwerking met het mbo? Neem dan contact op met Margo van Mol.
Subsidieoproepen voor het mbo
ZonMw stelt subsidie beschikbaar voor mbo-kennis rond onbegrepen gedrag en dementie. Wilt u praktijkgericht en innovatief onderzoek doen aan het mbo? Bekijk de onderstaande subsidieoproepen.
De online informatiebijeenkomst over samenwerking, staatssteun & financiën vindt plaats op 3 maart 2026 van 16.00 uur tot 17.30 uur
ZonMw en verpleging en verzorging
Verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verzorgenden zijn dé onmisbare schakel in preventie, zorg en ondersteuning. Daarom investeren wij in kennis en samenwerking door en voor deze beroepsgroep, gericht op de verdere versterking van hun professionaliteit. Daarmee werken we aan de kwaliteit van zorg én de aantrekkelijkheid van het beroep.