Kennis verbinden voor zinvol verslavingsbeleid

Interview met Arnt Schellekens, Nationaal Rapporteur Verslavingen
Op 7 februari 2024 was Arnt Schellekens, Nationaal Rapporteur Verslavingen, te gast op het Nationaal Drugscongres 2024. Hij ziet ‘momentum’ voor het verbinden van verschillende beleids- én kennisdomeinen. Kennis – inclusief ervaringsdeskundigheid – helpt om te komen tot een goed onderbouwd en meer integraal verslavingsbeleid.

Verplichte velden en regels

Voor Arnt Schellekens, Nationaal Rapporteur Verslavingen voor het kabinet, is het thema van het samenbrengen van gezondheid en veiligheid uitdagend. Niet alleen omdat hij als behandelend psychiater vooral te maken heeft met de hulpverleningskant van verslavingsproblemen; met aspecten als handhaving en criminaliteitsbestrijding heeft hij persoonlijk weinig ervaring. Maar hij ziet ook dat per definitie wrijving ontstaat wanneer ze bij elkaar komen. Waar handhaving werkt met normen en (ver)oordelen, kan gedeelde besluitvorming in een behandelrelatie alleen vanuit een niet-veroordelende houding. Schellekens vindt het dan mooi dat het Nationaal Drugscongres ruimte biedt voor uiteenlopende posities en perspectieven op verslavingsproblematiek. Want voor zinvol beleid moet je die allemaal meenemen.

Ik vind het voorkómen van zowel persoonlijke als maatschappelijke schade een prioriteit voor het verslavingsbeleid.
Arnt Schellekens
Nationaal Rapporteur Verslavingen

Verslaving raakt aan veel domeinen

In het plenaire programma sprak Schellekens ook zelf, met een introductie op zijn rol (zie kader) en een impressie van zijn eerste bevindingen als rapporteur. ‘Ik zat onder meer bij een deelsessie over schadebeperking, harm reduction in vaktaal. Die vond ik erg inspirerend, ook omdat ik het voorkómen van zowel persoonlijke als maatschappelijke schade een prioriteit vind voor het verslavingsbeleid.’ Als psychiater wist hij het al wel, als rapporteur wordt het Schellekens nóg duidelijker: het thema verslavingen is enorm breed. Het raakt aan veel domeinen van het leven, en daarmee van het overheidsbeleid. Die moet je hoe dan ook bij elkaar brengen.

Slim verbinden van kennis, ervaring en expertise

Schellekens: ‘In ons land hebben we organisaties als het Trimbos-instituut voor relevante cijfers en andere kennis over drugs en verslaving. Dat werk ga ik natuurlijk niet dunnetjes overdoen. Mijn rol is vooral het op een slimme manier verbinden van alle beschikbare kennis, ervaring en expertise. Het kwam ook tijdens het congres duidelijk naar voren: we moeten met alle betrokkenen samen een integrale visie op verslaving ontwikkelen. Van daaruit kun je beleid vormgeven. Als je het thema verslaving vanuit elk domein afzonderlijk benadert, zit je elkaar alleen maar in de weg.’

Ik hoop dat ik het politieke debat vanuit mijn rol kan voeden met goed onderbouwde, feitelijke rapportages.
Arnt Schellekens
Nationaal Rapporteur Verslavingen

Meer aandacht voor preventie

Schellekens maakt zich zorgen dat juist preventie onder het huidige politieke klimaat minder goed lijkt te liggen. ‘We hebben het Nationaal Preventieakkoord, waar nog steeds veel maatschappelijk draagvlak voor is. Daarin staat ook het nodige over verslaving. Maar om het akkoord echt te laten slagen, moeten we eerder méér aan preventie doen dan minder. Ik hoop dat ik het politieke debat vanuit mijn rol kan voeden met goed onderbouwde, feitelijke rapportages. Dat is des te belangrijker bij een thema waarover de meningen vaak over elkaar heen buitelen.’

Wat doet de Nationaal Rapporteur Verslavingen?

Het kabinet heeft een Nationaal Rapporteur Verslavingen ingesteld om te adviseren over het verslavingsbeleid. De rapporteur heeft vier taken: 

  1. het signaleren en duiden van trends en ontwikkelingen op het gebied van verslavingen
  2. het adviseren over verslavingspreventie
  3. het adviseren over verslavingszorg
  4. het adresseren van kennislacunes

De rapporteur adviseert niet alleen de regering, maar kan ook advies geven aan gemeenten, verslavingszorginstellingen, kennisinstituten en alle andere organisaties die zich met verslaving bezighouden.

Rijke onderzoekstraditie

In zijn advies pleit Schellekens ervoor publieke middelen vrij te maken voor een nieuw, meerjarig ZonMw-onderzoeksprogramma over verslaving. En om de haalbaarheid te onderzoeken van een Nationaal Fonds Verslaving voor de financiering daarvan. Dat laatste was ook een voorstel in de kennissynthese die Schellekens heeft laten opstellen. Voor hem gaat het om een integrale benadering van verslaving vanuit zowel wetenschappelijke, professionele als ervaringskennis. Hij wijst op de lange traditie van verslavingsonderzoek in Nederland. Aanvankelijk lag het accent op het sociaalwetenschappelijke, later meer op biomedische aspecten. Mede dankzij eerdere ZonMw-programma’s kwam er meer aandacht voor de interactie tussen biologische, sociale en psychologische factoren, stelt hij vast.

Ik denk dat er momentum is om de verschillende beleids- én kennisdomeinen met elkaar te verbinden.
Arnt Schellekens
Nationaal Rapporteur Verslavingen

Momentum voor integraal beleid

Met deze meer interdisciplinaire onderzoekstraditie lopen we wereldwijd voorop, ook met de enorme opbrengst aan relevante onderzoeksresultaten, constateert Schellekens. ‘Ik denk dat er momentum is om de verschillende beleids- én kennisdomeinen met elkaar te verbinden. Er ligt een prachtige kennisinfrastructuur, die we ten goede kunnen laten komen aan een integraler verslavingsbeleid. Zodat we daarmee niet alleen de heel zichtbare drugsproblemen – inclusief excessen op het gebied van criminaliteit – kunnen aanpakken. Maar ook oog houden voor de buurman die afhankelijk is van pijnstillers, of die verre neef met een gokprobleem dat niemand ziet.’