Ziekenhuis Gelderse Vallei streeft naar goede en op maat gerichte zorg. Op de poli gaan de arts en een verpleegkundig specialist in gesprek met de patiënt en diens naasten over toekomstige behandelkeuzes. Intensivist Dave Tjan en bestuursvoorzitter Mirjam van ’t Veld vertellen over het belang van deze ‘vroege zorgplanning’ voor goede palliatieve zorg.

Foto van Dave Tjan en Mirjam van 't Veld
Dave Tjan en Mirjam van 't Veld


Op de intensive care (IC) komt het aan op direct handelen. Meteen stabiliseren, snel intuberen voor de beademing. Dave Tjan, medisch leider acute zorg van Ziekenhuis Gelderse Vallei: ‘Als jonge intensivist – ik doe dit werk al sinds 1996 – hield ik van de heroïek van het handelen. Mensen die binnenkomen zijn hartstikke ziek. Het zijn uiterst kwetsbare patiënten voor wie het 5 voor 12 is en binnen een paar minuten moet je de behandeling inzetten. De laatste jaren begon het me op te vallen dat veel naasten na afloop zeiden: achteraf denk ik dat mijn vader of moeder dit eigenlijk niet gewild had. Zeker oudere mensen met veel chronische aandoeningen blijven na het IC vaak afhankelijk van zorg. Beantwoordt dat nog wel aan iemands ideeën over een waardig leven?’

Goed idee

Tjan vroeg zich af of het niet anders kon. ‘Veel van mijn patiënten komen van andere specialismen. Het zijn mensen die mijn collega’s – geriaters, longartsen, cardiologen – vaak al jaren op hun poli zien. Ik ben met ze gaan praten: herkennen jullie dit? Is het wat om met deze patiënten te bespreken wat zij zelf willen als er iets acuuts gebeurt? Dat leek iedereen een goed idee, maar op de poli heb je weinig tijd voor zo’n gesprek. Met een gezamenlijk bedachte oplossing stapten we naar de raad van bestuur. Die was meteen enthousiast. Met innovatiegelden van zorgverzekeraar Menzis konden we vervolgens een pilot doen met 20 patiënten van 2 poli’s.’

Passende zorg

Voorjaar 2018 startten de eerste poliklinische advance care planning-gesprekken (ACP) in de pilot. Bijna alle gesprekken leidden tot het vaststellen van behandelwensen. Na dit succes zijn de gesprekken in 2019 uitgebreid. Bij de specialismen longgeneeskunde, geriatrie, oncologie, cardiologie en nefrologie bespreekt nu een duo van verpleegkundig specialist en behandelend medisch specialist met patiënt en naasten de mogelijke behandelkeuzes in levensbedreigende situaties. Wat zijn iemands doelen en voorkeuren? Tjan: ‘Door behandelwensen en zorgdoelen uit te spreken, kunnen familieleden de patiënt beter vertegenwoordigen als die zich niet meer kan uiten. Bijvoorbeeld over de vraag of iemand überhaupt nog naar de IC wil. Zo zorg je samen voor de beste, meest passende zorg.’

Samen keuzes maken

Vanaf het begin heeft het ziekenhuisbestuur de aanpak ondersteund. Ook de huidige bestuursvoorzitter Mirjam van ’t Veld is enthousiast. ‘Je wilt behandelkeuzes zoveel mogelijk samen maken. Mensen kunnen vaak niet overzien hoe ingrijpend een IC-opname kan zijn. Ik herinner me een jonge vrouw met kanker. Die zou op een bepaald moment mogelijk beademd moeten worden, maar besefte niet dat ze dan niet meer van de IC af zou komen. Ze zou dus ook niet op een normale manier afscheid kunnen nemen. Toen Dave haar dat vertelde, koos ze ervoor thuis te sterven, met haar geliefde naasten om zich heen.’

Duurzame borging

Van ’t Veld is Menzis dankbaar dat er destijds projectgeld was om de poligesprekken op te zetten. Wat haar betreft blijven de gesprekken een vast onderdeel van de zorg in het ziekenhuis. Maar dan is er wel een oplossing nodig voor het gegeven dat de gesprekken niet gedeclareerd kunnen worden. ‘We willen de goede dingen voor de patiënt doen. Niet iedereen kan dit type gesprekken voeren, want ze gaan over existentiële zaken. Je moet de mensen dus goed trainen. En naast het uur dat we voor het ACP-gesprek uittrekken, is er soms ook nog een vervolggesprek. Wij zijn er gewoon mee gestart omdat we het belangrijk vonden, maar voor een duurzame borging zijn wel structurele oplossingen nodig om de bekostiging te regelen.’

Ook de eerste lijn

Voor Tjan en Van ’t Veld is het duidelijk dat de ACP-gesprekken veel opleveren voor goede palliatieve zorg. De uitdaging is om de aanpak te verbreden naar buiten het ziekenhuis. Van ’t Veld: ‘De huisarts is een belangrijke schakel. We zijn met de eerste lijn in gesprek om ook daar deze gesprekken te laten voeren. Er zijn nu al 7 koppels van een huisarts met een praktijkondersteuner, die dat in hun praktijk willen doen.’ Tjan heeft er vertrouwen in dat de zorg in de keten zo nog verder gaat verbeteren. ‘Soms is het beter om een patiënt niet naar het ziekenhuis te sturen. Voor een arts is dat een moeilijke beslissing. Alles in onze opleiding is gericht op doen, niet op dingen achterwege laten. Maar niet alles wat kan, moet.’

3 gouden lessen voor professionals en bestuurders om innovaties samen te borgen

  1. Blijf geloven in het doel dat je nastreeft: uitgaan van het belang van de patiënt en die – samen met zijn of haar naasten – de regie geven.
  2. Probeer niet alles dicht te timmeren, maar begin, experimenteer met lef en overtuig anderen al doende.
  3. Straal als bestuur en management uit dat je een vernieuwende aanpak belangrijk vindt voor de kwaliteit van zorg. Laat professionals weten dat je ze steunt, maar hou ze ook een spiegel voor. Innovatie is óók steeds blijven leren en elkaar durven coachen.

Ziekenhuis Gelderse Vallei deelt zijn ervaringen graag met andere organisaties. Stuur voor vragen of een werkbezoek een mail naar: acp@zgv.nl.

Dit artikel staat in de nieuwsbrief Palliatieve Zorg juni 2020. Wilt u onze nieuwsbrief ontvangen? Meld u nu aan

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website