Lopende onderzoeken lijn 2
Resultaten onderzoeken lijn 2
The CORAL project
De patiënten die in de Corona-lockdown op de geheugenpoli zijn geweest, zijn vergeleken met historische controle patiënten. Er wordt een hoger risico op mortaliteit gezien bij geheugenpoli-patiënten die de pandemie hebben meegemaakt, met name patiënten met dementie én met name patiënten die opgenomen waren in een verpleeghuis.
Providing context to excess mortality through changes in healthcare use during the COVID-19 pandemic
Sinds het begin van de COVID-19-pandemie is er aanzienlijke oversterfte geregistreerd. Het is de vraag in hoeverre dit volledig toegeschreven kan worden aan nadelige gezondheidsuitkomsten door COVID-19. Dit onderzoek probeert hier extra context aan te bieden door veranderingen in zorggebruik tijdens de COVID-19-pandemie te bestuderen. We zagen dat er in 2020 ongeveer 10% minder niet-COVID-gerelateerde ziekenhuiszorg is gebruikt. Hierbij ging het grotendeels om niet-urgente zorg. Ook zagen we dat zorggebruik onder ouderen, vrouwen, mensen met lage inkomens of een migratieachtergrond sterker is teruggelopen ten opzichte van voorgaande jaren. Ten slotte zagen we dat deze patronen verschillen per medische diagnosegroep. Deze resultaten zijn belangrijk om de oorzaken van oversterfte (op de lange termijn) beter te begrijpen, maar ook omdat ze ingezet kunnen worden om ongelijkheid in de afname van zorg tijdens de COVID-19 pandemie te adresseren, bijvoorbeeld rondom inhaalzorg.
- Preprint academische paper: https://www.medrxiv.org/content/10.1101/2023.04.26.23289095v1.full.pdf
Lifestyle and excess mortality during the COVID-19 pandemic
De oversterfte tijdens de COVID-19-pandemi is hoger onder mensen met ongunstige leefstijlfactoren. Ongeveer de helft van de Nederlandse bevolking heeft overgewicht, maar binnen deze groep vindt tussen de 70 en 98 procent van de oversterfte plaats. Ook voor mensen met een voorgeschiedenis van roken, of een combinatie van deze twee leefstijlfactoren, en voor mensen die eenzaam zijn is het verschil aanzienlijk. Voor mensen die overmatig drinken vinden we geen effecten. Voor overgewicht, al dan niet in combinatie met een voorgeschiedenis van roken of te weinig bewegen, is er ook binnen uitsplitsingen naar bevolkingsgroepen een verschil in oversterfte. Vooral binnen de groep van mensen met een slecht ervaren gezondheid blijkt de oversterfte opvallend hoog. Voor andere leefstijlfactoren is het beeld minder robuust. Corona lijkt de bepalende oorzaak voor de extra oversterfte. De gevonden verschillen verdwijnen namelijk als sterfte aan corona niet wordt meegenomen.
- Link naar publicatie: https://www.seo.nl/publicaties/leefstijl-en-oversterfte-tijdens-de-covid-19-pandemie/
Using individual level survival prediction to estimate years of life lost due to Covid-19 and their socio-economic distribution
Diverse studies suggereren dat sterfte als gevolg van Covid-19 is geconcentreerd bij mensen met een lage sociaaleconomische status. De mate waarin deze sociaaleconomische ongelijkheid in sterfte zich vertaalt naar een ongelijkheid in verloren levensjaren is grotendeels onbekend omdat verloren levensjaren sterk afhangen van onderliggende gezondheidsproblemen. Met behulp van administratieve gegevens hebben we overlevingskansen op individueel niveau geschat voor de Nederlandse bevolking. Hierbij worden voorspellers zoals medicatiegebruik, ziekenhuis- en verpleeghuisopnames, besteedbaar inkomen, geslacht en leeftijd gebruikt. Met behulp van het geschatte model hebben we verloren levensjaren voorspeld voor degenen die zijn overleden aan Covid-19. Resultaten van onze analyses laten zien dat er een enorme variatie is in verloren levensjaren in de bevolking, wat suggereert dat niet alleen kwetsbaren en zieken stierven aan Covid-19. Verschillen in de ziektelast als gevolg van Covid-19 naar inkomen worden veroorzaakt door verschillen in het aantal sterfgevallen, en niet door het aantal verloren levensjaren per sterftegeval.
Determinants of excess mortality rates in nursing homes
Tijdens de COVID-19 pandemie vormden verpleeghuisbewoners een zeer kwetsbare populatie. Gedurende de pandemie stierven er meer verpleeghuisbewoners dan verwacht: in 2020 gemiddeld 34 per 100 bewoners (4 meer dan verwacht), in 2021 32 per 100 bewoners (2 meer dan verwacht). Hoewel de kans op overlijden als gevolg van COVID-19 vooral beïnvloed wordt door hoe gezond iemand was voor de pandemie en de besmettingsgraad in de regio, verklaren deze factoren niet alles. Wanneer we voor regionale en individuele karakteristieken corrigeren, blijft het verschil in oversterfte tussen de meest extreme verpleeghuizen 10 extra overlijdens per 100 bewoners in 2020. Het is lastig om exact vast te stellen waar deze verschillen vandaan komen, maar het lijkt erop dat sterftecijfers binnen een verpleeghuis voorafgaand aan de pandemie, externe inhuur van personeel, personeelsverzuim en tevredenheid met het gebouw gerelateerd zijn aan oversterfte.
- Link naar interview met projectleider + infographic: Waarom overleden juist in verpleeghuizen zoveel mensen door corona? | Erasmus School of Health Policy & Management | Erasmus University Rotterdam (eur.nl)
Who counts depends on who is counted: an investigation into excess mortality among people with intellectual disabilities in 2020-2021
Mensen met een verstandelijke beperking zijn naar verhouding zwaarder geraakt door de COVID-pandemie dan de algemene bevolking. In 2020 en 2021 overleden tenminste 785 mensen met een verstandelijke beperking aan COVID terwijl er 180 sterfgevallen werden verwacht op bas is van de omvang en leeftijdsopbouw van deze groep. Daarnaast nam ook sterfte door andere oorzaken sterker toe dan in de rest van de bevolking. Data van huisartsen toonde aan dat onder de sterfgevallen in deze groep vaker sprake was van een chronische ziekte, maar dat dit geen volledige verklaring voor de hogere sterfte in deze groep was. De verstandelijke beperking bleef daarnaast ook een onafhankelijke risic ofactor voor overlijden. Dit geeft aan dat gezondheidsproblemen van mensen met een verstandelijke beperking complex zijn. Er is nog steeds geen volledig inzicht in het werkelijk aantal besmettingen in deze doelgroep en daarmee is de kennis nog onvolledig om risico’s in de toekomst te verkleinen.
The Effect of Delayed Cancer Screening on Stage Shift and Increased Mortality during the Coronapandemic in The Netherlands
We hebben onderzocht in hoeverre de tijdelijke stop of kankerscreening (borstkanker, darmkanker en baarmoederhalskanker) tijdens de COVID-19 pandemie, een bijdrage heeft geleverd aan de oversterfte in 2020 en 2021. Aan de hand van veel data (allemaal open) hebben we geconcludeerd dat het hoogst onwaarschijnlijk is dat deze tijdelijke screeningstop een belangrijk effect heeft gehad op de oversterfte in de genoemde periode. De oorzaak van die oversterfte zal dus elders gezocht moeten worden. We konden deze conclusie trekken op basis van een nauwkeurige analyse van de beschikbare data. We beweren nadrukkelijk niet dat de screeningstop voor niemand zonder gevolgen is gebleven: we hebben geen gebruik kunnen maken van data op patientniveau, dus een dergelijke conclusie kunnen we niet trekken. Over de gevolgen van de screeningstop op langere termijn laten we ons niet uit.
- Link naar eindrapport: https://github.com/MJacobs1985/ZonMw_Uitgestelde_Zorg/blob/main/Final_Report.pdf
Excess mortality during the COVID-19 pandemic in the Netherlands: associations with people's medical history and sociodemographic characteristics
Tijdens de COVID-19-pandemie was er sprake van 3,3% meer sterfte dan voor de pandemie. Daarom spreken we van oversterfte. Dat onderzocht het Nivel met behulp van bestaande databronnen, zoals gegevens van de huisartsen, over overlijden en persoonskenmerken. Er was vooral sprake van oversterfte tijdens de verschillende perioden waarin het aantal COVID-19 besmettingen toe nam en onder mensen met tussen de 65 en 74 jaar, ten opzichte van de 5 jaar voor de pandemie. Mensen met een niet-westerse migratieachtergrond en mensen met een laag huishoudinkomen zijn hierdoor het zwaarst getroffen, des temeer als zij ook nog een of meerdere gezondheidsproblemen hadden. De COVID-19-pandemie heeft een sterker effect gehad op de overlijdenskans onder deze groepen vergeleken met algemene bevolking. Dit benadrukt de noodzaak om kwetsbare mensen beter te beschermen tegen overlijden in het algemeen en specifiek tijdens periodes waarin onze volksgezondheid wordt bedreigd, zoals tijdens de COVID-19-pandemie.
- Link naar eindrapport: https://www.nivel.nl/sites/default/files/bestanden/1004503.pdf
Excess mortality during the Covid-19 epidemic: vulnerable groups and long-term effects
De impact van de COVID-19 epidemie op de sterfte kan het beste worden gemeten aan de hand van oversterfte, dat wil zeggen het extra aantal sterfgevallen tijdens de COVID-19-epidemie (2020-2021) vergeleken met de tijd daarvoor (2019). In dit project onderzochten we de oversterfte, in heel Nederland en in specifieke subgroepen van de bevolking. Omdat de COVID-19-epidemie sommige subgroepen van de bevolking mogelijk harder heeft getroffen dan andere, hebben we de oversterfte berekend binnen subgroepen op basis van leeftijd, geslacht, immigratieachtergrond, inkomen en verstedelijkingsgraad van de woonplaats. We rapporteren de relatieve oversterfte tijdens de COVID-19-epidemie (2020 en 2021) vergeleken met 2019 in de totale populatie en apart voor de verschillende subgroepen. We rapporteren ook absolute aantallen sterfgevallen om de impact van de oversterfte in elk van de groepen weer te geven. Alle resultaten worden gepubliceerd in een wetenschappelijke publicatie. De publicatielink wordt verstrekt zodra deze beschikbaar is.
Individual and environmental determinants of differences in excess mortality between neighbourhoods in Amsterdam during the COVID-19 pandemic
Er was in Amsterdam in 2020 en 2021 sprake van oversterfte, er overleden meer mensen dan in 2018 en 2019. In dit onderzoek hebben we gekeken welke persoonlijke en omgevingskenmerken verschillen in sterfte kunnen verklaren. Vooral voor 70-plussers, mannen, en mensen met een migratieachtergrond was er sprake van oversterfte. Ook tussen de 22 stadsgebieden waren er sterke verschillen, maar er leek geen duidelijk verband te zijn tussen de oversterfte tijdens de eerste, tweede en derde golf van de pandemie. Ook werd er hogere oversterfte gevonden zowel in wijken buiten de ring, als in centrale wijken. Verder vonden we dat wijken met meer inwoners van 65 jaar en ouder, gemiddeld grotere huishoudens, en meer luchtvervuiling een hogere kans op oversterfte hadden. Wijken met meer huisartsen, meer groene buitenruimte en een hogere sociaaleconomische status hadden juist een lagere kans op oversterfte. Dit onderzoek onderstreept de roep voor meer actie om gezondheidsverschillen te verkleinen.
Healthcare avoidance and excess mortality during the COVID-19 pandemic in the Netherlands: a population-based cohort study
Tijdens de eerste fase van de pandemie ging 1 op de 5 mensen niet naar de dokter. Daarnaast hebben zorgverleners afspraken uit- en/of afgesteld vanwege COVID-19. Het is onduidelijk in hoeverre deze (ervaren) veranderde toegang tot zorg heeft bijgedragen aan de waargenomen (over)sterfte in Nederland in 2020-2021. In dit bevolkingsonderzoek onder 5656 personen tonen wij aan dat de sterfte onder patiënten die minder toegang tot zorg vonden 2 keer hoger was dan andere mensen uit algemene bevolking. Wij konden alleen geen bewijs vinden dat er een directe relatie bestaat tussen het mijden van zorg en sterfte tijdens de pandemie. Wel vinden wij aanwijzingen dat bestaande sociale en psychische ongelijkheden in de bevolking hebben geleid tot een verhoogde sterftekans. Deze bevindingen laten zien dat het van groot belang is om bestaande sociale ongelijkheden aan te pakken om de gezondheid van de bevolking te verbeteren.