'Onderzoek geeft hoop en hoop doet leven'

Laatst aangepast:
foto van projectleider

Het motiveert Joost Vermaat sterk om zijn kennis en netwerk te bundelen met maar één doel: een grotere overlevingskans voor PCTL-patiënten en een betere behandeling. Want er is geen effectieve (chemo)therapie, de ziekte heeft een heterogeen beeld en verloop en er zijn weinig genetische studies voorhanden.

Dat Joost Vermaat druk is en een missie heeft is direct voelbaar. Of hij even nog een gesprek met een medewerker kan afmaken, is de vriendelijke vraag als ik  hem op de afgesproken tijd bel. En een uurtje later lassen we een pauze in ons gesprek, omdat hij een andere afspraak heeft.

Toch voel ik geen druk of stress bij hem. Het typeert misschien hematoloog, farmaceut en internist Joost Vermaat, werkzaam bij het LUMC, die onlangs een van de Klinische Fellowbeurzen ontving. Dit bedrag van 200.000 euro is bestemd voor zijn onderzoek naar een betere behandeling van patiënten met een perifeer T-cel lymfoom (PTCL) – een vorm van lymfeklierkanker -, die momenteel slechts een overlevingskans hebben van rond de 24% na vijf jaar. 

Doelgericht werken

Hij is doelgericht, zegt hij, en tevens lerend ingesteld. Hij voert regelmatig slecht nieuwsgesprekken, ook met jongere mensen die nog midden in het leven staan. Dit motiveert hem sterk om zijn kennis en netwerk te bundelen met maar één doel: een grotere overlevingskans voor deze PCTL-patiënten en een betere behandeling. Want er is geen effectieve (chemo)therapie, de ziekte heeft een heterogeen beeld en verloop en er zijn weinig genetische studies voorhanden.

Hij voelt zich verantwoordelijk om hier iets aan te doen. En hij kan het, denkt hij, met zijn wetenschappelijke achtergrond. Hij studeerde geneeskunde en farmacie en deed onderzoek in Cleveland, VS. Hij promoveerde in de medische oncologie. Daarna werd hij opgeleid tot internist en hematoloog. Beurzen maakten het mogelijk zich te verdiepen in proteomica (studie van eiwitten), genomica (studie van genomen, onderdeel van genen van een cel) en complexe statistische analyses.

Gedreven en verantwoordelijk

Gedurende het hele gesprek is zijn gedrevenheid merkbaar. Gedrevenheid, maar ook verantwoordelijkheidsgevoel. Als hij zegt dat zijn vader dominee is, verbaast dit me dan ook niet. Hij vertelt dat zijn ouders hem voorleefden dat je je moet blijven ontwikkelen. Stilstand is immers achteruitgang. Dat gold al voor zijn oma die na haar tachtigste nog wilde leren hoe computers werken. Tevens gaven zijn ouders mee dat je in de maatschappij iets moet willen betekenen voor anderen.

Dit viel niet meteen in vruchtbare aarde. Hij ging, als jongste van een groot gezin, op de middelbare school liever voetballen of televisiekijken dan leren. Maar uiteindelijk kwam het toch goed. Want leergierig was hij wel, hij werd alleen niet altijd evenzeer uitgedaagd.

Als ik hem vraag waarom hij dokter wilde worden zegt hij dat biologie hem interesseerde, en met mensen werken. En het had ook wel iets heroïsch, vond hij, als jonge man. Hij wilde ook wel in een witte jas. IJdelheid was hem niet vreemd, zegt hij met enige schroom.

Hij ziet zichzelf als uitgesproken teamspeler. Hij doet dit onderzoek dan ook niet alleen, zelfs niet alleen met zijn team. Eigenlijk werkt zijn hele netwerk mee. En dat is nodig ook, legt hij uit.

Spin in het web

Want als farmaceut kan hij effectief samenwerken met de farmaceutische industrie. Hij begrijpt wat zij zoeken, hij begrijpt hun businessmodel. Meer inzicht in de moleculaire biologie van PTCL moet uiteindelijk leiden – via uitgebreide testen - naar effectieve medicatie. Er liggen honderden medicijnen op de plank bij farmaceuten, zegt Vermaat, die wachten op toepassing. Er zouden zo maar medicijnen bij kunnen zijn, bijvoorbeeld getest bij borstkankerpatiënten, die voor deze patiënten niet zo effectief bleken te zijn, maar het wel kunnen zijn voor (een deel van) deze patiëntengroep met T-cel lymfoom.

Als voorzitter van de werkgroep T-cel lymfeklierkanker van de stichting HOVON (Hemato-Oncologie voor Volwassenen Nederland), heeft hij toegang tot veel weefselmateriaal van patiënten, waarop hij analyses kan doen. En door de samenwerking met het IKNL (Integraal Kankercentrum Nederland), is er toegang tot gegevens van patiënten, die hij met uitslagen van deze analyses kan combineren. Deze nieuwe combinatie aan data is het vertrekpunt van zijn onderzoek. Ook schrijft hij mee aan een richtlijn voor T-cel lymfeklierkanker, vanuit de ESMO (European Society for Medical Oncology), zodat de uitkomsten van zijn onderzoek meteen een internationale inbedding kunnen krijgen.

Hoop

Zijn fascinatie voor kanker begon toen hij farmacie studeerde. Tijdens zijn opleiding werd hij door ziektebeelden en rolmodellen in het vakgebied geïnspireerd om internist-hematoloog te worden. ‘Een internist-hematoloog is een denker en een doener. Het is een heel resultaatgericht vak. Je staat als hematoloog met je rug tegen de muur. Wat je doet is vaak goed te meten.’ Op mijn vraag wat hem gaande houdt terwijl hij toch zo regelmatig slecht nieuwsgesprekken moet voeren, zegt hij: ‘hoop.’ Zijn onderzoek geeft hem ook hoop. ‘En hoop doet leven. Ik hou van het leven en heb een mooi leven. Dat gun ik mijn patiënten ook.’

Gerelateerde projecten