Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

Veelgestelde vragen programma Verpleging en Verzorging: subsidieoproepen Beter Laten Beter Doen

Op deze pagina vindt u onze antwoorden op veelgestelde vragen over de subsidieoproepen Beter Laten Beter Doen: passende zorg in de verpleging en verzorging. We actualiseren deze pagina regelmatig.

Algemene vragen

  • U kunt tot 12 december 2023, 14.00 uur uw subsidieaanvraag indienen via het digitale loket Mijn
    ZonMw
    . U moet inloggen om gebruik te kunnen maken van 'Mijn ZonMw'. Gebruikt u dit loket voor het eerst? Maak dan eerst een account aan. Na het inloggen kunt u als aanvrager projectideeën en
    subsidieaanvragen indienen en deze volgen. Ook tijdens de looptijd van uw project regelt u de zaken
    via dit loket. Download ook de handleiding.

Vragen over de subsidieoproep voor implementatieprojecten

  • De volgende bijlagen zijn in de projectideefase verplicht om toe te voegen:

    • overzicht betrokken partijen
    • overzicht metingen (betrokken zorgsectoren en te implementeren interventies)
    • letter of commitment van betrokken partijen
    • maximaal 3 A4 met figuren en tabellen, indien relevant

    Bij de projectideefase wordt daarnaast gevraagd naar de volgende financiële gegevens:

    • gevraagde ZonMw bijdrage
    • eigen bijdrage
    • cofinanciering
    • eventuele toelichting

    Bij de uitgewerkte subsidieaanvraagfase levert u ook nog een gespecificeerde begroting volgens ZonMw-format en een concept samenwerkingsovereenkomst (ongetekend) aan.

    Kijk voor meer informatie over wat u moet indienen in de subsidieoproep of het aanvraagformulier. In Mijn ZonMw vindt u het aanvraagformulier dat u moet gebruiken.

  • Binnen 13 weken na afloop van uw project dient u een eindverantwoording in. Voor het inhoudelijk eindverslag moet u gebruik maken van het format dat u krijgt toegestuurd door het programmateam.

    De financiële eindverantwoording van een project moet een specificatie van de verschillende posten bevatten. Ook is een Verklaring akkoord eindverantwoording vereist. De projectleider en penvoerder, de bestuurlijk verantwoordelijke en financieel verantwoordelijke moeten deze verklaring ondertekenen. Na ontvangst en goedkeuring van de eindverantwoording door ZonMw vindt de definitieve subsidievaststelling en afrekening plaats op basis van werkelijk gemaakte kosten.

    Accountantskosten tot een maximum van € 3.500,- mogen bij projecten van € 125.000,- of meer opgenomen worden in de begroting. Door de wijziging van de Algemene subsidiebepalingen ZonMw per 1 april 2022 moet er na afronding van een project van € 125.000,- of meer naast de financiële eindverantwoording ook een controleverklaring van een accountant aangeleverd worden. Universiteiten en universitair medische centra mogen accountantskosten niet opnemen in de begroting. Met deze instellingen zijn aparte afspraken gemaakt over de vereiste accountantsverklaring. Neem hiervoor contact op met uw financiële afdeling.

    Voor meer informatie over de financiële verplichtingen kunt u de subsidieoproep raadplegen of kijken op onze webpagina over voorwaarden en verplichtingen.

  • U vindt alle relevantie- en kwaliteitscriteria waar uw subsidieaanvraag op wordt beoordeeld terug in sectie 4 Beoordeling en prioriteitstelling van de subsidieoproep. Hier staat ook het beoordelingsproces uitgelegd. Verder hanteren wij de voorwaarden en verplichtingen zoals beschreven in sectie 3 Voorwaarden en Verplichtingen van de subsidieoproep.

  • Het overkoepelend project heeft als doel om de (de)implementatie projecten op elkaar af te
    stemmen. Dit zou kunnen betekenen dat, in overleg, een (de)implementatie project gevraagd
    wordt om een bepaald type informatie te verzamelen of definiëring te hanteren. Omdat alle
    projecten tegelijkertijd starten, wordt bewaakt dat voor implementatieprojecten substantiële
    wijzigingen nodig zijn. Kort na honorering van alle projecten faciliteert ZonMw een bijeenkomst
    om dit proces te faciliteren.

  • Met dit kwaliteitscriterium wordt bedoeld hoe uw BLBD-interventie, die u ofwel gaat implementeren ofwel gaat de-implementeren afhankelijk van uw subsidieaanvraag, wordt ervaren door de zorgprofessionals, zorginstellingen en patiënten. Bijvoorbeeld: Hoe ervaren patiënten het verzorgend wassen ten opzichte van het ‘normale’ wassen. Of hoe ervaren de zorgprofessionals de toepassing van het advies om niet meer dan 1x per dag te wassen in de praktijk. Levert dit bijvoorbeeld ook iets op in termen van zeggenschap bij de professional? Levert het ook voordelen voor de zorginstelling, bijvoorbeeld door bespaarde tijd waardoor weer meer mensen geholpen kunnen worden of zorgprofessionals die minder snel uitstromen?

  • Naast de voor de hand liggende brede omvang van expertise in verplegingswetenschappelijk
    onderzoek van een hoogleraar heeft dit ook de voorkeur om zo samenhang te versterken in
    het Nederlands verplegingswetenschappelijk onderzoek en om samenwerking in de driehoek
    wetenschap, onderwijs en praktijk te bevorderen.

  • Ja, dit is mogelijk. Maar ben ervan bewust dat bij het overkoepelende project, de programmacommissie een subsidieaanvraag waarvan de hoofdaanvrager niet betrokken is bij een BLBD-implementatieproject hoger zal prioriteren wanneer na toepassing van de prioriteringsmatrix er meer dan 1 project honorabel is op basis van gelijke scores.

  • Ja, dit is mogelijk.

  • Deze zin komt uit het nieuwsbericht op onze website over de BLBD-subsidieoproepen die online staan. Hier wordt gerefereerd naar verschillende onderdelen uit de subsidieoproep zelf, waaronder het relevantiecriterium 'resultaten' onder sectie 4.2. Hier wordt gevraagd om te beschrijven welke resultaten en producten uw project oplevert voor wetenschap, praktijk, onderwijs en patiënten en op welke manier deze breed toegankelijk en toepasbaar worden gemaakt. In het projectvoorstel is in ieder geval aandacht voor welke winst (in termen van effectiviteit, zeggenschap, kosten, tijd, duurzaamheid of leed) er te verwachten is door het toepassen van BLBD-interventies. Laat bijvoorbeeld zien hoe de relatie met passende zorg gemaakt wordt door een inschatting te maken van de (financiële) opbrengsten van het werken volgens BLBD-interventies.
    Wat levert het werken volgens de BLBD-interventie op voor V&V-professionals, zorginstellingen, patiënten, wetenschap, onderwijs én de uitdagingen in de zorg zoals opgenomen in het Integraal Zorgakkoord.

  • Er is geen overzicht van projectideeën of consortia en er zal ook geen matchmaking plaatsvinden. Naast het feit dat de subsidieoproep nog open staat en we dus nog niet weten welke projectideeën door wie ingediend worden, behandelen wij ingediende projectideeën vertrouwelijk. Het is aan het veld zelf om partners te vinden die samen willen werken aan de aanvraag. Het ZonMw V&V-programmateam faciliteert dit niet.

  • Het gaat inderdaad over zowel handelingen van Beter Laten als Beter Doen. Het kan daarom zijn dat u een interventie gaat implementeren of juist de-implementeren, afhankelijk van de gekozen interventie. U mag ook meerdere aanbevelingen of zelfs een volledige richtlijn kiezen. De omvang van gekozen interventies beïnvloeden de prioritering van uw projectidee. Zo worden projectideeën die een gelijke beoordeling hebben, maar meerdere sectoren betreffen hoger geprioriteerd dan een projectidee met dezelfde score maar voor maar 1 sector.

  • Een beslisboom zou een methode kunnen zijn in uw onderzoek.

  • Dit is een juridische vraag. In simpele termen: Ja, dit kan, maar hangt af van de rol van het umc in het project en de balans tussen rollen. Neem contact op met ons programmateam als u hier een specifieke vraag over heeft.

  • Stapeling (of dubbele subsidiëring) mag niet. Maar dit is alleen een probleem als de subsidies aangevraagd worden voor dezelfde activiteit. Bijvoorbeeld u heeft een subsidie ontvangen voor de implementatie van een toolbox en vraagt nu bij een nieuwe subsidieaanvraag ook subsidie aan voor dezelfde implementatie van die toolbox. Als het een andere activiteit betreft of bijvoorbeeld voortbouwt op een ander project is er geen sprake van dubbele subsidiëring.

  • Wij laten de balans tussen praktijk, onderzoek en onderwijs over aan de indieners. Deze balans hangt namelijk samen met de inhoud van uw subsidieaanvraag. Wel wordt hiernaar gekeken door de programmacommissie bij het beoordelingsproces, uiteraard met inachtneming van de in de subsidieoproep geformuleerde criteria en exacte inhoud van uw projectidee.

  • Wij zijn strikt in het hanteren van deze eis omdat er anders een te groot grijs gebied ontstaat waarin onduidelijk is wat we wel en wat we niet toestaan. Dit zou leiden tot een niet transparant proces en onduidelijkheid naar de indieners.

Vragen over de subsidieoproep voor het overkoepelend project

  • Alle (de)implementatieprojecten nemen verplicht deel aan het overkoepelende project. Het overkoepelende project start gelijktijdig (ook uiterlijk februari 2025) met de (de)implementatieprojecten maar loopt 6 maanden langer door. Dit geeft het overkoepelende project de mogelijkheid om naast de evaluatiefunctie ook coördinerend op te treden. Dat neemt echter niet weg dat de (de)implementatieprojecten autonoom draaien. Het overkoepelende project zorgt ervoor dat alle (de)implementatieprojecten vanaf de start 'samenwerken en kennis uitwisselen', deze kennisuitwisseling kan bijvoorbeeld gaan over een meetinstrument wat bij een van de projecten heel goed werkt en wat andere projecten dan bijvoorbeeld kunnen overnemen. Ook kunnen de (de)implementatieprojecten hun plan van aanpak op onderdelen bijstellen als blijkt dat dit nodig is. Het overkoepelende project faciliteert dus voornamelijk de kennisuitwisseling en samenwerking tussen de (de)implementatieprojecten om zo een grotere impact te creëren en resultaten te borgen.

  • Hier zit een gelaagdheid in. Geef in uw projectidee aan welk inzicht gegeven zal worden; binnen de betrokken zorgafdelingen van de implementatieprojecten, binnen de betreffende zorgsectoren of binnen de gehele gezondheidszorg (uitgesplitst per sector).

  • Naast de voor de hand liggende brede omvang van expertise in verplegingswetenschappelijk
    onderzoek van een hoogleraar heeft dit ook de voorkeur om zo samenhang te versterken in
    het Nederlands verplegingswetenschappelijk onderzoek en om samenwerking in de driehoek
    wetenschap, onderwijs en praktijk te bevorderen.

  • Deze betrokkenheid zal bij prioritering gelaagd worden meegewogen waarbij een
    hoofdaanvrager als meer betrokken wordt gecategoriseerd dan bijvoorbeeld deelname in een
    meeleesgroep.

  • De ervaring bij ZonMw is dat er genoeg enthousiasme is bij individuele projecten om te participeren in een overkoepelend project. Het kan echter voorkomen dat een projectgroep minder inspanning levert dan het overkoepelend project had geanticipeerd. Dat kan gevolgen hebben voor de uiteindelijke resultaten van het overkoepelend project. In dergelijke situaties gaan we in gesprek met de betrokken projectgroepen om te kijken wat de mogelijkheden zijn. Daarnaast ligt er ook een rol bij het overkoepelend project zelf om de individuele projecten bij elkaar te brengen, samen te werken, af te stemmen en enthousiasme te creëren. Laat dus ook in het projectidee zien hoe dit aangepakt zal worden.

  • Individuele projecten komen uit dezelfde subsidieronde en werken naar vergelijkbare doelen toe. Desalniettemin kan dit een uitdaging zijn. De ervaring is echter dat de inspanningen van een overkoepelend project ondersteunend zijn aan de individuele projecten, welke over het algemeen worden gewaardeerd. Het overkoepelende project kan individuele projecten aansporen om samen deze uitdaging aan te pakken. ZonMw kan het overkoepelend project hierbij ondersteunen, bijvoorbeeld door het faciliteren van een projectenbijeenkomst of het laten opnemen van vragen in voortgangsverslagen van de individuele projecten. Het kan ook zo zijn dat de programmacommissie tijdens de projectideefase opvallendheden signaleert die in de adviesbrief meegegeven kunnen worden.

  • Hier zit een gelaagdheid in. Er zal bij prioritering van subsidieaanvragen gelet worden op de onafhankelijkheid, maar op welk niveau dit is hangt af van de rollen binnen ingediende subsidieaanvragen. Zo zit er een duidelijk verschil tussen als overkoepelend projectlid op de begroting staan van een implementatieproject of slechts als meelezer bij een implementatieproject fungeren.

  • Het zou inderdaad kunnen dat een individueel implementatieproject anders loopt dan gepland. Dit kan bijvoorbeeld betekenen dat niet alle data beschikbaar zal zijn voor het overkoepelend project zoals opgenomen in hun planning. Het is lastig om op dit soort situaties vooruit te lopen, iedere situatie is uniek en vergt maatwerk. Zodra een dergelijke situatie zich voordoet gaat ZonMw in gesprek met de betreffende projectleiders.

Contact

Contact

Denise Temmink

Senior programmamanager
verplegingenverzorging [at] zonmw.nl

Janneke Wiersema

Programmasecretaris
verplegingenverzorging [at] zonmw.nl