De behandelstudies naar COVID-19 richten zich op urgente aanvullende onderzoeksvragen, uitbreiding van centra voor deelname aan deze klinische behandelstudies en/of uitbreiding van de patiëntenpopulatie. Een deel van deze behandelstudies maakt gebruik van het REMAP-CAP-platform. Deze projecten omvatten studies waarvoor onvoldoende financiële dekking is voor de volledige uitvoer.

Projecten op het gebied van Behandeling

Dit zijn de behandelstudies:

BCG-vaccinatie ter voorkoming van ernstige luchtweginfectie of COVID-19 bij kwetsbare ouderen (BCG PRIME)

Projectnummer: 10430072010001
Prof. dr. M.J.M. Bonten
UMC Utrecht

In deze placebo-gecontroleerde studie wordt de impact van BCG-vaccinatie onderzocht op het voorkomen van luchtweginfecties of COVID-19 bij kwetsbare ouderen. Er wordt gekeken naar twee primaire eindpunten: (a) het aantal coronabesmettingen dat optreedt, óf (b) het optreden van luchtweginfecties (inclusief COVID-19) waarvoor een medische behandeling noodzakelijk is.

BCG vaccinatie om COVID-19 ziekte-ernst en ziekteduur te beperken

Projectnummer: 10430012010026
Prof. dr. J.H.H.M. van de Wijgert en drs. T. ten Doesschate
UMC Utrecht

BCG (Bacillus Calmette-Guérin)-vaccinatie beschermt tegen tuberculose, maar bezit ook niet-specifieke effecten tegen andere pathogenen, zoals COViD-19. Een preventieve BCG-vaccinatie zou een positieve invloed kunnen hebben op de ernst en duur van COVID-19.
In deze studie wordt de impact van deze vaccinatie onderzocht op incidentie, ernst en duur van COVID-19. Daarbij wordt de ontwikkeling en levensduur van antilichamen en microbiotica van de luchtwegen onderzocht. Het inzetten van BCG-vaccinatie heeft tot doel risicogroepen te beschermen totdat COVID-19 specifieke vaccins beschikbaar komen.

Caging the dragon: translationeel onderzoek om trombose bij COVID-19 te begrijpen en voorkomen

Projectnummer: 10430012010004
Dr. M.J.H.A. Kruip
Erasmus MC

In het onderzoek worden de exacte omvang van het aantal veneuze trombo-embolie (VTE) gevallen in Nederland en het effect van de preventieve behandeling met heparine bestudeerd, risicofactoren geïdentificeerd en moet worden voorspeld welke factoren hieraan bijdragen. Tevens wordt aan de hand van laboratoriumonderzoek inzicht verkregen in het ontstaan van VTE.

Het effect van herstellend plasma op de ernst van COVID-19 - een fase 3-studie (Cov-Early)

Projectnummer: 10430062010001
Dr. B.J.A. Rijnders
Erasmus MC

De dubbelblinde, gerandomiseerde multicenter Cov-Early-studie onderzoekt het effect van herstellend plasma (plasma van ex-COVID-19-patiënten die virusneutraliserende anti-SARS-CoV2-antilichamen bevat) op de ernst van de ziekte.

Farmacotherapeutische trial op de IC (ANACOR-IC)

Projectnummer: 10150062010003
S.J. Hullegie MD PHD
UMC Utrecht

Een farmacotherapeutische trial met anakinra bij COVID-19-patiënten op de intensive care. Patienten kunnen deelnemen aan het testen van meerdere onderdelen van hun behandeling tegelijkertijd en nieuwe middelen kunnen direct in de studie worden opgenomen om te testen.

Samenwerken tegen Corona met Intensive Care Data

Projectnummer: 10430012010003
Dr. P.W.G. Elbers
Amsterdam UMC - locatie VUmc

Het doel van het project is te onderzoeken welke combinatie van behandelingen bij en eigenschappen van welke individuele intensive care-patiënten met COVID-19 leidt tot de beste uitkomsten aan de hand van machine learning, een belangrijke vorm van kunstmatige intelligentie, die wordt toegepast op grote hoeveelheden data van intensive care-patiënten met COVID-19 vanuit zo’n 50 samenwerkende ziekenhuizen. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door Amsterdam UMC - locatie VUmc; gefinancierd in het COVID-19 Programma, aandachtsgebied 1 Voorspellende diagnostiek en behandeling; start in 2020.

Trial van chloroquine en hydroxychloroquine-behandeling

Projectnummer: 10150062010001
Prof. dr. A.I.M. Hoepelman
UMC Utrecht

Trial van chloroquine en hydroxychloroquine-behandeling in patiënten die opgenomen zijn met matige tot ernstige COVID-19 (ARCHAIC-studie) onder andere door Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU), Nederlandse Internisten Vereniging, RIVM, Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis en Haaglanden Medisch Centrum; incidentele subsidieregeling COVID-19; gestart en gestopt in 2020).

De COUNTER-COVID studie: Oraal toegediende imatinib ter vermindering van longoedeem en ziektelast bij COVID-19

Projectnummer: 10430012010007
Dr. HJ. Bogaard
Amsterdam UMC - locatie VUmc   

Patiënten met ernstige COVID-19-klachten hebben vaak last van ernstig zuurstofgebrek, als gevolg van excessieve vaatlekkage en longoedeem. Ondanks eerste positieve onderzoeksresultaten blijft er vraag naar effectieve medicatie om longschade bij ernstige COVID-19 tegen te gaan. De Abl kinase inhibitor imatinib is bewezen werkzaam bij vaatlekkage en longoedeem. Daarnaast is ook aangetoond dat imatinib virusremmende eigenschappen heeft, onder andere bij SARS, MERS en COVID-19. Gebaseerd op die ervaringen, gaan de onderzoekers ervan uit dat imatinib de ziektelast van ernstige COVID-19-patiënten kan verlagen.

Een fase-2-klinisch-onderzoek noodzakelijk voor de klinische ontwikkeling van lanadelumab voor COVID-19

Projectnummer: 10430012010010
Dr. R.J.M. Brüggemann en dr. F. van de Veerdonk
Radboudumc

Patiënten met COVID-19 kunnen al vroeg in de ziekte last hebben van vocht in de longen (longoedeem) waardoor zuurstoftekort ontstaat. Er zijn aanwijzingen dat het virus de regulatie van de bloedvaatwand doorlaatbaarheid verstoord. Hierdoor kunnen aangemaakte kinines niet meer worden afgebroken op de plaats van de infectie.
In dit onderzoek wordt onderzocht of het intraveneus toedienen van lanadelumab de behoefte aan extra toediening van zuurstof – noodzakelijk door longoedeem – kan verminderen en voorkomen tijdens de COVID-19-infectie.

BTK inhibitie als therapie voor hyper-inflammatoir syndroom in COVID-19 patiënten

Projectnummer: 10430012010013
Dr. O.B.J. Corneth
Erasmus MC

Bij ongeveer 5% van de COVID-19-patiënten is opname op de Intensive Care (IC) noodzakelijk vanwege ernstige ademhalingsproblemen. Men denkt dat deze door een hyperinflammatie of ’cytokinestorm’ veroorzaakt worden. De productie van cytokines door cellen van het afweersysteem is afhankelijk van Bruton’s tyrosine kinase (BTK). Er bestaan geneesmiddelen die de werking van BTK remmen.
Deze studie heeft tot doel te onderzoeken of en op welke wijze deze BTK-remmers een zeer ernstig klinisch verloop met langdurige IC-opname kan voorkomen tijdens de acute fase van COVID-19 in het ziekenhuis en mogelijk ook in verpleeghuizen. Het onderzoek richt zich op het ontrafelen van de moleculaire mechanismen in afweercellen van gezonde personen en van COVID-patiënten die behandeld worden met BTK-remmers.

COVID-19 en herseninfarct – Hoe temmen we een slapend monster

Projectnummer: 10430012010014
Prof. dr. M.V. Huisman en prof. dr. F-E. de Leeuw
LUMC /  Radboudumc

Tijdens verblijf op de intensive care (IC) kunnen patiënten met een COVID-19-infectie met trombotische complicaties te maken krijgen, zoals trombosebeen en longembolieën. Recente kleine studies suggereren dat ook een herseninfarct kan ontstaan als complicatie van een COVID-19-infectie. Deze complicaties kunnen leiden tot een slechte klinische uitkomst of overlijden.
In dit onderzoek wordt bij een groot aantal COVID-19-patiënten, die op de IC hebben gelegen, het optreden van het herseninfarct in beeld gebracht, de oorzaak en de gevolgen daarvan onderzocht en de juiste behandeling ter preventie van deze herseninfarcten geëvalueerd.

RAS-remming ter preventie van het Acute Respiratory Distress Syndrome (ARDS) bij patiënten opgenomen met een COVID-19 infectie

Projectnummer: 10430012010020
Dr. D.H.F. (Frank) Gommans
Netherlands Heart Institute

De COVID-19-pandemie veroorzaakt een hoge morbiditeit en mortaliteit doordat een COVID-19-infectie kan zorgen voor acute longschade en gecompliceerd kan worden met het ernstige acute respiratory distress syndrome (ARDS). Het renine-angiotensine-systeem (RAS), een bekende cardiovasculaire cascade, blijkt ook een rol te spelen bij de ontwikkeling van ARDS. Er wordt aangenomen dat het COVID-19-virus het enzym ACE2 verbruikt. Dit is een enzym dat normaalgesproken angiotensine-II (ANG-II) afbreekt. Door vermindering van ACE2 kan een ophoping van ANG-II ontstaan, wat kan leiden tot acute longschade met IC-opnames en overlijden mogelijk tot gevolg. De hypothese is dat RAS-remming middels ACE-remmers en angiotensine-receptorblokkers, zoals bijvoorbeeld respectievelijk lisinopril en valsartan, de ontwikkeling van acute longschade en ARDS bij opgenomen COVID-19 patiënten kunnen tegengaan, waardoor IC-opnames en overlijdens kunnen worden voorkomen.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website