Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

‘Mensen met een beperking horen niet aan de rand van de samenleving’

Cathelijne Denekamp (Rijksmuseum) en Martijn Houtepen (Stichting Accessibility) over 10 jaar VN-verdrag Handicap
Laatst aangepast:

10 jaar na de invoering van het VN-verdrag Handicap zien Cathelijne Denekamp (Rijksmuseum) en Martijn Houtepen (Stichting Accessibility) allebei meer bewustzijn over toegankelijkheid én meer organisaties die in beweging komen. Toch blijft ontoegankelijkheid hardnekkig – digitaal én fysiek. ‘Zichtbaarheid is cruciaal.’

Voor Martijn Houtepen betekent het VN-verdrag Handicap vooral dat toegankelijkheid geen gunst is, maar een recht. Hij werkt bij Stichting Accessibility, dat zich inzet voor digitale, fysieke en sociale toegankelijkheid. Zijn organisatie adviseert bedrijven en werkt aan maatschappelijke projecten, bijvoorbeeld om toegankelijkheid op te nemen in ICT-opleidingen. ‘Wat mij betreft maakt het VN-verdrag Handicap duidelijk dat de maatschappij zich moet aanpassen. Niet de beperking van de mens moet centraal staan, maar de ontoegankelijke omgeving.’ Hij ziet dat steeds vaker vanuit dit ‘sociale model’ wordt gedacht: ‘Dus niet “wat mankeert iemand?”, maar “wat moeten wij veranderen?”’

Voor Cathelijne Denekamp, manager toegankelijkheid bij het Rijksmuseum, betekent het VN-verdrag Handicap dat iedereen moet kunnen deelnemen. In het museum gaat het dan om méér dan drempelvrij kunnen binnenkomen: bezoekers en medewerkers moeten zich ook welkom, gezien en serieus genomen voelen. ‘Toegankelijkheid gaat over menselijke diversiteit,’ zegt zij. ‘Mensen met een beperking horen niet aan de rand van de samenleving, maar midden in cultuur, media, onderwijs, werk en vrije tijd.’

Duidelijke omslag

Martijn Houtepen ziet een duidelijke omslag in bewustzijn. 10 jaar geleden was Stichting Accessibility vrijwel alleen actief in digitale toegankelijkheid; inmiddels is er een heel ‘ecosysteem’ van adviseurs, testbedrijven en organisaties: ‘Toegankelijkheid is een markt geworden.’ Cathelijne Denekamp herkent de omslag in bewustzijn die Martijn Houtepen ziet. Toen zij 9 jaar geleden begon, moest ze veel meer ‘trekken en duwen’ om het onderwerp toegankelijkheid intern op de agenda te krijgen. Ze noemt de prikkelarme avond als voorbeeld. ‘Als Rijksmuseum begonnen wij daarmee, en inmiddels doen veel andere musea dat ook.’

1 / 1

'Het idee dat toegankelijkheid altijd ten koste gaat van schoonheid, gebruiksgemak of beleving, is onzin.’

Martijn Houtepen, business consultant bij Stichting Accessibility

Praktijk blijft weerbarstig

Martijn Houtepen vindt dat ondanks het toegenomen bewustzijn de praktijk weerbarstig blijft. Hij noemt overheidswebsites als voorbeeld. ‘Dat nog steeds maar een klein deel toegankelijk is voor mensen met een beperking, is toch schokkend? Het bewustzijn is wel gegroeid, maar eindgebruikers lopen nog dagelijks tegen drempels aan.’ 

Cathelijne Denekamp heeft geleerd dat toegankelijkheid soms nauw luistert en om maatwerk vraagt: wat voor de ene persoon met een beperking werkt, kan voor de ander juist een drempel zijn. ‘Bij onze tentoonstelling over insecten was de zaal heel donker en werden de insecten fraai uitgelicht. Prikkelgevoelige mensen vonden dat geweldig, maar voor slechtzienden was het minder fijn. Stichting Accessibility adviseerde ons om een lijn op de grond aan te brengen die mensen kunnen voelen, zodat ze weten hoe ze moeten lopen. En ze adviseerden ons om de plinten aan te lichten, zodat iedereen ziet waar de grond eindigt en de muur begint.’ Haar boodschap: neem altijd ervaringsdeskundigen en experts mee in je ideeën – en vanaf het prille begin.

Terug naar de basis

Als het gaat om kennis of inzichten die nu nog ontbreken, ziet Cathelijne Denekamp vooral een tekort aan vakkennis in opleidingen. ‘Ontwerpers leren vaak niet hoe ze toegankelijk kunnen ontwerpen. Daardoor wordt toegankelijkheid iets extra’s achteraf en krijgt het al snel de reputatie dat het een ontwerp minder mooi maakt.’ Martijn Houtepen gruwt ervan: ‘We moeten zulke vooroordelen doorbreken. Het idee dat toegankelijkheid altijd ten koste gaat van schoonheid, gebruiksgemak of beleving, is onzin.’ 

Toegankelijkheid moet terug naar de basis, zegt Denekamp: in ICT-opleidingen, erfgoedopleidingen, geschiedenis, pabo’s, ontwerp-opleidingen. ‘In elke opleiding is het relevant, want mensen met een beperking zijn overal. Het is belangrijk dat iedereen zich dat realiseert.’ Zelf start ze een leergang ‘Toegankelijkheid in cultuur’, zodat musea en culturele instellingen verder komen dan alleen bewustwording.

1 / 1

‘Als mensen niet weten dat ze ergens welkom zijn, komen ze niet. Dan blijft de cirkel van ontoegankelijkheid bestaan.’

Cathelijne Denekamp, manager toegankelijkheid bij het Rijksmuseum

Meer zichtbaarheid

Over de vraag ‘Waar moeten we morgen mee beginnen of juist mee stoppen?’ hoeven de 2 niet lang na te denken. Martijn Houtepen zou graag strenger handhaven: ‘Als een organisatie nu nog een ontoegankelijke website bouwt, moet dat niet normaal worden gevonden.’ Denekamp zou beginnen met beter communiceren welke plekken wél toegankelijk zijn. ‘Als mensen niet weten dat ze ergens welkom zijn, komen ze niet. Dan blijft de cirkel van ontoegankelijkheid bestaan.’ Houtepen sluit zich daarbij aan: ‘Voor nieuwe gebouwen is toegankelijkheid nog te vaak afhankelijk van vrijwillige normen. Dat vind ik onbegrijpelijk. Het Rijksmuseum laat zien hoe je het consequent kunt aanpakken.’ 

Cathelijne Denekamp pleit ook voor meer zichtbaarheid van mensen met een beperking. ‘In het Rijksmuseum willen we laten zien dat mensen met een beperking er altijd al waren, ook in de kunst. Maar hetzelfde moet gebeuren op televisie, in talkshows, in de samenleving als geheel. Dit zorgt voor representatie, waardoor mensen met een beperking zichzelf kunnen herkennen. En het zorgt voor normalisering, want iedereen wordt zich dan bewust van de menselijke diversiteit. Naast toegankelijkheid is dus ook zichtbaarheid cruciaal.’ 

Tijd voor versnelling

10 jaar na de ratificatie van het VN-verdrag Handicap zijn Cathelijne Denekamp en Martijn Houtepen het er roerend over eens: bewustwording alleen is niet meer genoeg. De samenleving wéét inmiddels dat toegankelijkheid belangrijk is. ‘De verandering mag niet langer geleidelijk voortkabbelen,’ zegt Houtepen. ‘Het is tijd voor versnelling.’ Denekamp: ‘Inderdaad, nu moet het gebeuren: in websites, gebouwen, opleidingen, musea, media en beleid.’ Houtepen: ‘Niet als extra service, maar als vanzelfsprekend onderdeel van ontwerp en uitvoering.’

Interviews over 10 jaar VN-verdrag Handicap in Nederland

Op 14 juli 2016 sloot Nederland zich aan bij het VN-verdrag Handicap. Daarin staat wat de overheid moet doen om ervoor te zorgen dat mensen met een beperking kunnen meedoen in de samenleving. In een interviewreeks vragen we verschillende mensen naar hun visie op het verdrag. Wat is er de afgelopen 10 jaar veranderd? Wat staat er op hun verlanglijstje voor de komende jaren? En hoe kan kennis helpen om het VN-verdrag uit te voeren? 

Colofon

Tekst: Stan Verhaag
Fotografie: Sietske Raaijmakers