Achtergrond afbeelding Achtergrond afbeelding darkmode

‘We moeten jongeren vragen wat hun wensen bij bewegen en sport zijn’

Wat beweegt VMBO-jongeren? Deze vraag stond centraal tijdens de roadshow van het VMBO Sportlab, die op 10 oktober 2024 plaatsvond op het Kaj Munk College in Hoofddorp. De bijeenkomst was bedoeld om kennis en ervaringen uit te wisselen.

De roadshow is net begonnen. Voor de klas staat Miriam Creijghton, gekleed een zachtrood sportjack en een zwarte trainingsbroek met het logo van het Kaj Munk College, waar ze docent lichamelijk opvoeding is. Er zitten geen leerlingen in de bankjes, maar zo’n vijfentwintig partners van het VMBO Sportlab. Creijghton legt uit dat alle leerlingen van de mavo, ofwel vmbo-t, op Kaj Munk het vak lichamelijke opvoeding krijgen. In de hal van de school staat een veel gebruikte tafeltennistafel. Ook kunnen leerlingen een bal lenen om te sporten op het veldje voor het gebouw. De school staat open voor meer beweegmogelijkheden. 

Masterthesis

Creijghton is als praktijkpartner verbonden aan het VMBO Sportlab. Tijdens deze roadshow geeft ze uitleg over haar thesis ‘Wat beweegt VMBO-jongeren’, die ze schreef voor de master Sport- en Bewegingsonderwijs van Fontys in Eindhoven. Haar onderzoek gaat over beweeggedrag buiten schooltijd van 2de en 3dejaars vmbo-t-jongeren op het Kaj Munk. Ze liet 135 leerlingen ieder een digitale vragenlijst invullen en deed groepsinterviews. De resultaten zijn opvallend. Gemiddeld zijn leerlingen per dag 1 uur en 43 minuten bezig met bewegen. Of het nou gaat om fietsen of lopen naar school, actief zijn op de sportschool of andere activiteiten. Al voldoen 40 van de 135 leerlingen niet aan de beweegnorm. ‘Jongeren vinden bewegen belangrijk, maar het liefst spreken ze af met vrienden’, vertelt Creijghton. Motivatie is cruciaal. ‘Ze gaan alleen bewegen als ze het leuk vinden.'

Afbeelding
‘Jongeren vinden bewegen belangrijk, maar het liefst spreken ze af met vrienden’, vertelt Creijghton. Motivatie is cruciaal. ‘Ze gaan alleen bewegen als ze het leuk vinden.’
Miriam Creijghton
Praktijkpartner VMBO Sportlab

'We moeten ons meer verdiepen in de leerlingen'

Uit de zaal klinken enthousiaste reacties. Iemand noemt de studie ‘super waardevol’ voor zowel praktijk als onderzoek. Er is ook verbazing over de jongeren die volgens het onderzoek behoorlijk veel bewegen. Creijghton vertelt dat de resultaten haar als LO-docent stimuleren om meer met jongeren in gesprek te gaan. ‘We draaien onze les. Dat is belangrijk, maar we moeten ons ook meer verdiepen in de leerlingen en wat zij willen.’

Op het Kaj Munk College wordt gewerkt aan een sportcommissie, die bestaat uit leerlingen. ‘Al staat die nog in de kinderschoenen’, zegt Creijghton. De bedoeling is dat de sportcommissie helpt beweegactiviteiten tijdens en na school op te zetten. 

Wereldwijde pandemie

‘Mensen zijn steeds minder fysiek actief en dat heeft gevolgen voor gezondheid en sociaal welbevinden. Het is een wereldwijde pandemie’, vertelt Bert Steenbergen, hoogleraar orthopedagogiek aan de Radboud Universiteit tijdens een telefonisch interview. VMBO-leerlingen behoren tot groepen die vaak te weinig bewegen. Toen ZonMw een call uitschreef voor projecten gericht op het bevorderen van bewegen onder jongeren, zat Steenbergen met 25 wetenschappers, docenten, professionals en jongeren een week in Hotel Lunteren om samen te brainstormen. Tijdens deze ‘sandpit’ ontstond het idee voor het VMBO Sportlab. Vervolgens schreef Steenbergen met anderen het voorstel, dat de ZonMw-beoordelingscommissie honoreerde met een bedrag van 1,3 miljoen euro. 

Geen one size fits all

Het 3-jarige VMBO Sportlab telt nu 23 partners zoals hogescholen, beleidsinstituten, vmbo-scholen en een universiteit. ‘We zijn op zoek naar hoe je jongeren op een leuke manier kunt stimuleren om meer te bewegen’, zegt Steenbergen. ‘Er is niet een sleutel tot succes. Het is geen one size fits all.’ Het project wil een toolbox ontwikkelen met verschillende leerlingtypes, effectieve interventies en werkzame mechanismes. Om kennis en ervaring uit te wisselen organiseert het VMBO Sportlab roadshows, die niet alleen online plaatsvinden, maar ook twee maal per jaar op locatie.

Afbeelding
VMBO Sportlab collage

'We willen niet alleen halen'

‘Het is belangrijk om resultaten te delen, zoals Miriam nu met haar onderzoek doet’, vertelt Gitte Kloek, lector gezondheidsbevordering in de zorg aan Saxion en als wetenschapper verbonden aan het VMBO Sportlab. Dan klinkt keihard de zoemer. Met veel kabaal komen leerlingen langs. Creijghton heeft georganiseerd dat het VMBO Sportlab met een klas in gesprek gaat. ‘We willen vandaag niet alleen halen, maar ook brengen’, zegt Kloek. Het VMBO Sportlab heeft 2500 euro beschikbaar gesteld voor beweegactiviteiten van het Kaj Munk.

Jong geleerd, oud gedaan

Terwijl het voor sommige wetenschappers lastiger is om contact met jongeren te hebben, geldt dat niet voor Jolien Maas, onderzoeksmedewerker aan de Radboud Universiteit. Zij gaat ‘communities’ observeren van jongeren die meedoen aan activiteiten op school en deze ook organiseren, zoals een basketbaltoernooi of een clinic freerunnen door de school. Ze worden begeleid worden door 3 docenten, de community managers. ‘Ik vraag wat leerlingen motiveert of welke rol bijvoorbeeld hun ouders spelen, om zo te achterhalen hoe we hier het beste op in kunnen spelen.’ Maas vormt een brug tussen wetenschap en praktijk. ‘Om de waardevolle kennis die wetenschappers ontwikkelen bij de praktijk te brengen, en omgekeerd.’

Luisteren naar jongeren

Creijghton vertelt tijdens de lunch over de rol van het VMBO Sportlab. Als LO-docent wil ze zich blijven ontwikkelen en lessen te verbeteren. ‘We moeten ook meer luisteren naar jongeren en hen vragen wat hun wensen bij bewegen en sport zijn. Het is wel ingewikkeld, want ze willen allemaal iets anders.’ Maar daar ligt wel haar droom. ‘Ik zou het mooi vinden als alle jongeren een vorm van bewegen ontdekken die ze leuk vinden en dat wij dat faciliteren. Wellicht wil eentje skeeleren en de ander voetballen. Misschien lastig te realiseren. Maar het is een cruciale fase binnen levenslang bewegen.’ Dat zegt ook Maas: ‘Als iemand als jong kind sport, is dat een voorspeller dat je later als volwassene ook zult sporten. Het is ook om die reden belangrijk dat kinderen een positieve sportervaring hebben, zodat ze er niet mee stoppen.’

Afbeelding
‘Als iemand als jong kind sport, is dat een voorspeller dat je later als volwassene ook zult sporten.'
Jolien Maas
Onderzoeksmedewerker aan de Radboud Universiteit

Het rooster en het team

In het lokaal zijn leerlingen aangeschoven bij de tafels waar de partners van het VMBO Sportlab zitten. Een jongen vertelt dat hij dol is op basketbalspelen, maar een ander voelt meer voor een calisthenics park. Verderop legt een meisje uit dat ze deed aan paardrijden, kickboksen, dansen en judo, maar telkens stopte omdat het rooster niet aansloot of teamgenoten niet leuk waren. Zij en ander meiden voelen er weinig voor om in de sportcommissie zitting te nemen. ‘Behalve als het leuke mensen zijn en ik het kan inwisselen voor wiskunde’, zegt een meisje.

Bij de terugkoppeling blijkt dat andere leerlingen er ook zo over denken. Ze willen alleen in de sportcommissie als het tijdens schooluren kan en er een beloning tegenover staat. Hun wensen voor sportvoorzieningen op het Kaj Munk lopen uiteen van een goede gym, bokszakken, een basket, calisthenics park en een track voor mountainbiken. Dan gaat de bel. Weg zijn de leerlingen. De partners van het VMBO Sportlab zetten de tafels weer netjes in rijen om daarna met z’n allen te gaan boulderen.

Tekst: Tjitske Lingsma

Foto’s: ZonMw