Off Road subsidie voor 24 vernieuwende onderzoeken
Deze subsidie biedt 24 getalenteerde onderzoekers de mogelijkheid om hun gedurfde, out-of-the-box ideeën binnen de (bio)medische wetenschap en gezondheidszorg te onderzoeken. Zij krijgen hiermee de kans om hun innovatieve hypotheses in 1 tot 1,5 jaar uit te werken. Wat de onderzoekers verbindt? Ze durven te denken buiten de traditionele kaders.
Wat maakt de Off Road subsidie uniek?
Het Off Road programma daagt creatieve en avontuurlijke onderzoekers uit om hun innovatieve en risicovolle ideeën te verkennen en te vertalen naar een proof of concept. Het draait hierbij vooral om de originaliteit en potentie van het idee, en minder om de wetenschappelijke reputatie of eerdere prestaties van de aanvrager.
Het programma richt zich op onderzoek met een hoog-risico karakter dat niet op de gebaande paden van onderzoek ligt. Zo stimuleert Off Road het ontstaan van nieuwe inzichten en onverwachte doorbraken binnen het biomedische en gezondheidsdomein.
NAMs investeringsmodule
In samenwerking met het ZonMw-programma Meer Kennis met Minder Dieren en Stichting Proefdiervrij kon er tijdens deze ronde een investeringsmodule aangevraagd worden om de extra kosten te dekken voor het gebruik van New Approach Methodologies (NAMs). Hiermee wil ZonMw onderzoekers stimuleren om hun onderzoek zonder dierproeven uit te voeren, en juist proefdiervrije onderzoeksmodellen ofwel NAMs te gebruiken.
Meer informatie
• Voor meer informatie ga naar de programma pagina
• Voor vragen neem contact op via e-mail offroad@zonmw.nl
Wilt u meer weten over de 24 gehonoreerde projecten? klik op het kruisje!
-
Mechanismen van endolysosomale exocytose door microglia in de ziekte van Alzheimer
Dr. M.P. Bebelman, Universiteit Utrecht
Bij de ziekte van Alzheimer vormen verkeerd gevouwen eiwitten aggregaten die zich ophopen in de hersenen en de functie van zenuwcellen verstoren. De afweercellen van de hersenen, microglia genoemd, beschermen de hersenen door deze aggregaten als het ware “op te eten” en af te breken. Recent onderzoek suggereert echter dat microglia deze eiwitaggregaten ook weer kunnen “uitspugen” (een proces dat exocytose wordt genoemd), wat bijdraagt aan de verspreiding ervan door de hersenen. In dit project zal ik menselijke microglia in een petrischaaltje genetisch modificeren zodat ze een reporter bevatten waarmee ik exocytose kan meten. Vervolgens zal ik deze cellen gebruiken om te onderzoeken waarom en hoe microglia eiwitaggregaten uitscheiden. Dit onderzoek kan bijdragen aan de ontwikkeling van nieuwe strategieën om de verspreiding van schadelijke eiwitaggregaten in de hersenen van mensen met de ziekte van Alzheimer te vertragen of te voorkomen.De Barrière Doorbreken: Solide Tumoren Mechanisch Openen voor CAR-T Celtherapie
Dr. V.J.B van Santen, Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam
Veel kankerpatiënten met vaste tumoren hebben weinig baat bij CAR-T therapie, een veelbelovende behandeling die wel goed werkt bij bloedkanker. De reden is simpel: deze CAR-T cellen kunnen de tumor vaak niet bereiken. In dit project wil ik die barrière doorbreken. Ik onderzoek of we met een bestaand en veilig medicijn (losartan) de bloedvaten in tumoren kunnen openen, zodat CAR-T cellen beter naar binnen kunnen en kankercellen effectiever kunnen aanvallen. Als dit werkt, kan dat een grote doorbraak betekenen voor de behandeling van solide tumoren. Ik test dit in een geavanceerd 3D-labmodel dat tumoren en bloedvaten nabootst. Dit maakt het mogelijk om snel en betrouwbaar te zien of de aanpak werkt. Uiteindelijk kan dit leiden tot nieuwe, effectievere behandelingen voor een grote groep patiënten met solide tumoren die nu nog weinig opties heeft.Brainstorm: Ontregeling van interferon-ω op het kruispunt van virale infectie en neurodegeneratie
Dr. L. Bauer, Erasmus Universitair Medisch Centrum Rotterdam
Interferonen zijn immuunsignalen die het lichaam helpen virale infecties te bestrijden, maar hoe ze de hersenen beschermen is onbekend. Recent onderzoek suggereert dat interferon-omega (IFNω) een sleutelrol speelt — mensen zonder IFNω-activiteit kunnen ernstige hersenziekte ontwikkelen na virale infectie, wat aangeeft dat het essentieel is voor bescherming. Hier onderzoek ik de rol van IFNω in zowel bescherming van de hersenen tegen virusinfectie als regulatie van communicatie tussen hersencellen. Hiertoe zal ik virusziekte van de hersenen nabootsen door een op menselijke stamcellen gebaseerd hersenmodel bestaande uit gespecialiseerde celtypen (neuronen, astrocyten en microglia) bloot te stellen aan virussen of IFNω, om zo immuunreacties en neuronale activiteit te karakteriseren. Virale hersenaandoeningen kunnen ernstige ziekte, blijvende schade en overlijden veroorzaken — beter begrip van IFNω kan leiden tot effectievere behandelingen en het voorkomen van complicaties.HYPER-BOND: Stress bij de moeder, foetale beweging en prenatale hechting bij hyperemesis gravidarum
Dr. B.N. Ustun-Elayan, Universitair Medisch Centrum Groningen
Hyperemesis gravidarum (HG) is een ernstige vorm van misselijkheid en braken tijdens de zwangerschap die een grote impact kan hebben op het fysieke en emotionele welzijn van vrouwen. Veel vrouwen voelen zich uitgeput, overweldigd en minder verbonden met hun ongeboren baby. Verminderde prenatale binding kan ook gevolgen hebben voor de ontwikkeling van het kind. Huidige behandelingen richten zich vooral op lichamelijke symptomen en besteden weinig aandacht aan deze emotionele kant. Dit project onderzoekt een nieuwe manier om vrouwen met HG te ondersteunen met 4D-echografie, waarbij moeders hun baby in real time zien. Dit kan helpen om verbinding te versterken en stress te verminderen, zelfs tijdens een moeilijke zwangerschap. Als deze aanpak succesvol is, kan dit een eenvoudige manier bieden om de zwangerschapservaring te verbeteren en mogelijk ook de mentale gezondheid van moeders bij andere risicovolle zwangerschappen te ondersteunen.Meer dan alleen Menstruatie: Hoe Geslachthormonen IJzer Metabolisme Reguleren
Dr. M. Molenaars, Amsterdam Universitair Medisch Centrum
IJzertekort is het meest voorkomende voedingstekort wereldwijd en treft vooral vrouwen. Dit wordt toegeschreven aan menstrueel bloedverlies, maar dierstudies in niet-menstruerende dieren vertonen dezelfde sekseverschillen in ijzerstatus. Dit project onderzoekt of estradiol en testosteron bepalen hoe het lichaam ijzer opslaat en gebruikt. We meten ijzermarkers in bloed van mensen die genderbevestigende hormoontherapie ondergaan en testen effecten van geslachtshormonen op ijzer- en energiemetabolisme in menselijke levercellen met multi-omics. Indien bevestigd, verandert dit ons begrip van waarom ijzertekort aanhoudt bij vrouwen. Voor patiënten is dit belangrijk omdat ijzertekort vaak onder-gediagnostiseerd is en lang duurt om op te lossen. Het kan leiden tot hormoongerichte behandelingen die ijzertekort sneller verhelpen, ten bate van miljoenen die lijden aan vermoeidheid en verminderde levenskwaliteit.Genetische counseling bij problematisch middelengebruik: helpend of schadelijk?
Dr. J.A. Pasman, Amsterdam Universitair Medisch Centrum
In dit project onderzoeken we of genetische counseling mensen met middelenproblemen helpt, of ook schadelijk kan zijn. Psychiatrische genetische counseling is nieuw in Nederland en er is weinig bekend over de effecten. Het is onduidelijk of genetische informatie herstel ondersteunt, of juist het gevoel kan geven dat verandering niet mogelijk is. We interviewen eerst patiënten die genetische counseling hebben gehad om positieve en negatieve ervaringen in kaart te brengen. Daarna testen we verschillende manieren om genetisch risico uit te leggen in een online studie onder mensen met middelenproblemen. Tot slot combineren we deze resultaten in een beslisboom voor clinici om genetische informatie beter te communiceren. Dit project is belangrijk omdat het mogelijke schade kan voorkomen en zorg kan verbeteren. Door beter te begrijpen wanneer genetische counseling helpt of schaadt, kunnen we patiënten en hun naasten ondersteunen met duidelijkere, veiligere en effectievere communicatie.Genoom-brede kwantificering van de novo structurele varianten in menselijke zaadcellen
Dr. W. Höps, Radboud Universitair Medisch Centrum
Miljoenen kinderen worden elk jaar geboren met gezondheids- of ontwikkelingsproblemen door genetische aandoeningen, waarbij delen van hun DNA ontbreken, verdubbeld zijn of anders gerangschikt. Dergelijke mutaties ontstaan tijdens de vorming van zaad- of eicellen van de ouders. We begrijpen echter nog niet volledig waarom bepaalde DNA-regio’s vaker worden getroffen, en of sommige schadelijke veranderingen onopgemerkt blijven. Het bestuderen van het ontstaan van deze mutaties is moeilijk, omdat analyse van het volledige DNA van duizenden patiënten nodig is. In dit project omzeilen onderzoekers dit met nieuwe technologie om mutaties te identificeren en toe te passen op zaadcellen, die dienen als ‘virtuele’ nakomelingsgenomen. Dit levert de eerste volledige kaart van waar en hoe vaak deze mutaties optreden en biedt belangrijke inzichten in biologische processen die tot ziekte leiden. Daarmee maakt het onderzoek vooruitgang mogelijk in diagnose en begrip van deze aandoeningen.InnerMuscle: Ontrafelen van de communicatie tussen spieren en zenuwen in geavanceerde 3D modellen
Dr. C.M.S. Philips, Universiteit Maastricht
Onvolledig herstel na letsel van de faciale zenuw kan leiden tot verlies van spiercontrole, waardoor functies zoals glimlachen en spreken worden aangetast. Door een gebrek aan relevante in vitro modellen, blijft het onderliggende mechanisme onduidelijk. Dit project zal 3D-systemen ontwikkelen die de craniofaciale neuromusculaire as nabootsen. Constructen van faciale spieren worden gecreëerd in een op ECM gebaseerde hydrogel, terwijl motorische en sensorische neuronen begeleid worden om gerichte verbindingen te vormen. Het platform maakt gecontroleerde studie van denervatie en competitieve re-innervatie mogelijk, waarbij innervatiepatronen en moleculaire reacties in kaart worden gebracht. Zo zal dit veelzijdige systeem de ontdekking van therapeutische doelwitten versnellen, screening van geneesmiddelen ondersteunen en een krachtig hulpmiddel bieden voor onderzoek van bredere neuromusculaire aandoeningen, uiteindelijk leidend tot verbeterde levenskwaliteit van patiënten met palsy.Testen van contractie‑geïnduceerde NMJ synaps fragiliteit in Duchenne met humane 3D kweekmodellen
Dr. R.G. Goossens, Leids Universitair Medisch Centrum
Bij Duchenne spierdystrofie verzwakken spieren omdat zij de schade die tijdens dagelijkse samentrekkingen ontstaat niet goed kunnen herstellen. We willen begrijpen of de verbinding tussen zenuw en spier (de neuromusculaire overgang, NMJ) kapot gaat doordat de spier al kwetsbaar is, of dat problemen in de NMJ zelf bijdragen aan deze verzwakking. Daarvoor maken we kleine 3D menselijke spierweefsels met motorische zenuwcellen, zodat er werkende NMJ’s ontstaan. We activeren en rekken deze spiertjes voorzichtig om te zien hoe normale en “rekken-tijdens-contractie”-bewegingen de kracht en signaaloverdracht beïnvloeden, zowel in gezond als in Duchenne weefsel. Dit model kan later worden gebruikt om medicijnen te testen die de NMJ beschermen. Als het versterken van de NMJ helpt om spierkracht te behouden, kunnen patiënten mogelijk langer mobiel blijven. Het systeem kan bovendien de ontwikkeling van nieuwe behandelingen versnellen en het gebruik van proefdieren verminderen.Suïcidale crises als kantelpunt: een realtime studie met digitale monitoring
Dr. J.S. van Bentum, Universiteit Utrecht
Suïcide heeft grote gevolgen voor mensen zelf en hun naasten. Suïcidale crises lijken vaak plotseling te ontstaan, maar we begrijpen nog onvoldoende hoe dat gebeurt. Dit project onderzoekt een nieuwe verklaring: dat een crisis ontstaat als een kantelpunt, waarbij gedachten en gevoelens ineens omslaan. We volgen mensen met een verhoogd suïciderisico gedurende enkele weken met korte vragen op hun smartwatch. Zo brengen we veranderingen in gedachten, gevoelens en gedrag van moment tot moment in kaart. We onderzoeken of er vroege signalen zijn die zo’n omslag aankondigen. Dit kan helpen om kwetsbare momenten eerder te herkennen. Dat is belangrijk voor patiënten en hun naasten, maar ook voor therapeuten, zodat zij beter kunnen inspelen op beginnende crises en gerichter kunnen behandelen.Van Niveau naar Verandering: Een Nieuwe Kijk op Neurosteroïden en Mentale Gezondheid
Dr. L. Rösler, Nederlands Herseninstituut
Vrouwen hebben twee keer zoveel kans als mannen om een depressie te ontwikkelen — maar de hormonale mechanismen die deze kwetsbaarheid veroorzaken, zijn nog slecht begrepen. Miljoenen vrouwen ervaren stemmingsproblemen en slaapstoornissen tijdens reproductieve transities, een urgente en grotendeels onvervulde zorgbehoefte. Mogelijk meten we het verkeerde: niet de hormoonspiegels zelf, maar hoe snel ze veranderen. Doordat onderzoek zich vrijwel uitsluitend heeft gericht op gemiddelde niveaus, is een mogelijk cruciale kwetsbaarheidsfactor over het hoofd gezien. Dit project test dit idee door hormonen, slaap en stemming dagelijks te volgen gedurende de menstruatiecyclus in het dagelijks leven. Als verandering van hormonen — in plaats van niveau — de kwetsbaarheid blijkt te bepalen, kan dit leiden tot vroegere opsporing en gerichtere behandelingen, waardoor de wereldwijde belasting van depressie, angst en slaapproblemen bij vrouwen wordt verminderd.IMMERSE: Een CRISPR-Cas9‑screeningplatform voor immunometabole inzichten in primaire macrofagen
Dr. F Vrieling, Wageningen University and Research
Ons immuunsysteem beschermt ons tegen schadelijke indringers. Wanneer het echter overactief is, kan het ontstekingen veroorzaken die bijdragen aan ziekten zoals hart- en vaatziekten en obesitas. We weten dat de manier waarop immuuncellen energie gebruiken, ook wel hun metabolisme genoemd, een belangrijke invloed heeft op hun functioneren. Toch begrijpen we nog niet goed hoe we dit proces tijdens ziekte kunnen sturen. In dit project willen we nieuwe genen en processen vinden die het metabolisme van macrofagen aansturen. Deze inzichten kunnen in de toekomst helpen bij het ontwikkelen van behandelingen die schadelijke ontstekingen verminderen of het immuunsysteem juist versterken wanneer dat nodig is. We maken hiervoor gebruik van CRISPR-Cas9, een techniek waarmee we genen zeer precies kunnen aan- of uitzetten. Door veel genen systematisch te testen hopen we de belangrijkste genen te vinden die het metabolisme van immuuncellen bepalen, zodat deze verder kunnen worden bestudeerd.De Middernacht Fabriek
Dr. W. Kholosy, Universiteit van Amsterdam
Gentherapieën bieden genezing voor onbehandelbare ziektes zoals kanker. De extreem hoge kosten beperken echter de wereldwijde toegankelijkheid. De bottleneck is de inefficiënte productie van virale vectoren. Huidige industriële systemen vertrouwen op toxische schakelaars die een "metabole collaps" in
productiecellen veroorzaken: de fabriek sterft af voordat het werk af is. Ik ontwikkel de “Midnight Factory,” waarbij melatonine—een natuurlijk hormoon en celbeschermer—de productie aanstuurt. Ik heb een synthetische receptor ontworpen die melatonine hergebruikt als een precisie-inductietrigger. Anders dan toxische triggers werkt melatonine als een "Actief Schild" dat de mitochondriën beschermt tijdens productie. Dit project zal het systeem valideren onder proefdiervrije (NAMs) condities om de opbrengst te vertienvoudigen. Zo transformeren we dure doorbraken in betaalbare, duurzame behandelingen voor alle patiënten.Van genetische risicoscores naar regulatoire profielen: Evaluatie van biologische AI in β cellen
Dr. A.J. Claringbould, Erasmus Universitair Medisch Centrum
Type 2 diabetes wordt beïnvloed door allerlei genetische factoren, maar we weten nog niet goed hoe deze erfelijke risico’s bijdragen aan het ontstaan van de ziekte. Een hypothese is dat specifieke combinaties van genvarianten de functie van insulineproducerende cellen veranderen, maar dit is nog niet bewezen. In dit project onderzoek ik of nieuwe AI-technieken kunnen voorspellen hoe genetische verschillen zich openbaren in menselijke insulineproducerende cellen. Eerst bereken ik met AI hoe kleine DNA-veranderingen genactiviteit beïnvloeden. Daarna bouw ik voor elke deelnemer in een grote diabetesstudie een moleculair profiel. Tot slot test ik deze voorspellingen in insulineproducerende cellen die uit bloed van patiënten zijn gekweekt. Deze vernieuwende aanpak kan laten zien hoe genetisch risico het gedrag van insulineproducerende cellen beïnvloedt en kan nieuwe inzichten opleveren die tot toekomstige gepersonaliseerde behandelingen kunnen leiden.JOINT2BRAIN: Het ontrafelen van de signaaloverdracht tussen gewrichten en hersenen bij artrose
Dr. V.P.G. Joris, Universiteit Maastricht
Artrose (OA) is een degeneratieve gewrichtsaandoening die pijn, stijfheid en verminderde mobiliteit veroorzaakt, met een grote impact op het dagelijks leven en de levenskwaliteit. Veel mensen met OA ervaren ook depressieve klachten, maar het biologische verband tussen gewrichtsaandoeningen en mentale gezondheid is nog onvoldoende begrepen. Het JOINT2Brain-project onderzoekt of moleculen die door artrotische gewrichtscellen worden vrijgegeven zich door het lichaam kunnen verplaatsen en de hersenen kunnen beïnvloeden, en zo mogelijk bijdragen aan depressie. Met behulp van geavanceerde celkweekmodellen, die de communicatie tussen gewricht en hersenen nabootsen, zal het project bestuderen hoe OA de hersenfunctie kan beïnvloeden en mogelijk kan bijdragen aan het ontstaan van depressie. Dit onderzoek kan leiden tot nieuwe manieren om zowel de lichamelijke als mentale gevolgen van OA beter te begrijpen, diagnosticeren en behandelen.M-celvorming in kaart brengen: AI-gedreven cell tracking in een kunstmatige darm-stroma niche
Dr. ing. S.E. ELI, AMOLF
M-cellen zijn onderdeel van de darmwand, waar zij micro-organismen vangen om zo het immuunsysteem waarschuwen. Het kunnen controleren van het aantal M-cellen is belangrijk voor ontwikkeling van orale vaccins en een beter begrip van inflammatoire darmziekten. Echter, hoe M-cellen ontstaan is niet begrepen en huidige kweekmodellen kunnen dit proces niet reproduceren. In dit project introduceer ik een nieuw platform: een mini-darm in een schaaltje, waarbij darmorganoïden worden gecombineerd met stromale cellen, die signalen produceren in een precies ruimtelijk patroon dat overeenkomt met hoe het lichaam M-celvorming aanstuurt. Ik gebruik microscopie om cellen in de tijd en ruimte te volgen terwijl ze M-cellen worden, en proteomics om de moleculaire signalen te vinden die tussen celtypes worden uitgewisseld. Dit platform biedt een nieuw instrument om strategieën te testen die het aantal M-cellen reguleren, met directe relevantie voor orale vaccins en de behandeling van darmziekten.Gerichte beïnvloeding van immuunherkenning via celoppervlakte-RNA
Dr. Z. Li, Universiteit Utrecht
Immunotherapie tegen kanker richt zich vaak op moleculen aan het celoppervlak, maar veel van deze moleculen komen ook voor op gezonde cellen. Daardoor kunnen schadelijke bijwerkingen ontstaan. In dit project test ik een nieuw idee: celoppervlakte-RNA (csRNA) gebruiken als mogelijk selectiever doelwit. Ons recente werk en eerste, nog niet gepubliceerde gegevens suggereren dat csRNA mogelijk sterker aanwezig is op tumorcellen dan op normale cellen. Ik wil onderzoeken of csRNA op twee manieren kan worden benut: om natural killer (NK)-cellen naar tumorcellen te sturen en om remmende signalen weg te nemen die NK-cellen minder effectief maken. Als dit lukt, kan dit project bijdragen aan veiligere en selectievere immunotherapie. Ik doe dit door RNA-bindende eiwitten te bouwen, de bijbehorende RNA’s in kaart te brengen en deze strategieën te testen in celsystemen waarin tumordoding en effecten op normale cellen worden gemeten.Lokaliseren van het lek in patiënten met spontane intracraniële hypotensie
Dr. O.A. Berkhemer, Amsterdam Universitair Medisch Centrum
Patiënten met spontane liquor hypotensie hebben een scheurtje in het vlies rond het ruggenmerg waardoor hersenvocht lekt. Om dit te vinden zijn belastende onderzoeken nodig: een ruggenprik, contrast en röntgenstraling. Toch wordt het lek vaak niet gevonden, vooral hoog in de rug. Wij willen het lek opsporen met een MRI-techniek die is ontwikkeld om bloedstroom in hartjes van ongeboren baby's te meten. Deze techniek meet stroming in drie richtingen in een groot volume en is bestand tegen beweging — precies wat nodig is om een klein, snel lek in de wervelkolom te vinden. We scannen circa 40 patiënten en vergelijken de resultaten met de huidige diagnostiek. Als dit lukt, kan een MRI-scan van 10 minuten — zonder prik, contrast of straling — de invasieve onderzoeken vervangen. Dit maakt diagnostiek toegankelijker en minder belastend voor deze ernstig zieke patiënten.HiT-PAIN: Hoge-doorvoer Pluripotente stamcel-Afgeleid versterkt In-vitro Neuraal mode
Dr. A.B. Bortolin, Universiteit Maastricht
Pijn treft miljoenen mensen wereldwijd, maar voor veel patiënten zijn er nog steeds geen effectieve behandelingen. Huidige testplatforms zijn gebaseerd op dierlijke cellen of kunstmatige stimulatie die slecht weerspiegelt hoe pijn werkt in mensen. HiT-PAIN bouwt het eerste volledig menselijke, hoge-doorvoer platform voor het testen van pijnmedicijnen. Met menselijke stamcel-afgeleide sensorische neuronen die worden geactiveerd door licht in plaats van elektroden, bootsen we na hoe pijnsignalen ontstaan en testen we duizenden verbindingen tegelijk met geautomatiseerde beeldvorming. Deze aanpak is sneller, mensrelevanter en volledig diervrijdig — en ondersteunt direct de EU-strategie om diergebruik in preklinisch onderzoek uit te faseren. Voor de wetenschap betekent dit een nieuw open platform dat andere onderzoekers kunnen gebruiken; voor patiënten betekent het een betere en snellere weg naar effectieve pijnverlichting.Zwangerschap als Stresstest: Verborgen Zwaktes in Bloedvaten Blootleggen
Dr. J.M.E. Tan, Amsterdam Universitair Medisch Centrum
Tijdens de zwangerschap staan de bloedvaten van de moeder onder grote druk. Bij zwangerschappen met een hoog risico, zoals bij pre-eclampsie, ziet we schade in de bloedvaten van de placenta. Deze veranderingen lijken op vroege vormen van slagaderverkalking, maar ontstaan niet over tientallen jaren, maar binnen enkele maanden. Ik stel voor dat deze schade in de placenta kan dienen als een model voor versnelde slagaderverkalking en verborgen kwetsbaarheden in de bloedvaten zichtbaar maakt. Dit kan helpen verklaren waarom deze vrouwen later een verhoogd risico hebben op hart- en vaatziekten. De placenta wordt na de bevalling meestal weggegooid, maar kan belangrijke informatie bevatten over de toekomstige gezondheid van de bloedvaten van de moeder. In dit project onderzoek ik met geavanceerde technieken welke veranderingen optreden in de cellen van deze bloedvaten en hoe deze samenhangen met het latere risico op hart- en vaatziekten, met als doel eerdere opsporing en betere preventie.RememberME: het profileren van hippocampale synapsen in ME/CVS
Dr. F.C.S. Correa da Silva, Nederlands Herseninstituut
Myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/cvs) is een ernstige ziekte waarvan de oorzaak onbekend is. Mensen met ME/CVS ervaren symptomen zoals extreme vermoeidheid na inspanning en slaap- en geheugenproblemen, wat mogelijke betrokkenheid van het brein suggereert. Ik streef ernaar te begrijpen of de cognitieve symptomen verband hebben met veranderingen in synapsen – de verbindingen tussen breincellen. Ik zal mij richten op de hippocampus, een hersengebied dat een grote rol speelt in het geheugen en het denken. Gebruikmakend van hersenweefsel van mensen met ME/CVS, zal ik de synapsen in detail bestuderen. De hoeveelheid, samenstelling en functie van synapsen zullen bestudeerd worden door geavanceerde microscopietechnieken en het meten van de activiteit van functiegerelateerde genen. Dit onderzoek kan een nieuwe biologische verklaring opleveren voor de cognitieve problemen die mensen met ME/CVS en andere post-acute infectiesyndromen ervaren.Heractivering van het regeneratieve vermogen van het menselijke hart door mechanische ontlasting
Dr. V.M. Pinto, Universitair Medisch Centrum Utrecht
Hartziektes zijn een van de belangrijkste doodsoorzaken, omdat het volwassen menselijke hart zich na schade nauwelijks herstelt. Recente studies suggereren echter dat het hart mogelijk het herstelvermogen deels terugkrijgt als het wordt blootgesteld aan verminderde mechanische belasting. Ik wil onderzoeken of verlaging van de werkbelasting van hartweefsel, net zoals wat er gebeurt bij patiënten die worden ondersteund door een mechanische hartpomp, regeneratieve processen opnieuw kan activeren. Doel is signalen te identificeren die hartcellen helpen te delen en te groeien om zo ziek weefsel te herstellen. Hiervoor zal ik levende plakjes menselijk hartweefsel bestuderen, afkomstig van donoren en patiënten en kan ik in een gecontroleerde laboratoriumomgeving testen hoe veranderingen in mechanische belasting hartcellen beïnvloeden. Uiteindelijk kan dit onderzoek leiden tot nieuwe behandelingen wat herstel en levenskwaliteit van patiënten met hartfalen en hun naasten verbetert.Elektrische impedantie tomografie gestuurde ex vivo longperfusie management
Dr. P. Blankman, Universitair Medisch Centrum Utrecht
"Longtransplantatie is de enige behandeling voor patiënten met eindstadium longfalen, maar er is een groot tekort aan geschikte donorlongen. Met ex vivo longperfusie kunnen longen uitgebreid getest en geoptimaliseerd worden om het aantal geschikte donorlongen te verhogen. Momenteel worden alle longen hetzelfde behandeld tijdens longperfusie. Binnen dit project willen wij met elektrische impedantie tomografie (EIT) meer inzicht krijgen in de verhoudingen tussen longventilatie en -doorbloeding om de donorlongen gericht te behandelen. Met gerichte behandeling kunnen we de longfunctie verbeteren, het aantal beschikbare donorlongen vergroten en de mortaliteit op de wachtlijst voor transplantatie verlagen.
Het project bestaat uit de ontwikkeling van EIT-elektrodes geschikt om te gebruiken op longweefsel. Met de gemeten elektrische weerstand wordt de ventilatie continu gemeten. Tijdens een ademstop wordt de doorbloeding gemeten. De metingen worden vergeleken met CT als gouden standaard."CHECK-IT Stroke: immunotherapie als stresstest voor neurovasculaire kwetsbaarheid
Dr. A.M. Algra, Erasmus Universitair Medisch Centrum Rotterdam
Immunotherapie heeft de behandeling van kanker sterk verbeterd. Toch krijgen sommige patiënten problemen in de hersenen, zoals een beroerte, afwijkingen op hersenscans en geheugenklachten. Waarom dit gebeurt, is nog onduidelijk. Mogelijk maakt de behandeling een verborgen kwetsbaarheid van de hersenvaten zichtbaar.
In mijn onderzoek kijk ik of deze problemen samenhangen en of ze bij dezelfde patiënten optreden. Hiervoor gebruik ik gegevens van ongeveer 4.000 patiënten die tussen 2016 en 2024 met immunotherapie zijn behandeld in vier ziekenhuizen. Ik kijk wanneer deze problemen optreden en of we vooraf kunnen herkennen wie risico loopt.
Met dit onderzoek wil ik beter te begrijpen welke patiënten kwetsbaar zijn. Dit is belangrijk voor patiënten, hun naasten en de behandelend artsen, omdat het kan helpen om behandelingen beter af te stemmen, risico’s te bespreken en gerichter te controleren tijdens de behandeling.