Tot en met 2025 is er budget beschikbaar gesteld om vervolg te geven aan het Onderzoeksprogramma ggz. Het aantal onderzoeksvragen in de ggz is dusdanig groot en divers dat er in afstemming met veldpartijen is gekeken op welk type onderzoek het Onderzoeksprogramma ggz zich moet gaan richten. Onder leiding van een nieuwe voorzitter van de programmacommissie, Paul Schnabel, zal de komende jaren invulling worden gegeven aan het programma.

Bestuurlijk akkoord ggz en onderzoeksagenda’s

Het Onderzoeksprogramma ggz sluit aan bij het Bestuurlijk akkoord ggz en bij een groot deel van de onderwerpen uit de aangedragen onderzoeksagenda’s van ggz-partijen. Het richt zich daarom de komende jaren op klinisch toegepast onderzoek en vraagstukken uit de praktijk. Daarnaast is benoemd dat grotere, multidisciplinaire onderzoeken gestimuleerd moeten worden, waarbij in consortia wordt samengewerkt.

Subsidierondes

Op basis van de genoemde vraagstukken die de projecten binnen het Onderzoeksprogramma ggz moeten adresseren, is besloten de volgende subsidierondes uit te zetten:

  • Langlopend cohortonderzoek (2019)
  • Klinisch toegepast onderzoek (2020, 2021 en 2023)
  • Praktijkgericht onderzoek (2021, 2022, 2023 en 2024)
  • Fellowshipsubsidies (2021 en 2022)

De subsidieronde voor langlopend cohortonderzoek heeft tijdens het afgelopen jaar plaatsgevonden. Vanuit deze ronde zijn 5 projecten toegekend.

Klinisch toegepast onderzoek

In de komende jaren zullen 3 subsidierondes voor klinisch toegepast onderzoek gaan lopen. In klinisch toegepast onderzoek wordt de effectiviteit en kosteneffectiviteit van nieuwe en bestaande therapieën, behandelingen of interventies onderzocht. De resultaten van deze onderzoeken kunnen ondersteuning bieden bij de onderbouwing van richtlijnen, zorgstandaarden of beleidsmatige keuzes. Er zullen in totaal 3 rondes voor klinisch toegepast onderzoek worden uitgezet, waarbij in iedere ronde andere stoornissen centraal staan:

  • ronde 1: Stoornissen in het psychosespectrum, ontwikkelingsstoornissen, persoonlijkheidsstoornissen en depressieve-stemmingsstoornissen (2020, inmiddels is het niet meer mogelijk om in te dienen).
  • ronde 2: Angststoornissen, obsessieve-compulsieve stoornissen, verslavingsstoornissen, gedragsstoornissen en eetstoornissen (2021)
  • ronde 3: Focus wordt na ronde 1 en 2 bepaald, afhankelijk van actuele vragen en behoeftes (2023)

Praktijkgericht onderzoek

Daarnaast zullen meerdere subsidierondes voor praktijkgericht onderzoek worden opengesteld. Het doel van praktijkgericht onderzoek is het oplossen van actuele praktijkvragen die impact realiseren voor de gehele ggz in Nederland. Het gaat om de ontwikkeling van kennis, waarmee praktische problemen kunnen worden opgelost. De onderzoeken moeten kennis opleveren die te generaliseren is voor en bruikbaar is in de gehele Nederlandse ggz. Kenmerkend voor deze onderzoeken is het participatieve karakter, waarbij een nauwe samenwerking bestaat met de praktijk om het onderzoek en de resultaten verder te brengen.

Fellowshipsubsidies

Als laatste zullen er nog mogelijkheden zijn voor fellowshipsubsidies. Er lopen inmiddels al 10 fellowshipsubsidies binnen het programma, waarin innovatief, creatief en grensverleggend onderzoek wordt uitgevoerd. Ook in de nieuwe subsidierondes worden (onderzoeks)ideeën gestimuleerd met grote (potentiële) wetenschappelijke, klinische en/of maatschappelijke impact en met meerwaarde ten opzichte van de huidige Nederlandse geestelijke gezondheidszorg.

Nieuwe voorzitter programmacommissie

Paul Schnabel is vanaf februari 2020 de nieuwe voorzitter van de programmacommissie van het Onderzoeksprogramma ggz. Wij spraken hem kort over zijn visie op het voorzitterschap en wetenschappelijk onderzoek in de ggz.

Naast erop toezien dat de programmering aansluit bij de behoefte van veldpartijen, ziet Schnabel ook een belangrijke taak om de commissie te leiden bij het selecteren van de vele onderzoeksvoorstellen die binnenkomen: 'Wij [de commissie] zijn niet de baas over het programma, maar we moeten tijdens vergaderingen ervoor zorgen dat we een consensus bereiken. Dat is mijn taak. Ik let erop dat alle argumenten goed tegen elkaar worden afgewogen en dat steeds ook recht wordt gedaan aan het patiëntenbelang.'

Wetenschappelijk onderzoek op het gebied van ggz heeft in de laatste 40 jaar een enorme vlucht genomen. 'De ontwikkeling van standaard meetinstrumenten en de komst van de DSM-III in 1980 heeft daarin een belangrijke rol gespeeld. Die bracht eenheid in de naamgeving. Belangrijk is, zeker in dit programma, ook de samenwerking tussen universitaire groepen en het veld van de ggz.' Het versterken en verbreden van samenwerkingsverbanden wordt vanuit ZonMw van harte aangemoedigd.

Het Onderzoeksprogramma ggz opereert in een wereld van wicked problems. 'Je moet iets doen, maar je weet dat er vaak geen en in ieder geval niet één oplossing voor altijd is voor een probleem.' Over 6 jaar loopt het Onderzoeksprogramma ggz af. 'Je hoopt dat de projecten die steun hebben gekregen een goed antwoord hebben op de vraag die ze zelf hebben gesteld. Wat helpt mensen beter? Het zou mooi zijn als het lukt daar antwoorden op te krijgen, die de problemen van de patiënten een beetje minder weerbarstig maken.’

Meer informatie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website