Projectomschrijving

In dit project werden de effecten van de zorg en de factoren die samenhingen met vroegtijdig plannen en inzetten van deze zorg onderzocht. 

Resultaten

Bij veel bewoners van psychogeriatrische afdelingen van een verpleeghuis of psychogeriatrische units van een verzorgingshuis die dementie hebben (89%), wordt aan het einde van het leven zorg gegeven die zich hoofdzakelijk richt op palliatie. Voor 57% wordt dit zorgdoel vastgesteld binnen twee maanden na opname. Zorgverleners definiëren palliatieve zorg bij dementie verschillend. Bovendien gebruiken zij in de praktijk verschillende terminologie. Palliatieve zorg anticipeert op te verwachten (gezondheids)problemen, maar artsen verschillen in de mate waarin zij (wensen te) anticiperen.

Een belangrijke, mogelijk belemmerende factor voor het vaststellen van een palliatief zorgdoel is dat familie en bewoner 'er aan toe moeten zijn' om over een naderend levenseinde te spreken. De timing van zo’n gesprek wordt bepaald door een wisselwerking van een veelheid van patiënt- familie- zorgverlener- en omgevingsfactoren. Ook het al dan niet hebben van een palliatief zorgdoel kort na opname hangt samen met verschillende factoren, zoals hoe ziek de patiënt is, of de patiënt een specifieke levensbeschouwelijke achtergrond heeft, en of de familie tevreden is over de communicatie met de arts. De timing en inhoud zijn mogelijk wel van belang voor zorguitkomsten. Als de bewoner namelijk kort na opname al overlijdt, zijn familieleden van bewoners bij wie kort na opname al een palliatief zorgdoel was vastgelegd, meer tevreden met de levenseindezorg. Echter, het sterfbed was even comfortabel wanneer palliatieve zorg niet, of pas kort voor overlijden als belangrijkste zorgdoel werd aangemerkt. Uit het project werd een handreiking ontwikkeld voor zorgverleners.

Handreiking Samen plannen van zorg in de laatste levensfase bij dementie

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website