Verslagen

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De gemeenten hebben sinds 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid voor de zorg aan jeugdigen. Een klein deel van de totale jeugd is risicojeugd: kinderen/jongeren tot 27 jaar, die risico lopen én risico veroorzaken door ernstige gedragsproblemen, escalerend in justitiecontacten. Het gaat weliswaar om een relatief kleine groep, maar wel één die een disproportionele impact heeft op de maatschappij. Deze kinderen en gezinnen veroorzaken niet alleen problemen, ze hebben zelf ook ernstige problemen op alle leefgebieden. Denk aan bijvoorbeeld gepest worden, schooluitval/werkeloosheid, psychische problematiek, agressie, gezinsproblematiek zoals trauma, verwaarlozing en schulden. Risicojeugd kenmerkt zich verder door het relatief vaak voorkomen van een cognitieve beperking en door een grote etnische diversiteit. In het gezin zijn ernstige opvoedingsproblemen en is het kind nauwelijks te handhaven. In de buurt veroorzaken kinderen overlast. kinderen komen al op jonge leeftijd in aanraking met de politie. Maar ook als de problemen al geëscaleerd zijn, heeft de gemeente te maken met deze problematische doelgroep. Jongeren die uit detentie komen, hebben bijvoorbeeld moeite om weer te integreren in de maatschappij.

De Academische Werkplaats Risicojeugd richt zich als bovenregionale werkplaats op twee hoofdthema’s die relevant zijn voor de gemeente: signalering en bejegening. Daarnaast is monitoring van de doelgroep een belangrijke voorwaarde om niet alleen de doelgroep in kaart te brengen, maar ook om te bekijken wat werkt. De AWRJ onderscheidt zich van andere regionale initiatieven door zich te richten op een specifieke, voor de gemeenten zeer moeilijke en moeilijk bereikbare doelgroep. De AWRJ houdt bij de uitwerking van haar projecten rekening met de verschillende leefgebieden van jongeren: de straat en het systeem (school, gezin). Daarnaast wordt rekening gehouden met verschillen tussen kinderen jonger dan twaalf en adolescenten, jongens en meisjes, autochtone en autochtone jeugdigen.

Vanuit de expertise die binnen de AWRJ beschikbaar is, weten we dat de leefgebieden straat en systeem (school, hulpverlening, gezin) belangrijke aanknopingspunten bieden voor signalering, bejegening en monitoring van onze doelgroep. Daarnaast zijn er verschillen in de factoren die een rol spelen als we kijken naar kinderen jonger dan twaalf versus adolescenten, jongens versus meisjes en autochtone versus autochtone jeugdigen. Dit kan betekenen dat er dus ook andere oplossingen nodig zijn. De hoofdthema’s waar de AWRJ zich op richt worden uitgewerkt in drie vragen, die op hun beurt worden uitgewerkt in deelprojecten:

1. Hoe signaleren wijkteams de groep zeer risicovolle jeugdigen en hun gezin vroegtijdig, zodat specialistische zorg wordt voorkomen of zodat zorg eerder gestopt kan worden?

2. Hoe zorgen we dat we deze moeilijke groep juist bejegenen, zodat er contact en vervolgens samenwerking tussen hulpverlening en het gezin tot stand komt?

3. Hoe kunnen we kinderen en jongeren met ernstige gedragsproblemen volgen en in kaart brengen hoe het hen vergaat, zodat we hiervan kunnen leren en signalering en bejegening (en indien nodig behandeling) in de toekomst kunnen verbeteren?

 

De AWRJ komt voort uit de landelijke Academische Werkplaats Forensische Zorg Jeugd (AWFZJ), waarin rondom bovenstaande thema’s veel kennis aanwezig is. Deze kennis wordt vertaald naar en geïmplementeerd in het gemeentelijk domein. Daarnaast wordt gewerkt met goede voorbeelden die al in de gemeente bestaan. De AWRJ werkt bovenregionaal en werkt op dit moment in projecten samen met de gemeenten Amsterdam, Utrecht, Almere en samenwerkingsregio Holland Rijnland.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De deelprojecten van de AWRJ zullen de volgende resultaten opleveren:

a) Inzicht in de meest belangrijke signalen en combinaties van signalen die duiden op risico op ernstige uitval uit de maatschappij bij adolescenten en bij kinderen met ernstige gedragsproblemen door (terugval in) delinquentie, geweld en agressie.

b) Een methodiek van training die het mogelijk maakt in de praktijk effectief te signaleren bij ernstige risicojeugd op basis van de inzichten uit a en b en op basis van kennis rondom het samenbrengen van deze signalen vanuit straat en systeem.

d) Een methodiek van training (on the job) voor professionals in het gemeentelijk veld en op school gericht op bejegening van ernstige risicojeugd en gezinnen.

e) Een systematiek van monitoring, waarbij gezamenlijk geleerd kan worden van uitzonderingsgevallen, zodat er gedeelde kennis en ervaring ontstaat.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De gemeenten hebben sinds 1 januari 2015 de verantwoordelijkheid voor de zorg aan jeugdigen. Een klein deel van de totale jeugd is risicojeugd: kinderen/jongeren tot 27 jaar, die risico lopen én risico veroorzaken door ernstige gedragsproblemen, escalerend in justitiecontacten. Het gaat weliswaar om een relatief kleine groep, maar wel één die een disproportionele impact heeft op de maatschappij. Deze kinderen en gezinnen veroorzaken niet alleen problemen. Ze hebben zelf ook ernstige problemen op alle leefgebieden. Zoals gepest worden, schooluitval/werkeloosheid, psychische problematiek, agressie, gezinsproblematiek zoals trauma, verwaarlozing en schulden. Risicojeugd kenmerkt zich verder door het relatief vaak voorkomen van een cognitieve beperking en door een grote etnische diversiteit. In het gezin zijn ernstige opvoedingsproblemen en is het kind nauwelijks te handhaven. In de buurt veroorzaken kinderen overlast. kinderen komen al op jonge leeftijd in aanraking met de politie. Maar ook als de problemen al geëscaleerd zijn, heeft de gemeente te maken met deze problematische doelgroep. Jongeren die uit detentie komen, hebben bijvoorbeeld moeite om weer te integreren in de maatschappij.

De Academische Werkplaats Risicojeugd richt zich als bovenregionale werkplaats op twee hoofdthema’s die relevant zijn voor de gemeente: signalering en bejegening. Daarnaast is monitoring van de doelgroep een belangrijke voorwaarde om niet alleen de doelgroep in kaart te brengen, maar ook om te bekijken wat werkt. De AWRJ onderscheidt zich van andere regionale initiatieven door zich te richten op een specifieke, voor de gemeenten zeer moeilijke en moeilijk bereikbare doelgroep. De twee thema’s van de AWRJ worden concreet ingevuld aan de hand van twee leefgebieden, de straat en het systeem (school, gezin). Daarnaast wordt rekening gehouden met verschillen tussen kinderen jonger dan twaalf en adolescenten, jongens en meisjes, autochtone en autochtone jeugdigen. De reden voor de bovenstaande keuze is tweeledig: om te beginnen blijkt bij praktijk en beleid behoefte te zijn aan kennis over bovenstaande thema’s. Vanuit de expertise die binnen de AWRJ beschikbaar is, weten we voorts dat de leefgebieden straat en systeem (school, hulpverlening, gezin) belangrijke aanknopingspunten bieden voor signalering, bejegening en monitoring van onze doelgroep. Daarnaast zijn er verschillen in de factoren die een rol spelen als we kijken naar kinderen jonger dan twaalf versus adolescenten, jongens versus meisjes en autochtone versus autochtone jeugdigen. Dit kan betekenen dat er dus ook andere oplossingen nodig zijn. De hoofdthema’s waar de AWRJ zich op richt worden uitgewerkt in drie vragen. Elke vraag wordt uitgewerkt in een deelproject, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen kinderen en adolescenten/jong volwassenen:

 

1. Hoe signaleren wijkteams de groep zeer risicovolle jeugdigen en hun gezin vroegtijdig, zodat specialistische zorg wordt voorkomen of zodat zorg eerder gestopt kan worden?

2. Hoe zorgen we dat we deze moeilijke groep juist bejegenen, zodat er contact en vervolgens samenwerking tussen hulpverlening en het gezin tot stand komt?

3. Hoe kunnen we kinderen en jongeren met ernstige gedragsproblemen volgen en in kaart brengen hoe het hen vergaat, zodat we hiervan kunnen leren en signalering en bejegening (en indien nodig behandeling) in de toekomst kunnen verbeteren?

 

De AWRJ komt voort uit de landelijke Academische Werkplaats Forensische Zorg Jeugd, waarin rondom bovenstaande thema’s veel kennis aanwezig is. Deze kennis wordt vertaald naar en geïmplementeerd in het gemeentelijk domein. De AWRJ werkt volgens de organisatiestructuur van de AWFZJ. De AWRJ werkt bovenregionaal samen met gemeenten waarmee vanuit de AWFZJ al een samenwerking bestaat (Amsterdam, Utrecht, Holland-Rijnland, Almere).

 

De deelprojecten van de AWRJ zullen de volgende resultaten opleveren:

a) Inzicht in de meest belangrijke signalen en combinaties van signalen die duiden op risico op ernstige uitval uit de maatschappij bij adolescenten en bij kinderen met ernstige gedragsproblemen door (terugval in) delinquentie, geweld en agressie.

b) Inzicht in de meest belangrijke signalen en combinaties van signalen die duiden op risico op risicovol tienerouderschap bij adolescenten met ernstige gedragsproblemen.

c) Een methodiek die het mogelijk maakt in de praktijk effectief te signaleren bij ernstige risicojeugd op basis van de inzichten uit a en b en op basis van kennis rondom het samenbrengen van deze signalen vanuit buurt, straat, school en zorg.

d) Een methodiek van training (on the job) voor professionals in het gemeentelijk veld en op school gericht op bejegening van ernstige risicojeugd en gezinnen.

e) Een systematiek van monitoring, waarbij gezamenlijk geleerd kan worden van uitzonderingsgevallen, zodat er gedeelde kennis en ervaring ontstaat.

Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website