ZonMw tijdlijn Internationaal https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van Internationaal nl-nl Wed, 12 Dec 2018 10:40:22 +0100 Wed, 12 Dec 2018 10:40:22 +0100 TYPO3 news-3320 Fri, 07 Dec 2018 09:18:44 +0100 Internationale subsidieoproep voor hersenonderzoek: FLAG-ERA III https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-subsidieoproep-voor-hersenonderzoek-flag-era-iii/ FLAG-ERA III organiseert in 2019 een subsidieoproep voor hersenonderzoek. NWO levert in samenwerking met ZonMw een financiële bijdrage van in totaal € 750.000,- aan het onderdeel Human Brain Project (HBP) van de subsidieoproep. Hiermee kunnen 3 Nederlandse projecten worden gehonoreerd. Projecten maken altijd onderdeel uit van een groter internationaal consortium.
Geïnteresseerde partijen kunnen een internationaal consortium vormen en uiterlijk 19 februari 2019 hun vooraanmelding voor een subsidieaanvraag indienen bij het FLAG-ERA secretariaat.

Onderwerpen

Er kan subsidie aangevraagd worden voor ambitieus onderzoek in het veld van hersenonderzoek, waaronder medisch onderzoek en technologieën toepasbaar voor hersenen. In totaal zijn 12 mogelijke onderwerpen opgenomen in de subsidieoproep. NWO ondersteunt alle 12 onderwerpen en stelt daarvoor een budget van € 500.000,- (2 projecten) beschikbaar. ZonMw stelt een budget van € 250.000,- (1 project) beschikbaar voor 4 van de 12 onderwerpen:

  1. Ontwikkeling van cognitieve processen en multisensorische integratie op micro- en macroschaal.
  2. De rol van neurotransmitter systemen bij menselijke cognitie.
  3. De neurowetenschap van besluitvorming.
  4. Ziektemodellering en simulatie.

Bij voorkeur linkt het ZonMw-project aan vroege herkenning en behandeling of gepersonaliseerde zorg.

Future and Emerging Technology (FET) Flagships

Het Human Brain Project is een FET Flagship. FET Flagships zijn visionaire, wetenschappelijke, grootschalige onderzoeksinitiatieven die een grote wetenschappelijke en technische uitdaging adresseren. FLAG-ERA is een ERANet dat ter ondersteuning van HBP de samenwerking van nationale en regionale wetenschapsfinanciers realiseert, door hen gezamenlijke calls te laten uitvoeren.

Meer informatie

]]>
news-3313 Wed, 05 Dec 2018 12:00:00 +0100 JPI AMR Subsidieoproep voor diagnostiek en surveillance https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/jpi-amr-subsidieoproep-voor-diagnostiek-en-surveillance/ Op 5 december 2018 stelt JPIAMR een gezamenlijke transnationale oproep open voor innovatieve onderzoeksprojecten. Deze innovatieve onderzoeksprojecten bevatten nieuwe of verbeterde diagnostische en surveillancestrategieën, tools, technologieën en methoden om antimicrobiële resistentie in mens, dier en milieu (OneHealth-aanpak) effectief te beheersen. Nederland doet vanuit ZonMw en NWO-WOTRO mee met deze oproep.

ZonMw zet met participatie in projecten in Joint Programming Initiative on Antimicrobial Resistance (JPIAMR), Priority Medicines Antimicrobiële resistentie (PM AMR) en Antibioticaresistentie (ABR) actief in om antimicrobiële resistentie de wereld uit te helpen. Bekijk het projectenoverzicht op www.zonmw.nl/resistentie

Meer informatie

]]>
news-3222 Thu, 15 Nov 2018 14:40:43 +0100 Professionals zetten zich samen in tegen antibioticaresistentie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/professionals-zetten-zich-samen-in-tegen-antibioticaresistentie/ Het RIVM, ZonMw en het ministerie van VWS organiseerden op 14 november een conferentie over antibioticaresistentie. Onderzoekers, beleidsmakers en praktijkprofessionals praatten over het thema ‘Van onderzoek naar praktijk en beleid. Wat kan jij er mee?!’. Bewustzijn vergroten

De week van 12 tot 19 november staat in het teken van het vergroten van het bewustzijn van antibioticaresistentie. Nederland doet het goed als het gaat om antibioticaresistentie. Niet elk land doet het even goed in Europa; er zijn tussen de landen verschillen gemeten. Om te voorkomen dat mensen overlijden aan een nu nog onschuldige infectie is het bijvoorbeeld nodig dat antibiotica alleen worden voorgeschreven als het ook echt nodig is. Daarnaast is handhygiëne belangrijk om de verspreiding van resistente bacteriën te voorkomen. Voorgaande werd benadrukt door Bruno Bruins, de minister voor Medische Zorg en Sport, die de conferentie met een videoboodschap opende. 
De conferentie stond  in het teken om het nóg beter met elkaar te doen. Want antimicrobiële resistentie is een urgent, groeiend en wereldwijd probleem dat vraagt om een multidisciplinaire aanpak vanuit onderzoek, beleid en praktijk. Betrokkenen uit heel Nederland kwamen daarom deze middag bij elkaar.

Onderzoek

Jeroen Geurts, voorzitter van ZonMw, overhandigde tijdens de bijeenkomst de evaluatie van het ZonMw-programma Priority Medicines Antimicrobiële Resistentie aan VWS. Het vanuit dit programma gefinancierde onderzoek leverde veel kennis op. Deze kennis wordt verder gebracht, in de praktijk en in vervolgonderzoek. Deze kennis draagt bij aan het zorgvuldig gebruik van bestaande middelen, aan de ontwikkeling van nieuwe middelen en methoden, richtlijnen en beleid en het in kaart brengen van potentiële risico’s van antimicrobiële resistentie. Nederland is een internationale voortrekker op dit onderwerp: vasthouden en uitbouwen!

Beleid en praktijk

Jaap van Dissel, directeur van het Centrum Infectieziektebestrijding van het RIVM , gaf een overzicht over resistente bacteriën in Nederland. Waar komen ze voor en wat is de impact daarvan?. Mariken van der Lubben, programmamanager Antibioticaresistentie van het RIVM, ging in op de nationale aanpak tegen antibioticaresistentie in Nederland. Verder stonden tijdens de conferentie 3 thema’s centraal: Welke resultaten zijn er? Hoe komen we nu van data naar implementatie? Wie moet nu waarmee aan de slag? De onderwerpen van de overige sprekers en interactieve sessies gingen dan ook over deze thema's.


Zo praatte Marlies Hulscher, hoogleraar Kwaliteit van Zorg voor infectie- en ontstekingsziekten en werkzaam bij Raboudumc en IQ healthcare, de deelnemers bij over de laatste stand van zaken over implementatie(onderzoek). Zij sprak over de kloof tussen weten wat we moeten doen en wat we daadwerkelijk doen in de dagelijkse praktijk. Het beïnvloeden van gedrag is complexer dan veelal wordt aangenomen. Soms werkt iets en soms niet. Daarom is het zo belangrijk dat gedragswetenschappers betrokken worden de bij implementatie van onderzoeksresultaten uit het bèta-veld. Daarbij is het essentieel dat we gedrag zowel top-down als bottum-up proberen te beïnvloeden. Bijvoorbeeld het gedrag bij handhygiëne; een voorbeeld dat vandaag veelvoudig werd genoemd vanwege zijn relatie met antibioticaresistentie.

Open science is een manier om de kennis over antibioticaresistente goed te kunnen verspreiden. Maar open science kent nog uitdagingen. Pieter van Boheemen, onderzoeker bij het Rathenau Instituut, vertelde de aanwezigen of je voor Open Science moed nodig hebt of dat je het gewoon moet doen. Hij nam ons mee in de nationale en internationale wereld waarin het toegankelijk zijn van onderzoeksdata steeds belangrijker wordt. En waar de uitdagingen liggen voor beleid, onderzoek en praktijk.

Aan de slag

Gezien de opkomst en de reacties was het een geslaagde conferentie. Het gaf professionals uit onderzoek, beleid en praktijk handvatten om binnen en buiten hun organisaties de beheersing van antimicrobiële resistentie te continueren en hierover met elkaar van gedachten te wisselen. Binnenkort is een verslag van de conferentie beschikbaar via de websites van RIVM en ZonMw.

Meer informatie

 

]]>
news-3211 Tue, 13 Nov 2018 14:11:19 +0100 Wat kunt u met ons antimicrobiële resistentie-onderzoek in beleid en praktijk? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-kunt-u-met-ons-antimicrobiele-resistentie-onderzoek-in-beleid-en-praktijk/ Door ons gefinancierd onderzoek heeft veel wetenschappelijk bewezen kennis opgeleverd op het gebied van antimicrobiële resistentie. Dit blijkt uit de evaluatie van het ZonMw-programma Priority Medicines Antimicrobiële Resistentie (AMR). Deze kennis draagt bij aan het zorgvuldig gebruik van bestaande middelen, aan de ontwikkeling van nieuwe middelen en methoden, richtlijnen en beleid en het in kaart brengen van potentiële risico’s. Evaluatie en pas op de plaats

Midden in de World Antibiotic Awareness Week 2018 organiseren we samen met RIVM en VWS de conferentie ‘Antibioticaresistentie; Van onderzoek naar praktijk en beleid. Wat kan jij er mee?!’ Aan VWS bieden we de zelfevaluatie en externe evaluatie aan. De conclusies en aanbevelingen uit deze evaluaties zijn niet compleet zonder een pas op de plaats van het ZonMw-programma Antibioticaresistentie (ABR) en de Joint Programming Initiative on Antimicrobial Resistance (JPIAMR). In dit internationale verband voor wetenschappelijke samenwerking en onderzoekscapaciteit participeren we namens Nederland.

Antibioticateams (A-teams) in ziekenhuizen

Een afgerond AMR-project van Amsterdam UMC (locatie AMC) heeft ertoe bijgedragen dat antibioticateams (A-teams) landelijk in ziekenhuizen worden ingezet. Deze zetten in op zorgvuldige beleidsvorming rond antibioticagebruik in ziekenhuizen. Dit project heeft grote maatschappelijke impact.

Varkensneus remt MRSA

In een lopend multidisciplinair ABR-project van de Universiteit Utrecht wordt met hightech moleculaire technieken gekeken of de overdracht van MRSA via varkensneuzen naar mensen beperkt kan worden. Een veelbelovend project dat mogelijk ingangen biedt om in de toekomst mensen te beschermen tegen MRSA.

Mestverwerking en antibioticaresistentie

RIVM onderzoekt samen met internationale partners wat de risico’s van de uitstoot van antibioticaresistentie uit mest zijn voor de bevolking. En in hoeverre mestverwerkingstechnieken de verspreiding van antibioticaresistentie kunnen verminderen.

Urgentie

We pakken antimicrobiële resistentie aan om te voorkomen dat mensen overlijden aan een nu nog onschuldige infectieziekte zoals een blaasontsteking of darminfectie. Antimicrobiële resistentie is een urgent, groeiend en wereldwijd probleem dat vraagt om een snelle, internationale en multidisciplinaire aanpak vanuit onderzoek, beleid en praktijk.

Toekomst

De externe-evaluatiecommissie raadt ZonMw aan het brede karakter van onderzoek naar antimicrobiële resistentie voort te zetten waarbij internationale samenwerking wordt gestimuleerd. Nederland kan als koploper op het gebied van resistentieproblematiek over de grenzen heen veel bieden en ophalen. Met onderzoek en implementatie dragen we bij aan een One-Health-aanpak voor het ontstaan en de verspreiding van antimicrobiële resistentie bij mens, dier en in het milieu. Het continueren van onderzoek over alle aspecten naar antimicrobiële resistentie is daarbij essentieel.

Continuering onderzoek

Het is onzeker hoe de financiering van onderzoek naar antimicrobiële resistentie nationaal en internationaal op efficiënte wijze gecontinueerd wordt. Met de huidige kwaliteit en beschikbaarheid van onderzoekers kunnen we meer betekenen voor het ontwikkelen en verspreiden van kennis over antimicrobiële resistentie. We zetten ons daarvoor in door de met dit programma versterkte samenwerking tussen de veterinaire en humane geneeskunde continueren. De toepassing van kennis bevorderen we door de samenwerking met onder andere ABR-zorgnetwerken en A-teams te intensiveren.

Meer informatie

 

 

 

 

]]>
news-3195 Wed, 07 Nov 2018 08:45:00 +0100 In Nederland jaarlijks 200 doden en 5000 infecties door superbacteriën https://www.ad.nl/gezond/in-nederland-jaarlijks-200-doden-en-5000-infecties-door-superbacterien~a0cf7abe/ Deze superbacteriën zijn resistent tegen meerdere soorten antibiotica. De Nederlandse hoogleraar Mirjam Kretzschmar noemt de opmars van de superbacteriën ‘zorgwekkend’. Het European Centre for Disease Prevention and Control (ECDC) denkt dat dit probleem alleen aangepakt kan worden als er een oplossing komt voor héél Europa. Een van de oplossingen is meer onderzoek naar en ontwikkeling van nieuwe antibiotica. news-3155 Fri, 26 Oct 2018 10:07:35 +0200 Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (I&W) versterkt onderzoeksprogramma Microplastics & Health https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/ministerie-van-infrastructuur-en-waterstaat-iw-versterkt-onderzoeksprogramma-microplastics-heal/ Het ministerie van I&W levert een financiële bijdrage aan het net opgestarte onderzoeksprogramma Microplastics & Health. Dit programma is geïnitieerd vanuit ZonMw in samenwerking met de Topsector Water, Topsector Life Sciences & Health en het Gieskes-Strijbis Fonds. In dit programma worden projecten gefinancierd naar gezondheidsrisico’s van micro- en nanoplastics. Er is steeds meer bekend over het voorkomen van kleine plastic deeltjes in de oceanen, rivieren, bodem en lucht. De herkomst van deze kleine plastic deeltjes is variabel. Bronnen van kleine plastic deeltjes komen bijvoorbeeld door het verval en verwering van plastic zwerfafval, of door microplastics aan cosmetica toe te voegen, door microvezels die loskomen bij het wassen van synthetische kleding of door slijtage van autobanden. De effecten op het zeeleven (mariene milieu) worden al enigszins duidelijk uit wetenschappelijk onderzoek. Op basis van dit onderzoek worden door wetenschappers zorgen geuit over mogelijke gezondheidseffecten op de mens als micro- en nanoplastics terechtkomen in ons eten, drinken en de lucht.

Doorbraakprojecten

Het ZonMw onderzoeksprogramma Microplastics & Health gaat door middel van het financieren van kortlopende doorbraakprojecten hier meer duidelijkheid over geven. Dit is een nieuw onderzoeksterrein waarin projecten de mogelijk toxische effecten van kleine plastic deeltjes op cel- en orgaanniveau bij mensen bestuderen. Een deel van de kennis die nodig is voor dit nieuwe onderzoeksterrein bevindt zich in het buitenland. Daarom wordt vanuit het subsidieprogramma internationale samenwerking met verschillende disciplines gestimuleerd.

De subsidieoproep is net gesloten en alle aanvragen worden behandeld. Naar verwachting zal begin 2019 door een internationale commissie besloten worden welke projecten gehonoreerd worden. Met de aanvullende bijdrage van het ministerie van I&W kunnen vier extra projecten starten, waardoor er nu maximaal 14 projecten in totaal gefinancierd kunnen worden. De impact van het programma wordt hiermee aanzienlijk vergroot.

Meer informatie:

Programmapagina Microplastics & Health
 

]]>
news-3133 Mon, 22 Oct 2018 10:50:44 +0200 Gezond dieet voor duurzame voeding https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/gezond-dieet-voor-duurzame-voeding/ Houdt u zich bezig met voeding en gezondheid? U kunt zich nu inschrijven voor de 5e internationale conferentie van het Joint Programming Initiative ‘A Healthy Diet for a Healthy Life’ (JPI HDHL) dat op 20 februari 2019 in Brussel plaatsvindt. De conferentie staat in het teken van ‘Diet as leverage point towards a healthy and sustainable food system’. Verschillende stakeholders vanuit beleid, onderzoek en industrie op het gebied van voeding en gezondheid zijn welkom om over de stand van zaken van voedingsonderzoek te discussiëren en de blik op de toekomst te richten.

Duurzaam voedselsysteem

Op dit congres komt het vergroten van de impact van onderzoek en innovaties in voeding, gezondheid en fysieke activiteit aan bod. Dat staat in het teken van het tegengaan van voedingsgerelateerde ziekten. Belangrijk hierbij zijn maatschappelijke veranderingen zoals het effect van voedselproductie en consumptie op biodiversiteit en klimaatverandering, en vice versa. Een duurzame en veilige toekomst van ons voedselsysteem is een grote uitdaging. JPI HDHL stelt dat dieet één van de belangrijkste aanknopingspunten is op de weg naar een gezond en duurzaam voedselsysteem.

Nog veel meer op de agenda

Naast een duurzaam voedselsysteem, wordt nog veel meer behandeld tijdens de 5e JPI HDHL conferentie. Zo zal bijvoorbeeld een expert panel ingaan op de vraag waarom voedingsonderzoek relatief weinig subsidie ontvangt, hoe dit verbeterd kan worden en hoe beleid, onderzoek en innovatie beter kunnen samenwerken.

Meer informatie en inschrijven

 

]]>
news-3125 Thu, 18 Oct 2018 12:01:23 +0200 Multidisciplinair onderzoek nodig voor beheersing gevolgen klimaatverandering https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/multidisciplinair-onderzoek-nodig-voor-beheersing-gevolgen-klimaatverandering/ Klimaatverandering heeft op veel verschillende terreinen gevolgen voor onze samenleving: van landbouw tot gezondheid, van watervoorziening en -veiligheid tot migratie en openbaar bestuur. Het veranderende klimaat betekent ook voor de wetenschap een grote uitdaging, waarbij onderlinge samenhang en samenwerking van partijen binnen en buiten de wetenschap essentieel is. Dat bleek tijdens de Climate Challenge Workshop van NWO en ZonMw op woensdag 10 oktober, waarbij wetenschappers en beleidsmakers uit verschillende vakgebieden met elkaar in gesprek gingen over deze grote uitdagingen voor de toekomst.

Urgentie van aandacht voor klimaat

Toevallig bleek de conferentie gepland in de week waarin de Verenigde Naties het nieuwste IPCC-rapport over klimaatverandering publiceerden, waarin de Nederlandse rechter oordeelde dat de overheid meer moet doen om klimaatverandering terug te dringen en waarin de Nobelprijs voor de economie onder meer werd toegekend aan prof. dr. William Nordhaus, die economische modellen voor oorzaken en aanpak van klimaatverandering ontwikkelde. Het belang en de urgentie van het klimaat stonden dan ook niet ter discussie.

Samenwerken over de grenzen van disciplines

NWO-voorzitter prof. dr. Stan Gielen besprak in zijn openingswoord het belang van samenhang. De aanpak van klimaatverandering en de gevolgen ervan is niet een kwestie van een NWO en ZonMw-subsidie meer of minder, maar vraagt om brede aandacht van vrijwel alle wetenschapsgebieden. Universiteiten en andere kennisinstellingen, overheden en bedrijven moeten volgens hem over de grenzen van disciplines heen gaan samenwerken. Ook voor de financiering is volgens Stan Gielen de inbreng van diverse partijen nodig. De Nederlandse Klimaatgezant Marcel Beukeboom verzekerde de aanwezigen dat er inmiddels goed geluisterd wordt naar de aanbevelingen van wetenschappers en waarschuwde voor de gevaren van verkokering. Hij verwees ook naar de Sustainable Development Goals en de inspanningen die hiervoor in Nederland en in mondiaal perspectief voor nodig zijn.

Creatieve oplossingen nodig

De nadruk van de workshop lag op het uitwisselen van ideeën, aan de hand van een aantal thema's. In deze levendige discussies werd duidelijk hoe complex het probleem is maar ook hoe vergelijkbaar processen, oplossingen en effecten daarvan in verschillende gebieden zoals Spitsbergen en Afrika kunnen zijn. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat steden vergroenen, maar daardoor kan wel de kans op allergieën (bijvoorbeeld hooikoorts) groter worden. De vertaalslag van wetenschap naar beleid van landelijke en lokale overheden vraagt om creatieve oplossingen. En op veel terreinen zijn er nog onvoldoende betrouwbare gegevens, bijvoorbeeld over zeespiegelstijging, de effecten van hittestress op de volksgezondheid en de gevolgen van extreme weersomstandigheden. Kortom, het veranderende klimaat betekent ook voor de wetenschap een grote uitdaging, waarbij onderlinge samenhang en samenwerking van partijen binnen en buiten de wetenschap essentieel is.

(bron: NWO)

]]>
news-3089 Fri, 05 Oct 2018 13:31:29 +0200 Internationale conferentie in Nederland over antibioticaresistentie https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2018/10/04/nederland-organiseert-wereldwijde-conferentie-tegen-antibioticaresistentie Nederland organiseert in april 2019 samen met de Wereldgezondheidsorganisatie een internationale conferentie over het tegengaan van antibioticaresistentie, zo heeft minister Bruno Bruins (Medische Zorg) vrijdag bekendgemaakt. news-3081 Thu, 04 Oct 2018 14:04:53 +0200 Internationaal onderzoek naar verslaving: projectleidersbijeenkomst ERANID https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationaal-onderzoek-naar-verslaving-projectleidersbijeenkomst-eranid/ Op 13 september kwamen de Nederlandse ERANID partners bij elkaar voor het uitwisselen en delen van kennis en ervaringen over de voortgang van de verschillende projecten. In het bijzonder is gesproken over ‘de volgende stap’ en wat ervoor nodig is om de impact van de projecten te vergroten. ERANID

The European Research Area Network on Illicit Drugs (ERANID) is een internationaal samenwerkingsverband in het kader van de Europese Unie, gericht op het toegankelijk maken van bestaande kennis op het gebied van druggebruik. Naast de ‘Strategic Research Agenda (SRA)’, heeft het programma 7 onderzoeksprojecten opgeleverd. ZonMw is verantwoordelijk voor de monitoren van de projecten die door Nederlandse partners worden uitgevoerd. Dit zijn 6 onderzoeksprojecten in totaal.  

Presentaties

Tijdens het eerste deel van de bijeenkomst gaven alle Nederlandse projectleiders een korte presentatie over de voortgang van hun project en de te verwachte projectresultaten. Na afloop van elke presentatie was er 5 minuten ruimte voor reflectie en uitwisseling. Tijdens het tweede deel van de bijeenkomst is in twee groepen dieper ingegaan op (beoogde) resultaten en opbrengsten van de onderzoeksprojecten door te verkennen wat er nodig is om de impact ervan te vergroten. 

Per project werden de volgende vragen besproken:

  1. Op welk vlak liggen de projectopbrengsten? 
  2. Wie gaat er aan de slag met de opbrengsten van het project? (stakeholders)
  3. Wat is de volgende stap om opbrengsten verder te brengen?
  4. Wat is daarvoor nodig?

Impact vergroten 

Impact is één van de beleidsspeerpunten van ZonMw en staat voor het concrete gebruik van onderzoeksresultaten in beleid en praktijk . De bijeenkomst was een mooi moment om kennis en ervaringen over de voortgang van de projecten uit te wisselen, om ervaringen binnen internationale samenwerkingsverbanden te delen en om verschillende netwerken aan elkaar te linken. Samen bespraken de deelnemers dat de onderzoeksresultaten voor: wetenschap, preventie, hulpverlening en beleid. Het in verschillende fasen betrekken van stakeholders uit deze domeinen is van belang om ervoor te zorgen dat de onderzoeksresultaten zowel praktijk als beleid worden toegepast om zodoende de impact te vergroten. 

Presentaties

  1. ATTUNE
  2. ALAMA-Nightlife
  3. ImagenPathways
  4. STANDUP
  5. REC-Path
  6. ZonMw
]]>
news-3003 Thu, 13 Sep 2018 17:21:00 +0200 Tweet over projectleidersbijeenkomst ERANID https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweet-over-projectleidersbijeenkomst-eranid/ news-2960 Fri, 07 Sep 2018 10:35:44 +0200 Tijgermug vaker op vakantie in Nederland https://www.umcutrecht.nl/nl/Over-Ons/Nieuws/2018/Tijgermug-vaker-op-vakantie-in-Nederland Voor het door ons gefinancierde TIARA-project zoeken UMC Utrecht en het RIVM reizigers voor deelname aan onderzoek naar exotische virusinfecties. De kans dat dit soort infecties zoals dengue gaan voorkomen in Nederland wordt groter. Muggen uit exotische landen, zoals de tijgermug, zien we namelijk steeds vaker in Nederland. Deze muggen kunnen zich steeds beter handhaven binnen Europa. news-2941 Tue, 04 Sep 2018 09:59:32 +0200 Unieke kans: deelname kennisplatform over voeding, microbioom en gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/unieke-kans-deelname-kennisplatform-over-voeding-microbioom-en-gezondheid/ Vanaf 4 september 2018 kunnen onderzoekers zich inschrijven om mee te werken in een kennisplatform op het gebied van voeding, het microbioom en gezondheid. Dit platform wordt opgezet en gefinancierd door het JPI HDHL (Joint Programming Initiative, Healthy Diet for a Healthy Life). Het kennisplatform biedt de unieke mogelijkheid om JPI HDHL projecten en anderen initiatieven in dit onderzoeksveld met elkaar te verbinden. Indienen voor het platform?     

Nederland stelt 200.000 euro beschikbaar om reeds gefinancierde projecten op dit gebied te verbinden.  Geïnteresseerde onderzoekers kunnen een zogeheten “Expression of Interest” indienen waarin ze hun interesse en toegevoegde meerwaarde voor het netwerk toelichten. Op basis hiervan worden onderzoekers geselecteerd die gezamenlijk het internationale platform vormen. In deze JPI HDHL subsidieoproep werken 9 Europese landen samen om dit platform op te zetten. Een “Expression of Interest” kan worden ingediend tot 9 oktober 2018.

Wat is het doel?

Het platform heeft als doel om de impact van onderzoek naar voeding, het microbioom en gezondheid te vergroten en de kennis een stap verder te brengen. Hiervoor is een internationale, multidisciplinaire samenwerking essentieel.

Het platform zal gezamenlijke activiteiten uitvoeren gericht op de integratie van expertise, onderzoeksfaciliteiten en databases op het gebied van biologie, geneeskunde, voeding en (bio) informatica. De activiteiten dragen bij aan de huidige onderzoeksuitdagingen in het veld waaronder:
• Standaardisatie en harmonisatie
• Het delen van data en kennis
• Het causale verband tussen voeding, het microbioom en gezondheid

Meer informatie

•    Over de subsidieoproep
•    Over JPI HDHL en de subsidierondes
•    Over voeding en gezondheid

]]>
news-2935 Tue, 04 Sep 2018 09:30:00 +0200 Internationale coalitie wil versnelling Open Access https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-coalitie-wil-versnelling-open-access/ Vanaf 1 januari 2020 zijn resultaten van onderzoek voor iedereen beschikbaar in Open Access tijdschriften en Open Access platforms. Dit is de kern van het plan dat vandaag door de cOAlition S, een internationale groep van onderzoeksfinanciers, waaronder NWO en ZonMw, bekend wordt gemaakt. Het doel is versnelling van de transitie naar Open Access. Het initiatief voor het versnellingsplan werd genomen door Robert-Jan Smits, special envoy Open Access bij de Europese Commissie. En wordt onderschreven door een brede coalitie van nationale en Europese onderzoeksfinanciers uit Frankrijk, Groot-Brittannië, Zweden, Noorwegen, Oostenrijk, Ierland, Luxemburg, Polen, Slovenië en Nederland. De Europese Commissie geeft aan het plan van harte te ondersteunen. Ook de European Research Council (ERC) onderschrijft het plan.

Betaalmuur

Met dit gezamenlijke initiatief wordt de internationale druk op de uitgevers opgevoerd om hun business model definitief om te gooien en Open Access over de volle breedte mogelijk te maken. Stan Gielen, voorzitter NWO: ‘Wetenschap hoort niet achter een betaalmuur, maar moet voor iedereen vrij toegankelijk zijn.’  Jeroen Geurts, voorzitter ZonMw: ‘Bij gezondheidsonderzoek hebben we ook te maken met patiënten en zorgprofessionals. Vrije toegang tot onderzoeksresultaten is voor deze groepen belangrijk.’ Naast NWO en ZonMw onderschrijven ook de VSNU, de KNAW en het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap het belang van de stappen die nu gezet worden.

Full Open Access in de praktijk

Belangrijkste consequentie van het plan is dat alle publicaties die voortkomen uit financiering van NWO, ZonMw en de andere onderzoeksfinanciers per 1 januari 2020 gepubliceerd moeten worden in volledig Open Access tijdschriften. Het publiceren in hybride tijdschriften die volgens het oude abonnementenmodel werken maar wel de mogelijkheid bieden om artikelen Open Access te maken, wordt gedurende een overgangsperiode van 2 jaar toegestaan tot eind 2021. Wel op voorwaarde dat daar het soort contracten onderligt dat de VSNU namens de gezamenlijke universiteiten met de uitgevers sluit. In disciplines waar onvoldoende mogelijkheden tot Open Access bestaan, zullen de organisaties initiatieven nemen en steunen zodat die mogelijkheden ook daar ontstaan. ‘De universiteiten zijn verheugd met deze maatregel, het is een duidelijke steun voor de onderhandelingen die wij met de uitgevers hierover voeren,’ aldus VSNU-voorzitter Pieter Duisenberg.

Meer informatie:

  • Nieuwsbericht + Plan S van NWO
  • Over Open Access op onze website
  • Voor informatie over Open Access publiceren kunnen onderzoekers de website van VSNU raadplegen .
  • In het eerder verschenen nieuwsbericht over het VWS-advies over Open Access publiceren in de gezondheidszorg 
  • in het eerder verschenen nieuwsbericht over de aanbieding van het Nationaal Plan Open Science


]]>
news-2798 Fri, 27 Jul 2018 09:02:49 +0200 Kunt u nog wel lekker zwemmen deze zomer? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/kunt-u-nog-wel-lekker-zwemmen-deze-zomer/ Als het warmer wordt en de zomer vordert, is het steeds aantrekkelijker om een lekkere duik te nemen in natuurwater. Maar is dit wel zo’n goed idee? Wat zwemt er met u mee? Darmbacterie kopje onder

Darminfecties bij mensen worden o.a. veroorzaakt door de bacterie Campylobacter. De bacterie verspreidt zich meestal van landbouwhuisdieren naar mensen. De bacterie komt ook voor bij wilde vogels en in oppervlaktewater. De bijdrage van deze bronnen aan humane infectie is grotendeels onbekend.
 
Het RIVM onderzoekt met verschillende partners de oorsprong en verspreiding van Campylobacter in het milieu. Het onderzoek leidt tot acties die ondernomen kunnen worden om het verspreiden van de bacterie via het milieu te voorkomen.

Een slok afvalwater

U kunt bijvoorbeeld blauwalg tegenkomen in het zwemwater. De blauwalg is een cyanobacterie, die in de zomer zeer giftige stoffen produceert. Het komt vaak voor dat op de plekken waar blauwalg is een zwemverbod van kracht is. Wanneer er te veel stikstof en fosfor in het oppervlaktewater aanwezig zijn kan dit zorgen voor een overmatige groei van algen en cyanobacteriën. Dit is herkenbaar aan de groene drab die dan op het water drijft. Wanneer de algen en cyanobacteriën vervolgens afsterven ontstaan er zuurstoftekort in het water.

Recent was in het nieuws dat waterschappen mensen afraden te zwemmen in oppervlaktewater vanwege de explosieve groei van blauwalgen.

In ons oppervlaktewater wordt gereinigd huishoudelijk afvalwater geloosd. Huishoudelijk afvalwater is er in verschillende varianten; ‘Zwart water’ is het water dat we wegspoelen na een uitgebreid toiletbezoek. Dit water is het meest vervuilde water. ‘Grijs water’ is afvalwater dat afkomstig is van bad, douche, keuken en (afwas) machine. Grijs water is minder vervuild maar wordt wel meer geproduceerd. Dit afvalwater wordt gereinigd en vervolgens weer in oppervlaktewater geloosd.

Resistente bacteriën

Mensen spoelen regelmatig hun overgebleven medicijnen door het toilet. Deze medicijnresten kunnen grotendeels uit het rioolwater worden gefilterd, maar een deel komt toch in het oppervlaktewater terecht. Dit is slecht voor ons milieu en voor het waterleven. Zo kunnen antidepressiva zorgen voor een gedragsverandering bij kleine waterkreeftjes en vissen.
 
Mensen en dieren scheiden resistente bacteriën uit met de ontlasting en die bereiken via het riool de afvalwaterzuivering. Afvalwaterzuiveringen kunnen het aantal resistente bacteriën, resistentiegenen en resten van antibiotica deels verminderen, maar niet volledig.

Mensen die zwemmen in oppervlaktewater waarin gezuiverd afvalwater wordt geloosd, kunnen deze resistente bacteriën mogelijk binnenkrijgen. De gevolgen hiervan voor de gezondheid moeten nog onderzocht worden.
 
Het RIVM onderzoekt in hoeverre het mogelijk is om resistente darmbacteriën binnen te krijgen door te zwemmen in  oppervlaktewater. Zij zoeken deelnemers voor een zwemmersstudie.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over gezondheidsonderzoek en zorginnovaties. Het genoemde onderzoek van de Campylobacter wordt gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen. Non-alimentaire zoönosen zijn infecties die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om.

Meer informatie

Wilt u weten waar u veilig kunt zwemmen deze zomer? Op Zwemwater.nl vindt u meer informatie over de waterkwaliteit van het zwemwater in Nederland. Heeft u een specifieke vraag? Dan kunt u bellen met de zwemwatertelefoon in uw provincie.

Hieronder vindt u een lijst met links naar achtergrondinformatie over de onderzoeken uit dit artikel:

]]>
news-2773 Thu, 19 Jul 2018 09:00:00 +0200 Onderzoek helpt in de strijd tegen hiv en aids https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-helpt-in-de-strijd-tegen-hiv-en-aids/ Onderzoek levert kennis op over de transmissie, het ziekteverloop en de preventie van hiv. Het recente besluit van VWS om PrEP te verstrekken, is daar mede op gebaseerd. PrEP

Recent heeft VWS bekend gemaakt dat preventieve hiv-remmers (PrEP) binnen een onderzoekssetting voor 5 jaar worden verstrekt aan de hoogrisicogroep van mannen die seks hebben met mannen (MSM). GGD-regio's organiseren de verstrekking en bijbehorende 3-maandelijkse medische zorg voor PrEP-gebruikers. Uit onderzoek van GGD Amsterdam bleek PrEP kosteneffectief. Wel bleek dat bij PrEP-gebruikers het condoomgebruik afnam. Gelukkig bleef het aantal soa’s stabiel.

Elske Hoornenborg, projectleider van het AMPrEP-project van GGD Amsterdam: “Laagdrempelige beschikbaarheid van PrEP levert een zeer belangrijke bijdrage aan het stoppen van hiv-transmissie in Nederland.”

Louise van Deth, directeur Aidsfonds-Soa Aids Nederland: “Wij dringen al jaren aan om PrEP in Nederland te vergoeden. PrEP is simpelweg kostenbesparend omdat je met het voorkomen van nieuwe infecties ook de kosten van levenslange behandeling van hiv voorkomt.”

Onderzoek naar geneesmiddel

Onderzoekers van het Amsterdam UMC deden onlangs een belangrijke ontdekking in de zoektocht naar een geneesmiddel naar aids. De Langerhanscellen spelen een belangrijke rol als poortwachter. Zij kunnen voorkomen dat hiv het lichaam binnendringt. Dit onderzoek is een vervolg op door ZonMw gefinancierd Vici-onderzoek van deze onderzoeker.

Therapiefalen

Onderzoekers van het Universitair Medisch Centrum Utrecht en de Universiteit Utrecht werken samen met de Ndlovu Care Group, een hiv-kliniek in Zuid-Afrika, in het ITREMA-project. Zij bestuderen of een intensieve controlestrategie met zelf ontwikkelde innovatieve technologie eerder/vroeger therapiefalen kan opsporen en leidt tot kostenbesparing. Tevens onderzoeken zij hoe sociaaleconomische factoren bijdragen aan therapiefalen.

Seksueel risicogedrag

Met dit project onderzoeken het RIVM en GGD Amsterdam hoe seksueel risicogedrag verandert in de levensloop van MSM. Als de veranderingen in risicogedrag op een kortere tijdschaal plaatsvinden, zien de onderzoekers een grotere impact op hiv-verspreiding. Hiv-verspreiding kan beperkt worden wanneer veel MSM met hoog risicogedrag PrEP gebruiken.

Subsidiemogelijkheden

Wij stimuleren kennisontwikkeling over preventie, diagnostiek en behandeling van hiv. Dat doen we door gezondheidsonderzoek te financieren. Een overzicht van de subsidiemogelijkheden voor onderzoek naar hiv en aids vind u op onze website. De in dit nieuwsbericht genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit de programma’s Infectieziektebestrijding, Vici, Antimicrobiële resistentie en TOP-subsidies.

Internationale conferentie

Op de 22e internationale aids-conferentie in Amsterdam spreken 18.000 internationale onderzoekers, zorgprofessionals en beleidsmakers met elkaar over hiv-preventie en de wereldwijde strijd tegen aids.

Meer informatie

]]>
news-2752 Thu, 12 Jul 2018 13:34:38 +0200 Neemt u een teek mee terug van uw zomervakantie? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/neemt-u-een-teek-mee-terug-van-uw-zomervakantie/ De kans is niet heel groot maar teken kunnen ziekten veroorzaken met vervelende gevolgen. Zorg er dus voor dat u geen lyme of andere ziekten die teken overdragen, als souvenir mee terug neemt. Lymeziekte

De meest voorkomende tekenoverdraagbare ziekte in Nederland is de ziekte van Lyme. Jaarlijks lopen mensen meer dan een miljoen tekenbeten op. Hierdoor krijgen 27.000 mensen lymeziekte. Daarvan houden 1000 tot 2500 mensen langdurig klachten, ook na behandeling; zonder dat bekend is hoe dat komt. Patiëntenorganisaties, onderzoekers, beleidsmakers, bedrijven en zorgprofessionals hebben met elkaar in 2016 een actieplan opgesteld over lymeziekte. Een aantal onderzoeksonderwerpen is opgenomen in projecten. Met deze projecten van het RIVM, het Amsterdam UMC en het Radboudumc worden diagnostische testen gevalideerd. Ook willen de onderzoekers inzicht krijgen hoe de Borrelia-bacterie in de patiënt afweerreacties overleeft. En hopen de onderzoekers meer kennis te krijgen over het verloop van lyme bij volwassenen en kinderen.

Tekenhersen(vlies)ontsteking

Een minder vaak voorkomende maar ook ernstige ziekte die via teken wordt overgedragen, is tekenhersen(vlies)ontsteking. Ook wel encefalitis,TBE of FSME genoemd. Wageningen University & Research is samen met Artemis One Health een project gestart om het risico op het vóórkomen en het verspreiden van deze ziekten in Nederland beter in kaart te brengen.

Andere tekenoverdraagbare aandoeningen

Naast de verwekker van lymeziekte en tekenhersen(vlies)ontsteking dragen teken in Nederland  andere (mogelijke) ziekteverwekkers. Onderzoekers van het Amsterdam UMC/UvA brengen andere tekenoverdraagbare aandoeningen in kaart. Ook verbeteren zij diagnostische tests om deze verwekkers aan te tonen.

Tekenkoorts

Naast de verwekker van lymeziekte zijn teken in Nederland regelmatig besmet met verschillende andere bacteriën, parasieten en virussen. Onderzoekers van het Amsterdam UMC zijn in samenwerking met het RIVM bezig andere tekenoverdraagbare aandoeningen in kaart te brengen. Ook verbeteren zij diagnostische tests om deze verwekkers aan te tonen.

Preventie van tekenoverdraagbare aandoeningen

Recent was in het nieuws dat deze zomer veel teken worden verwacht. Ga dus goed voorbereid op vakantie:

  • kijk op www.tekenradar.nl voor recente meldingen van tekenbeten en lyme in Nederland
  • neem een tekenkaart of -tang mee om een teek te verwijderen
  • gebruik DEET

Meedoen aan onderzoek

Een tekenbeet of lyme kunt u melden via tekenradar.nl. Onderzoekers zijn ook op zoek naar mensen met koorts (> 38 °C) na een tekenbeet. Hebt u koorts, ontwikkeld tot maximaal 4 weken na een tekenbeet, dan kunt u dit ook melden via tekenradar.nl.

Grensverleggend onderzoek

ZonMw stimuleert kennisontwikkeling over preventie, diagnostiek en behandeling van deze tekenoverdraagbare ziekten. De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen. Non-alimentaire zoönosen zijn infectieziekten die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om. Dit is ook mogelijk via dragers (vectoren) of via de omgeving. Vectoroverdraagbare ziekten zijn ziekten die door tussenkomst van bijvoorbeeld een mug of een teek (de vector) van het ene dier naar een ander, of naar een mens, worden overgedragen.

Meer informatie

]]>
news-2604 Fri, 15 Jun 2018 12:21:56 +0200 Wat neem jij deze zomer mee terug van je buitenlandse vakantie? https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/wat-neem-jij-deze-zomer-mee-terug-van-je-buitenlandse-vakantie/ Mensen reizen steeds meer. Infectieziekten kunnen door reizigers mee naar Nederland genomen worden en daar verder verspreid worden. Hondsdolheid, darminfecties en virusinfecties overgedragen door muggen, zijn onderwerpen van enkele onderzoeksprojecten bij ZonMw. Gezondheidsklachten door reizen

RIVM is het TIARA-onderzoek gestart om snel zicht te krijgen op het risico op import van virussen. Reizigers worden gevraagd met een app bij te houden of ze gezondheidsklachten krijgen. Bij een mogelijke infectie wordt onderzocht of in hun bloed het virus aanwezig is van zika, dengue, chikunguya of gele koorts. Muggen kunnen deze virussen overdragen op mensen.

Import van virussen via muggen

Het Erasmus MC en Wageningen University & Research onderzoeken het ziekterisico voor patiënten en de kans op verspreiding van het zikavirus in Nederland. Dit virus wordt door steekmuggen overgedragen op mensen. Sinds eind 2015 is er een grootschalige uitbraak in Zuid- en Midden-Amerika en in het Caribisch gebied. Gewoonlijk laat een infectie met dit virus milde symptomen zien maar het kan ook leiden tot een ernstiger ziektebeeld.

Op 15 juni 2018 is bekendgemaakt dat Marion Koopmans, betrokken bij dit onderzoek, 1 van de 2 Stevinlaureaten van NWO is.

Hondsdolheid op reis

LUMC wil met een niet-inferioriteitsonderzoek aantonen dat 1 inenting tegen hondsdolheid (rabiës) voldoende is. Hondsdolheid is een dodelijke infectieziekte van mens en dier. De ziekte komt het meeste voor in Azië en Afrika. Hondsdolheid bij reizigers is zeldzaam. Reizigers worden wel geregeld in het buitenland gebeten. Inenten voorkomt behandeling. Vanwege kosten en te weinig tijd voor de gebruikelijke 2 of 3 inentingen worden niet alle reizigers voor vertrek tegen hondsdolheid ingeënt.

In een ander onderzoek beogen RIVM, GGD Hart voor Brabant, GGD Regio Utrecht, Landelijk Coördinatiecentrum Reizigersadvisering (LCR) en LUMC de richtlijn reizigersadvies rabiës aan te vullen. In de richtlijn wordt beter uitgewerkt voor wie rabiësvaccinatie geïndiceerd is. Dit gebeurt op basis van de in dit onderzoek geïdentificeerde risicogroepen en kosteneffectiviteit van (vaccinatie-)zorg.

Recent was hondsdolheid in het nieuws vanwege een wereldwijd onderzoek dat LUMC start.

Reizende resistentie

Nederlanders reizen steeds meer naar verre bestemmingen waar relatief veel resistente bacteriën voorkomen. Uit de COMBAT-studie van Maastricht Universitair Medisch Centrum+ blijkt dat 1/3 van de 2001 onderzochte Nederlanders multiresistente darmbacteriën mee naar huis neemt. Gemiddeld hield men deze ‘import-bacteriën’ 30 dagen bij zich. Ook verspreidden de bacteriën ook onder niet-reizende huisgenoten. Resistente bacteriën zijn bacteriën die resistent zijn tegen gebruikelijke antibiotica.

Grensverleggend onderzoek

De genoemde onderzoeken worden gefinancierd vanuit het programma Non-alimentaire zoönosen en het programma Antibioticaresistentie. Non-alimentaire zoönosen zijn infecties die van dieren overgedragen worden aan de mens, buiten de voedselketen om. Dit is ook mogelijk via dragers (vectoren) of via de omgeving. Vectorovergedragen ziekten zijn ziekten die door tussenkomst van bijvoorbeeld een insect (de vector) van het ene dier naar een ander, of naar een mens, worden overgedragen. Voorbeelden van een vector zijn knutten, muggen en teken.

Meer informatie

]]>
news-2427 Wed, 02 May 2018 19:28:46 +0200 Onderzoeksplaatsen beschikbaar voor wetenschappers met een vluchtelingenstatus https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoeksplaatsen-beschikbaar-voor-wetenschappers-met-een-vluchtelingenstatus/ Wetenschappers die hun vaderland ontvlucht zijn en in Nederland hun wetenschappelijke carrière willen voortzetten hebben de mogelijkheid om een eenjarige aanstelling te krijgen. Via het nieuwe pilotprogramma Vluchtelingen in de wetenschap maakt NWO de financiering hiervan mogelijk. De wetenschappers moeten een masterdiploma hebben of reeds gepromoveerd zijn en daarnaast in het bezit zijn van een vluchtelingenstatus in Nederland. De pilot is ontwikkeld in samenspraak met De Jonge Akademie, de KNAW en de Stichting voor Vluchteling-Studenten UAF. Projectleiders van reeds gestarte onderzoeksprojecten (NWO of ZonMw) kunnen een aanvraag indienen.

Voortzetten wetenschappelijke carrière

Sigmund Freud en Albert Einstein. Deze belangrijke wetenschappers hebben gemeen dat ze noodgedwongen uit hun land van oorsprong moesten vluchten. In een ander land vonden ze een veilige haven waar ze hun onderzoek konden opbouwen of voortzetten. Ook nu zijn er wetenschappers die als vluchteling in Nederland verblijven. Het voortzetten van hun wetenschappelijke carrière is niet vanzelfsprekend omdat ze tegen obstakels aanlopen zoals taal, een andere werkcultuur of beperkte ruimte om een netwerk op te bouwen.

Indienen vanaf 17 mei, deadline op 13 september

Een projectleider van een lopend onderzoeksproject dat reeds gefinancierd wordt door NWO of ZonMw kan de aanvraag indienen. Hiermee vraagt de projectleider extra financiering voor de eenjarige aanstelling van een junior of senior onderzoeker met een aantoonbare vluchtelingenstatus (verblijfsvergunning voor bepaalde tijd asiel (Type III) verkregen op of na 1 januari 2013). In totaal is een budget van €750.000 beschikbaar voor de pilot, waarmee 8 - 15 aanvragen gehonoreerd kunnen worden. 

Belangstelling?

Kandidaten kunnen hun interesse voor de oproep bekend maken door een interesseformulier in te vullen. Deze gegevens worden gedeeld met de instellingen en geïnteresseerden in de oproep om te kunnen zoeken naar geschikte kandidaten voor lopende onderzoeksprojecten of projectleiders. Daarnaast bent u van harte welkom op de informatiebijeenkomst op 2 juni vanaf 14:00 uur in Utrecht. Kandidaten - zowel vluchtelingen met een wetenschappelijke achtergrond als projectleiders van een lopend onderzoeksproject – krijgen daar meer informatie over de nieuwe oproep en de betrokken organisaties.

Meer informatie


]]>
news-2431 Tue, 01 May 2018 09:00:00 +0200 Europese Commissie komt met actieplan vaccinatie https://www.skipr.nl/actueel/id34423-europese-commissie-komt-met-actieplan-vaccinatie.html Over de de dalende vaccinatiegraad in de Europese Unie, luit de Europese Commissie de noodklok. Volgens de commissie komt de volksgezondheid in gevaar omdat EU-landen de internationaal afgesproken vaccinatiegraad voor ziektes als mazelen, difterie, kinkhoest en tetanus niet halen. Een serie voorstellen moet hier verandering in brengen.  

]]>
news-2393 Wed, 25 Apr 2018 08:25:00 +0200 Lichaamsgeur verhoogt aantrekkelijkheid malaria-infectie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/lichaamsgeur-verhoogt-aantrekkelijkheid-malaria-infectie/ Een malaria-infectie bij kinderen maakt hen aantrekkelijker voor malariamuggen. Dit blijkt uit onderzoek van de Wageningen University & Research. Malariaparasieten beïnvloeden de aantrekkelijkheid van hun gastheren (de mens) zodat de kans op overdracht van de parasiet verhoogd wordt. Zo zorgen de parasieten zelf voor hun overdracht. Aantrekkelijk via geur

In Kenia zijn kinderen die op natuurlijke wijze met malaria besmet waren, onderzocht op hun aantrekkelijkheid voor malariamuggen. Hun lichaamsgeuren werden verzameld en chemisch analytisch onderzocht via gaschromatografie-massaspectrometrie. Geurstoffen die duidelijk in grotere hoeveelheden aanwezig waren dan bij gezonde kinderen, werden onderzocht op
aantrekkelijkheid voor muggen.

Hoe vindt een malariamug haar donor?

In het onderzoeksproject is onderzocht of malariaparasieten in de mens signaalstoffen produceren die door de malariamug gebruikt worden om haar bloeddonor te vinden. Gezonde volwassen vrijwilligers zijn met malariaparasieten geïnfecteerd. Vervolgens zijn een aantal dagen na infectie hun geurstoffen opgevangen en onderzocht op chemische samenstelling. Bij gebleken infectie, werden de vrijwilligers direct behandeld met antimalariamedicatie.Verandering in lichaamsgeur
Een malaria-infectie bij volwassenen veroorzaakt veranderingen in de lichaamsgeurproductie,
waardoor muggen soms aangetrokken of afgestoten worden. Een natuurlijke malaria-infectie bij Afrikaanse kinderen maakt de kinderen significant meer aantrekkelijk, in het bijzonder als seksuele stadia van de parasiet aanwezig zijn. Van geïnfecteerde kinderen bleken 7 chemische
verbindingen uit hun lichaamsgeuren verantwoordelijk voor de sterk verhoogde aantrekking door muggen.

Stap dichter bij malariabestrijding

De nieuwe bevindingen geven extra mogelijkheden om malaria te bestrijden. Er is nu meer kennis over de besmettingsroute van de parasiet. Dat schept ook mogelijkheden om in die keten in te grijpen. Volgens de onderzoekers kan nu diagnostische apparatuur worden ontwikkeld, zonder dat de arts bloed hoeft te prikken. Dat is sneller en kindvriendelijker.

Meer informatie

]]>
news-2369 Tue, 17 Apr 2018 11:13:01 +0200 Praat mee over Integrated Care op wereldtop in Utrecht https://www.zorgvisie.nl/praat-mee-over-integrated-care-op-wereldtop-in-utrecht/ Het wereldwijde platform voor geïntegreerde zorg komt tijdens het 18e International Conference on Integrated Care samen in Utrecht. Van 23 mei t/m 25 mei praten onderzoekers, clinici en managers van over de hele wereld over geïntegreerde zorg. Vanuit Nederland zijn er onder meer bijdragen van Bas Bloem, Machteld Huber en Henk Smid. Discussieer mee over betere geïntegreerde zorg.  

]]>
news-2117 Tue, 06 Feb 2018 09:00:00 +0100 Internationale subsidieronde voeding & epigenetica geopend! https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-subsidieronde-voeding-epigenetica-geopend/ Vanaf 6 februari 2018 kunt u een transnationaal onderzoeksvoorstel indienen op het gebied van voeding en epigenetica. Omdat Nederland hieraan deelneemt kunnen ook Nederlandse onderzoekers in dienen. Doel van de subsidieoproep is meer inzicht verkrijgen in de relatie tussen voeding en epigenetica en het effect daarvan op humane gezondheid. De deadline is 12 april 2018. Het is nog onvoldoende duidelijk hoe leefstijlfactoren, waaronder voeding, onze gezondheid en het ontstaan van ziektes precies beïnvloeden. Waarom ontwikkelen sommige mensen een bepaalde ziekte en anderen niet? De omgeving waarin we leven speelt hierin een belangrijke rol, maar ook genetische kenmerken zijn van belang. Epigenetica bestudeert de expressie van genen en kijkt hierbij ook naar de invloed van omgevingskenmerken. In deze subsidieronde ligt de focus op de relatie tussen voeding en het epigenoom en het effect hiervan op gezondheid.

Internationale samenwerking

De internationale subsidieronde ‘Nutrition & the Epigenome’ wordt uitgevoerd door het Joint Programming Initiative, Healthy Diet for a Healthy Life (JPI HDHL). De 9 deelnemende landen, allen aangesloten bij het JPI HDHL, stellen samen ruim 8 miljoen euro beschikbaar. Nederland draagt hier €900.000 euro aan bij.

Meer informatie

]]>
news-1973 Tue, 19 Dec 2017 11:08:29 +0100 Onderzoek naar de relatie tussen voeding, darmbacteriën en gezondheid https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/onderzoek-naar-de-relatie-tussen-voeding-darmbacterien-en-gezondheid/ Begin 2018 starten 11 internationale onderzoeksprojecten om meer inzicht te krijgen in de relatie tussen voeding, het darm-microbioom en gezondheid. De projecten zijn gehonoreerd in een internationale subsidieronde van HDHL INTIMIC, een ERA-NET binnen het JPI HDHL. In de projecten zijn 45 onderzoeksgroepen uit 8 landen vertegenwoordigd. Financiering is afkomstig uit de 8 deelnemende landen, aangevuld met een extra budget vanuit de Europese Commissie. In totaal is ruim 9,5 miljoen euro beschikbaar voor de gehonoreerde projecten met een looptijd van 2 tot 3 jaar.

Voortbouwen op eerder onderzoek

Begin 2017 werd de subsidieronde gelanceerd door 9 deelnemende landen. Van de 66 vooraanmeldingen die werden ingediend, zijn 28 consortia uitgenodigd om een volledige aanvraag in te dienen. Een wetenschappelijk panel met experts in dit veld heeft hiervan 11 projecten aanbevolen voor honorering.
De gehonoreerde onderzoeken bouwen voort op de 6 projecten uit een eerdere gezamenlijke JPI HDHL subsidieronde, Intestinal Microbiomics. Om de impact van de onderzoeksresultaten te vergroten, gaan alle gehonoreerde projecten uit beide subsidierondes deel uitmaken van een kennis platform in dit onderzoeksveld dat later binnen dit ERA-NET wordt opgezet.

Waarom onderzoek naar het microbioom?

Het darm-microbioom is een ecosysteem waarin biljoenen micro-organismen (met name bacteriën) leven en ons helpen om bijvoorbeeld ons eten te verteren. Steeds duidelijker wordt dat de samenstelling van het darm-microbioom metabole processen in het lichaam sterk beïnvloed en daarmee ook het ontstaan en verloop van chronische aandoeningen. De onderliggende mechanismen en de exacte rol die voeding hierin speelt is grotendeels onduidelijk. Dit is de reden dat aangesloten landen binnen het JPI HDHL krachten bundelen om internationaal hoogstaand onderzoek op dit gebied mogelijk te maken.

Nederlandse deelname

Nederland is goed vertegenwoordigd met onderzoeksgroepen van het AMC, TNO en Radboud UMC in 5 van de 11 gehonoreerde projecten. De focusgebieden van deze 5 projecten lopen uiteen van de ontwikkeling van het darm-microbioom bij baby’s tot het darm-microbioom in relatie tot diabetes en darmkanker tot de invloed van een westers en traditioneel dieet op het darm-microbioom.

Meer informatie


]]>
news-1944 Thu, 14 Dec 2017 11:23:47 +0100 Anderhalf miljoen voor onderzoek terugdringen antibioticagebruik https://www.skipr.nl/actueel/id32815-anderhalf-miljoen-voor-onderzoek-terugdringen-antibioticagebruik-.html Hoogleraar ouderengeneeskunde Cees Hertogh van het VUmc krijgt een subsidie van 1,5 miljoen euro voor onderzoek naar het terugdringen van overmatig antibioticagebruik bij kwetsbare ouderen. De subsidie komt van Joint Programming Initiative on Antimicrobial Resistance (JPIAMR). Hierin hebben 19 landen zich verenigd om de antimicrobiële resistentie te verminderen en het gepast gebruik van antibiotica te bevorderen.  

]]>
news-1919 Tue, 12 Dec 2017 09:40:33 +0100 ZonMw partner van International Conference on Integrated Care (ICIC) https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/zonmw-partner-van-international-conference-on-integrated-care-icic/ Van 23 t/m 25 mei 2018 organiseert de International Foundation for Integrated Care (IFIC) voor de 18e keer de International Conference on Integrated Care (ICIC). ZonMw is partner, net als het RIVM en Vilans. Deze internationale conferentie vindt plaats in Utrecht en gaat over geïntegreerde zorg en ondersteuning. De nadruk ligt op de waarde van mensen en populaties.

Paneldiscussie ZonMw

Henk Smid, directeur van ZonMw, leidt tijdens het ICIC een paneldiscussie over de brede definitie van gezondheid en de gevolgen hiervan voor beleid, onderzoek, onderwijs en praktijk.

Komt u ook?

Doet u onderzoek binnen het aandachtsgebied van geïntegreerde zorg of houdt u zich bezig met beleid, onderzoek, onderwijs en praktijk? Pak dan deze kans en breng uw onderzoek onder de aandacht van een internationale doelgroep. Meld u aan vóór 28 februari 2018 en krijg 10% korting met code EARLYBIRD. Ga naar de aanmeldpagina van ICIC 

Integrated Care Academy Award

Tijdens het congres vindt de uitreiking plaats voor de Integrated Care Academy Award voor beste paper en poster. Een comité van toonaangevende internationale experts kiest de beste paper en de beste poster (deadline voor inzending is verstreken). 

Waar en wanneer

Het ICIC vindt plaats van woensdag 23 mei t/m vrijdag 25 mei 2018 in het NBC Congrescentrum in Utrecht. De conferentie is met name interessant voor onderzoekers, clinici en managers die betrokken zijn bij het onderwerp integrated care en die geïntegreerde gezondheids- en sociale zorg leveren. Prijs voor deelname vanaf € 333,-.

Ga voor meer informatie naar de website van ICIC

]]>
news-1863 Wed, 29 Nov 2017 13:27:48 +0100 België en Nederland investeren samen 6 miljoen euro in klinische studies https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/belgie-en-nederland-investeren-samen-6-miljoen-euro-in-klinische-studies/ Het Belgische Federaal kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) en ZonMw, de Nederlandse organisatie voor gezondheidsonderzoek en zorginnovatie, hebben op 30 november een overeenkomst getekend om samen 6 miljoen euro te investeren in vergelijkende, praktijkgerichte klinische studies. Het doel van BeNeFIT (Belgium-Netherlands Funding of International Trials) is dat Belgische en Nederlandse instellingen samen niet-commercieel praktijkgericht onderzoek uitvoeren, dat relevant is voor patiënten, zorgverleners en beleidsmakers in beide landen. In januari 2018 zullen het KCE en ZonMw Belgische en Nederlandse onderzoekers uitnodigen om gezamenlijke studievoorstellen in te dienen, en indien geselecteerd, ook uit te voeren.

Gezondheidszorgvragen relevant voor beide landen

De doelmatigheid van bestaande interventies in de gezondheidszorg wordt nog onvoldoende in klinische studies vergeleken (bv. vergelijking tussen medicatie en operatie, of tussen wel en niet opereren). Bovendien is veel onderzoek niet praktijkgericht, waardoor de resultaten niet onmiddellijk bruikbaar zijn in de dagelijkse medische praktijk. Vergelijkende, praktijkgerichte studies dragen bij tot een betere patiëntenzorg en een efficiënter gebruik van publieke middelen. In Nederland financiert de overheid om die reden dergelijke studies via de ZonMw-programma’s Goed Gebruik Geneesmiddelen en DoelmatigheidsOnderzoek. En in België gaf Minister van Volksgezondheid Maggie De Block in het najaar van 2015 de opdracht aan het KCE om een programma voor dergelijke klinische studies op te starten en op te volgen (KCE Trials). 

Maggie De Block, minister van Sociale zaken en Volksgezondheid (België): 'De best mogelijke behandelingen vinden voor de patiënt, dat is een van mijn prioriteiten als minister van Volksgezondheid. In 2015 heb ik daarom een programma rond praktijkgericht klinisch onderzoek gelanceerd in ons land. Met het project BeNeFIT zetten we nu een nieuwe stap in dit verhaal: door de handen in elkaar te slaan met Nederland, vergroten we de schaal en bundelen we onze expertise en middelen. Dat zal ons toelaten om sneller vooruitgang te boeken, in het belang van de patiënt.'

Nu gaan KCE Trials en ZonMw de krachten bundelen onder de benaming BeNeFIT. Vele vragen zijn immers relevant voor de gezondheidszorg in beide landen en door samen te werken kunnen klinische studies sneller en efficiënter worden uitgevoerd. Dit pilotproject biedt onderzoekers, maar ook de financierende overheidsorganisaties, een unieke kans om elkaar te versterken en van elkaar te leren.

Bruno Bruins, minister voor Medische Zorg (Nederland): 'Nederland en België werken al intensief samen op het gebied van geneesmiddelen. De samenwerking op het gebied van onderzoek is een mooie nieuwe stap in onze hechte relatie. Voor beide landen levert de samenwerking veel op. Doordat Belgische en Nederlandse organisaties de handen ineen slaan wordt het onderzoek beter en worden de resultaten waardevoller voor onze samenleving.'

Gezamenlijke oproep tot voorstellen in januari 2018

Naar verwachting in januari 2018 zullen beide organisaties een gemeenschappelijke oproep doen aan Belgische en Nederlandse onderzoekers, voor onderzoeksvoorstellen die relevant zijn voor patiënten, zorgverleners en beleidsmakers uit beide landen. Deze oproep wordt op beide websites geplaatst. Met een budget van maximaal 6 miljoen euro zal BeNeFIT studies financieren met patiënten in beide landen, met een goede geografische spreiding en in België ook een goede spreiding over de twee taalgemeenschappen. 

De definitieve, ook weer gezamenlijke en gecentraliseerde selectie van de ingediende voorstellen, zal in juni 2019 worden bekendgemaakt.

Als u op de hoogte wil worden gehouden van deze oproep, kunt u: 

Meer informatie:

ZonMw:
Stijn Tersmette (+31 70 349 52 60)
Harald Moonen (+31 70 349 53 49)
benefit@zonmw.nl

KCE:
Frank Hulstaert (+32 2 287 33 73)
Leen Verleye     (+32 2 287 33 40)
trials@kce.fgov.be


---------

Bijkomende informatie voor onderzoekers

Welke studies komen in aanmerking voor financiering?

Dit programma focust op ‘comparative effectiveness’ studies die naast de zorg ook de efficiëntie van de gezondheidszorg kunnen verbeteren. ‘Comparative effectiveness’ studies vergelijken twee behandelopties (inclusief placebo of geen behandeling) die al in gebruik zijn in de klinische praktijk voor een indicatie, maar nog onvoldoende rechtstreeks zijn vergeleken (i.e. welke van de twee behandelingsopties werkt het best in de dagelijkse praktijk). Behandelopties zijn niet beperkt tot medicijnen maar omvatten ook bijvoorbeeld psychotherapie, chirurgie, diagnostische testen enz. Voorwaarde is wel dat de bestudeerde interventies in aanmerking kunnen komen voor vergoeding in beide landen.
De primaire opzet van de studie moet niet-commercieel zijn.
Het onderzoek wordt opgezet en uitgevoerd door een samenwerkingsverband van meerdere instellingen, waaraan minimaal twee Belgische en minimaal twee Nederlandse instellingen deelnemen.

Voor deze pilot komt in ieder geval niet in aanmerking:

  • Implementatieonderzoek
  • Studies over de organisatie van de gezondheidszorg (health services research)
  • Studies naar nieuwe interventies en innovatie
  • Studies waarvan de recrutering al is gestart, of die al werden ingediend bij een ethische commissie (of in België bij het FAGG-Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten)

Wie kan een onderzoeksvoorstel indienen?

Als de sponsor (hoofdaanvrager) in België gevestigd is, moet hij een niet-commerciële sponsor zijn, zoals gedefinieerd in de wet van 7 mei 2004.

Als de sponsor (hoofdaanvrager) in Nederland gevestigd is, moet hij een Nederlandse onderzoeksinstelling of zorginstelling zijn.


Aan deze vooraankondiging kunnen geen rechten worden ontleend. De uiteindelijke oproeptekst en de daarin vermelde voorwaarden en criteria zijn leidend.

]]>
news-1803 Wed, 15 Nov 2017 13:40:00 +0100 Tweede call for proposals Replicatiestudies open voor aanvragen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/tweede-call-for-proposals-replicatiestudies-open-voor-aanvragen/ Gepromoveerde onderzoekers kunnen tot 6 maart 2018 financiering aanvragen voor het repliceren van ‘hoeksteenonderzoek’ in de disciplines van maatschappij- en gedragswetenschappen van het NWO-domein Sociale en Geesteswetenschappen en van ZonMw. Het gaat om de 2e ronde van het pilotprogramma Replicatiestudies. NWO verwerft met de pilot kennis en ervaring die kan leiden tot een effectieve manier voor de opname van replicatieonderzoek in onderzoekprogramma’s. Ook helpt de pilot bij het verkrijgen van inzicht in en het reflecteren op de eisen die NWO stelt aan de methodologie en de transparantie van onderzoek.

Op basis van de ervaringen uit de eerste ronde (zie het nieuwsbericht rond de toekenningen) zijn in deze call for proposals enkele wijzigingen aangebracht, waaronder de invoering van een voorselectie in de beoordelingsprocedure. In de call for proposals staan alle indienings- en uitvoeringsvoorwaarden vermeld.

De pilot is bedoeld voor gepromoveerde onderzoekers die voor de duur van het voorgestelde project verbonden zijn aan een Nederlandse kennisinstelling. Zij beschikken over aantoonbare methodologische competenties om het voorgestelde onderzoek uit te voeren of te begeleiden.

Aanvragers dienen ook expertise te hebben op het onderzoeksgebied van de te repliceren studie.

Meer informatie

 

]]>
news-1638 Tue, 14 Nov 2017 08:00:00 +0100 Hoop bieden aan verslaafden en hun familie https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/hoop-bieden-aan-verslaafden-en-hun-familie/ Door in 4 landen verschillende vormen van herstelpaden te onderzoeken, wil projectleider David Best van de Sheffield Hallam University in het Verenigd Koninkrijk, laten zien dat er een gezonde toekomst mogelijk is voor verslaafden.
Met een grote ERANID-subsidie voor het project 'Recovery pathways and societal responses in the UK, Netherlands and Belgium (REC-Path)' gaat hij samen met onderzoekers in 4 landen (België, Nederland, Schotland en Engeland) aan de slag om zicht te krijgen op de verschillende succesvolle herstelpaden. ‘In veel West-Europese landen ligt de focus op een klinisch model. Professionele therapie helpt mensen van hun verslaving af. In het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten zie je daarentegen veel meer zelfhulpvormen. Wij gaan kijken welke groepen mensen baat hebben bij welke vormen van ondersteuning.’

Verschillende herstelpaden

In het onderzoek onderscheiden de onderzoekers 5 verschillende herstelpaden. De eerste noemt Best het natuurlijke herstel. Dit zijn de mensen die het geheel op eigen kracht doen. ‘Net zoals mensen soms stoppen met roken. Ze worden op een ochtend wakker en besluiten dat dit het was. Ze stoppen ermee. Cold turkey. Meestal zijn het mensen die nog beschikken over goede middelen. Ze hebben nog werk, vrienden en een woning.’ Weliswaar is het maar een kleine groep die hierin slaagt, maar onder hen zijn wel degelijk ook heroïne- en cocaïnegebruikers.

Peer-based

Het tweede herstelpad bestaat uit een heel scala aan verschillende vormen van professionele therapeutische behandelingen. Die vormen in dit onderzoek allemaal tezamen één groep. Daarnaast onderscheidt Best 3 vormen van peer-based herstelmodellen. Hij wil laten zien dat er zoveel meer mogelijk – en nodig – is dan alleen de professionele meer klinische aanpak. Best: ‘Blijvend herstel vraagt om doorlopende ondersteuning vanuit de samenleving. Dat maakt peer-based ondersteuning zo belangrijk.’

Filosofie

Eén van de 3 peer-based modellen bestaat uit de zogenaamde ’12 steps fellowships’. Feitelijk is dit een op de Alcoholics Anonymous gebaseerd model. Hier hanteren ze de filosofie dat verslaving een ziekte is die levenslang duurt. 'Once an addict, always an addict'. The main goal is trying to get in control over your addiction.’, vertelt Best. Het tweede peer-based model bestaat uit zogenaamde ‘Therapeutic communities’, vormen van residentiële hulpverlening die geleid worden door bij voorkeur ex-verslaafden. Zij zien verslaving niet als een ziekte maar veel meer als een 'symptom of a messed-up-life'. In huizen op het platteland proberen de (ex-)verslaafden op een nieuwe en betere manier te leren leven.

Reis naar herstel

Het laatste model bestaat uit een mengelmoes van allerlei andere vormen van ‘peer-based recovery support services’. Best: ‘Dit zijn groepen die niet vanuit een bepaalde filosofie werken, maar op allerlei verschillende manieren zorgen voor onderlinge steun en hulp bij het (her)vinden van je weg in de samenleving.’ De grote vraag voor Best en zijn collega’s is hoe welke groepen verslaafden, in welk stadium van hun herstel, gebruik maken van welk herstel model. ‘How does their journey look like? Do they use different pathways? How? When? Who chooses what? And of course: how succesfull are they?

Complex

In totaal gaan de onderzoekers per land 250 mensen volgen die werken aan hun herstel, de helft mannen en de helft vrouwen. Daarnaast maken ze onderscheid tussen mensen die nog geen jaar geleden zijn begonnen met afkicken, mensen die tussen de 1 en 5 jaar geleden zijn afgekickt, en mensen die al meer dan 5 jaar clean zijn. Daarbij gaat het om ex-gebruikers van allerlei soorten drugs. En uiteraard worden ook de verschillen tussen landen in kaart gebracht, met aandacht voor het verschillend beleid dat overal gevoerd wordt. Zoals Best zelf zegt: ‘Yeah, I know, it’s quit a complex research design. Dat is waarom een programma als ERANID zo belangrijk is. Anders was dit nauwelijks mogelijk geweest.’

Focus op succes

Best benadrukt dat het onderzoek zich met name richt op geslaagde vormen van herstel. ‘Onze focus is op succes. We gaan daarbij uit van een ‘strength based' herstelmodel waarin allerlei vormen van professionele therapie en peer-based model elkaar kunnen ondersteunen. Afkicken alleen is niet genoeg. It is possible to overcome an addiction but it needs sustaining support from society. Blijvend herstel is ook afhankelijk van werk, huisvesting, relaties/vriendschappen en kwaliteit van leven.’ Zijn hoop is dat het onderzoek beleidsmakers iets in handen geeft waarmee ze daadwerkelijk iets kunnen betekenen voor verslaafden en hun vrienden en familie.

ERANID

Het European Research Area Network on Illicit Drugs (ERANID) is een internationaal samenwerkingsverband in het kader van de Europese Unie. Het is gericht op het toegankelijk maken van bestaande kennis op het gebied van drugsgebruik en het uitzetten van onderzoek op gebieden waar nieuwe kennis nodig is. In ERANID werken verschillende wetenschappelijke disciplines en diverse Europese landen samen. ZonMw is namens Nederland één van de partners in het samenwerkingsverband en coördineert het traject.

Meer informatie

]]>
news-1786 Fri, 10 Nov 2017 09:14:56 +0100 Internationale reizigers nemen multiresistente darmbacteriën mee naar huis https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/internationale-reizigers-nemen-multiresistente-darmbacterien-mee-naar-huis/ Een derde van 2001 onderzochte Nederlanders die naar verre bestemmingen reisden, pikten multiresistente darmbacteriën op. Dit blijkt uit de COMBAT-studie. Resistente bacteriën zijn bacteriën die resistent zijn tegen gebruikelijke antibiotica. Gemiddeld hield men deze ‘import-bacteriën’ 30 dagen bij zich. En de bacteriën verspreidden zich ook onder niet-reizende huisgenoten. Verschillen tussen reisbestemming

Van de 2001 onderzochte reizigers bleek 34% multiresistente bacteriën te hebben opgepikt. Per reisbestemming zijn er echter grote verschillen: 75% van de reizigers naar Zuid-Azië en 40-50% van de reizigers naar Centraal- en Oost-Azië, het Midden-Oosten of Noord-Afrika. Slechts 6% van de reizigers naar Zuid-Afrika keerden terug met multiresistente bacteriën. Het grootste risico liepen India-gangers. Daarnaast bleken antibiotica tijdens de reis, reizigersdiarree en het hebben van een chronische darmaandoening het risico op het oppikken van multiresistente bacteriën eveneens te verhogen.

Ze blijven gemiddeld 30 dagen en 12% gaat naar huisgenoot

De gemiddelde duur van het dragerschap was 30 dagen na terugkeer van de reis. In 1 op de 9 gevallen hield de kolonisatie echter ruim een jaar aan. Het onderzoek wijst bovendien uit, dat er een kans van 12% is dat de multiresistente bacterie na thuiskomst ook wordt overgedragen op huisgenoten.

De COMBAT-studie

De COMBAT-studie is een grootschalig onderzoek onder reizigers. Tussen november 2012 en november 2013 zijn 2001 reizigers en 215 huisgenoten geïncludeerd. Van deze reizigers en hun niet-reizende huisgenoten is vlak voor de reis en meteen na terugkeer een ontlastingmonster verzameld. Dit monster werd onderzocht op de aanwezigheid van resistente bacteriën. Op basis van vervolgmonsters werd onderzocht hoe lang deelnemers deze resistente bacteriën bij zich droegen. Naast ontlastingsmonsters werden ook telkens vragenlijsten verzameld om te kunnen onderzoeken wat de invloed is van onder andere reisbestemming, reisduur en reisgedrag op de kans om resistente bacteriën op te lopen.

Aandacht voor resistente bacteriën

Jaarlijks in november besteden we extra aandacht aan resistente bacteriën. Op de Europese Antibioticadag op 18 november en tijdens de Wereld Antibioticadag van 13 t/m 19 november. Ziekteverwekkers die slimmer worden dan de medicijnen die mensen kunnen bedenken: resistente bacteriën zijn een urgent en wereldwijd probleem. Een probleem waarbij alleen een snelle, multidisciplinaire en internationale aanpak helpt.

Meer informatie

]]>