Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Stevige organisatiestructuren rond samenwerking in de zorg dichtbij huis zijn belangrijk. Dit geldt zeker ook voor de zorg voor mensen met dementie thuis. Dementienetwerken, ook wel dementieketens genoemd, bestaan vaak uit zeer veel partijen. Lang niet altijd vindt men elkaar, spreekt men dezelfde taal of is er sprake van een gedeelde visie. Dit terwijl deze

zogenaamde 'zachte factoren' van groot belang lijken voor een succesvolle samenwerking in de dementiezorg. Dit project, uitgevoerd door Trimbos-instituut in samenwerking met Vilans, Hogeschool Rotterdam en Stichting Transmurale Zorg Den Haag e.o., richtte zich erop om deze 'zachte factoren' te identificeren.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Gebaseerd op interviews en observaties bleken de volgende zeven zachte factoren, met 22 bijbehorende elementen, van belang voor de samenwerking binnen dementienetwerken: 1) laagdrempelige samenwerking, 2) toegevoegde waarde ervaren, 3) rolduidelijkheid, 4) prioriteit geven aan netwerkbelang, 5) competenties netwerkregisseur, 6) gemeenschappelijke uitgangspunten, 7) transparantie en openheid van het netwerk.

 

Er is een digitale zelfevaluatietool ontwikkeld, aan de hand waarvan dementienetwerken kunnen evalueren hoe ze ervoor staan op bovengenoemde zachte factoren en waar verbetering mogelijk is. Deze tool is te vinden op www.zelfevaluatiedementienetwerken.nl. De tool kan ingevuld worden met of zonder inlogcode. Voordeel van het eerste is dat antwoorden van verschillende netwerkpartners gebundeld worden in de resultatenpagina. Dit maakt inzichtelijker op welke factoren meningen van verschillende netwerkpartners over de samenwerking uiteenlopen. Een inlogcode is te verkrijgen via Marjolein Veerbeek van het Trimbos-instituut (mveerbeek@trimbos.nl).

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Achtergrond

Stevige organisatievormen rond samenwerking in de zorg zijn nodig om patiënten de juiste zorg te kunnen bieden en ervoor te zorgen dat zij zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Gezien de invloed van 'zachte' factoren binnen organisatiestructuren op uitkomsten van zorg en het voortbestaan van succesvolle samenwerking, is het van belang om aandacht te hebben voor deze factoren bij het evalueren van samenwerkingsverbanden in de zorg.

Er bestaan verschillende van deze modellen, zowel generiek als doelgroep specifiek, maar allen hebben slechts in beperkte mate aandacht voor deze 'zachte' kanten van samenwerking. Een voorbeeld van een generiek model waarbij dit het geval is, is het Ontwikkelingsmodel voor Ketenzorg (OMK). Aandacht voor de zachte kanten van samenwerkingsverbanden lijkt zeker ook in de zorg voor mensen met dementie zeer relevant.

Met de toename van het aantal mensen met dementie en de beweging om langer thuis te wonen, wordt samenwerking binnen de eerste lijn en met andere partijen steeds belangrijker. Deze partijen hebben de afgelopen jaren daarom in toenemende mate dementienetwerken gevormd, tot een bijna landelijke dekking. Maar lang niet altijd vindt men elkaar, spreekt men dezelfde taal en functioneert de samenwerking voldoende. Dit wordt bevestigd in onderzoek van het Trimbos waarin blijkt dat zich op dit vlak verschillende problemen voordoen die de zogenaamde ‘zachte’ factoren betreffen als geringe betrokkenheid van ketenpartners, concurrentie en verlies van controle (De Lange 2011).

Gezien de beperkte wetenschappelijke kennis over de ´zachte´ factoren die van invloed zijn op het succes van samenwerkingsverbanden in de eerste lijn (Ouwens e.a., 2012) is het begrijpelijk dat in deze modellen nog nauwelijks aandacht is voor deze zachten kanten van samenwerkingsverbanden. Nader onderzoek is nodig om meer inzicht te krijgen in de invloed van zachte factoren op het functioneren van eerstelijnsnetwerken en de bestaande modellen en instrumenten op dit punt uit te breiden en te verbeteren.

 

Doel

Het doel van dit project is daarom tweeledig. Doel is allereerst om 'zachte' factoren die een rol spelen in de samenwerking binnen dementienetwerken te identificeren. Uiteindelijk doel is om een set van indicatoren te ontwikkelen om deze factoren in kaart te brengen, en deze indicatoren te beproeven in de praktijk.

 

Plan van aanpak

Om de ´zachte´ factoren van samenwerking en hun belang te identificeren zal gebruik worden gemaakt van kwalitatieve onderzoeksmethoden – participerende observatie en interviews-, omdat het onderzoek exploratief van aard is en we ons van tevoren niet alleen willen richten op de tot nu toe bekende ´zachte´ factoren. Het onderzoek vindt plaats binnen drie netwerken die relatief goed en twee netwerken die relatief minder goed dan gemiddeld scoren op basis van gegevens die bij Vilans bekend zijn over het functioneren van dementienetwerken op basis van de Ketenindicatoren Dementie (Overmars-Marx e.a., 2013). Voor de inhoudelijke focus van de observatie- interviewschema’s zal uitgegaan worden van de 'zachte' factoren zoals benoemd in het rapport van IQ Healthcare (Ouwens e.a., 2012). Er zal daarom aandacht worden besteed aan de volgende domeinen: de organisatiecultuur van het network, de manier van samenwerken van het netwerk en de competenties van de coördinator, casemanagers en andere professionals.

 

Om op basis van de geïdentificeerde factoren tot een set van indicatoren te komen worden drie stappen doorlopen. Allereerst wordt een pool met items uit bestaande relevante instrumenten worden samengesteld (stap 1). Vervolgens wordt de pool met items aan een groep experts, waaronder vertegenwoordigers van de betrokken kennisinstituten, Alzheimer Nederland en praktijkpartners uit de dementieketens, voorgelegd en op relevantie beoordeeld (stap 2). Tenslotte zullen de uiteindelijke items getest worden bij de vijf deelnemende netwerken. Op basis hiervan wordt het instrument zo nodig aangepast.

Het product van dit project is een set indicatoren gericht op de ‘zachte’ samenwerkingsfactoren die van invloed is op het succes van ketensamenwerking en die door dementienetwerken gebruikt kan worden om de samenwerking binnen het netwerk te evalueren en op basis daarvan verbeterpunten te formuleren en implementeren.

 

Implementatie

Uiteindelijk doel is dat de set indicatoren onderdeel uit gaat maken van de reeds bestaande zelfevaluatietool voor ketensamenwerking, gebaseerd op het OMK en de set Ketenindicatoren Dementie.

Om de indicatoren set onder de aandacht te brengen van de dementienetwerken zullen Vilans en het Trimbos-instituut onder andere een studiemiddag organiseren voor het Landelijk Netwerk Dementie. In vervolgonderzoek zal ingegaan kunnen worden op het daadwerkelijk uitvoeren van de verbeterplannen en of deze resulteren in betere uitkomsten van zorg.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website