Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Onze resultaten tot nu toe laten zien dat de ziektelast ten gevolge aandoeningen van welke bekend is dat ze vaker vóórkomen bij toenemende leeftijd, en met name van hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, en chronisch nierlijden duidelijk en significant verhoogd is bij mensen met HIV, ondanks adequate onderdrukking van de infectie met HIV-remmers. Hoewel factoren als hogere leeftijd en het roken van sigaretten hierbij een belangrijke rol spelen, dragen daarnaast het hebben van HIV, een gestoorde afweer en duur van gebruik van HIV-remmers mede bij aan dit verhoogde risico. Verdere bewerking van de gegevens in de groep met HIV zijn nodig om te proberen de respectievelijke bijdragen van het langer onbehandeld laten van HIV, een verminderde afweer en het gebruik van HIV-remmers verder te ontrafelen.

Het opsporen en adequaat behandelen van risicofactoren voor hart- en vaatziekten, waaronder verhoogde bloeddruk, verminderde nierfunctie en verhoogd cholesterol, moeten heden ten dage onderdeel vormen van de zorg voor mensen met HIV. Ook moet aandacht besteed worden aan leefstijladviezen om te stoppen met roken en te zorgen voor een optimaal gewicht en voldoende lichaamsbeweging. Of vroeger opsporen en behandelen van HIV voordat er een verminderde afweer is opgetreden het risico verder kan verminderen wordt momenteel onderzocht. Allen tezamen moeten dergelijke maatregelen ervoor zorgen dat mensen met HIV gezond oud kunnen worden, een goede kwaliteit van leven ervaren, kunnen blijven deelnemen aan het arbeidsproces en daardoor ook economisch aan de maatschappij kunnen blijven bijdragen.

Het verder in de tijd volgen van onze studiedeelnemers zal bepalend zijn om te beoordelen in welke mate co-morbiditeit bij mensen met HIV die adequaat HIV-remmers gebruiken, niet alleen meer maar ook versneld en derhalve op jongere leeftijd vóórkomt dan bij mensen zonder HIV.

Het herhaald in de tijd meten van nieuwe mogelijke verouderingsmaten zal hopelijk inzicht geven in hoeverre verouderingsporcessen vermeerderd en/of versneld zijn en wellicht daardoor bijdragen aan de hogere last aan co-morbiditeit. Het voortzetten van dit onderzoek in de context van HIV kan daarmee model staan voor het bestuderen van de wijze waarop chronische ontsteking, veroudering en het toegenomen risico op ouderdomsziekten met elkaar samenhangen. Daarmee kan dit onderzoek ook belangrijk inzicht verschaffen voor soortgelijke processen bij andere chronische ontstekingsaandoeningen zoals bijvoorbeeld chronisch reuma en chronische ontstekingsziekten van de darm.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De resultaten tot nu toe tonen dat mensen met HIV duidelijk en significant meer arterieel vaatlijden, hoge bloeddruk, en chronische nierschade hebben. Ook suikerziekte, chronisch obstructief longlijden, botontkalking, niet-traumatische botbreuken en niet traditioneel met AIDS samenhangende vormen van kanker komen meer voor, al was het verschil met mensen zonder HIV minder groot. Het duidelijk hogere percentage mensen met HIV van 65 jaar en ouder met multi-morbiditeit en een grotere mate van algemene kwetsbaarheid zijn een duidelijk punt van zorg.

Naast hogere leeftijd en het roken van sigaretten, waren het hebben van een HIV infectie en sterker nog een langer gebruik van HIV behandeling, allen onafhankelijk van elkaar risicofactoren voor het hebben van een groter aantal traditioneel met veroudering samenhangende niet overdraagbare co-morbiditeiten.

Voorlopige resultaten tonen daarnaast dat mensen met HIV, mede in relatie tot de mate van co-morbiditeit, een verminderde kwaliteit van leven ervaren in vergelijking met de door ons bestudeerde groep zonder HIV. Ook hadden zij een grotere kans om volledig arbeidsongeschikt te zijn. Zowel het hebben van een HIV infectie als het ervaren van een verminderde kwaliteit van leven in de zin van een verminderd lichamelijk welbevinden hoorden tot de factoren die de kans op arbeidsparticipatie deden verminderden.

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Binnen het project "Comorbidity and Aging with HIV" wordt een groep mensen van 45 jaar en ouder met HIV vergeleken met een groep zonder HIV voor wat betreft het vóórkomen van een breed scala aan aandoeningen die doorgaans in toenemende mate optreden bij de ouder wordende mens, zoals hart-en vaatziekten, suikerziekte,botontkalking,geheugen-en concentratiestoornissen, depressie e.d. Er bestaan namelijk aanwijzingen dat dergelijke aandoeningen in de context van een HIV infectie vaker en mogelijk ook op relatief jongere leeftijd optreden, ook als rekening wordt gehouden met bekende risicofactoren voor dergelijke aandoeningen.

Deze zogenaamde prospectieve observationele cohortstudie staat inmiddels bekend als de "AgehIV Cohort Study" en probeert het inzicht te vergroten in welke mate dit het geval is en met name ook binnen de groep HIV patienten van wie de HIV infectie met combinatietherapie langdurig is onderdrukt. Ook worden van deelnemers lichaamsmonsters verzameld en bewaard voor toekomstig translationeel onderzoek waarmee inzicht kan worden verkregen in de mechanismen welke aan de mogelijk versnelde veroudering bij HIV ten grondslag kan liggen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Als gevolg van verkregen nevenfinanciering (wetenschappelijke onafhankelijkheid van de onderzoekers is daarbij volledig gewaarborgd) is het mogelijk geworden een uitgebreidere set aan metingen aan participanten te verrichten. Tevens is hierdoor mogelijk gemaakt om van participanten biomateriaal af te nemen en op te slaan voor toekomstig onderzoek dat inzicht kan verschaffen in mechanismen die ten grondslag liggen aan het verouderingsproces van mensen met HIV; dit kan mogelijk model staan voor de situatie bij andere chronische ontstekingsziekten. Het project zal hierdoor veel uitgebreidere resultaten kunnen opleveren dan aanvankelijk voorzien. Door de uitbreiding van het onderzoek moest de inclusie van deelnemers tot october 2010 worden uitgesteld. Inmiddels is er sprake van een vlotte inclusie van zowel HIV-geinfecteerde als ongeinfecteerde deelnemers en is de belangstelling tot deelname in beide groepen zonder meer uitstekend te noemen.

Momenteel zijn 347 HIV-geinfecteerde en 155 ongeinfecteerde deelnemers geincludeerd, met de volgende algemeen demografische kenmerken:

Procentuele leeftijdverdeling

HIV pos (AMC) HIV neg (GGD)

45/55 jaar 55% 59%

55/65 jaar 36% 30%

65+ jaar 10% 11%

 

Geslachtsverdeling

 

HIV pos (AMC) HIV neg (GGD)

man 90% 81%

vrouw 9% 19%

(toelichting: bij GGD is in eerste instantie nadruk gelegd op inclusie van vrouwen;verwachting is dat geslachtsverdeling zonder probleem in evenwicht zal worden gebracht)

 

Land/regio van herkomst

 

HIV pos (AMC) HIV neg (GGD)

Nederlands 76% 83%

Surinaams 6% 5%

Nederlandse Antillen/

Aruba 4% 0%

Overig 16% 13%

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Use of combination antiretroviral therapy (cART) has resulted in a major decline of HIV-related morbidity and mortality. As a result, the life expectancy of patients with HIV has increased and in the Netherlands currently 20% of patients have reached an age over 50, and approximately another 40% of patients is 40-50 years old. Unfortunately, this major success of cART does come at a cost. Several studies have demonstrated an increased incidence of heart disease, diabetes mellitus, kidney disease, liver disease, osteoporosis, malignancies (other than Kaposi’s sarcoma and non-Hodgkin’s lymphoma traditionally associated with HIV), and possibly chronic obstructive pulmonary disease in HIV-infected individuals when compared to in age matched HIV-uninfected controls. Although increasing age and other traditional risk factors have been found to independently affect these respective co-morbidities in a similar manner in both HIV-infected and uninfected persons, there is increasing evidence that, over and above the effects of age, both HIV-related factors and adverse effects of cART also independently contribute to the risk. This has lead to the hypothesis that aging, which is known to be associated with an increased incidence of each of these respective co-morbidities, in fact may be accelerated in the setting of concomitant HIV infection. Direct effects of the virus infection, residual immune activation and immunodeficiency even in the context of suppressive cART, as well as specific effects of individual (classes of) antiretrovirals may all contribute.

In view of the above, timely recognition and management of these various co-morbidities, the burden of which can be expected to increase over the coming years, in a manner which is specifically tailored towards HIV-infected individuals is urgently needed. This can be expected to ensure the gains in life expectancy achieved by cART, and also result in better quality of care for and quality of life of HIV-infected individuals.

In this project one of the main aims is to assess the incidence and prevalence of a broad range of co-morbidities and known risk factors for these co-morbidities in HIV-infected patients using a number of complimentary approaches. First, in collaboration with the HIV Monitoring Foundation (HMF) and making use of HMF’s existing data collection structure we will nationwide monitor the incidence and prevalence of a number of clinically most severe manifestations of specific co-morbidities (i.e.severe renal disease/severe hepatic disease/non-AIDS malignancies/myocardial infarction & stroke/ fractures amongst HIV-infected patients registered in one of the 25 HIV-treatment centers in the Netherlands.

Second, using a multidisciplinary patient-centered approach we plan to develop and implement a systematic prospective screening protocol for co-morbidities and their risk factors in order to also capture the incidence and prevalence of lesser grades of co-morbidity and their risk factors amongst all HIV-infected patients 45 years and older receiving care at the HIV outpatient clinic, Academic Medical Center, Amsterdam (AMC). Co-morbidities will be comprehensively assessed both as clinically overt disease manifestations and by using appropriate laboratory and other indicators of underlying organ dysfunction.

 

Using the existing infrastructure of the Amsterdam Public Health Service (PHSA) Cluster of Infectious Diseases, a simplified version of this screening protocol will be implemented among a control group of HIV-uninfected attendants of the STD (Sexual Transmitted Diseases) clinic or Amsterdam Cohort Studies, comparable for age, gender, ethnicity and lifestyle, to determine the extent to which co-morbidities and their risk factors differ between HIV-infected and uninfected groups.

A second main aim will be to design individualized treatment and prevention strategies for identified co-morbid conditions and their risk factors, using a multidisciplinary expert consultation, for patients enrolled into the study at the AMC. These proposed treatment and prevention strategies will be provided to patients’ primary HIV-treating physicians for implementation. Follow-up screening for co-morbidities and their risk factors will be conducted to determine changes in prevalence over time and to determine to which extent suggestions for appropriate disease management have been implemented.

Finally, the influence of the presence of co-morbidity and the implementation of individualized disease management for these co-morbidities on patients’ quality of life will be investigated, and patients’ satisfaction with screening for and individualized management of co-morbidities will be determined.

The results obtained from this research may be used to inform and adapt national and international guidelines for prevention and management of co-morbidities in aging HIV-infected individuals.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website