Projectomschrijving

Het risico op hart-en vaatziekten stijgt bij vrouwen rond de overgang. De daling van het oestrogeengehalte heeft een aantal ongunstige gevolgen die kunnen leiden tot het cardio metabool syndroom. Verder kunnen eerder doorgemaakte zwangerschapscomplicaties zoals hypertensie en diabetes, een vervroegde overgang of behandeling voor borstkanker het cardiovasculair risico bij vrouwen verhogen. Daarnaast kunnen vrouwen rond de overgang hinderlijke overgangsklachten hebben die de kwaliteit van leven negatief beïnvloeden. In een aantal gevallen worden deze klachten ten onrechte als “passend bij de overgang” of “spanningen” gelabeld, terwijl er (vroege stadia van) hart-of vaatziekten spelen. Meer aandacht voor vrouwen in deze fase kan helpen om het cardiovasculair risico te verminderen en hart- en vaatziekten eerder op te sporen. Bovendien kan gerichte aandacht voor en behandeling van overgangsklachten een gunstig effect hebben op de kwaliteit van leven. De huidige richtlijnen voor CVRM en de richtlijnen van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gyneacologie bevelen aan om bij vrouwen met eerder doorgemaakte zwangerschapscomplicaties, of een vervroegde overgang, een cardiovasculair risicoprofiel op te stellen rond het 50e levensjaar. Het is echter nog niet bekend op welke wijze dit in de huisartsenpraktijk het beste kan worden uitgevoerd. Moet elke vrouw worden uitgenodigd, of kan er op basis van bepaalde factoren een voorselectie worden gemaakt?

In dit implementatieproject willen we binnen de Leidsche Rijn Julius Gezondheidscentra alle 1500 vrouwen van 50 jaar die nog niet bekend zijn met een cardiometabole aandoening, of postmenopauzale vrouwen jonger dan 50 jaar oproepen om een online vragenlijst in te vullen over vrouwspecifieke risicofactoren en overgangsklachten. Vervolgens nodigen we alle vrouwen uit om op het spreekuur een cardiovasculair risicoprofiel op te stellen. Daarnaast zal tijdens dit consult aandacht zijn voor klachten tijdens de overgang. Indien nodig wordt verder diagnostiek naar hart- en vaatziekten ingezet, of bij overige klachten verwezen naar andere hulpverleners. Na 6 maanden wordt geëvalueerd op welke manier de respons op de uitnodiging het grootst is, en wat de opbrengst is van deze strategie in termen van nieuw gediagnosticeerde cardio metabole aandoeningen, cardiovasculair risicoprofiel, niet-cardiale diagnosen en tevredenheid over de geleverde zorg.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website