Nieuws

Twee jaar na de startbijeenkomst; de spraakverwarring voorbij?

“We spreken allemaal Nederlands en toch hebben we niet dezelfde taal”. Die constatering is nog actueel maar er wordt openlijk over gesproken en dat scheelt een slok op een borrel. Net als ieder consortium werken ook in Noord-Holland en Flevoland de tien netwerken palliatieve zorg, IKNL, de Hogescholen en de Expertisecentra Palliatieve zorg van de Academische centra (AMC en VUmc) samen. De ambitie is- conform de doelstelling van het NPPZ- dat in 2020 iedere burger in deze regio mag rekenen op goede palliatieve zorg op de juiste plaats, op het juiste moment en met de juiste zorg en ondersteuning.
Dat patiënten en de naasten regie en zeggenschap houden over het eigen leven en dat er een gelijkwaardige rolverdeling is tussen hulpvrager en aanbieder is het belangrijkste uitgangspunt.

Verliefd, verloofd, getrouwd

In mei 2014 was de eerste bijeenkomt van beoogde consortiumpartners. Om samen te werken moet je elkaar op de eerste plaats kennen. Samenwerking vraagt verder een gedeelde ambitie en vertrouwen. Deze zaken ontstaan niet van zelf. Een deel van de eigen autonomie moet ingeleverd worden vanuit het idee dat er samen uiteindelijk meer bereikt kan worden, ook voor de eigen organisatie. Want iedere partner heeft ook een eigen belang en het is goed om dat open op tafel te leggen.
Een klein jaar later hebben bestuurders en netwerkcoördinatoren van Netwerken Palliatieve Zorg, IKNL en Expertisecentra van het Consortium vanuit een gezamenlijke missie en visie een gedragen programmatische aanpak voor de regio vastgelegd. In een convenant is het commitment bevestigd.

Bouwen aan het consortium is een continu proces

Het ondertekenen van een convenant is niet voldoende om het echte commitment te behouden. De vertegenwoordigers van de netwerken dragen knelpunten uit de dagelijks praktijk aan die in consortiumverband opgepakt zouden moeten worden. Hoe beter het lukt deze knelpunten daadwerkelijk aan te pakken hoe groter de motivatie om samen te werken. De partners vinden samenhang in de - bij ZonMw aan te vragen- projecten heel belangrijk. Wat in consortiumverband wordt opgepakt moet passen in de programmatische aanpak waarbinnen markeren, Advance Care Planning, teamwork en overdracht de grote thema’s zijn. 

Tijd creëert ervaring

Inmiddels zijn er vier projecten gestart en dat helpt bij de ervaring dat we samen werken aan verbetering van de zorg. Naast de via Palliantie gesubsidieerde projecten is het ook de wens om andere projecten of activiteiten samen te gaan doen. De insteek is duurzame samenwerking en dan kan subsidie niet het enige bindmiddel zijn.

Nieuwe ideeën pitchen

Iedere bijeenkomst van de consortiumraad worden partners uitgenodigd om hun ideeën voor zorgverbetering te pitchen. Iedereen kan zich daarvoor opgeven ongeacht of het idee nu groen of rijp is. Het voordeel is dat de indiener van een uiteenlopende groep mensen (zorgverleners, onderzoekers, bestuurders en onderwijsdeskundigen) feedback krijgt en het enthousiasme voor het idee kan toetsen. Partners kunnen zich melden bij de pitcher om mee te denken over de opzet en inhoud van het project. Vanuit het coördinatieteam wordt erop gestuurd dat de ideeën passend zijn binnen de programmatische aanpak en dat mensen die iets aan elkaar kunnen hebben met elkaar in contact komen. 

Patiënt/naaste of nabestaande centraal?

Het consortium heeft ervoor gekozen een panel op te zetten van patiënten, naasten en nabestaanden. Dit is een directere vorm van informatie ophalen dan bijvoorbeeld het betrekken van een patiëntenvereniging. Tegelijkertijd is dit een kwetsbare en arbeidsintensieve vorm. Er zal voortdurend aandacht moeten zijn bij hulpverleners om patiënten te vragen om mee te doen. Via de mail ontvangen panelleden af en toe een vragenlijst. Het panel heeft zinvolle informatie opgeleverd over wat als goede en minder goede zorg wordt ervaren. [link naar website] Vertegenwoordigers van patiëntenverenigingen en ouderenbonden zijn overigens wel vertegenwoordigd in de projectgroepen en de adviesraad van het consortium.

De haarvaten van de zorgverlening

Via de netwerken worden vele organisaties in de zorg bereikt. Toch blijft het lastig om individuele zorgverleners een stem te geven. In de netwerken is een enquête uitgezet die door meer dan 400 zorgverleners is ingevuld. De resultaten geven o.a. aan dat er behoefte is aan scholing op gebied van cultuur sensitieve palliatieve zorg en het geven van emotionele steun. [link naar resultaten]

Elkaars taal verstaan

Werken aan een gemeenschappelijke taal of (desnoods) vertalingen maken blijft een uitdaging. Patiënt, onderwijzer, onderzoeker en zorgverlener moeten elkaar leren verstaan om die patiëntgerichte zorg te bieden die we in Nederland hebben beloofd in 2020. Het resultaat telt, maar tegelijkertijd is het proces er naar toe ook waardevol. Om met Confucius te eindigen “De weg zelf is de bestemming”.

www.palliatievezorgnoordhollandflevoland.nl
info@palliatievezorgnoordhollandflevoland.nl

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website