Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De Zorgmodule palliatieve zorg (versie 1.0 van december 2013) is uitgetest door zeven zorgorganisaties / netwerken in de eerste lijn, ziekenhuis, zorg voor mensen met een verstandelijke beperking, psychiatrische stoornis, dementie en kinderen die palliatieve zorg nodig hebben. Conclusie is dat zij de Zorgmodule bruikbaar vinden als kwaliteitsstandaard voor praktijkverbetering, op een aantal aanscherpingen en aanvullingen na die staan in bijlage 3 van het rapport ‘De bruikbaarheid van de Zorgmodule palliatieve zorg in de praktijk’.

Ook concluderen we op basis van de test dat de Zorgmodule bruikbaar is om verder te werken aan adequate financiering. De Zorgmodule omschrijft wat we verstaan onder goede palliatieve zorg (verzekerbaar product) en maakt helder wat nu nog niet wordt gefinancierd maar wel nodig is. We adviseren in het hiervoor genoemde rapport daarom om onderzoek te doen naar adequate financiering van palliatieve zorg op basis van de Zorgmodule in proeftuinen.

In het rapport ‘De bruikbaarheid van de Zorgmodule palliatieve zorg in de praktijk’ staan meer adviezen voor landelijke stakeholders om de praktijk te helpen om te doen wat de Zorgmodule aanbeveelt. Bijvoorbeeld ervoor zorgen dat palliatieve deskundigheid wordt opgenomen in primaire opleidingen en na- en bijscholing; het mogelijk maken van informatie uitwisseling middels één dossier; (her)inrichten van de consultatiefunctie; ondersteuning bieden aan zorgorganisaties, ketens en netwerken bij implementatie, om de vertaalslag te kunnen maken van het WAT uit de Zorgmodule naar het HOE in de eigen praktijk; de Zorgmodule te benutten als leidraad voor de ontwikkelingen van palliatieve zorg in zowel de praktijk, als ook beleid en onderzoek; de noodzaak van het vinden van een eigenaar van de Zorgmodule die o.a. draagvlak kan creëren bij alle relevante beroepsorganisaties zodat zij de Zorgmodule omarmen; het aanzwengelen van een landelijke discussie over palliatieve zorg.

Naast het rapport is ook een praktijkgids gemaakt met tips en goede voorbeelden voor zorgorganisaties, ketens, netwerken en innovatieve professionals die met de Zorgmodule aan de slag willen. Evenals hulpmiddelen om meer zicht en grip te krijgen op de inhoud van de Zorgmodule (klikbare PDF met een normenoverzicht én een vragenlijst). Al deze informatie is te benutten voor de implementatie van de Zorgmodule en te vinden op de website van Agora en Vilans.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Resultaat van de proefimplementatie van de Zorgmodule palliatieve zorg in de praktijk, is inzicht in de vraag of de Zorgmodule bruikbaar is als kwaliteitsstandaard voor de praktijk en als aangrijpingspunt voor adequate financiering. Op beiden kan met ‘ja’ geantwoord worden.

Resultaat van de proefimplementatie is ook het rapport ‘De bruikbaarheid van de Zorgmodule palliatieve zorg in de praktijk’ waarin aanbevelingen staan voor landelijke stakeholders: cliëntenorganisaties, beroepsverenigingen, overheid(sbeleidsmakers), onderwijsinstellingen, onderzoekers en financiers. Hoe zij de praktijk kunnen helpen (nog beter) te doen wat de Zorgmodule aanbeveelt.

Ook is een praktijkgids gemaakt ‘Aan de slag met de Zorgmodule in de praktijk!’ waarin tips en goede voorbeelden staan voor innovatieve professionals, zorgorganisaties, ketens en netwerken die met de Zorgmodule aan de slag willen. De praktijkgids helpt om de vertaalslag te maken van het WAT uit de Zorgmodule naar het HOE in de eigen praktijk.

Daarnaast is een hulpmiddel ontwikkeld (klikbare PDF) dat een overzicht geeft van de normen uit de zorgmodule (hetgeen de zorgmodule aanbeveelt) geordend in zes bouwstenen (de belangrijkste onderwerpen uit de Zorgmodule) met links naar de tekst van de Zorgmodule zelf. Dit hulpmiddel geeft zicht op de inhoud van de Zorgmodule. WAT allemaal wordt aanbevolen om te doen voor het bieden en organiseren van goede palliatieve zorg. Vanuit de normen kan doorgeklikt worden naar de informatie uit de Zorgmodule (voor meer en contextuele informatie) en weer terug naar het normenoverzicht.

En tot slot is een vragenlijst gemaakt die gebruikt kan worden om de eigen praktijk naast de Zorgmodule te leggen. Dan wordt zichtbaar: wat doen we al en waar is verbetering mogelijk?

Deze resultaten zijn beschikbaar op de website van Agora of op te vragen bij Smits@zorgessentie.nl

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Aanpak

We stellen voor om de proefimplementatie in vier fases uit te voeren.

Fase 1: voorbereidingsfase om het traject in de steigers te zetten

Fase 2: pilotnetwerken maken een vertaalslag van de generieke module naar regionale modules (stap 1); en een meerjarenplanning om te realiseren wat in de generieke module afgesproken is (stap 2)

Fase 3: leden van het netwerk maken (samen)projectplannen om uitvoering te geven aan de afspraken; en maken daar een start mee (stap 3)

Fase 4: we sluiten het traject af met het bundelen van informatie, formuleren van een eindrapportage en advies

 

Ondersteuning en begeleiding

Bij elke stap wordt ondersteuning en begeleiding op maat geboden. Elk pilotnetwerk heeft een vaste adviseur als begeleider. Deze vaste contactpersoon geeft gevraagd en ongevraagd advies op relevante terreinen van projectmanagement, zorginhoud en transitiemanagement, middels fysieke, telefonische en internetcontacten.

 

Business case

Door de vier fases heen loopt het maken van een business case. Daarvoor leggen we bestaande financiering naast gewenste financiering om uitvoering te geven aan de zorgmodule. Over de haalbaarheid van die financiering wordt gesproken met relevante betrokkenen binnen en buiten de pilotnetwerken.

 

Evaluatieonderzoek

Aan Fase 1 t/m 3 wordt evaluatieonderzoek gekoppeld om informatie op te halen over de vraag of de zorgmodule werkbaar en bruikbaar is in de praktijk. We sluiten daarbij zo veel mogelijk aan bij bestaande gesprekken en bijeenkomsten in het kader van het implementatietraject om de last voor betrokkenen te beperken. We maken gebruik van kwalitatieve onderzoeksmethoden (semi- gestructureerde interviews, focusgroepen, observaties); en gaan doeltoetsend (kunnen de doelen uit de module gehaald worden?) en responsief (wordt de module als zinvol ervaren; en wat zijn de praktische consequenties?) te werk.

Tussentijds wordt gerapporteerd aan de opdrachtgever en pilots.

 

Leren, delen, verspreiden en inspireren

Uit andere landelijke verbeterprogramma’s is geleerd dat gerichte communicatie en delen van kennis en ervaringen een succesfactor is voor het implementeren van nieuwe kennis en inzichten. Daarom worden drie bijeenkomsten georganiseerd voor alle pilots tezamen. Voor de slotbijeenkomst nodigen we andere netwerken uit voor bredere implementatie van de zorgmodule. Daarnaast communiceren we gedurende het traject over de voortgang en ervaringen via bestaande websites (zoals van ZonMw, Agora, Fibula).

 

Resultaat van het proefimplementatietraject

Aansluitend bij de doelen die in de opdrachtbrief staan formuleren we de volgende resultaten voor het traject:

*Inzicht in de toepassing van de zorgmodule in de praktijk. Wordt deze als zinvol, bruikbaar en werkbaar ervaren? En advies over eventuele aanpassingen of aanscherpingen.

•Inzicht in de vraag of door de module op meer gestandaardiseerde wijze palliatieve zorg wordt verleend. En advies over het voorkomen van (ongewenste) praktijkvariatie.

•Inzicht in de doelmatigheid van de inrichting van de module en de verzekerbaarheid ervan. En advies over de uitwerking van de zorgmodule tot een verzekerbaar product.

•Inzicht in, advies over en handvatten voor de bredere implementatie van de module, zoals:

-de borging ervan (eigenaarschap, actualisatie)

-goede manieren om zorgverleners mee te krijgen in het gebruik van de module

-een gebruiksvriendelijk opzet / layout van de module

-een handvat voor netwerken palliatieve zorg én afzonderlijke zorgaanbieders om met de zorgmodule aan de slag te gaan

-het gebruik van Goede voorbeelden uit het VPZ

*Inzicht in de vraag of de zorgmodule past bij specifieke zorgstandaarden. Eventueel advies over het verbeteren daarvan.

*Inzicht in de relatie tussen de implementatie van de zorgmodule en het NPPZ; en de rol van de kenniscentra daarbij.

 

Projectinrichting

* de stuurgroep van het VPZ wordt gevraagd als adviesgroep op te treden, daarnaast wordt advies op maat gevraagd

* Projectmanagement wordt verzorgd door Marie-Josee Smits (ZorgEssentie)

* Projectleden zijn (naast de manager), Jan van Gorp en Lieuwe Jan van Eck (Dock4) en de opdrachtgever (in principe 2 maandelijks)

 

Samenwerkingsverband

Voor de uitvoering van het traject gaat ZorgEssentie een samenwerkingsverband aan met Dock4. ZorgEssentie heeft veel ervaring met het opzetten en uitvoeren van landelijke verbetertrajecten en Palliatieve zorg. Dock met het inspireren en toerusten van zorgaanbieders en gemeenten voor een duurzame toekomst. Gezamenlijk hebben zij veel ervaring binnen het hele terrein van de gezondheidszorg (care en cure) en de Wmo.

Door onze omvang kunnen we continuïteit bieden en kunnen we elkaar, in geval van nood vervangen. Door een systeem van schaduwmanagement en intervisie houden we elkaar scherp bij de uitvoering. Indien nodig kunnen we binnen ons netwerk zoeken naar aanvullende professionaliteit op specifieke thema’s. We zijn vanuit een onafhankelijke positie in staat een goede relatie op te bouwen met alle partijen.

 

 

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website