Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Voor het leveren van een topprestatie moet een roeier niet alleen sterk zijn, maar ook een goed uithoudingsvermogen hebben. De vraag is hoe de spieren gebouwd moeten zijn om een zo optimaal mogelijke prestatie te bereiken. Het is bekend dat spieren meer vermogen leveren wanneer ze in omvang toenemen. Wanneer spiervezels in dikte toenemen, worden ze sterker, wanneer ze langer worden kunnen ze sneller samentrekken. In dit project hebben we met een nieuwe 3-D echografische beeldvormging onderzocht hoe de spieren van toproeisters veranderen door traditionele krachttraining en vervolgens plyometrische krachttraining (krachtraining waarbij spieren gerekt worden). We hebben gevonden dat traditionele krachttraining leidt tot dikkere spieren, terwijl de spiervezels korter worden en de roeiprestatie nauwelijks verbetert. Daarentegen na de plyometrische training waren spiervezels langer geworden en was de roeiprestatie verbeterd. De resultaten van dit project laten zien dat plyometrische training effectief kan zijn om de roeiprestatie te verbeteren en dat het meten van spierbouw en prestatie kan helpen trainingsstrategieën te verbeteren om roeiprestatie te optimaliseren.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In veel cyclische sporten, waaronder roeien, is het van belang dat de atleet zowel een hoog sprintvermogen als een hoog duurvermogen kan leveren. Echter in de praktijk is dit lastig omdat trainen voor sprintvermogen vaak leidt tot een verminderd duurvermogen en vice versa. Uit de resultaten van ons project ‘Trainingstrategieën voor optimaal piek- en duurvermogen van schaatsers, roeiers en wielrenners (project nr. 12891 Onderzoeksprogramma Sport 2012, pijler presteren) is gebleken dat sporters die zowel een hoog sprintvermogen als een hoog duurvermogen kunnen leveren een specifieke spierarchitectuur hebben. Er is een sterke relatie tussen spierarchitectuur en het vermogen dat een spier kan leveren. Het volume van een spier is nauw gerelateerd aan het piekvermogen. Het volume van een spier wordt bepaald door de doorsnede van de spiervezels en de lengte van de spiervezels. Gewoonlijk is het doel van krachttraining de spiervezel in dwarsdoorsnede te vergroten (i.e. hypertrofie). Echter het nadeel is dat de vezels dan dusdanig dik worden dat de zuurstoftoevoer naar de kern van de spiervezels wordt beperkt en daarmee ook het uithoudingsvermogen. Wanneer het volume van een spier wordt vergroot door een toename in de spiervezellengte in plaats van door spierhypertrofie, wordt het duurvermogen niet beperkt.

Op basis van deze resultaten zijn de coaches van de toproeisters geïnteresseerd geraakt om hun trainingen aan te passen opdat de roeisters langere spiervezels zullen krijgen. Een trainingsvorm veel potentie te hebben om verlenging van de spiervezels teweeg te brengen is plyometrische krachttraining.

Met de VIMP subsidie is een vervolg gegeven aan de samenwerking tussen de Sectie Physiology en het Myologisch laboratorium van de Vrije Universiteit Amsterdam en de Koninklijke Nederlandse Roei Bond, waarbij de analyse van de spierarchitectuur middels in het Myologisch laboratorium ontwikkelde 3-D beeldvormende echografische techniek is ingezet om te bepalen hoe na een traditioneel en plyometrisch krachttrainingsblok in de periode van oktober 2018 t/m april 2019 de spierarchitectuur bij toproeisters roeisters is veranderd en hoe deze veranderingen zijn gerelateerd aan de prestatieveranderingen.

Het doel van dit VIMP project was tweeledig: 1) Inzicht te krijgen in trainingsadaptaties van spierbouw en prestatie na een traditioneel en plyometrisch krachttrainingblok (in toevoeging op de reguliere roeispecifieke en core stability trainingen binnen het huidige trainingsprogramma) en 2) de roeisters, roeicoaches en embedded scientist informeren over de individuele spierveranderingen en de relatie met de prestatie veranderingen van de roeisters, zodat deze informatie gebruikt kon worden om tijdens het trainingsseizoen bij te kunnen sturen.

Ten aanzien van beide doelstellingen is dit project zeer geslaagd geweest. De spiermorfologische metingen in relatie met de prestaties tijdens het trainingsseizoen hebben laten zien dat over de groep toproeisters de krachttraining alleen niet voldoende was om het volume van de spieren te laten toenemen en een prestatieverbetering te realiseren. Echter na het krachttrainingsblok gevolgd door een blok plyometrische trainingen bleek de prestatie te zijn verbeterd en het spiervolume te zijn toegenomen, met name door een toename in spiervezellengte. Plyometrische trainingen lijken dus een waardevolle aanvulling op het trainingsprogramma van (top)roeiers.

Naast deze groepsresultaten zijn prestaties van de roeisters individueel geanalyseerd en met de roeisters en coaches gedeeld. De aanzienlijke verschillen in spierarchitectuur en trainingsresponsen hebben geleid tot het inzicht om het type training en de belasting voor de roeisters individueel te bepalen en aan te passen tijdens het trainingsseizoen.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Uit de resultaten van het project ‘Trainingstrategieën voor optimaal piek- en duurvermogen van schaatsers, roeiers en wielrenners, project nr. 12891’ bleek dat er een sterke relatie is tussen spierarchitectuur (de lengte van de spiervezels, gecombineerd met het spiervolume) en de prestaties van de spier. Met name de lengte van de spiervezels bepalen de snelheid waarop een spier kan samentrekken. Deze spiercontractiesnelheid bepaalt samen met de dwarsdoorsnede van de spier hoeveel vermogen de spiervezel kan leveren. Hoe hoger dit vermogen, hoe beter de prestatie. Door specifieke krachttraining kan de lengte van de spiervezels worden geoptimaliseerd en daarmee de prestatie van de atleet worden vergroot. Een bijkomend voordeel van het verlengen van de spiervezels is dat de doorsnede van de spiervezel niet toeneemt en daardoor de duurprestatie niet afneemt.

De spiervezellengte is een moeilijk te bepalen parameter, maar met een door ons ontwikkelde 3D-beeldvormende echomethode kan de spiervezellengte zichtbaar gemaakt worden. Op basis van deze spiervezellengtemeting kan de sporter geïndividualiseerde adviezen krijgen om specifieke krachttraining die de vezellengte beïnvloeden te verrichten.

In dit project willen wij bij toproeiers de ontwikkelde echotechniek implementeren om te bepalen welke krachttraining uitgevoerd moet gaan worden. Na een trainingsperiode worden de metingen herhaald om de effectiviteit van de training te bepalen. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Roei Bond.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website