Verslagen

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Drie Brabantse gemeenten (Eindhoven, Helmond, 's Hertogenbosch) gaan de sociaal-economische gezondheidsverschillen (SEGV) in hun gemeenten integraal, gebiedsgericht en samen met hun burgers aanpakken. Dat willen zij vergezeld laten gaan van een lerende aanpak van monitoring en evaluatie om zo al doende te leren vanuit de lokale praktijk. Daarbij kunnen contextverschillen en essentiële elementen in de diverse aanpakken naar voren komen en kan van elkaar geleerd worden.

Uit de onderzoeksliteratuur blijkt dat de SEGV in de afgelopen 20 jaar, ondanks daarop gericht beleid, niet zijn afgenomen. Lager opgeleiden hebben een substantieel lagere levensverwachting: ze overlijden tot 6 jaar eerder en hun gezonde levensverwachting is tot 17 jaar korter. Daarbij spelen een gezonde leefstijl en leefomgeving een belangrijke rol. Echter aan de grote verschillen tussen hoger en lager opgeleiden ligt een complex van factoren ten grondslag die vaak stapelen bij mensen met een lagere opleiding. Denk aan armoede, schulden, werkloosheid, mindere kwaliteit woonomgeving, chronische ziekte, laaggeletterdheid, eenzaamheid, gebrekkige participatiemogelijkheden, stress en psychosociale problematiek.

Het alleen concentreren op enkelvoudige interventies gericht op het bevorderen van een gezonde leefstijl biedt daarom weinig soelaas. Daarvoor is een integrale aanpak nodig waarbij samen met en vanuit het perspectief van burgers in een lerend proces wordt gewerkt aan die zaken die structureel bijdragen aan hun gezondheid en welbevinden. Denk aan het verbeteren van de fysieke en sociale woonomgeving, het aanpakken van laaggeletterdheid en kansen op werk, het versterken van sociale samenhang in wijken en het verbeteren van sociale netwerken.

De drie Brabantse gemeenten gaan hier in een lerend traject mee aan de slag. Door in een cyclisch proces met actie-begeleidend participatief onderzoek aan de slag te gaan, kan tijdens het proces steeds bijgestuurd worden en kunnen gemeenten van elkaar leren. In het integrale proces wordt gestart met de keuze van wijken op basis van objectieve wijkgegevens (wijkscans) en draagvlak bij bestuurders, professionals en bewoners. Vervolgens wordt in dialoog met bewoners en professionals in de wijk een keuze gemaakt in waar nu echt potentieel zit, waar bewoners zelf eigenaarschap en regie kunnen nemen, waar kansen liggen. Op die onderwerpen worden (waar mogelijk) evidence based interventies ingezet of in gezamenlijkheid ontwikkeld. Door reflectieve evaluatie en monitoring wordt het uitvoeringsproces gevolgd en bijgestuurd-prioriteiten en doelen kunnen tussentijds aangepast worden. Door kwantitatieve monitoring van indicatoren voor gezondheid en welbevinden die gekozen worden uit de domeinen van de GIDS indicatoren wordt de impact van de ingezette aanpak gevolgd.

De drie gemeenten kiezen elk hun eigen focus maar volgen een vergelijkbare aanpak: gebiedsgericht, integraal en met de inwoners centraal en positieve gezondheid als belangrijk vertrekpunt. Gemeente Eindhoven streeft naar een aanpak waarin domeinoverstijgend wordt gewerkt. De verbinding tussen fysiek en sociaal domein wordt verstevigd in een programmatische aanpak om (positieve) gezondheid te bevorderen. De gemeente Den Bosch neemt het positieve gezondheidsconcept als leidraad in de Triple-I aanpak om met burgers in gesprek te gaan over welke problemen en kansen zij in hun wijk zien en welke zij willen aanpakken. In de gemeente Helmond wordt ook uitgegaan van positieve gezondheid met nadruk op de aanpak van onderliggende problematiek zoals armoede en gezondheid, ongelijke kansen in onderwijs en werk, en laaggeletterdheid .

 

De gezamenlijke doelstelling van dit project is om te leren van de implementatie van een integrale, wijkgerichte aanpak die burgers centraal zet in de keuze van gezondheidsbevorderende interventies. Door een vergelijkbare lerende aanpak van reflectieve monitoring en evaluatie te hanteren in de drie gemeenten (volgens de fasen van de beproefde GO methode en gebruik makend van de 9 succesfactoren van een integrale benadering beschreven door Pharos en toegepast in Zwolle Gezonde stad) wordt kennis vanuit de lokale praktijk opgebouwd en met elkaar (en landelijk) gedeeld.

 

Kennisproducten die uit dit project resulteren zijn o.a.:

- factsheets, publicaties in NL (vak)tijdschriften, korte videos, online webinars en presentaties in social media over de ontwikkelde werkwijzen en resultaten;

- een handleiding voor ontwikkelde werkwijzen in de gemeentelijke praktijk voor uitvoering van een wijkgerichte, integrale aanpak gezondheidsbevordering voor mensen in achterstandssituaties; met onderscheid tussen essentiële onderdelen en onderdelen die sterk afhangen van de specifieke context; met aandacht voor domeinoverstijgend werken en succes- en verbeterfactoren;

- internationale wetenschappelijke publicaties en presentaties over succesfactoren en verbeterpunten in wijkgericht integraal werken.

- ontsluiting van producten via landelijke websites van RIVM.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website