Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het onderhavige project beoogt door toepassing van de groepsinterventie De Heuristische Methode (DHM) de duurzame inzetbaarheid van medewerkers in het Middelbaar Beroepsonderwijs (MBO) te verbeteren. DHM is een gestructureerde werkwijze om arbeidsorganisaties te ondersteunen de aanwezige praktijkkennis van medewerkers over het functioneren van de organisatie zo goed mogelijk te gebruiken.

De toepasbaarheid van DHM voor het MBO is onderzocht door middel van een pilot. Tijdens de pilot is DHM toegepast bij twee afdelingen van twee MBO-instellingen.

De pilot is geëvalueerd door middel van een procesevaluatie en een effectiviteitonderzoek.De procesevaluatie gaat in op randvoorwaarden voor een succesvolle implementatie van DHM in het MBO. Het effectiviteitonderzoek maakt inzichtelijk of en op welke wijze DHM bijdraagt aan de duurzame inzetbaarheid van medewerkers in het MBO.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het project heeft een implementatiedraaiboek voor toepassing van DHM in het MBO opgeleverd dat gebruikt kan worden om DHM bij gebleken effectiviteit te verspreiden.

 

De opzet van het project en de voorlopige lessen zijn verwerkt in een boek over Duurzame Inzetbaarheid in Nederland, dat in 2014 is aangeboden aan de DG van het Ministerie van SZ&W. Ook zijn de lessen in de sector verspreid via een artikel in een vakblad voor het MBO (Profiel).

 

De lessen uit het project zijn verwerkt in een bijdrage aan de werkconferentie van de OR van het ROC West Brabant over werkdruk en duurzame inzetbaarheid (april 2014). Deze lessen zijn opnieuw verwerkt in een bijdrage aan een werkconferentie van de werknemersvertegenwoordiging in het MBO (Platform Medezeggenschap MBO) (september 2014). Daarnaast zijn de lessen ingebracht in gesprekken met het ROC van Amsterdam over de opzet van hun pilot Regelarm Onderwijs.

 

De lessen over implementatie van een dergelijke participatieve interventie in de context van het MBO worden verwerkt in een VIMP-aanvraag i.s.m. een universiteit en hogeschool (in voorbereiding november 2014-januari 2015).

 

Daarnaast kent het project een wetenschappelijke output. Het designartikel is gepubliceerd (2013). De voorlopige resultaten van de procesevaluatie zijn gepresenteerd op een wetenschappelijk congres in Adelaide, Australie (september 2014). Eind 2014 komt het procesevaluatie-artikel gereed. In het eerste tertaal van 2015 wordt het wetenschappelijke artikel over de effectevaluatie met kosten/baten analyse opgeleverd.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Probleem:

Het MBO vergrijst. Het ziekteverzuim ligt met een verzuimpercentage van 5,8 % boven het landelijke gemiddelde (4,3 %). Circa 20% van de medewerkers heeft klachten van oververmoeidheid (burn-out). Wetenschappelijk onderzoek legt een oorzakelijk verband tussen hoge taakeisen, geringe regelmogelijkheden en burn-out. Uit verschillende studies over arbeidsomstandigheden en arbeidsvoorwaarden in het MBO blijkt enerzijds dat medewerkers ontevreden zijn over hun zeggenschap door hoge taakeisen, terwijl zij weinig regelmogelijkheden ervaren. Anderzijds laat wetenschappelijk onderzoek zien dat zeggenschap over het werk (taakeisen, werktijden en werkplek) van groot belang zijn om daadwerkelijk langer en duurzaam te kunnen doorwerken. De duurzame inzetbaarheid van medewerkers in de sector staat derhalve onder grote druk. Het is voor de sector van groot belang de expertise van de oudere medewerker te blijven benutten en vroegtijdige uitstroom tegen te gaan. Bovendien moet de sector aantrekkelijk blijven voor nieuwe instroom.

 

Doel project:

Het onderhavige project beoogt door toepassing van een effectief bewezen groepsinterventie (De Heuristische Methode; DHM) de duurzame inzetbaarheid van MBO-medewerkers te verbeteren. DHM is een gestructureerde werkwijze om arbeidsorganisaties te ondersteunen om de aanwezige praktijkkennis van medewerkers over het functioneren van de organisatie zo goed mogelijk te gebruiken en te verrijken. Op deze wijze levert DHM een bijdrage aan de duurzame inzetbaarheid van de betrokken werknemers. DHM is gericht op:

- het verbeteren van samenwerkingsrelaties tussen medewerkers dwars door hiërarchische lagen heen;

- het zichtbaar maken van de samenhang (of het gebrek daaraan) van bestaande acties en activiteiten binnen een organisatie en de besluitvorming;

- het verschaffen van duidelijkheid over de verdeling van verantwoordelijkheden, bevoegdheden en kennis/vaardigheden binnen de organisatie.

Door een relatie te leggen tussen het individuele vermogen van medewerkers om waardevolle taken uit te voeren en de context die hen daartoe faciliteert, levert DHM een bijdrage aan de duurzame inzetbaarheid van medewerkers volgens de begripsomschrijving in het rapport ‘Duurzaam Inzetbaar: een werkdefinitie‘ (Klink e.a. 2010).

 

Toepasbaarheid DHM:

DHM is praktisch toepasbaar gemaakt door middel van een modulaire opbouw die een overzicht aanbrengt in de verschillende activiteiten. DHM wordt uitgevoerd door getrainde procesbegeleiders die gebruik maken van digitale hulpmiddelen (de zogenaamde DHM toolkit). Bij het ministerie van Landbouw Natuur en Voedselkwaliteit is in 2005 vastgesteld dat DHM een positief effect heeft op de motivatie en betrokkenheid, de sociale steun, het zelfvertrouwen en de vaardigheden en kennis van medewerkers. Toepassing van DHM in het MBO biedt onderwijsmedewerkers en hun leidinggevenden de mogelijkheid om op een gestructureerde wijze te werken aan een betere balans tussen taakeisen en regelmogelijkheden.

 

Fasering project:

De toepasbaarheid van DHM voor het MBO wordt onderzocht door middel van een pilot. Tijdens de pilot wordt DHM toegepast bij twee afdelingen van twee MBO-instellingen. Zowel de interventiegroep als de controlegroep bestaan uit ca. 300 personen. De pilot bestaat uit vier fasen: voorbereiding (opstellen projectplan), vooronderzoek (in kaart brengen van de actoren en factoren die de werkcontext van medewerkers bepalen), ontwikkeling (opstellen plan van aanpak) en uitvoering (van het plan van aanpak).

 

Evaluatie:

De pilot wordt geëvalueerd door middel van een procesevaluatie en een effectevaluatie. De belangrijkste bronnen voor de procesevaluatie en de effectevaluatie zijn de gegevens uit de monitoring, verzameld met behulp van de DHM toolkit, interviews en vragenlijstonderzoek. De procesevaluatie gaat in op de gang van zaken bij de toepassing van DHM gedurende de pilot en biedt aanwijzingen voor een succesvolle implementatie en uitrol van DHM in het MBO. De effectevaluatie maakt inzichtelijk op welke wijze (met welke effectvariabelen) DHM bijdraagt aan de duurzame inzetbaarheid van medewerkers in het MBO door veranderingen bij de interventiegroepen gedurende de pilot af te zetten tegen veranderingen bij de controlegroepen. Beoogde effecten zijn een betere gezondheid (minder klachten over vermoeidheid en burnout en lager verzuim) en een beter functioneren, meer ervaren sociale steun, een grotere motivatie en betrokkenheid met de organisatie en het werk en een verbetering van kennis en vaardigheden.

 

Disseminatie en implementatie:

Het evaluatieonderzoek levert adviezen, randvoorwaarden en informatie op voor een effectieve uitrol van DHM binnen het MBO. Wanneer de resultaten van de pilot positief worden gewaardeerd, zal de aanpak over de sector worden uitgerold. Daarvoor zal nog binnen het project een draaiboek worden opgesteld voor de verdere uitrol van DHM in het MBO ten behoeve van de MBO Raad en andere betrokkenen.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website