Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

De laatste jaren is er een toename van nieuwe SOA en HIV-infecties in Nederland, ook bij homoseksuele mannen. Binnen de homogemeenschap is sprake van een zekere voorlichtingsmoeheid. Het toenemen van onveilig vrijen wordt deels toegeschreven aan het optimisme dat is ontstaan door nieuwe behandelingsmethoden voor HIV. Het is daarom belangrijk om te zoeken naar nieuwe vormen van voorlichting die bij deze doelgroep aansluiten. Een persoonlijke benadering lijkt een goede manier, veilig vrijen is immers geen tijdelijke zaak, maar moet vaak blijvend in iemands leven worden ingepast.

 

In 2002 is er een vaccinatiecampagne voor Hepatitis B voor risicogroepen van start gegaan, waaronder ook mannen met homoseksuele contacten. Op de GGD Rotterdam is aan alle mannen uit deze doelgroep die op het vaccinatiespreekuur kwamen een counselinggesprek aangeboden over veilig vrijen. Dit ongeveer 15 minuten durende gesprek had plaats tijdens het spreekuur bij de tweede vaccinatie. Het gesprek werd gevoerd door een sociaal verpleegkundige aan de hand van een protocol waarbij individueel getailord werd op relatiestatus en risicogedrag. Ter evaluatie werd de mannen driemaal gevraagd een vragenlijst in te vullen over hun seksueel gedrag en gedragsdeterminanten.De GG&GD in Utrecht en de GGD-en Midden-Nederland en Groningen werkten mee als controlegroep. Het doel van de voorlichtingsinterventie was het aantal onbeschermde anale contacten met serodiscordante partners te verminderen en het percentage mannen dat zich op HIV laat testen te verhogen.

 

In totaal zijn 473 mannen gestart met het onderzoek en hebben 281 personen alle vragenlijsten ingevuld. In Rotterdam hebben hiervan 158 mannen de interventie ontvangen. Slechts een kwart van deze mannen vertoonde volgens zelfrapportage op de nulmeting onveilig gedrag, namelijk onbeschermde anale seks met een serodiscordante partner. De interventie heeft effect gehad op het seksueel gedrag. Mannen uit de interventiegroep rapporteerden 5-7 maanden na de interventie iets minder (10%) onbeschermde anale contacten met discordante partners, terwijl in de controlegroep onveilige anale contacten zijn toegenomen (met 68%). De interventie had geen effect op het aantal mannen dat zich op HIV heeft laten testen. daarnaast is de interventie is goed uitvoerbaar gebleken.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Doelstelling:

Onbeschermde anale seks tussen serodicordante partners terug brengen met 50% en het aantal mannen dat zich op HIV heeft laten onderzoek verhogen met 50%

 

Vraagstellingen:

1. Wat is het effect van gestructureerde, getailorde, individuele voorlichtinggesprekken over HIV, soa en veilig vrijen op het seksuele gedrag?

2. Wat is het effect van gestructureerde, getailorde, individuele voorlichtinggesprekken over HIV, soa en veilig vrijen op het al dan niet op soa en HIV laten testen?

3. Wat is de uitvoerbaarheid van individuele voorlichtingsgesprekken als onderdeel van het Hepatitis B programma?

Realisatie:

1. Er is een positief effect op het seksuele gedrag ongeveer zes maanden na het counselinggesprek. De mannen uit de interventiegroep hebben significant 10% minder onbeschermde anale contacten met discordante seksuele partners, terwijl in de controlegroep het onveilige gedrag is toegenomen met 68%.

2. De interventie heeft geen effect gehad op het aantal mannen dat zich op HIV heeft laten testen.

3. De uitvoerbaarheid was goed. De deelnemers aan het counselinggesprek waardeerden deze goed. De tijdsinvestering was mogelijk binnen het HBV-vaccinatie spreekuur. De sociaal verpleegkundigen konden na een korte extra training de gesprekken goed uitvoeren volgens het protocol. Er zijn geen negatieve effecten geconstateerd van het onderzoek op de compliance van de vaccinatie voor Hepatitis B.

 

Resultaten/nieuwe inzichten

 

Waardering van het counselinggesprek

Het counselinggesprek werd door de mannen goed gewaardeerd (tabel 4). Op alle aspecten wordt op een waarderingsschaal van 1-5 minimaal 4 gescoord. De relevantie voor zichzelf wordt met een 4,6 hoog gevonden, bovendien ervaart men het gesprek als niet erg belastend.

 

Effecten op gedrag

 

Frequentie onbeschermde anale contacten

Er zijn verschilscores berekend tussen de score op OAC van de 2e nameting en de voormeting. De verschilscores tussen de interventie en controlegroep laten zien dat er een klein effect is van de experimentele conditie. De controlegroep is onveiliger geworden: (M= 0,28, p<0,05) 68% onveiliger t.o.v score op voormeting en de interventiegroep is iets veiliger geworden (M=-0,5) 9,5% veiliger t.o.v score op voormeting (zie tabel 9).

 

In tabel 10 worden de resultaten van een ANOVA met daarbij relatiestabiliteit en veilig/onveilig gedrag op de voormeting als extra verklarende factoren van het verschil in OAC, naast de experimentele conditie. Er is een afzonderlijk effect van alle factoren, maar er zijn ook interactie effecten.

Dit betekent dat er overall een positief effect is van de interventie: de experimentele groep wordt iets veiliger, controlegroep wordt onveiliger (F(1,261)=13,33, p<0,001). Daarnaast is er een verschil tussen mannen die veilig en onveilig waren op de voormeting (F(1,261)=20,46, p<0,001). In de interventiegroep zijn het de mannen die onveilig waren op de voormeting die veiliger zijn geworden na de interventie. In de controlegroep zijn allen onveiliger geworden, waarbij degenen die veilig waren op de voormeting na de interventie meer onveiliger zijn geworden dan degenen die onveilig waren op de voormeting.

Daarnaast lijkt er een beschermend effect van de interventie voor de mannen die van vaste relatiestatus veranderen (significant interactie effect tussen experimentele groep en vaste-relatiestabiliteit, F(1,261)=4,01, p<0,05). Bij de controlegroep hebben de mannen die van vaste relatiestatus veranderen een grotere toename (4 x zoveel vergeleken met de voormeting) in onbeschermde anale contacten dan degenen die niet van vaste relatiestatus veranderd zijn (1/3 x zoveel). Bij de interventiegroep is dit niet het geval, hier is bij beide groepen een lichte afname in onveilig gedrag te zien (resp. 4% en 15%).

 

Testen op HIV:

Een tweede doel van de interventie was het verhogen van het aantal mannen dat zich op HIV zou laten testen. Er is echter geen effect gevonden op het aantal personen dat zich na de interventie op HIV heeft laten testen. Van de interventiegroep heeft 11% van de respondenten zich na het counselinggesprek op HIV laten testen, maar in de controlegroep heeft ook 16% van de respondenten een HIV test ondergaan in de periode na de tweede vaccinatie (tabel 8). Het verschil tussen interventie- en controlegroep was niet significant. Een mogelijke reden voor het ontbreken van een effect op HIV testen is dat er in het protocol relatief minder aandacht is voor het testen op HIV, vergeleken met het verminderen van onveilig vrijen. Het protocol is minder uitgewerkt wat betreft het bespreken van determinanten van HIV-testen dan van condoomgebruik.

 

Conclusies

 

De interventie heeft effect gehad op het seksueel gedrag. Mannen uit de interventiegroep rapporteerden 5-7 maanden na de interventie iets minder onbeschermde anale contacten met discordante partners, terwijl in de controlegroep het onveilige gedrag is toegenomen. De interventie had geen effect op het aantal mannen dat zich op HIV heeft laten testen. De interventie is goed uitvoerbaar gebleken.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Er is sprake van een stijging van het aantal soa en van onbeschermde seks bij mannen met

homoseksuele contacten. Aanvullende interventies zijn daarom noodzakelijk.

Doel van het project is om onbeschermde seks tussen serodiscordante homoseksuele mannen met

50% terug te dringen en het aantal mannen dat zich op soa en HIV heeft laten onderzoeken met 50% te

verhogen. Tevens zal gekeken worden naar de uitvoerbaarheid individuele voorlichtingsgesprekken

als deel van het hepatitis B-vaccinatie programma. Ook zal nagegaan worden of de interventie een

effect heeft op de compliance van de vaccinaties.

Gekoppeld aan het gratis aanbod van hepatitis B vaccinatie aan homoseksuele mannen zal in

Rotterdam via tailoring een gestructureerde individuele interventie worden aangeboden bij de

tweede vaccinatie. Deelnemers aan de interventie- en controlegroep (Utrecht) vullen elk bij de eerste

vaccinatie (maand 0) en de derde vaccinatie (maand 6) een vragenlijst met items over gedrag, attitude,

eigen effectiviteit en het al dan niet op HIV of soa laten onderzoeken. Totaal zullen 500 mannen in het

onderzoek worden geïncludeerd.

Indien succesvol kan de interventie in het reguliere werk van de GGD-en worden geïncorporeerd. Het

project is een samenwerkingsverband tussen de GGD Rotterdam e.o., de universiteiten van Utrecht

en Maastricht, GG&GD Utrecht, GGD Nederland en Schorerstichting.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website