Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Dit project onderzocht de effectiviteit van een ‘cue-monitoring plus planning’ interventie gericht op het doorbreken van ongezonde snackgewoontes. Eerder onderzoek heeft laten zien dat ongezonde snackgewoontes veranderd kunnen worden met behulp van implementatie intenties. Dit zijn specifieke als-dan plannen die de uitlokker van het snackgedrag koppelen aan een gezonder alternatief (‘Als ik televisie kijk, dan neem ik een appel!’). Wanneer deze strategie wordt gebruikt in gezondheidsinterventies ontstaan er echter nieuwe uitdagingen en vraagstukken. Hoe implementatie intenties effectief toegepast kunnen worden is onderzocht in vier onderzoekslijnen gericht op de optimale instructies om implementatie intenties te formuleren, de effectiviteit van meerdere plannen, en de toevoeging van een metacognitieve strategie om plannen aan te passen aan veranderende situaties. Dit project is gedaan in samenwerking met het Voedingscentrum en is grotendeels uitgevoerd met deelnemers uit de algemene populatie.

Een belangrijke voorwaarde voor effectieve als-dan plannen is dat zij specifiek geformuleerd zijn en zich richten op de daadwerkelijke uitlokker (of ‘cue’) van de ongewenste gewoonte. Het onderzoek liet zien dat om dit te bevorderen deelnemers uitgebreide stap-voor-stap instructies moeten krijgen. Daarnaast moet het formuleren van als-dan plannen vooraf worden gegaan door een cue-monitoring fase. Hierbij reflecteren deelnemers met een snackdagboek op (de cues van) hun snackgedrag. Met dit inzicht kan vervolgens de belangrijkste uitlokker van hun snackgedrag gespecificeerd worden in het als-dan plan. Meestal kunnen er echter meerdere snacksituaties geïdentificeerd worden. Zodoende is getest wat het effect is van het maken van één implementatie intentie in vergelijking met meerdere als-dan plannen, gericht op drie verschillende uitlokkers van het snackgedrag. Er werd gevonden dat deelnemers die drie plannen formuleerden, hun snackgedrag echter niet verminderden, terwijl het maken van geen of één implementatie intentie dit wel deden. Daarnaast bleek dat na het maken van één plan de habituele cue-respons associatie was vervangen door een nieuwe mentale associatie, maar niet na het maken van drie plannen. Om toch met meerdere uitlokkers om te gaan en om de plannen te kunnen aanpassen aan veranderende situaties, is ook getest of implementatie intenties gebruikt kunnen worden als een ‘metacognitieve strategie’. Hierbij leren deelnemers drie stappen te doorlopen, namelijk: plannen (het maken van een als-dan plan), monitoren (het reflecteren op het huidige snackgedrag en uitlokkers) en evalueren (bepalen of het plan aangepast moet worden). Zo kunnen mensen de implementatie intentie tool zelfstandig gebruiken en aanpassen aan veranderende behoeftes voor het behalen van hun persoonlijke doel. Deze strategie bleek zeer effectief: twee maanden na het ontvangen van de instructies consumeerden mensen substantieel minder ongezonde tussendoortjes dan daarvoor en minder dan mensen die enkel cue-monitoring of cue-monitoring gevolgd door de originele implementatie intentie instructies kregen. Door de combinatie van lab- en praktijkstudies, zijn nieuwe inzichten verkregen om implementatie intenties toegankelijk te maken voor het grote publiek om hiermee hun ongezonde snackgewoontes te doorbreken.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Eerdere studies hebben overtuigend aangetoond dat implementatie intenties effectief zijn in het verminderen van ongewenste gewoontes. Het implementeren van deze strategie in een toegepaste context brengt echter nieuwe uitdagingen en problemen met zich mee. Zodoende werd in dit project de optimale opzet van een cue-monitoring plus planning interventie getest.

Allereerst heeft het onderzoek laten zien dat het toevoegen van een cue-monitoring fase voorafgaand aan het formuleren van implementatie intenties essentieel is om goede plannen te maken. In deze fase houdt men een cue-monitoring dagboek bij om te reflecteren op (de belangrijkste uitlokkers van) hun snackgedrag om zo de belangrijkste uitlokker van het snackgedrag te kunnen specificeren in de implementatie intentie. Ten tweede heeft het onderzoek laten zien dat een dergelijke cue-monitoring fase op zichzelf voldoende is om snackgedrag te verminderen op korte termijn. Echter, over een langere periode (twee maanden) bleken implementatie intenties essentieel om langdurigere gedragsverandering te bewerkstelligen. Ten derde heeft het onderzoek aangetoond dat het maken meerdere plannen gericht op ongezond snackgedrag ineffectief was voor het verminderen van het eten van ongezonde tussendoortjes en het doorbreken van de cognitieve cue-respons associatie die de ongezonde snackgewoonte te grondslag ligt. Dit in tegenstelling tot het maken van één plan dat succesvol de ongezonde snackconsumptie verminderde en de habituele cue-respons associatie bleek te vervangen met een nieuwe gewenste associatie. Tot slot is aangetoond dat implementatie intenties kunnen worden gebruikt als een metacognitieve strategie. Door drie stappen te leren (namelijk: plannen, monitoren en evalueren), kunnen mensen de implementatie intentie tool zelfstandig gebruiken en aanpassen aan veranderende behoeftes voor het behalen van hun persoonlijke doel. Het onderzoek heeft laten zien dat deze strategie leidt tot een vermindering van het snackgedrag over een periode van twee maanden en het is effectiever gebleken dat enkel cue-monitoring of cue-monitoring gevolgd door implementatie intentie instructies zonder de metacognitieve component. De uiteindelijke cue-monitoring plus planning interventie, waarbij gebruik wordt gemaakt van de metacognitieve strategie, bleek zodoende het snackgedrag bij deelnemers van de doelgroep substantieel te verminderen over een periode van twee maanden met een gemiddelde van 190 kilocalorieën per dag.

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Dit project onderzoekt de effectiviteit van een gecombineerde ‘monitoring en planning’ internetinterventie om ongezonde snackgewoontes te doorbreken bij mensen in de algemene populatie. Ondanks dat veel mensen in de Nederlandse samenleving gemotiveerd zijn om gezonder te eten, weten wat gezond eten inhoudt en welke gevolgen ongezond eten met zich meebrengt, houden veel Nederlanders vast aan hun ongezonde eetpatronen. Dit komt grotendeels doordat eetgedrag wordt bepaald door gewoontes. Ongewenste gewoontes kunnen effectief worden doorbroken met behulp van implementatie intenties (specifieke als-dan plannen), waarbij de uitlokker van de ongewenste gewoonte wordt gekoppeld aan een gezond alternatief. Eerder onderzoek heeft overtuigend bewijs geleverd dat de effectiviteit van implementatie intenties enorm wordt verhoogd wanneer mensen hun persoonlijk relevante uitlokkers van het ongezonde snackgedrag specificeren. Het monitoren van (de uitlokkers van) ongezonde snackgewoontes is een effectieve strategie om inzicht te krijgen en om de persoonlijk relevante uitlokkers te identificeren. In dit onderzoek wordt met vier studies de optimale opzet getest voor deze ‘monitoren en planning’ interventie om in te zetten als een gezondheidsinterventie voor het grote publiek. Daarnaast wordt de effectiviteit van deze interventie getest op het doorbreken van de ongezonde gewoontes en het verminderen van ongezond snackgedrag. Allereerst wordt er in dit project onderzocht wat de beste instructies zijn om mensen uit de algemene populatie implementatie intenties te laten formuleren. Ten tweede wordt getest wat het optimale aantal plannen is om snackgewoontes te doorbreken. Daarna wordt getest op welke manier dergelijke gedragsinterventie opgezet kan worden om ook op langere termijn optimale resultaten te verkrijgen. Hierbij zal onderzocht worden of mensen in staat zijn om het maken van implementatie intenties zelf aan te leren en toe te passen op veranderende situaties (als een metacognitieve strategie), of dat de instructies herhaaldelijk gegeven moeten worden. Op basis van de resultaten van de voorgaande studies uit het project, zal tot slot een gecombineerde ‘monitoring en planning’ interventie worden vormgegeven waarin gebruik wordt gemaakt van implementatie intenties om ongezonde snackgewoontes te doorbreken.

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In dit onderzoek wordt de optimale opzet voor een ‘monitoring en planning’ internetinterventie om ongezonde snackgewoontes te doorbreken bij mensen in de algemene populatie. Veelvuldig onderzoek heeft laten zien dat implementatie intenties (specifieke als-dan plannen) effectief zijn in het doorbreken van ongewenste gewoontes. Dit onderzoek is echter voornamelijk gedaan in het lab en heeft zich veelal gericht op het veranderen van relatief gemakkelijk gedrag. In dit onderzoek benutten we deze resultaten buiten het lab en onderzoeken we hoe implementatie intenties bij het grote publiek kunnen worden ingezet om ongezonde snackgewoontes te doorbreken. Allereerst heeft dit project laten zien wat de beste instructies zijn om mensen uit de algemene populatie implementatie intenties te laten formuleren. Hierbij is gevonden dat dergelijke instructies uitgebreid in moeten gaan om de beleving van de verleidelijke snacksituatie om deze levendig te maken tijdens het formuleren van de plannen. Op deze manier kan de om inzicht in persoonlijke uitlokkers van het snackgedrag en de effectiviteit van plannen worden verhoogt. Ten tweede heeft het project laten zien dat het maken van een implementatie intentie (gebruik makende van deze instructies) inderdaad tot effectieve gedragsverandering kan leiden. De resultaten tonen echter aan dat deze implementatie intenties alleen effectief zijn wanneer er één enkele implementatie intentie wordt geformuleerd, in tegenstelling tot wanneer meerdere plannen gemaakt worden. Tussentijdse bevindingen suggereren zodoende dat wanneer de juiste instructies worden ingezet en indien de plannen zich op één ongewenste gewoonte per keer richten, implementatie intenties een veelbelovende strategie is om ongezonde snackgewoontes te doorbreken in de algemene populatie.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

The present project investigates the effectiveness of a combined ‘monitoring plus planning’ internet intervention to break unhealthy snacking habits in a community sample. Previous research has convincingly demonstrated that implementation intention effectiveness for breaking habits increases dramatically when people specify personally relevant critical cues for unhealthy eating. Daily monitoring of (reasons for) eating behavior has been found to be an extremely helpful tool in the identification of such cues. Four studies test the optimal format (type of instruction, number of plans, meta-cognitive strategy to generalize planning skills) of this combined ‘monitoring plus planning’ intervention when delivered to a large-scale community sample as well as the effectiveness of the intervention at the Dutch Nutrition Centre website in terms of reducing unhealthy snack consumption and eliminating the automatic component of unhealthy snacking (i.e., habit strength of unhealthy snacking).

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website