Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Titel: Evaluatie van de effecten van zelfmanagement in de thuissituatie ter verbetering van psychisch functioneren en angst om te vallen bij kwetsbare ouderen (Projectnummer: 120610001)

 

Tussen januari 2008 en oktober 2012 is het onderzoeksproject ‘Thuis in Balans’ uitgevoerd. Het doel van het project was het evalueren van een zelfmanagement interventie, gericht op het verminderen van angst om te vallen, gerelateerd vermijdingsgedrag, verwachte consequenties van vallen en symptomen van angst en depressie bij kwetsbare ouderen, die kan worden toegepast in de thuissituatie. De evaluatie betrof: 1) de effecten op de genoemde primaire uitkomsten en verschillende secundaire uitkomsten, 2) de uitvoerbaarheid en 3) het gebruik van zorg en daaraan de gerelateerde kosten.

 

In 2008 en begin 2009 is een pilotstudie uitgevoerd en is de hoofdstudie voorbereid. In maart 2009 is gestart met de werving van ouderen voor het onderzoek. Hiervoor zijn in vier rondes circa 11.000 korte (screenings)vragenlijsten verstuurd naar een willekeurige selectie van zelfstandig wonende 70-plussers in Zuid-Limburg. De gemiddelde respons voor de vier wervingsrondes was 52%. Ouderen die in de vragenlijst aangaven (a) ten minste soms bezorgd te zijn om te vallen en (b) ten minste soms daardoor activiteiten te vermijden en (c) gezondheidsproblemen te hebben en (d) bereid te zijn deel te nemen aan het onderzoek, zijn ingestroomd.

 

Voor het onderzoek zijn 389 zelfstandig wonende ouderen willekeurig verdeeld over twee groepen. De controle groep bestond uit 195 deelnemers die de gebruikelijke zorg kregen. De interventiegroep bestond uit 194 deelnemers die naast de gebruikelijke zorg, ook de cursus ‘Thuis in Balans’ kregen aangeboden. ‘Thuis in Balans’ bestaat uit 3 huisbezoeken (2 x 60 minuten en 1 x 75 minuten) en 4 telefonische contacten (ieder 35 minuten) en wordt begeleid door een getrainde wijkverpleegkundige. Thema’s die aan bod komen zijn o.a. het bijstellen van (negatieve) gedachten over vallen, het (h)erkennen van risicogedrag en het ervaren van de eigen mogelijkheden. Het leren opstellen en uitvoeren van actieplannen vormt een centraal onderdeel van de cursus naast het bespreken en evalueren van ervaringen. In mei 2009 zijn de eerste van de 194 deelnemers gestart met de interventie. In totaal hebben 117 deelnemers ten minste aan 5 van de 7 contacten deelgenomen.

 

De metingen voor de effectevaluatie werden uitgevoerd voordat de cursus startte, na 5 maanden (dat wil zeggen: direct na de interventie) en na 12 maanden. Uit de effectevaluatie blijkt dat deelnemers in de interventie groep in vergelijking met die uit de controlegroep significant minder bezorgd zijn om te vallen na het volgen van de cursus; dit effect hield stand tot 12 maanden. Ook vermijden zij minder activiteiten vanwege bezorgdheid om te vallen. Tevens laat de interventie een positief effect zien op de verwachte consequenties van vallen. De interventie had geen significante invloed op gevoelens van angst en depressie. Deelnemers in de interventiegroep zijn in totaal minder vaak gevallen. Daarentegen vielen deelnemers in de interventiegroep wel vaker buiten en hadden zij ook vaker medische hulp nodig na een val. Er zijn geen verschillen in zorggebruik tussen beide groepen.

 

De overgrote meerderheid van de deelnemers beoordeelde de cursus als goed en zou deze ook aanbevelen aan anderen. De verpleegkundigen gaven aan dat het soms lastig was voor de deelnemers om een actieplan in te vullen en dat er deelnemers waren die minder geschikt waren voor de cursus. Ten behoeve van de implementatie zou een intake gesprek behulpzaam kunnen zijn bij het selecteren van de juiste doelgroep. Een dergelijk intakegesprek wordt nu al succesvol toegepast bij de groepsvariant van deze cursus (‘Zicht op Evenwicht’: www.zichtopevenwicht.nl). De training van de verpleegkundigen kan verbeterd worden door meer aandacht te besteden aan het ontwikkelen en uitvoeren van de actieplannen door de deelnemers.

 

1

 

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Titel: Evaluatie van de effecten van zelfmanagement in de thuissituatie ter verbetering van psychisch functioneren en angst om te vallen bij kwetsbare ouderen (Projectnummer: 120610001)

 

Tussen januari 2008 en oktober 2012 is het onderzoeksproject ‘Thuis in Balans’ uitgevoerd. Het doel van het project was het evalueren van een zelfmanagement interventie, gericht op het verminderen van angst om te vallen, gerelateerd vermijdingsgedrag, verwachte consequenties van vallen en symptomen van angst en depressie bij kwetsbare ouderen, die kan worden toegepast in de thuissituatie. De evaluatie betrof: 1) de effecten op de genoemde primaire uitkomsten en verschillende secundaire uitkomsten, 2) de uitvoerbaarheid en 3) het gebruik van zorg en daaraan de gerelateerde kosten.

 

In 2008 en begin 2009 is een pilotstudie uitgevoerd en is de hoofdstudie voorbereid. In maart 2009 is gestart met de werving van ouderen voor het onderzoek. Hiervoor zijn in vier rondes circa 11.000 korte (screenings)vragenlijsten verstuurd naar een willekeurige selectie van zelfstandig wonende 70-plussers in Zuid-Limburg. De gemiddelde respons voor de vier wervingsrondes was 52%. Ouderen die in de vragenlijst aangaven (a) ten minste soms bezorgd te zijn om te vallen en (b) ten minste soms daardoor activiteiten te vermijden en (c) gezondheidsproblemen te hebben en (d) bereid te zijn deel te nemen aan het onderzoek, zijn ingestroomd.

 

Voor het onderzoek zijn 389 zelfstandig wonende ouderen willekeurig verdeeld over twee groepen. De controle groep bestond uit 195 deelnemers die de gebruikelijke zorg kregen. De interventiegroep bestond uit 194 deelnemers die naast de gebruikelijke zorg, ook de cursus ‘Thuis in Balans’ kregen aangeboden. ‘Thuis in Balans’ bestaat uit 3 huisbezoeken (2 x 60 minuten en 1 x 75 minuten) en 4 telefonische contacten (ieder 35 minuten) en wordt begeleid door een getrainde wijkverpleegkundige. Thema’s die aan bod komen zijn o.a. het bijstellen van (negatieve) gedachten over vallen, het (h)erkennen van risicogedrag en het ervaren van de eigen mogelijkheden. Het leren opstellen en uitvoeren van actieplannen vormt een centraal onderdeel van de cursus naast het bespreken en evalueren van ervaringen. In mei 2009 zijn de eerste van de 194 deelnemers gestart met de interventie. In totaal hebben 117 deelnemers ten minste aan 5 van de 7 contacten deelgenomen.

 

De metingen voor de effectevaluatie werden uitgevoerd voordat de cursus startte, na 5 maanden (dat wil zeggen: direct na de interventie) en na 12 maanden. Uit de effectevaluatie blijkt dat deelnemers in de interventie groep in vergelijking met die uit de controlegroep significant minder bezorgd zijn om te vallen na het volgen van de cursus; dit effect hield stand tot 12 maanden. Ook vermijden zij minder activiteiten vanwege bezorgdheid om te vallen. Tevens laat de interventie een positief effect zien op de verwachte consequenties van vallen. De interventie had geen significante invloed op gevoelens van angst en depressie. Deelnemers in de interventiegroep zijn in totaal minder vaak gevallen. Daarentegen vielen deelnemers in de interventiegroep wel vaker buiten en hadden zij ook vaker medische hulp nodig na een val. Er zijn geen verschillen in zorggebruik tussen beide groepen.

 

De overgrote meerderheid van de deelnemers beoordeelde de cursus als goed en zou deze ook aanbevelen aan anderen. De verpleegkundigen gaven aan dat het soms lastig was voor de deelnemers om een actieplan in te vullen en dat er deelnemers waren die minder geschikt waren voor de cursus. Ten behoeve van de implementatie zou een intake gesprek behulpzaam kunnen zijn bij het selecteren van de juiste doelgroep. Een dergelijk intakegesprek wordt nu al succesvol toegepast bij de groepsvariant van deze cursus (‘Zicht op Evenwicht’: www.zichtopevenwicht.nl). De training van de verpleegkundigen kan verbeterd worden door meer aandacht te besteden aan het ontwikkelen en uitvoeren van de actieplannen door de deelnemers.

1

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Evaluatie van de effecten van zelfmanagement in de thuissituatie ter verbetering van psychisch functioneren en angst om te vallen bij kwetsbare ouderen (Projectnummer: 120610001)

 

 

In januari 2008 is het 4,5 jaar durende onderzoeksproject ‘Thuis in Balans’ gestart. Het doel van het project is het evalueren van een zelfmanagement interventie, gericht op het verminderen van angst om te vallen, gerelateerd vermijdingsgedrag en symptomen van angst en depressie bij kwetsbare ouderen, die kan worden toegepast in de thuissituatie. De evaluatie betreft: 1) de effecten op de genoemde primaire uitkomsten en verschillende secundaire uitkomsten, 2) de uitvoerbaarheid en 3) het gebruik van zorg en de gerelateerde kosten.

In 2008 en begin 2009 is de hoofdstudie, een gerandomiseerd onderzoek, voorbereid en is de interventie verder vormgegeven en in een vooronderzoek uitgetest. In maart 2009 is gestart met de werving van ouderen voor het onderzoek. Hiervoor zijn in vier rondes korte (screenings)vragenlijsten verstuurd naar zelfstandig wonende 70-plussers in Zuid Limburg. In totaal zijn circa 11.000 vragenlijsten verstuurd waarvan de laatste in november 2009. De gemiddelde respons voor de vier wervingsrondes was ongeveer 55%. Ouderen die in de vragenlijst aangaven (a) tenminste soms bezorgd te zijn om te vallen en (b) tenminste soms daardoor activiteiten te vermijden en (c) gezondheidsproblemen te hebben en (d) bereid te zijn deel te nemen, zijn ingestroomd in het onderzoek. In mei 2009 zijn de eerste deelnemers gestart met de interventie ‘Thuis in Balans’. ‘Thuis in Balans’ bestaat uit 3 huisbezoeken en 4 telefonische contacten die worden begeleid door een getrainde wijkverpleegkundige. Thema’s die aan bod komen zijn o.a. het bijstellen van (negatieve) gedachten over vallen, het (h)erkennen van risicogedrag en het ervaren van de eigen mogelijkheden.

In het afgelopen jaar (2010) is de inclusie- en interventieperiode afgesloten en de verzameling van de screenings- en procesdata afgerond. Een substantieel deel van deze data is inmiddels ingevoerd en voorbereid voor analyse; voor de overige data zal dat in de eerste helft van 2011 gebeuren. Op dit moment (januari 2011) wordt volgens planning de laatste data voor de effect- en kostenevaluatie verzameld door middel van telefonisch interviews en maandelijkse val/zorgkalenderbladen. Het is de verwachting dat deze dataverzameling in maart 2011 volledig afgerond is; het invoeren en/of voorbereiden van de dataset zal daarna plaatsvinden. Daarnaast wordt er nu gewerkt aan twee artikelen: 1) het design van de studie en 2) voorkeuren van ouderen ten aanzien interventietypen (de resultaten van een deel van de screeningsvragenlijsten).

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Het jaar 2010 stond in het teken van de afronding van de interventie en de dataverzameling. De inclusie van deelnemers tijdens de studie is uitstekend verlopen en 389 deelnemers zijn gerandomiseerd (oorspronkelijk beoogd aantal deelnemers in het projectvoorstel N=310). Ook de interventieperiode is volgens planning verlopen. In totaal hebben 10 verpleegkundigen zich als cursusbegeleider ingezet en hebben 113 deelnemers deelgenomen aan alle zeven cursuscontacten. Voorlopige data laat zien dat de uitval in de interventiegroep hoger is dan oorspronkelijk verwacht. Echter op dit moment is met hoogste waarschijnlijkheid te zeggen dat er meer deelnemers het onderzoek afronden dan de minimale N=119 in beide groepen (beoogd aantal in de oorspronkelijke power analyse). De eerste resultaten betreffende de uitvoerbaarheid van de interventie worden in de loop van 2011 verwacht. De eerste resultaten over de effecten van de interventie zullen naar verwachting in 2012 bekend zijn.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Anxious and depressed mood are common in frail, older persons. Falls and fall-related complications are common in old age as well. Highly frequent complications of falls are fear of falling, avoidance behavior and catastrophizing about falls, which are associated with adverse psychological outcomes such as anxious and depressed mood. Next to falls, it is also important to reduce the psychological complications of falls in frail older persons. A cognitive-behavioral group approach has shown to reduce fear of falling, avoidance of activities, catastrophizing about falls as well as symptoms of anxiety and depression. However, previous research has also shown that a very large amount (up to 46%) of particularly frail older persons is not reached by group approaches mainly due to health problems. Tailoring the intervention to personal abilities and needs as part of an easy accessible in-home version may substantially improve exposure to and effectiveness of intervention programs in frail elderly. The effectiveness and feasibility of such interventions in this area of research are unknown. Hence, we propose to study: 1) the effectiveness of an in-home self-management intervention to reduce fear of falling, avoidance behavior, catastrophizing about falls in order to prevent anxious and depressed mood in frail elderly living in the community; 2) the feasibility of this intervention; and 3) the impact of the intervention on care utilization and cost. A two group randomized controlled trial will be performed: one group (N=155) will receive the intervention; the other group (N=155) will receive care as usual. The cognitive-behavioral intervention comprises 7 sessions (5 telephone sessions and 2 home visits) and will be facilitated by regular public health nurses. The contents and format of the intervention are based on previous experiences with cognitive-behavioral group approaches and empirical evidence on the effectiveness of cognitive-behavioral telephone-based interventions. An important element is that strengthening of cognitions to reduce psychological distress should not be general or abstract, but focused on the experience of successfully dealing with overcoming specific (fear-related) problems in daily life (‘exposure in vivo’). Effects on fear of falling, avoidance behavior, catastrophizing about falls, anxious and depressed mood are in this study independently measured by telephone interviews before randomization, directly after the intervention, and at 12-months follow-up. The feasibility of the intervention is studied by a process evaluation comprising checklists and semi-structured interviews with facilitators and a selection of intervention participants. Furthermore, the effects of the intervention with respect to care utilization and cost are analyzed in detail. The study takes 48 months and results in (a) protocols for identifying the target population and intake procedure for eligible participants, an intervention booklet for participants and a training and intervention protocol for facilitators and (b) a PhD-thesis comprising 5 international articles.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website