Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Gedurende het voetbalseizoen 2009/2010 hebben de sportverzorgers van 23 deelnemende amateurclubs (uit twee districten; 1e klasse niveau) blessures en bijbehorend herstel van spelers uit hun eerste selectie m.b.v. het Blessureregistratie Informatie Systeem (BIS) geregistreerd. Daarnaast hebben alle trainers wekelijks de trainings- en speelminuten (expositieduur) van hun spelers geregistreerd m.b.v. een standaard Excel-formulier. De trainers uit de interventiegroep (n=11) hebben het FIFA-oefenprogramma De11 in de warming-up van hun trainingen geïmplementeerd. Dit onderzoek werd uitgevoerd door de afdeling Revalidatie, Verplegingswetenschap & Sport van het UMC Utrecht, in nauwe samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB).

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Drieëntwintig eerste klasse amateurteams van twee districten in Nederland namen deel aan deze studie. De teams bestonden uit mannelijke, volwassen voetballers. De interventiegroep bestond uit 223 spelers, de controlegroep uit 233 spelers. Spelerkarakteristieken waren: leeftijd 24,8 ± 4,2 jaar; lengte 183,4 ± 6,5 cm; gewicht 78,2 ± 7,5 kg; voetbalervaring 17,5 ± 4,5 jaar.

Resultaten laten zien dat de blessure-incidentie in het seizoen 2009/2010 (33 weken) voor beide groepen nagenoeg gelijk was: 9,6 (95%BI 8,4 – 11,0) blessures per 1000 voetbaluren in de interventiegroep en 9,7 (95%BI 8,5 – 11,1) in de controlegroep. Het sportverzuim was niet verschillend tussen de groepen (interventiegroep: gemiddelde = 34,0 dagen, mediaan = 14, interkwartiel range (IQR) = 28,5; controlegroep: gemiddelde = 30,4 dagen, mediaan = 17, IQR = 30).

In totaal zijn 427 blessures geregistreerd, waarvan 74,9% acuut was. Het merendeel van de blessures betrof de onderste extremiteit: enkel 18,3%; achterkant bovenbeen 15,2%; knie 15,0%; voorkant bovenbeen en lies (ieder) 10,1%. Dit waren vooral spier- en peesblessures (42,9%) alsmede blessures aan gewrichten en ligamentletsels (26,1%). De meest uitgevoerde behandelingen na het oplopen van een blessure waren: ijs/koeling 54,3%, fysiotherapie 38,2% en aangepaste oefeningen 29,0%.

Voetbalblessures komen veelvuldig voor in het Nederlandse amateurvoetbal: 60% van de amateurvoetballers raakte gedurende het seizoen geblesseerd. Echter, vanwege het ontbreken van significante verschillen tussen de twee onderzoeksgroepen, concluderen we uit deze studie dat De11 (na 1 seizoen follow-up) niet leidt tot minder (ernstige) blessures dan een reguliere warming-up bij volwassen, mannelijke eerste klasse amateurs. Enkele aanbevelingen voor verder onderzoek naar de effecten van soortgelijke blessurepreventieve maatregelen zijn het onderzoeken van: dosis-respons relaties, effecten bij spelers van ander spelniveau en effecten op specifieke blessures.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Gedurende het voetbalseizoen 2009/2010 hebben de verzorgers van 23 deelnemende amateurclubs (uit twee districten) blessures en bijbehorend herstel van spelers uit hun eerste selectie m.b.v. het Blessureregistratie Informatie Systeem (BIS) geregistreerd. Daarnaast hebben alle trainers wekelijks de trainings- en speelminuten (expositieduur) van hun spelers geregistreerd m.b.v. een standaard Excel-formulier. De trainers uit de interventiegroep (n=11) hebben het FIFA-oefenprogramma De11 in de warming-up van hun trainingen geïmplementeerd. Dit onderzoek wordt uitgevoerd door de afdeling Revalidatie, Verplegingswetenschap & Sport van het UMC Utrecht, in nauwe samenwerking met de Koninklijke Nederlandse Voetbalbond (KNVB).

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Drieëntwintig eerste klasse amateurteams van twee districten in Nederland nemen deel aan deze studie. De teams bestaan uit mannelijke, volwassen voetballers. De interventiegroep bestaat uit 223 spelers, de controlegroep uit 233 spelers. Spelerkarakteristieken zijn: leeftijd 24,8 ± 4,2 jaar; lengte 183,4 ± 6,5 cm; gewicht 78,2 ± 7,5 kg; voetbalervaring 17,5 ± 4,5 jaar.

Voorlopige resultaten laten zien dat de blessure-incidentie in het seizoen 2009/2010 (33 weken) voor beide groepen nagenoeg gelijk is: 9,58 blessures per 1000 voetbaluren in de interventiegroep en 9,71 in de controlegroep. Het sportverzuim is niet verschillend tussen de groepen (interventiegroep: gemiddelde = 34,0 dagen, mediaan = 14, interkwartiel range (IQR) = 28,5; controlegroep: gemiddelde = 30,4 dagen, mediaan = 17, IQR = 30).

In totaal zijn 427 blessures geregistreerd, waarvan 74,9% acuut is. Het merendeel van de blessures betreft de onderste extremiteit: enkel 18,3%; achterkant bovenbeen 15,2%; knie 15,0%; voorkant bovenbeen en lies (ieder) 10,1%. Dit zijn vooral spier- en peesblessures (42,9%) alsmede blessures aan gewrichten en ligamentletsels (26,1%). De meest uitgevoerde behandelingen na het oplopen van een blessure zijn: ijs/koeling 54,3%, fysiotherapie 38,2% en aangepaste oefeningen 29,0%.

Voetbalblessures komen veelvuldig voor in het Nederlandse amateurvoetbal. Echter, vanwege het ontbreken van significante verschillen tussen de twee onderzoeksgroepen, concluderen we uit deze studie dat De11 niet leidt tot minder (ernstige) blessures dan een reguliere warming-up bij volwassen, mannelijke eerste klasse amateurs. Enkele aanbevelingen voor verder onderzoek naar de effecten van soortgelijke blessurepreventieve maatregelen zijn het onderzoeken van: dosis-respons relaties, effecten bij spelers van ander spelniveau en effecten op specifieke blessures.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In the Netherlands annually, out of 1.5 million sports injuries 51% are linked with medical treatment and work absenteeism costing €590 million a year. Outdoor soccer causes the largest number of injuries each year (N=420.000), a significant amount of the total costs of sports injuries. Most soccer injuries are located in the lower extremities. Research has shown that poor neuromuscular control, lack of agility and poor eccentric and plyometric strength leads to an increase in the injury risk in lower extremities. In literature there is strong evidence that improvement of these factors through specific exercises is an important factor in the prevention of sports injuries. An injury prevention program called “The F-MARC Bricks”, developed with the support of the World Football Association FIFA, aims at lowering the impact of these injury risk factors in soccer. Research has shown that the 10 exercises of this program directed at improving neuromuscular control, agility and eccentric hamstring strength, reduced injury rates in Swiss junior soccer players (14-19 years) significantly. However, the cost-effectiveness of this program is still unknown. In a randomized controlled trial (RCT) our project focuses on injury prevention-related cost-effectiveness of the “F-MARC Bricks” in Dutch amateur male soccer players (18-40 yrs). We hypothesize that the exercises of the “F-MARC Bricks”, integrated in the warm up, reduce injury incidence and/or injury severity and corresponding medical costs and work absenteeism. After the RCT, a next season follow-up study will be performed to monitor the consolidation of the use of the “F-MARC Bricks” in practice.

The Coach Academy of the Royal Netherlands Football Association (KNVB) and the Netherlands Organization for Applied Scientific Research (TNO Prevention and Care) will participate in providing instructions for implementation of the exercises and monitoring data of health, injuries and associated costs. We assume that this intervention program can also be effective in female players and adolescents, and in other team sports with a high injury incidence and similar injury risk factors like indoor soccer, field hockey, basketball, volleyball, and handball. The potential of “The F-MARC Bricks” illustrates that these sports, including outdoor soccer, contribute to 50% of all medically treated injuries in the Netherlands.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website