Meer informatie

Palliatieve Thuiszorg, uitgevoerd in PaTz-groepen, is een werkwijze die huisartsen, de thuiszorg en consulenten palliatieve zorg dichterbij elkaar brengt. Het is een oplossing om de afstand tussen huisarts en thuiszorg, die is ontstaan door de verplichte indicatiestelling, te overbruggen.

PaTz geeft handen en voeten aan samenwerking

De tussenstap die de verplichte indicatiestelling met zich meebracht, zorgde voor nog meer afstand tussen huisarts en thuiszorg. Dat belemmerde het effectief inzetten van palliatieve zorg. Door deze ongewenste schakel en vertraging, besloot het Netwerk Palliatieve Zorg Rotterdam & omstreken te gaan werken met PaTz: Palliatieve Thuiszorg. Een werkwijze die huisartsen, de thuiszorg en consulenten palliatieve zorg dichterbij elkaar brengt. Letterlijk: in speciale PaTz-groepen. 'PaTz geeft handen en voeten aan de gewenste samenwerking in de eerste lijn.'

'Thuiszorg en huisartsen waren gaandeweg steeds meer van elkaar vervreemd’, legt Ariane Hamming uit, projectleider van het programma gericht op versterking van de samenwerking in de palliatieve zorg van het netwerk. Ze vertelt dat cliënten best tevreden waren, maar dat de oude manier van werken eigenlijk nogal inefficiënt was en tot onnodige frustraties leidde. 'Verpleegkundigen moesten veel vaker hun verhaal doen voor een goede overdracht en om de situatie werkbaar te houden. Dat gaat over het algemeen goed, maar buiten kantoortijden komt het nog te vaak voor dat collega’s niet goed geïnformeerd zijn over de situatie van bepaalde cliënten. Mede door de marktwerking in de zorg en de verplichte tussenkomst van Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) werden huisartsen ad hoc gekoppeld aan verpleegkundigen van thuiszorgorganisaties waarmee zij geen goede samenwerkingsafspraken hadden.'

Methode voor Palliatieve Thuiszorg

Het Netwerk Palliatieve Zorg Rotterdam & omstreken (NPZR&o) zag een oplossing in het goede voorbeeld Patz dat met succes werd gebruikt in Amsterdam, vertelt netwerkcoördinator Ellen Vink. PaTz, de afkorting voor Palliatieve Thuiszorg, is een methodiek om de kwaliteit, samenwerking en overdracht van palliatieve zorg thuis te verbeteren. Huisartsen en wijkverpleegkundigen en consulenten palliatieve zorg komen gemiddeld elke 2 maanden bij elkaar om cliënten in de palliatieve fase in kaart te brengen, te bespreken en op te nemen in een palliatief zorgregister. Samen inventariseren zij de problemen, bespreken zij adviezen en checken zij of er relevante mogelijkheden zijn voor samenwerking. Dit leidt tot een zorgplan waarbij de wensen van de patiënt en zijn omgeving centraal staan.

Lagere drempel

Projectleider Hamming en netwerkcoördinator Vink hebben zich samen met de keten-coördinatoren en met de consulenten palliatieve zorg actief ingezet voor de start van de PaTz-groepen in hun regio. 'We verzorgen presentaties over de voordelen van het werken met PaTz-groepen bij samenwerkingsverbanden van huisartsen. En maken hen duidelijk dat de verzekeraar de tijd die de huisarts erin moet stoppen vergoedt. Dat verlaagt de drempel om mee te doen. Belangrijk is de lijntjes die er al liggen in de wijk te gebruiken. We proberen daarom goed aan te sluiten bij de mensen die het in de wijk moeten doen. En werken via de lokale ketencoördinator die werkzaam is bij het netwerk en een belangrijke rol heeft bij het informeren en motiveren van de huisartsen(groepen).'

Inzet consulent onmisbaar

Het netwerk ging het afgelopen jaar onder leiding van projectleider Hamming met de organisatie van PaTz aan de slag met behulp van de handleiding PaTz van het landelijke Verbeterprogramma Palliatieve zorg. De handleiding helpt bij het opzetten van PaTz-groepen. 'Onmisbaar hierbij is de inzet van consulenten palliatieve zorg', vindt Hamming. Deze consulenten van het Consultatief Palliatief Team (CPT) worden in alle netwerken ingezet vanuit het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL). En zijn specifiek in te zetten voor het faciliteren en ondersteunen van de bijeenkomsten van de PaTz-groep. ‘Dat ontlast de huisarts die als voorzitter van de groep de kar moet trekken. Duidelijk voordeel van deze consulenten is hun brede ervaring met multidisciplinair werken', benadrukt Hamming.

Anders kijken, anders werken

'Het werken met PaTZ zorgt ervoor dat huisartsen vanuit een ander perspectief naar hun patiënten gaan kijken', vertelt Hamming enthousiast. Door de methode van kleurcodering die patiënten naar levensverwachting en probleem indeelt in het palliatief zorgregister. Maar ook door het stellen van de zogenaamde surprise question: zou het u verbazen als deze patiënt binnen een termijn van een jaar zou overlijden? Hierdoor komen juist ook mensen in beeld die geen oncologische aandoening hebben zoals mensen met hart-, long- en nierfalen of kwetsbare ouderen die anders vaak pas later deze zorg krijgen.'

Lagere drempel voor contact

Prettig neveneffect is dat het de drempel om elkaar onderling te consulteren enorm verlaagt, benadrukt Hamming. 'Omdat mensen elkaar regelmatig spreken in de PaTz-groep, weten ze elkaar in de praktijk van alledag ook veel gemakkelijker en eerder te vinden. Ook is de rol van de gespecialiseerde verpleegkundige palliatieve zorg duidelijker. Huisartsen durven vaker te vragen om gezamenlijk een bed-side-consult en vinden het prettig dat ze moeilijke problemen samen met een team kunnen aanpakken. Bij goedlopende PaTz-groepen wordt soms zelfs gewerkt aan een gezamenlijke leervraag. Daar worden experts uitgenodigd om hen bij te praten op bepaalde thema's waardoor ze meer kennis en kunde krijgen.’

Gevolgen van een betere samenwerking

Dat deze manier van werken een echt andere - en betere - manier van werken tot gevolg heeft, blijkt uit twee voorbeelden:

Voorbeeld Communicatie ziekenhuis

Een patiënt met longkanker had een traumatische ervaring met een ziekenhuisopname door een complicatie. Het ontslag uit het ziekenhuis verliep zonder overleg met de huisarts. Een onveilig gevoel en angst voor herhaling bij de patiënt maakt dat de PaTz-groep de aanpak en communicatie bij een eventuele volgende complicatie bespreekt. Daarnaast is richting het ziekenhuis een aanbeveling gedaan voor de communicatie rond het ontslag. En hebben huisartsen advies gekregen hoe te communiceren met patiënten in vergelijkbare situaties.

Voorbeeld Communicatie patiënt

Een nierpatiënt moest vanwege een verslechterde conditie stoppen met hemodialyse. Van het ziekenhuis kregen deze patiënt en de huisarts geen informatie over het beleid na het stoppen van de dialyse. In het PaTz-overleg konden de arts en verpleegkundig consulent direct advies geven over het medisch beleid, wat te verwachten en wat te doen. Inclusief hoe dit te communiceren naar patiënt en familie. Ook kreeg de overdracht van zorg door het ziekenhuis aandacht met het verzoek voortaan een anticiperend beleid mee te geven.

Ambitieuze doelstelling

De ambities van het Rotterdamse netwerk liegen er niet om. Netwerkcoördinator Vink: 'Afgelopen jaar hebben we 7 Patz-groepen opgestart en dit jaar komen er nog drie bij. Binnen 3 jaar willen we deze tien groepen uitbreiden naar 40 Patz-groepen in de hele regio.' Daarbij wordt ook breder gekeken naar het aanhaken van bijvoorbeeld apothekers, maatschappelijk werk, geestelijk verzorgers, fysiotherapeuten en diëtisten. Ook pakken we waar mogelijk gelijk de ziekenhuizen mee, vult Hamming aan. 'Maar dat kan alleen als de huisarts en de wijkverpleegkundigen een krachtig team zijn. Met PaTz moet dat zeker lukken.'

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website