Heel veel bezoek bij een islamitische patiënt. Verpleegkundigen vinden dat soms vooral erg lastig. Totdat ze beseffen dat ziekenbezoek een religieuze plicht is. Islamitisch geestelijk verzorger Saida Aoulad Baktit traint al jaren medewerkers van het Radboudumc om ‘cultuursensitiever’ te worden. Ze vertelt over haar ervaringen.

Niet alléén sterven

Als islamitisch geestelijk verzorger bij het Radboudumc in Nijmegen heeft Saida Aoulad Baktit dagelijks te maken met patiënten met een moslimachtergrond. En vanwege hun vaak sterke wij-cultuur betekent dat ook veel contact met de familie. ‘Ziekenhuismedewerkers hebben soms moeite met al die mensen op bezoek. Dat verandert als je uitlegt dat ziekenbezoek een religieuze plicht is voor een moslim. Zeker als een patiënt ongeneeslijk ziek is; een naaste mag je niet alleen laten sterven.’ Het paradoxale van de wij-cultuur is dat patiënten soms juist erg eenzaam kunnen zijn. Bijvoorbeeld als de patiënt andere ideeën over de laatste fase heeft en bijvoorbeeld liever helder wil blijven dan wegzakken in ernstig lijden. Aoulad Baktit: ‘Euthanasie is voor gelovige moslims onbespreekbaar. Ik heb het de afgelopen vijf jaar maar drie keer meegemaakt dat de patiënt het echt wilde. Voor de familie was dat dan erg moeilijk.’

Geen hoop meer

Aoulad Baktit is bij het Radboudumc ook intercultureel consulent. Haar ziekenhuis, dat betrokken is bij diverse projecten van het ZonMw-programma Palliantie, behoort in Nederland tot de voorlopers in ‘cultuursensitief communiceren’, zoals Aoulad Baktit het noemt. ‘De medewerkers – van verzorgenden tot specialisten – doen hun uiterste best, maar lopen toch tegen vragen op. Over hoe ze moeten omgaan met al dat bezoek bijvoorbeeld. Maar ook hoe ze een slechtnieuwsgesprek beter kunnen voeren. De heel directe benadering die we in Nederland gewend zijn, valt soms helemaal verkeerd. Patiënten en familie hebben het gevoel dat alle hoop ze uit de handen geslagen wordt en klappen dicht.’ Concrete handreikingen kunnen helpen. Zo houdt Aoulad Baktit presentaties over de beleving van ziekte en dood bij migranten (zie kader). Voor verpleegkundigen zijn er checklists met aandachtspunten en tips voor de lichamelijke verzorging en bijvoorbeeld communicatie met de familie. Er is een digitale vraagbaak ‘Religie en cultuur’ voor medewerkers. En in klinische lessen op afdelingen bespreekt ze complexe casussen om daar samen van te leren.

Rustig alles uitleggen

Inmiddels weten steeds meer ziekenhuismedewerkers hoe ze beter met migranten kunnen omgaan in het werk. Als er nieuwe versies van de checklists zijn, beginnen verpleegkundigen er vaak gretig in te lezen. Toch was er nog meer behoefte aan informatie, zeker als medewerkers zagen dat patiënten ondanks alle gerichte aandacht alsnog voor een second opinion naar hun moederland gingen. Aoulad Baktit: ‘Je kunt bij wijze spreken boeken volschrijven, maar beelden zeggen uiteindelijk meer. Daarom heb ik meegewerkt aan de film ‘Ik heb een dokter in Marokko’. De film volgt patiënten die vanuit Nederland in Marokko een arts opzoeken. Je ziet hoe specialisten daar het gesprek voeren en veel tijd nemen om alles uit te leggen. En je ziet ook welke rol de huisarts speelt. Die gaat vaak mee naar het ziekenhuis en checkt voortdurend bij de patiënt en de familie – voor wie hij echt een vertrouwensfiguur is – of ze het allemaal goed hebben begrepen.’

Samen blijven leren

Als een van de succesfactoren voor de aanpak op het Radboudumc noemt Aoulad Baktit ten slotte het werken met aandachtsvelden op de afdelingen. Op iedere afdeling heeft één medewerker het aandachtsveld migranten. Zij worden ook door Aoulad Baktit getraind. ‘Zo blijft het onderwerp op de agenda. En mensen blijven leren van ervaringen én van elkaar.’

Meer informatie    

De film ‘Ik heb een dokter in Marokko’ is voor €12,50 te bestellen via www.dokterinmarokko.nl. Op 27 juni 2014 besteedde Dichtbij Nederland (Radio 5) er een item aan. De film duurt 40 minuten en kan ook vertoond worden in combinatie met een interactieve bijeenkomst onder begeleiding van Saida Aoulad Baktit.

Een paar tips uit een handreiking voor IC-verpleegkundigen van het Radboudumc:

  • Vaak treedt de oudste zoon (als er geen zoon is dan een oom of neef) van de familie op als woordvoerder. Laat alle contacten en afspraken lopen via deze woordvoerder.
  • Praat duidelijk en langzaam, ga niet harder praten, maak korte zinnen zonder vaktaal of typisch Nederlandse uitdrukkingen en verdeel wat je wil vertellen in kleine duidelijke stukjes.
  • In de moskee hangt een lijst met mensen die in het ziekenhuis liggen. Hierdoor komt er vaak (extreem) veel bezoek, zelfs van mensen die geen familie/kennis zijn.

Een paar tips uit de presentatie ‘Beleving van ziekte en dood bij migranten’:

  • Veel niet-westerse migranten hebben geen leescultuur. Folders en bijsluiters scheppen vaak verwarring, dus mondelinge uitleg is noodzakelijk.
  • Het is voor moslims een religieuze plicht een zieke tot aan de dood te bemoedigen en steun te geven in de hoop op beterschap, en pas op het allerlaatste moment afscheid te nemen.
  • Kwaliteit van leven is voor een moslim op de eerste plaats leven zoals God het beschikt. Vrede hebben met het overlijden en van ‘een goede dood’ spreken kan pas als een mens alles gedaan heeft wat God wil en zich volledig aan God overgegeven heeft.


Naar boven
Direct naar: NavigatieDirect naar: InhoudDirect naar: Onderkant website