Verslagen

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Doel: signaleren en markeren verbeteren

 

De situatie en behoeften van verpleeghuisbewoners veranderen vaak. Het is belangrijk dat verzorgenden dat tijdig signaleren. Zij zijn het die steeds aanwezig zijn. Anderen, zoals familie en arts, vertrouwen erop dat zij zulke veranderingen doorgeven. Ook kunnen verzorgenden de palliatief-terminale fase vaak zien aankomen (‘markeren’).

 

Proces: ondersteuning bij kiezen en toepassen van methoden voor signalering en markering

 

In dit action research project ondersteunen onderzoekers de verzorgenden en het zorgteam in 10 verpleeghuizen bij het kiezen en toepassen van methoden (‘instrumenten’) die helpen bij het signaleren en markeren. Zoals een observatielijst voor pijn, of het inschatten of de laatste levensfase is aangebroken. Bewoners en naasten worden betrokken bij het proces van kiezen.

 

Het zorgteam probeert daartoe verschillende methoden uit. Dit levert informatie op over wanneer welke methode het beste werkt in de praktijk. Hieruit ontwikkelen wij de ‘SigMa’ Set: de methoden die het meest geliefd en toepasbaar zijn en uitleg over gebruik in Nederlandse verpleeghuizen.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Resultaten: motivatie om methoden voor signalering en markering uit te proberen is hoog

 

In september 2017 is het eerst verpleeghuis begonnen. Inmiddels doen 10 verpleeghuizen mee aan het project. In al deze verpleeghuizen wordt erkend dat het signaleren en markeren (nog) beter kan. De motivatie om op zoek te gaan naar methoden die daarbij kunnen helpen is hoog. Maar de ervaren knelpunten met het signaleren en markeren zijn in elk verpleeghuis anders. Ook de behoeften en voorkeuren van de verzorgenden verschillen. Dit onderstreept het belang van maatwerk.

 

In veel verpleeghuizen hebben de verzorgenden de wens om hun positie te versterken. Zij geven aan het vaak goed door te hebben als het met iemand minder gaat. Ook dat zij meestal wel weten welke behoeften bewoners of naasten hebben. Maar ze vinden het lastig om signalen in woorden te vatten en te bespreken met de behandelend arts. Een concreet instrument geeft hen houvast, waardoor ze zich zekerder voelen in de communicatie.

 

De zorgteams van de deelnemende verpleeghuizen proberen nu (medio 2018) verschillende methoden uit. We gaan de komende periode in elk verpleeghuis met de betrokkenen uitzoeken wat werkt en wat niet, en ook waarom. De resultaten hiervan worden eind 2018 verwacht.

 

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

In het verpleeghuis wordt palliatief-terminale zorg vaak pas laat ingezet omdat niet tijdig wordt herkend en gedeeld dat de situatie en behoeften van bewoners door de tijd heen veranderen. De bewoner en diens naasten krijgen daardoor niet steeds de zorg die aansluit op hun behoeften, en er is minder tijd om voor te bereiden op een naderend levenseinde. De verzorging verkeert in een sleutelpositie ten aanzien van tijdig signaleren van behoeften en markeren van de palliatief-terminale fase omdat zij continu aanwezig zijn. Om dat te bevorderen stellen wij voor dat tijdens een cyclisch proces in 10 verpleeghuizen een reeks “instrumenten” (methodes, tools) wordt uitgeprobeerd en uiteindelijk gekozen. Voorbeelden van dergelijke instrumenten zijn de “IKNL signalerings-set” (“signaleren in de palliatieve fase”) en de “surprise question.” Dit zijn instrumenten die hun werking reeds hebben bewezen (soms in een andere populatie of situatie), en bruikbaar zijn in de langdurige zorg en ook bij mensen met dementie, maar te weinig worden gebruikt. Het doel van dit project is het door systematisch gebruik van instrumenten nauwkeuriger en eerder signaleren en markeren van de palliatief-terminale fase.

 

Tijdens het proces behorend bij “participatory action research” werken verzorging, specialisten ouderengeneeskunde, andere zorgverleners, vrijwilligers, onderzoekers, bewoners en hun naasten als partners samen aan dit doel. De onderzoekers zijn de anderen van dienst als er bijvoorbeeld behoefte is aan een aangepaste versie van een instrument zoals een ingekorte of een digitale vorm, of aan het structureren van de communicatie nadat er eenmaal is gesignaleerd of gemarkeerd. Daartoe worden ook managers en artsen bij het proces betrokken. (Participatory) action research motiveert doordat verzorging en de andere belangrijke deelnemers (participanten) zelf invloed kunnen uitoefenen op veranderingen die de verbeterslag teweeg moeten brengen. Doordat onderzoekers inspelen op behoeften van verzorgenden, kunnen verzorgenden op hun beurt beter, en duurzaam inspelen op behoeften van verpleeghuisbewoners en hun naasten, en hierover communiceren met andere disciplines.

 

Mede gebaseerd op het implementatie-model van Grol en Wensing, starten verzorging, bewoners en hun naasten met een bijeenkomst waarin het probleem en de doelen nader worden gedefinieerd. Daarna worden mogelijke oplossingen besproken. Andere disciplines worden betrokken bij de fase van uitproberen van instrumenten en verslag over inpasbaarheid in het zorgproces. Vervolgens ook bij de keuze van instrumenten op basis van de opgedane ervaring, en het volgen en zonodig aanpassen van de definitieve implementatie in het zorgproces. Wij selecteren verpleeghuizen waar verzorging gemotiveerd is om te reflecteren op wat beter kan wat betreft signaleren en markeren en waar het management dit ondersteunt.

 

Action research integreert implementatie in de praktijk met kwalitatief en kwantitatief onderzoek. Daarbij maken wij gebruik van open interviews, korte vragenlijsten, dossieronderzoek en andere informatie die ook steeds tussendoor naar de deelnemers wordt teruggekoppeld. Wij brengen bevorderende en belemmerende factoren van implementatie van -naar verwachting verschillende- instrumenten systematisch in kaart. Het proces kan in de verschillende huizen verschillend verlopen en de nauwkeurige beschrijving levert aanknopingspunten voor bestendiging in de deelnemende huizen en implementatie bij andere teams binnen de deelnemende organisaties.

 

Die beschrijving van de verschillende processen waarbij hobbels samen zijn genomen, levert ook waardevolle informatie voor implementatie in andere organisaties. Het project resulteert na 24 maanden in de “SigMa Set” voor implementatie in de 3 regio’s en nationale disseminatie. De SigMa Set wordt: een gebruiksvriendelijke en valide handreiking voor keuze en gebruik van instrumenten voor signaleren en markeren van de palliatief-terminale fase in het verpleeghuis met daarbij de instrumenten die in het project geprefereerd en goed toepasbaar bleken te zijn. Wij geven ook aan wat de randvoorwaarden zijn voor het slagen van de implementatie, zoals bijbehorende scholing. Verspreiding naar andere regio’s vindt plaats door het toegankelijk maken van de SigMa Set via o.a. de beroepsverenigingen V&VN en Verenso. De projectgroep, Klankbordgroep en Onderwijsgroep vertegenwoordigen de partijen die van belang zijn voor de implementatie, zoals naast verzorging, bewoners, naasten, en onderzoekers ook verpleging, artsen, geestelijk verzorgers, de beroepsgroepen, docenten, en deskundigen op het gebied van implementatie, en op het gebied van specifieke instrumenten.

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website