Verslagen

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Een aanzienlijke deel van de 140.000 mensen die jaarlijks in Nederland overlijden maakt nog geen optimaal gebruik van palliatieve zorgondersteuning, omdat zij niet of pas laat in het ziektebeloop als ‘palliatief’ worden herkend. Markering van de palliatieve fase opent de deur voor gesprekken met de patiënt en zijn naasten over de vraag hoe deze levensfase optimaal in te vullen. Of dit voor alle patiënten en naasten bijdraagt aan hun welbevinden is onduidelijk: enerzijds kan het hen meer tijd geven om na te denken en besluiten te nemen over de gewenste zorg, anderzijds kan het langer geconfronteerd zijn met het naderende levenseinde een zware belasting vormen.

Bij patiënten met kanker vindt markering nu vaak plaats op het moment dat er geen antitumorbehandeling (meer) gegeven wordt. Bij patiënten met een niet-oncologische aandoening is de markering moeilijk door het vaak onvoorspelbare ziektebeloop. Ook wordt in de palliatieve fase nog onvoldoende anticiperend gehandeld en is informatie-uitwisseling en afstemming tussen patiënten, naasten en zorgprofessionals in 1e en 2e lijn niet optimaal geregeld.

Het doel van dit project is dat de organisaties die participeren in het Consortium Ligare markering van de palliatieve fase en het gebruik van proactieve zorgplanning gaan implementeren. Vanaf de markering zullen de patiënten en/of hun naasten actief betrokken worden bij het opstellen, uitvoeren en bijstellen van een proactief zorgplan om de zorg vanuit persoonlijke prioriteiten vorm te geven met aandacht voor lichamelijke, sociale, psychische en spirituele aspecten.

Om dit te gaan realiseren hebben alle 18 netwerken al een implementatieplan opgesteld. Op basis van deze plannen zal begin 2016 scholing georganiseerd worden. Deze scholing betreft het gebruik van instrumenten (o.a. surprise question uit de Zorgmodule, het ZonMw Goede Voorbeeld proactieve zorgplanning) en inhoudelijke kennis. Tijdens de implementatie worden ingevulde proactieve zorgplannen geanonimiseerd geëvalueerd. Op basis hiervan wordt inhoudelijke bijscholing binnen het consortium georganiseerd (onder leiding van EPZ). Deze scholingen vinden regionaal en tijdens consortiumbijeenkomsten plaats. De consortiumbijeenkomsten worden ook benut om kennis te delen en de implementatie verder vorm te geven.

Naast deze consortiumbrede implementatie van markering en proactieve zorgplanning, zal er in 3 deelprojecten een verdiepingsslag gemaakt worden. In deelproject A wordt bij patiënten met een oncologische aandoening in kaart gebracht wat de ervaringen en behoeften zijn ten aanzien van markering en proactieve zorgplanning. Dat zal volgens de ‘Experienced-based Co-Design’ methode gebeuren. Op basis van interviews met patiënten, naasten en zorgprofessionals worden eventuele verbeterpunten geïdentificeerd en geprioriteerd. Op basis hiervan kan gezamenlijk -dat wil zeggen door patiënten, naasten en zorgprofessionals- aan verbeteringen gewerkt worden.

In deelproject B zal het effect van markering en proactieve zorgplanning voor patiënten met hartfalen in kaart gebracht worden. Omdat markering en proactieve zorgplanning nog niet op brede schaal toegepast wordt in deze patiëntengroep, zal het effect op welbevinden van patiënten en naasten bestudeerd worden. Eerst worden data verzameld van een groep patiënten die standaardzorg krijgt (n=25), vervolgens van een groep waar -na scholing van de zorgprofessionals- markering en proactieve zorgplanning plaatsvindt (n=25). Dit deelproject wordt door de afdeling cardiologie UMCG gecoördineerd. Patiënten die binnen 1 jaar tijd voor de 2e maal in het ziekenhuis zijn opgenomen, worden uitgenodigd deel te nemen. Deze patiënten, en hun naasten, zullen gedurende maximaal 6 maanden elke maand geïnterviewd worden en vragenlijsten betreffende welbevinden, kwaliteit van leven en zorgconsumptie invullen.

In deelproject C zal voor patiënten met dementie een leidraad met een implementatieplan voor markering van palliatieve fase en proactieve zorgplanning in de eerste lijn gemaakt en getoetst worden. Instrumenten om bij thuiswonende patiënten met dementie de palliatieve fase te herkennen en proactieve zorgplanning vorm te geven ontbreken. Op basis van literatuur, semigestructureerde interviews met patiënten en hun naasten, en een focusbijeenkomst met huisartsen en casemanagers zal een conceptleidraad opgesteld worden met een implementatieplan door onderzoekers van Hogeschool Windesheim en Saxion. Vervolgens wordt gedurende 9 maanden door 10 huisartsen en 20 casemanagers een proefimplementatie uitgevoerd. Deze proefimplementatie wordt geanalyseerd aan de hand van interviews met zorgprofessionals en patiënten, geanonimiseerde ingevulde proactieve zorgplannen en intervisiebijeenkomsten met de huisartsen en casemanagers. Op basis hiervan wordt een definitieve leidraad ‘Markering en proactieve zorgplanning’ opgesteld met bijbehorend implementatieplan.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website