Verslagen

Eindverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Jaarlijks zoeken 15.000 paren hulp voor ongewenste kinderloosheid omdat het hen na een jaar proberen nog niet gelukt is zwanger te worden. Deze paren komen in aanmerking voor vruchtbaarheidsonderzoek. Dit onderzoek bestaat uit het vaststellen of er wel of geen eisprong is, of de eileiders wel of niet doorgankelijk zijn en of het sperma van goede e kwaliteit is. Bij het overgrote deel van deze paren worden er geen afwijkingen gevonden. Deze paren krijgen dan de diagnose “onverklaarde verminderde vruchtbaarheid”. Een deel van deze paren komt in aanmerking voor Intra- uteriene inseminatie (IUI) waarbij ook de eierstokken worden gestimuleerd met hormonen om zo meer eiblaasjes te laten groeien (hormoon stimulatie). Er zijn twee reeds beproefde middelen beschikbaar in Nederland om de eierstokken te stimuleren: injecties met het follikel stimulerend hormoon (FSH) of tabletjes Clomifeen citraat.

Een nadeel van het stimuleren van eierstokken is dat twee of drielingen ontstaan. Om dit te voorkomen wordt er niet geïnsemineerd als er meer dan 3 eiblaasjes ontstaan. In de Superstudie is FSH met clomifeen citraat vergeleken in de zin van het aantal levend geboren kinderen en het aantal meerlingen. Tussen juni 2013 en maart 2016 zijn 738 paren met onverklaarde subfertiliteit behandelend met 4 cycli intra uteriene inseminaties met ovariële stimulatie (IUI-OS) onder de voorwaarde van strikte cancelcriteria dat wil zeggen dat de inseminatie niet werd verricht als er zich meer dan 3 eiblaasjes ontwikkelden. Deze paren kregen via loting IUI met hormonale injecties genaamd FSH of tabletjes clomifeen citraat. Er is geen verschil gevonden in het aantal levend geboren kinderen en ook geen verschil in het aantal meerlingentussen tussen stimuleren met FSH en stimuleren met Clomifeen citraat. Echter de behandeling met FSH is bijna 600 euro duurder dan clomifeen citraat. Om 1 extra zwangerschap te verkrijgen met FSH kost het de maatschappij 12.744 euro en daarom is Clomifeen citraat het middel van eerste keuze om te gebruiken voor ovariële stimulatie bij Intra uteriene inseminatie.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Wij onderzochten de effectiviteit van twee ovarium stimulatie middelen, gonadotrofinen (FSH) en clomifeen citraat bij intra uteriene inseminatie (IUI) bij paren gediagnosticeerd met onverklaarde subfertiliteit. Onze vraagstelling was: wat is de effectiviteit en veiligheid van IUI met FSH in vergelijking met IUI met clomifeen citraat indien strikte cancel criteria –geen inseminatie indien er meer dan 3 dominante follikels zijn- worden gehandhaafd in termen van doorgaande zwangerschap.

Er werd geen relevant verschil gevonden in leven geborenen kinderen tussen FSH en Clonifeen citraat. 28% voor FSH en 25% voor Clomifeen citraat.

Het totaal aantal rijpe eiblaasjes wat ontstond door de ovariële stimulatie verschilden niet tussen beide groepen. Ook het optreden van maar 1 dominante follikel was in beide groepen het zelfde. In beide groepen was het percentage waarbij werd afgezien van inseminatie doordat er teveel eiblaasjes rijp ook gelijk. Er ontstonden 5 tweelingzwangerschappen na FSH en 8 na Clomifeen citraat.

 

Voortgangsverslag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Achtergrond

Intra-uteriene inseminatie met hormonale stimulatie van de eierstokken, is de standaard behandeling voor onverklaarde subfertiliteit. Er zijn twee vormen van hormonale stimulatie gebruikelijk in Nederland: clomifeen citraat (dit is een tabletten kuur van 5 dagen) of FSH injecties (een kuur van ongeveer 10 dagen). Het doel van hormonale stimulatie van de eierstokken is het doen rijpen van meerdere eiblaasjes. Het gevolg van deze hormonale stimulatie is dat de kans op een tweeling of drieling verhoogd is. Daarom wordt gestreefd de hormonale stimulatie mild te houden, dus te streven naar de rijping van twee eiblaasjes. Tot op heden is nog niet bekend welke methode dit beste gaat: clomifeen citraat of FSH.

 

Deze studie is gestart op 5 juni 2013 en 20 ziekenhuizen doen mee. De huidige inclusiestand is 493. De gemelde bijwerkingen tot nu toe zijn geanalyseerd.

Er wordt gewerkt aan een artikel over bijwerkingen van clomid en FSH. Er is een start gemaakt met het patientpreferentie onderzoek, de vragenlijsten voor de discrete choice experiment zijn gemaakt.

 

Resultaten
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

Wij verwachten dat de data in december 2016 kunnen worden geanalyseerd en in begin 2016 zullen de eerste resultaten publiek worden gemaakt.

Samenvatting van de aanvraag

Samenvatting
Dit item is dichtgeklapt
Dit item is opengeklapt

BACKGROUND

Of the 15,000 couples who yearly seek fertility treatment, half are diagnosed with unexplained subfertility or mild male factor subfertility. In The Netherlands, the first line treatment for these patients is intrauterine insemination with ovarian hyperstimulation with follicle stimulating hormone or with Clomifene citrate. We estimate that approximately 20,000 cycles are conducted every year.

A Cochrane meta-analysis pooling the evidence of 7 studies including 566 subfertile suggests a favor for FSH. With FSH multiple follicles are recruited, which increases pregnancy chances. The downside of the use of FSH is the increased risk of multiple pregnancies, and its high costs. The alternative, ovarian hyperstimulation with clomifene citrate (IUI-CC) is less expensive. In an effort to avoid these multiple pregnancies a study aimed to stimulate for only two follicles. IUI-FSH yielded equal pregnancies compared to IUI-CC. The study however was underpowered and the large majority of Dutch clinics continue to stimulate with FSH, resulting in an annual cost of 11 million euro for medication cost alone.

 

OBJECTIVE

To determine which ovarian hyperstimulation regimen (FSH or CC) should be applied in IUI in couples with unexplained subfertility or mild male factor subfertility.

 

STUDY DESIGN

Nationwide parallel multicenter randomised clinical trial, with an economic analysis alongside it.

 

STUDY POPULATION

Couples diagnosed with unexplained or mild male factor subfertility according to Dutch guidelines.

 

INTERVENTIONS

A maximum of 4 cycles of IUI with ovarian stimulation with either FSH or CC in a time horizon of 6 months.

 

OUTCOME MEASURES

Primary outcome is an ongoing pregnancy rate leading to a live birth. Secondary are clinical and multiple pregnancy rates, miscarriage, patients' preference and quality of live.

 

ANALYSIS AND SAMPLE SIZE

Assuming an ongoing pregnancy rate of 35% after 4 cycles of IUI-CC we state that stimulation with FSH has to result in a pregnancy rate of 50% to make it cost-effective.Thus we need 182 women per arm (total 364) (alpha .05, beta .80). Anticipating a 5% loss we will include 382 women.

 

ECONOMIC EVALUATION

In a cost-effectiveness analysis, we calculate additional cost per ongoing pregnancy within a time horizon of 6 months comparing IUI-FSH to IUI-CC.

 

TIME SCHEDULE

48 M: 3 M preparation, 32 M recruitment, 6 M treatment 3 M follow up and 4 M analysis.

 

ACHTERGROND

Jaarlijks wordt in 50% van de 15.000 nieuwe paren met ongewenste kinderloosheid, de diagnose onverklaarde- of milde mannelijke subfertiliteit gesteld. In Nederland, is de eerste lijns-behandeling is intra-uteriene inseminatie met ovariële hyperstimulatie met follikel stimulerend hormoon (IUI-FSH). Ongeveer 20,000 IUI cycli wordt met FSH uitgevoerd. Door FSH neemt het aantal dominante follikels toe waarmee de kans op zwangerschap toeneemt. Het nadeel van FSH is dat het leidt tot een hoog percentage meerlingen en tot hoge kosten. Een goedkoper alternatief is het Clomifeen citraat (IUI-CC). Een Cochrane meta-analyse suggereerde een voorkeur voor FSH, maar ten koste van een hoog aantal meerlingen. Om meerlingen te voorkomen streeft men naar de groei van 2 follikels. Deze milde vorm van stimuleren met FSH is geëvalueerd in een eerdere studie. Uit deze studie bleek dat FSH net zoveel zwangerschappen opleverde als CC. De studie had echter onvoldoende bewijskracht, waardoor nog steeds, in Nederland, 11 milj. Euro wordt uit gegeven aan FSH.

 

DOELSTELLING

Bepalen of in IUI FSH of CC gebruikt moet worden.

 

STUDIE DESIGN

Multi centrische gerandomiseerde studie, met een economische analyse.

 

STUDIEPOPULATIE

Subfertiele paren, waarbij de diagnose onverklaarde subfertiliteit of milde mannelijke factor gesteld is volgens de geldende richtlijnen van de NVOG.

 

INTERVENTIES

Maximaal 4 cycli IUI met ovariële stimulatie met ofwel FSH of CC in een tijdshorizon van 6 maanden.

 

UITKOMSTMATEN

De primaire uitkomstmaat is een percentage doorgaande zwangerschappen leidend tot een levende geboorte. Secundaire uitkomstmaten zijn klinische en meerlingzwangerschappen, aantal miskramen, patiënten voorkeur, kwaliteit van leven.

 

ANALYSE en steekproefgrootte

Uitgaande van een doorgaande zwangerschap van 35% na 4 cycli van IUI-CC stellen we dat stimulatie met FSH tenminste zou moet resulteren in een zwangerschap van 50% om het kosten effectief te maken. Om dit verschil aan te tonen, moeten we tot 182 vrouwen per arm (totaal 364) (alpha .05, bèta .80) randomiseren. Rekening houdend met een 5% verlies aan follow-up en cross-over zullen 382 vrouwen moeten worden geïncludeerd.

 

ECONOMISCHE EVALUATIE

In een kosten-effectiviteits-analyse berekenen we de extra kosten per doorgaande zwangerschap van 4 IUI FSH of CCi in een tijdspanne van 6 maanden.

 

TIJDSCHEMA

48 M: 3 M voorbereiding, 32 M werving, 6 M behandeling 3 M follow-up en 4 M-analyse.

 

Naar boven
Direct naar: InhoudDirect naar: NavigatieDirect naar: Onderkant website