ZonMw tijdlijn Veiligheid in de zorg https://www.zonmw.nl/ Het laatste nieuws van de tijdlijn van Veiligheid in de zorg nl-nl Sun, 22 Sep 2019 16:20:04 +0200 Sun, 22 Sep 2019 16:20:04 +0200 TYPO3 news-4199 Tue, 18 Jun 2019 14:56:58 +0200 Op weg naar een test om bijwerkingen te voorspellen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/op-weg-naar-een-test-om-bijwerkingen-te-voorspellen/ Steeds meer mensen laten de rimpels in hun gezicht opvullen. Soms ontstaan daardoor klachten als roodheid, zwelling en verharding van de huid. Het Vumc en het RIVM hebben de producten en het ontstaan van deze klachten onderzocht. Ligt er straks een test om bijwerkingen van rimpelvullers te voorspellen?  

Frank Niessen is plastisch chirurg, onder meer bij Vumc. Hij ziet mensen met zorgen over de permanente en semipermanente rimpelvullers waarmee ze behandeld zijn, naast mensen met concrete klachten. Die ontstaan door materiaal dat verschoven is, verharding, zwelling of rood worden van de huid. Permanente fillers zijn inmiddels verboden, zegt Niessen. ‘Niet-permanente fillers lossen na verloop van tijd vanzelf op. Klachten kunnen we meestal verhelpen door behandeling met een enzym waardoor de stof oplost.’ Toch verwacht hij dat ook bij de oplosbare fillers de problemen toenemen. ‘Steeds meer mensen gebruiken deze fillers, en ze laten ook steeds vaker bijspuiten voordat de vorige behandeling is uitgewerkt.’ 

Nare klachten

Niessen heeft berekend dat nu 0,4% van de gebruikers van oplosbare fillers nu klachten krijgt. Dat lijkt niet veel, maar op 100.000 mensen gaat het toch al snel om 400 mensen. Die kunnen ernstig gebukt gaan onder hun klachten, omdat die hun gezicht betreffen. Niessen en zijn collega’s wilden daarom weten waarom sommige mensen klachten krijgen en andere niet. Ze onderzochten daarvoor cliënten met tijdelijke en permanente rimpelvullers van poliklinieken in Amstelveen en het Erasmus MC.  Ongeveer een derde van hen had tijdelijke rimpelvullers. 

Immuunaanleg

Net als eerder onderzoekers in Barcelona vonden de onderzoekers bij Vumc dat mensen met een bepaalde combinatie van HLA-eiwitten, die een rol spelen in het immuunsysteem, flink meer kans hebben op problemen door gebruik van fillers. ‘Je ziet deze klachten bij hen 10-15% vaker dan te verwachten is op basis van de verdeling van deze immuunaanleg in de bevolking,’ aldus Niessen. ‘Dat geldt zowel voor permanente als niet-permanente fillers.’ Hij zou graag op deze aanleg kunnen testen, zodat hij mensen straks gericht kan adviseren over het gebruik van rimpelvullers. 

Implantaat

Het RIVM heeft in het laboratorium fillers met hyaluronzuur onderzocht. Die zijn als veilig op de markt gebracht en worden het meeste gebruikt, verklaart toxicologisch patholoog Wim de Jong, tot zijn recente pensioen actief bij het RIVM-onderzoek. ‘Hyaluron is een lichaamseigen stof en op zichzelf niet schadelijk. Maar na bewerking als rimpelvuller en toegediend in grotere hoeveelheden beschouwt het lichaam de ingebrachte stof als een implantaat en elk implantaat roept een immuunrespons op. De heftigheid van de reactie bepaalt of er sprake is van een bijwerking of niet.’

Test?

Bij analyse van de producten volgens standaardprocedures vonden de onderzoekers geen bijzondere toxicologische reacties. Maar uit aanvullend onderzoek bleken wel alle onderzochte fillers in zekere mate het immuunsysteem te activeren. Klachten of bijwerkingen zijn nu nog niet te voorspellen. ‘Maar het lijkt mogelijk een voorspellende test te ontwikkelen om te bepalen of iemand een gewone ontstekingsreactie krijgt of een ernstige fibrose.’

Meldingen

De onderzoekers kunnen de fillers nu uitgebreid analyseren op verschillen in samenstelling. Toch kunnen ze nog niet zeggen welke beter zijn. Dat vraagt vervolgonderzoek. ‘Je wilt weten hoe het verval van het product bij een patiënt in de loop van de tijd is. Daarvoor moet je én materiaal van een patiënt kunnen onderzoeken én weten welke gebruiker welk product heeft gekregen. Dat wordt nu lang niet altijd geregistreerd.’
Ook Niessen praat met samenwerkingspartners over vervolgonderzoek, met name naar de rol van de bacteriën en het immuunsysteem. ‘We willen voorkomen dat de problemen de komende jaren toenemen. Daarom willen we tijdig een goede aanpak hebben en oplopende zorgkosten voorkomen.’

Training nodig 

Beide onderzoekers benadrukken beiden de noodzaak van duidelijke beroepseisen aan professionals die fillers inspuiten. ‘Je moet hygiënisch werken en rekening houden met de anatomie, en bijvoorbeeld niet te veel filler op een plek spuiten,‘ zegt Niessen. ‘Daar is opleiding en training voor nodig.’ Gelukkig wordt daaraan gewerkt. ‘Cosmetisch arts is nu een erkend specialisme en er zijn opleidingseisen geformuleerd,’ aldus De Jong.

Meldpunt Bijwerkingen Implantaten

Gebruikers kunnen bijwerkingen door rimpelvullers melden bij het Meldpunt Bijwerkingen Implantaten

Meer informatie

Beide onderzoeken zijn gedaan met subsidie van het programma Kwaliteit van Zorg.

]]>
news-3164 Mon, 29 Oct 2018 11:14:49 +0100 Resultaten uit programma Veiligheid in de Spoedzorgketen https://www.zonmw.nl/nl/actueel/nieuws/detail/item/resultaten-uit-programma-veiligheid-in-de-spoedzorgketen/ Doel van het programma is het stimuleren van nieuwe kennis over patiëntveiligheid in de acute zorgketen. Het programma richt zich op het thema patiëntveiligheid bij medicatie- en/of informatieoverdracht in de spoedzorgketen. Er zijn binnen het programma 3 projecten afgerond. De resultaten van deze projecten geven een aantal knelpunten weer, met name in de samenwerking en communicatie. Maar ook zijn er een aantal verbetertrajecten ingezet om de patiëntveiligheid en samenwerking te verbeteren tussen professionals en de patiënttevredenheid te verhogen. Resultaten van de 3 projecten: 

Kwaliteit visites verpleegkundig specialisten ten opzichte van huisartsenvisites

Om de werkdruk op de huisartsenposten te verminderen is in de regio Twente gewerkt aan een taakherschikking door de inzet van verpleegkundig specialisten (VS) van de ambulancedienst. Deze studie onderzocht de kwaliteit van visites door getrainde VS en vergeleek dit met de gebruikelijke huisartsvisites. Patiënten gaven zowel de visites van de verpleegkundig specialisten (8,6) als die van de huisartsen (8,3) zeer hoge rapportcijfers. De huisartsen beoordelen de werkzaamheden van de VS ook positief en zien de inzet van de VS als een wenselijke ontwikkeling. Of de geleverde zorg door de VS veiliger dan wel onveiliger is vergeleken met de huisartsen is op basis van deze studie niet te concluderen. In de studie viel het bezoek van de VS duurder uit, omdat gebruik werd gemaakt van de ambulance. Dus met een ander vervoermiddel zou dit wellicht wel goed uitpakken. 
Lees meer over project 'Veilig visite rijden door verpleegkundig specialisten'

Regionale eenduidigheid bij overdracht SBAR

In de acute zorgketen is goede communicatie tussen de zorgverleners van groot belang. Goed gestructureerde informatieoverdracht vergroot de kwaliteit van zorg en patiëntveiligheid. Een methode  om informatie in de zorg over te dragen is de SBAR (Situation, Background, Assessment en Recommendation). In dit project werd het gebruik van deze SBAR-methode onderzocht tussen medewerkers van de ambulance en medewerkers van de spoedeisende hulp (SEH).

Conclusie is dat overdracht veelal niet volledig en niet in de juiste volgorde van de SBAR systematiek plaatsvindt. Behalve wanneer de patiënt zich niet in een acute situatie bevindt en men kennelijk meer rust ervaart om over te dragen. 

Naar aanleiding van dit project is ingezet op het inbedden van de systematiek in het onderwijs in de regio van het project (Amsterdam). Met een e-learning en een training in kleinere setting. Als het onderzoek positief uitpakt zullen de trainingen verder worden uitgerold in heel Noord-Holland en Flevoland.
Lees meer over project: 'Regionale eenduidigheid bij overdrachten: SBAR'

Inventarisatie van veiligheidsrisico’s personenalarmering in de Spoedzorgketen 

Het doel van dit project is in kaart te brengen hoe verbetering van de kwaliteit van personenalarmering -  en specifiek de samenwerking in de spoedzorgketen tussen centrale voor personenalarmering, huisartsenpost en spoedpost -  de risico’s voor patiëntveiligheid kan verbeteren. 

Bij de inventarisatie personenalamering komt naar voren dat de alarmknop niet goed wordt gebruikt door de gebruiker en dat hulpdiensten en huisartsen niet altijd beschikken over actuele informatie. Daarom zijn verpleegkundige of verzorgende van de thuiszorg niet altijd snel ter plaatse. Vooral ’s avonds en ’s nachts. Of er doen zich problemen voor met de verbinding met de cliënt. In de onderzoek regio (Rotterdam en Zuidoost-Brabant) zijn samenwerkingsafspraken gemaakt om beter gebruik te maken van de alarmering. De resultaten worden verwerkt in flowcharts, infographics en een video. Kennisverspreiding vindt plaats door een invitational conference, nieuwsbrieven, een onderzoeksrapport en artikel.
Artikel Nivel: 'Meer samenwerking nodig voor efficiënte inzet van personenalarmering' 
Video: 'Beter gebruik van personenalarmering'

]]>